Short Reads

Bewijslast integriteit omgedraaid

Bewijslast integriteit omgedraaid

Bewijslast integriteit omgedraaid

06.02.2017 NL law

De bewijslast van effectieve mededinging ligt niet langer bij de klager, maar bij de aanbestedende dienst. Het juridische speelveld ten aanzien van belangenconflicten bij aanbestedingen is daardoor drastisch gewijzigd. David Orobio de Castro en Simon Petiet  gaan in op de gevolgen voor de aanbestedingspraktijk.

Bewijs niet via benadeelde inschrijver

Tot voor kort oordeelden (voorzieningen)rechters in Nederland dat benadeelde inschrijvers daadwerkelijk moeten aantonen dat de mededinging is vervalst als gevolg van een belangenconflict bij een aanbesteding. Die lijn is niet meer houdbaar sinds het eVigilo-arrest.

Hoe toon je belangenverstrengeling aan?

De Europese en Nederlandse aanbestedingsregels bepalen al geruime tijd dat belangenverstrengeling bij aanbestedingen ongeoorloofd is. Zelfs de schijn van belangenverstrengeling moet worden vermeden. Echter, in Nederlan worden inschrijvers die klagen over belangenverstrengeling door de rechter vrijwel zonder uitzondering in het ongelijk gesteld.

Onmogelijke opgave

Volgens de rechter moet de klager namelijk niet alleen de verstrengeling van belangen aantonen, maar ook dat hij daardoor daadwerkelijk is benadeeld. Met andere woorden: de klager moet aantonen dat de uitkomst van de aanbesteding daadwerkelijk door belangenverstrengeling is beïnvloed.

Dat laatste is een welhaast onmogelijke opgave. De klager – inschrijver – neemt niet deel aan de beoordeling en krijgt evenmin inzage in documenten waaruit blijkt hoe de beoordeling is verlopen. Daarom kán de klager niet aantonen of, en hoe, de uitkomst van een aanbesteding door belangenverstrengeling is beïnvloed. Zelfs in gevallen waarin de belangen van de beoordelaar(s) en een inschrijver overduidelijk zijn verstrengeld, leidt de nationale rechtspraak er toe dat een klacht over belangenverstrengeling in de regel wordt afgewezen.

Wat is er nu veranderd?

Deze patstelling is doorbroken door een recente uitspraak van het Hof van Justitie voor de Europese Unie (eVigilo, zaak C-538/13) en daarop volgende uitspraken van de Commissie van Aanbestedingsexperts (adviezen 232, 233 en 340). Het Europese Hof oordeelde over een zaak uit Litouwen, waarin de deskundigen die een inschrijving beoordeelden verbonden waren aan dezelfde universiteit als de deskundigen die de winnende inschrijver hadden geadviseerd.

Litouwen gaf voorzet

De Litouwse rechters hadden in eerste instantie en in hoger beroep de klacht afgewezen. Weliswaar waren de banden tussen de deskundigen van de winnende inschrijver en de beoordelaars aangetoond, maar niet was aangetoond dat de beoordeling zélf partijdig was verlopen.

Daarmee zadelden de Litouwse rechters de klager met dezelfde (onmogelijke) bewijslast op als hun Nederlandse collega's. Het Europese Hof oordeelde echter anders: als een afgewezen inschrijver objectieve gegevens verstrekt op grond waarvan de onpartijdigheid van een deskundige van de aanbestedende dienst kan worden betwijfeld, moet de aanbestedende dienst zélf een onderzoek instellen naar dat belangenconflict en de consequenties daarvan. Dat de uitkomst van de aanbesteding daadwerkelijk door belangenverstrengeling is beïnvloed behoeft volgens het Europese Hof dus niet door de klager te worden aangetoond.

Kort gezegd volgt de Commissie van Aanbestedingsexperts deze lijn van het Europese Hof. De Commissie onderzoekt per geval of de klager objectieve gegevens heeft overgelegd op basis waarvan de onpartijdigheid van (een deskundige van) de aanbestedende dienst kan worden betwijfeld. Zo dat het geval is, moet de aanbestedende dienst vervolgens een onderzoek instellen met als doel om het belangenconflict te identificeren en te beëindigen.

Daarmee is het juridische speelveld ten aanzien van belangenconflicten bij aanbestedingen aanzienlijk gewijzigd. Inschrijvers die steekhoudende informatie verschaffen over belangenverstrengeling bij aanbestedingen, worden niet langer met een onmogelijke bewijslast opgezadeld. In die situaties zal de aanbesteder veel sneller dan in het verleden de hand in eigen boezem moeten steken.

Zijn er meer rechtszaken te verwachten in de aanbestedingspraktijk?

De Nederlandse rechter heeft er al vaker blijk van gegeven de "Europese soep" niet zo heet te willen eten als deze wordt opgediend. Het kan dan ook nog geruime tijd duren voordat de aanwijzingen van het Europese Hof tot de Nederlandse rechtspraak doordringen.

De Commissie van Aanbestedingsexperts is bereid om van geval tot geval te beoordelen of er reden is om aan de onpartijdigheid beoordelaars te twijfelen. Dat kan tot een toename van het aantal klachten bij de Commissie van Aanbestedingsexperts leiden en tot meer aandacht voor dit – toch belangrijke - aspect van aanbestedingen.

Tot slot doen aanbestedende diensten er verstandig aan om hun 'team' zorgvuldig te screenen op eventuele tegenstrijdige belangen. Nederland is een klein land en in bepaalde sectoren komen deskundigen elkaar steeds weer tegen – soms ook aan verschillende kanten van de tafel. Toch zijn, met enige alertheid en welwillendheid, belangenconflicten vaak te voorkomen.

Dit artikel is tevens gepubliceerd op Cobouw.nl

Team

Related news

19.07.2019 BE law
De vergroening van het openbaar vervoer

Articles - Op 20 juni 2019 werd Richtlijn 2019/1161/EU aangenomen. Deze Richtlijn wijzigt Richtlijn 2009/33/EG inzake de bevordering van schone en energiezuinige wegvoertuigen, ook gekend als de ‘Clean Vehicles Directive’. De nieuwe Richtlijn voorziet in minimumstreefcijfers voor overheidsopdrachten voor bussen, lichte bedrijfsvoertuigen, en vrachtwagens.

Read more

21.06.2019 EU law
Un nouvel arrêt de la Cour de Justice de l'Union européenne en matière d'évaluation des incidences des plans et des programmes!

Articles - Par un arrêt du 12 juin 2019, la Cour de Justice de l’Union européenne a considéré qu’un arrêté bruxellois qui fixe une zone spéciale de conservation (Natura 2000) est bien un plan ou un programme, mais qui n’est pas nécessairement soumis à une évaluation des incidences sur l’environnement. Au détour de cet arrêt, elle a confirmé certains enseignements de sa jurisprudence antérieure.

Read more

18.07.2019 NL law
Geen concessieovereenkomst, geen inhouse-gunning OV-diensten aan interne exploitant op grond van de PSO-verordening

Short Reads - Het Hof van Justitie ("Hof") oordeelde onlangs in twee arresten ("Arrest I" en "Arrest II") dat artikel 5 lid 2 PSO-Verordening ("PSO") niet van toepassing is op de onderhandse gunning van opdrachten voor busdiensten die niet de vorm aannemen van een concessieovereenkomst. Artikel 5 lid 2 PSO bevat de voorwaarden voor onderhandse gunning van openbaredienstcontracten aan interne exploitanten.

Read more

Our website uses functional cookies for the functioning of the website and analytic cookies that enable us to generate aggregated visitor data. We also use other cookies, such as third party tracking cookies - please indicate whether you agree to the use of these other cookies:

Privacy – en cookieverklaring