Short Reads

Onbeperkte impliciete garantie door de overheid is niet automatisch staatssteun volgens het Gerecht van de Europese Unie

Onbeperkte impliciete garantie door de overheid is niet automatisch s

Onbeperkte impliciete garantie door de overheid is niet automatisch staatssteun volgens het Gerecht van de Europese Unie

04.07.2016 NL law

Op 26 mei 2016 oordeelde het Gerecht van de Europese Unie (“GvEU“) dat een onbeperkte en impliciete garantie door de Franse overheid aan French Petroleum Institute (“FPI“) niet per definitie staatssteun behelst. Dit in navolging van de Franse overheid en FPI die aangaven dat FPI niet profiteerde van deze garantie.

Achtergrond van de zaak

In het 2006 verkreeg FPI de status van publiekrechtelijke entiteit met een industrieel en commercieel karakter. Daarvoor was FPI een privaatrechtelijke entiteit die onder de controle van de Franse overheid viel. De Europese Commissie (“EC“) stelde zich op het standpunt dat deze status neerkomt op een impliciete garantie nu de gewone insolventieprocedure niet van toepassing is op FPI.

De EC stelde zich op het standpunt dat FPI profiteerde van de voornoemde status in transacties met leveranciers en afnemers. Deze zouden namelijk door die status bereid zijn om onder gunstigere voorwaarden te contracteren met FPI. Een soortgelijke redenering hanteerde de EC tevens in de zaak La Poste. Het Hof van Justitie hield deze redenering in stand.

Uitspraak van het GvEU

FPI en de Franse overheid kwamen tegen dit besluit van de EC op bij het GvEU. Zij voerden aan dat van staatssteun aan FPI geen sprake is.

Het GvEU verklaarde dit beroep gegrond. Het GvEU vindt, net als de EC, wel dat FPI een impliciete en onbeperkte garantie krijgt als gevolg van de status van publiekrechtelijke entiteit met een industrieel en commercieel karakter. Echter, het GvEU achtte tegelijkertijd niet bewezen dat FPI profiteerde van de garantie. Het had volgens het GvEU op de weg van de EC gelegen om de daadwerkelijke (positieve) effecten van de garantie voor het FPI aan te tonen. Dit heeft de EC niet gedaan, aldus het GvEU. Zo heeft zij volgens het GvEU bijvoorbeeld niet aangetoond dat de leveranciers daadwerkelijk lagere prijzen vragen voor hun producten of diensten aan FPI.

Daarom vernietigde het GvEU de beslissing van de EC. Tegen deze uitspraak staat beroep open bij het Hof van Justitie.

Conclusie

De EC kan, als deze uitspraak van het GvEU stand houdt in een eventueel hoger beroep, niet altijd automatisch veronderstellen dat een onbeperkte en impliciete garantie staatssteun behelst. Om het bestaan van staatssteun aan te nemen dient de EC aan te tonen dat een onderneming concrete voordelen geniet als gevolg van de garantie.

Team

Related news

14.11.2018 NL law
Het Europese PAS-arrest: een programmatische aanpak is toelaatbaar, maar PAS op!

Short Reads - Op 7 november 2018 heeft het Europese Hof van Justitie de prejudiciële vragen van de Afdeling bestuursrechtspraak beantwoord over de toelaatbaarheid onder de Habitatrichtlijn van het Programma Aanpak Stikstof. De eerste reacties op dit arrest bevatten twijfels over de houdbaarheid van het PAS: het houden van vee wordt moelijker en PAS-vergunningen kunnen niet worden verleend of moeten worden ingetrokken.

Read more

09.11.2018 BE law
Grondwettelijk Hof: ook verwerpingsarresten van de Raad van State moeten verjaringsstuitende werking hebben

Articles - Bij arrest nr. 148/2018 van 8 november 2018 oordeelt het Hof dat artikel 2244, § 1, derde lid, van het Burgerlijk Wetboek, in zoverre het tot gevolg heeft dat enkel de door de Raad van State gewezen vernietigingsarresten een verjaringsstuitende werking hebben, en niet de verwerpingsarresten, het gelijkheidsbeginsel schendt.

Read more

30.10.2018 NL law
Bestuurlijke boete onderuit: boetebedrag in gemeentelijke huisvestingsverordening in strijd met de wet vastgesteld

Short Reads - Op 13 juni 2018 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State ("Afdeling") een voor de boetepraktijk belangrijke uitspraak gewezen. In die zaak oordeelde de Afdeling dat er geen grondslag was om een boete op te leggen voor overtreding van de Huisvestingswet 2014. De gemeente Tilburg had in strijd met de Huisvestingswet gehandeld door in haar huisvestingsverordening niet voor verschillende overtredingen van de wet concrete boetebedragen vast te stellen.

Read more

Our website uses cookies: third party analytics cookies to best adapt our website to your needs & cookies to enable social media functionalities. For more information on the use of cookies, please check our Privacy and Cookie Policy. Please note that you can change your cookie opt-ins at any time via your browser settings.

Privacy – en cookieverklaring