Short Reads

Hoofdpunten brief Invoeringswet Omgevingswet deel 3: overgangsrecht

Hoofdpunten brief Invoeringswet Omgevingswet deel 3: overgangsrecht

Hoofdpunten brief Invoeringswet Omgevingswet deel 3: overgangsrecht

31.05.2016 NL law

Op 19 mei 2016 zond de minister van Infrastructuur en Milieu een brief aan de Tweede Kamer waarin zij ingaat op de Invoeringswet Omgevingswet. Deze brief bespreek ik in drie delen. In het eerste deel besprak ik met name de regeling voor planschadevergoeding en punitieve handhaving. In het tweede deel ging ik in op digitalisering, de introductie van de omgevingsplanactiviteit en de herintroductie van de gefaseerde omgevingsvergunning voor bouwen. In dit deel ga ik in op het overgangsrecht. De Omgevingswet zal volgens de huidige planning in het voorjaar van 2019 in werking treden.

Algemeen

Het overgangsrecht regelt de overgang van de huidige bestaande wet- en regelgeving naar het nieuwe stelsel onder de Omgevingswet. Alle ontheffingen en vergunningen waarvoor de nieuwe omgevingsvergunning in de plaats komt, worden van rechtswege aangemerkt als omgevingsvergunning. Daarnaast zal voor lopende procedures waar mogelijk worden voorzien in “eerbiedigende werking”. Dit betekent dat lopende procedures volgens het oude recht zullen worden afgehandeld.

Omgevingsvisies en programma’s

Omdat de voorbereiding van de nationale omgevingsvisie “op stoom” is, ziet de minister op dit moment geen aanleiding daarvoor een overgangstermijn te regelen. Wat de gemeentelijke omgevingsvisies betreft bekijkt de Minister met de VNG hoe de overgangstermijn voor de wettelijke verplichting tot vaststelling van een gemeentelijk omgevingsvisie eruit moet zien. Voor provincies bekijkt de Minister nog of een overgangstermijn nodig is. Voor de periode dat de omgevingsvisie nog niet gereed hoeft te zijn, zal de Invoeringswet ervoor zorgen dat bestaande structuurvisies of plannen met een strategisch karakter hun geldigheid behouden: een ‘beleidsvacuüm’ wordt voorkomen.

Omgevingsplan

Het overgangsrecht zal alle bestemmingsplannen, beheersverordeningen, exploitatieplannen e.d. van een gemeente gelijk stellen met het omgevingsplan. Hierdoor ontstaat op het moment van de inwerkingtreding van de Omgevingswet per gemeente van rechtswege één gemeentedekkend omgevingsplan. Dit plan voldoet echter nog niet aan alle eisen van de Omgevingswet. Gemeenten hebben vervolgens de taak om dit plan uit te bouwen naar een omgevingsplan dat volledig voldoet aan de eisen van de Omgevingswet. Zo bevat het omgevingsplan van rechtswege geen omgevingswaarden of regels voor de bescherming van bijvoorbeeld het milieu. Ook voldoet het nog niet aan de nieuwe digitale standaarden. In de Invoeringsregelgeving zal worden bepaald waaraan het omgevingsplan minimaal moet voldoen, zolang nog niet aan alle wettelijke eisen hoeft te worden voldaan. Daarbij zal er ook in voorzien worden dat de digitale ondersteuning van de ruimtelijke plannen op ruimtelijkeplannen.nl gedurende een nog te bepalen termijn zal blijven functioneren. Wanneer de gemeentelijke omgevingsplannen aan alle wettelijke eisen van de Omgevingswet moeten voldoen en hoe dat in het overgangsrecht te vertalen, vormen nog punten van overleg met de gemeenten en de VNG.

Provinciale omgevingsverordening

Omdat de provinciale omgevingsverordeningen ook instructieregels zullen bevatten voor gemeenten en waterschappen, wil de Minister via een implementatietraject stimuleren dat provincies een omgevingsverordening gereed hebben op het moment dat de Omgevingswet in werking treedt. Daarmee wordt voorkomen dat ingewikkeld overgangsrecht nodig is.

Waterschapsverordening

De Minister is met de Unie van Waterschappen in overleg over een overgangstermijn. Daarvoor zijn relevant dat nieuwe waterbeheerprogramma’s moeten worden vastgesteld op basis van de plancyclus uit het Europese recht en dat een provinciale omgevingsverordening instructieregels kan bevatten voor waterschapsverordeningen. Aangezien de waterschappen daar bij het vaststellen van hun verordeningen rekening mee moeten houden, kunnen de waterschapsverordeningen mogelijk niet worden vastgesteld op het moment van inwerkingtreding van de Omgevingswet. Zolang een waterschapsverordening niet van kracht is, zullen de bestaande keuren blijven gelden.

Tot slot

Rechtszekerheid ingeval van nieuwe wetgeving is van groot belang, waarbij past dat bestaande toestemmingen blijven gelden onder de Omgevingswet en dat lopende procedures volgens het oude recht zullen worden afgehandeld. Hoe dan ook zal het overgangsrecht, al dan niet terecht, vragen oproepen. Met het oog op snelle duidelijkheid over de betekenis van de bepalingen in de Omgevingswet kan overwogen worden de capaciteit van rechtbanken (uitgangspunt is rechtsbescherming in twee instanties) en van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (tijdelijk) uit te breiden. Ook kan overwogen worden dat de staatsraad advocaat generaal ambtshalve conclusies uitbrengt over de interpretatie van de Omgevingswet.

Deel 1 | Deel 2 | Brief van 19 mei 2016 | Brief van 25 mei 2016

Related news

14.11.2018 NL law
Totstandkoming StAB-verslag niet in strijd met artikel 6 EVRM

Short Reads - De totstandkoming van deskundigenberichten van de StAB is niet in strijd met het in artikel 6 EVRM gewaarborgde recht op een eerlijk proces, zo oordeelde de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (Afdeling) in haar uitspraak van 17 oktober 2018. De Afdeling komt tot dit oordeel na een uitgebreide behandeling van de wijze waarop deskundigenberichten van de Stichting Advisering Bestuursrechtspraak voor Milieu en Ruimtelijke Ordening (StAB) tot stand komen.

Read more

09.11.2018 NL law
Het Europese PAS-arrest: een programmatische aanpak is toelaatbaar, maar PAS op!

Short Reads - Op 7 november 2018 heeft het Europese Hof van Justitie de prejudiciële vragen van de Afdeling bestuursrechtspraak beantwoord over de toelaatbaarheid onder de Habitatrichtlijn van het Programma Aanpak Stikstof. De eerste reacties op dit arrest bevatten twijfels over de houdbaarheid van het PAS: het houden van vee wordt moelijker en PAS-vergunningen kunnen niet worden verleend of moeten worden ingetrokken.

Read more

14.11.2018 NL law
Het Europese PAS-arrest: een programmatische aanpak is toelaatbaar, maar PAS op!

Short Reads - Op 7 november 2018 heeft het Europese Hof van Justitie de prejudiciële vragen van de Afdeling bestuursrechtspraak beantwoord over de toelaatbaarheid onder de Habitatrichtlijn van het Programma Aanpak Stikstof. De eerste reacties op dit arrest bevatten twijfels over de houdbaarheid van het PAS: het houden van vee wordt moelijker en PAS-vergunningen kunnen niet worden verleend of moeten worden ingetrokken.

Read more

09.11.2018 BE law
Grondwettelijk Hof: ook verwerpingsarresten van de Raad van State moeten verjaringsstuitende werking hebben

Articles - Bij arrest nr. 148/2018 van 8 november 2018 oordeelt het Hof dat artikel 2244, § 1, derde lid, van het Burgerlijk Wetboek, in zoverre het tot gevolg heeft dat enkel de door de Raad van State gewezen vernietigingsarresten een verjaringsstuitende werking hebben, en niet de verwerpingsarresten, het gelijkheidsbeginsel schendt.

Read more

30.10.2018 BE law
Gemeentelijk parkeerbeleid onder de loep

Articles - Mobiliteit en parkeren blijven gevoelig thema's, zoals recent nog maar eens bleek uit de Pano reportage "Parkeren in Vlaanderen" of zoals vorig jaar nog bleek bij de intrede van het Gents circulatieplan. De soms erg grote verschillen in het mobiliteits- en parkeerbeleid van verschillende steden en gemeenten kan voor een buitenstaander inderdaad soms bevreemdend overkomen.  Tijd dus voor een toelichting van drie erg verschillende gemeentelijke mogelijkheden om parkeerbeleid vorm te geven.

Read more

Our website uses cookies: third party analytics cookies to best adapt our website to your needs & cookies to enable social media functionalities. For more information on the use of cookies, please check our Privacy and Cookie Policy. Please note that you can change your cookie opt-ins at any time via your browser settings.

Privacy – en cookieverklaring