Articles

De Audit Commissie – verordening, richtlijn en consultatie besluit

De Audit Commissie – verordening, richtlijn en consultatie besluit

De Audit Commissie – verordening, richtlijn en consultatie besluit

12.01.2016 NL law

Op 17 juni 2016 wordt de Europese Audit Verordening (Nr. 537/2014) van toepassing op organisaties van openbaar belang (‘oob's’) (op dit ogenblik zijn dit beursgenoteerde ondernemingen, maar ook niet-genoteerde banken en bepaalde verzekeraars). 

Een onderdeel van deze verordening ziet op de bijzondere rol van de audit commissie bij de benoeming van de accountant van de vennootschap, de procedure die bij die benoeming gevolgd moet worden en de wettelijke controle. De verordening verplicht de accountant een aanvullende verklaring af te geven aan de audit commissie waarin de resultaten van de uitgevoerde wettelijke controle op bepaalde onderwerpen moet worden toegelicht. De eisen die aan de auditcommissie van oob's worden gesteld, zullen na implementatie van de Europese Audit Richtlijn 2014/56/EU worden aangescherpt. Deze aanscherping moet er voor zorgen dat de onafhankelijkheid en technische competentie van auditcommissies zullen toenemen. Een wijziging van het Besluit Audit Commissie is voorgesteld. De Audit Richtlijn moet uiterlijk 17 juni 2016 in de nationale wet- en regelgeving van de lidstaten zijn geïmplementeerd.

De nieuwe regels voor de auditcommissie zullen op grond van artikel 21a Wet toezicht accountantsorganisaties (‘Wta’) worden geregeld bij algemene maatregel van bestuur. Eind 2015 is daartoe een consultatie gehouden. Het ontwerpbesluit beschrijft de taken van de auditcommissie die (deels) aansluiten bij de richtlijn en ook voortvloeien uit de verordening, zoals de rol van de auditcommissie in de selectieprocedure van de externe accountant. Daarnaast worden nieuwe eisen gesteld met betrekking tot de samenstelling van de auditcommissie. Hierbij moet rekening worden gehouden met de gewenste deskundigheid van de leden ten aanzien van de aard van de onderneming en haar activiteiten. Bovendien geldt dat in plaats van één onafhankelijk lid binnen de auditcommissie, de meerderheid van de leden, waaronder de voorzitter, onafhankelijk moet zijn. Volgens de toelichting op het consultatievoorstel kan voor de bepaling wie onafhankelijk is aansluiting worden gezocht bij de eisen omtrent de onafhankelijkheid van de raad van commissarissen in de Nederlandse corporate governance code. Ten minste één lid moet deskundig zijn met betrekking tot het opstellen en de controle van de jaarrekening.

Auditcommissies staan niet onder rechtstreeks toezicht van de AFM maar op grond van de Europese Audit Verordening zal de AFM het functioneren van auditcommissies gaan monitoren.

Team

Related news

21.07.2020 NL law
Financiële sector moet klimaatrisico’s bespreken met klanten

Short Reads - Financiële instellingen moeten in gesprekken met klanten aandacht besteden aan klimaatrisico’s. Bij zakelijke klanten met name over de mogelijke impact van klimaatrisico’s op hun bedrijfsvoering en bij hypotheekeigenaren bijvoorbeeld over de verduurzaming van hun woning. Ook in het licht van het Klimaatcommitment van de financiële sector is dit van belang. Dit blijkt uit een bloemlezing van acht Nederlandse financiële instellingen, verenigd onder het Platform voor Duurzame financiering.

Read more

09.07.2020 NL law
ACM geeft bedrijven meer ruimte om samen te werken voor klimaat- en milieudoelen

Short Reads - De Autoriteit Consument & Markt (ACM) wil dat Nederlandse bedrijven meer ruimte krijgen om samen te werken op het gebied van duurzaamheid. Vooral voor het bereiken van klimaatdoelen, zoals de vermindering van CO2-uitstoot, krijgen bedrijven meer mogelijkheden om onderling afspraken te maken zonder de concurrentieregels te overtreden. Dat staat in de (concept) leidraad ‘duurzaamheidsafspraken’ van de ACM.

Read more

17.07.2020 BE law
Gedogen van een bouwovertreding in een dading. Hof van Cassatie zegt: nietig

Articles - Een dadingsovereenkomst waarin een partij zich ertoe verbindt om de bouwovertredingen van de contractspartij te gedogen, heeft een ongeoorloofde oorzaak. Met een dergelijke overeenkomst beogen de contractspartijen immers om een met de openbare orde strijdige toestand - de bouwovertredingen - in stand te houden. De overeenkomst is in haar geheel behept met een ongeoorloofde oorzaak en aldus nietig. Als één van de partijen zijn leveringsverbintenis niet nakomt, kan de andere partij dan ook geen schadevergoeding vorderen.

Read more