Short Reads

Het gewijzigde wetsvoorstel VTH: minder overleggen, meer rampen voorkomen!

Het gewijzigde wetsvoorstel VTH: minder overleggen, meer rampen voorkomen!

Het gewijzigde wetsvoorstel VTH: minder overleggen, meer rampen voorkomen!

20.01.2015 NL law

Vlak voor de kerst is een gewijzigd wetsvoorstel Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (VTH) naar de Tweede Kamer gestuurd.

 

De wijzigingen in het wetsvoorstel zijn een gevolg van het rapport‘Vertrouwen, Tempo en Helderheid’ van de commissie Wolfsen. Deze commissie heeft in opdracht van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) de regionale omgevingsdiensten onderzocht. Over dit rapport is al eerder in een blog verschenen.

De brand bij Chemie-Pack en de handhavingsproblematiek bij Odfjell waren aanleiding voor politieke aandacht voor de uitvoering van de vergunningverlening, het toezicht en de handhaving in het omgevingsrecht (VTH-taken). Het politieke klimaat bleek rijp om het streven naar een structurele verbetering van de VTH-taken, om te zetten in wetgeving. In het oorspronkelijke wetsvoorstel zou de structurele verbetering worden bereikt door:

  1. beperking van fragmentatie van de uitvoeringstaken;
  2. verbetering van de kennis en kunde bij uitvoerende organisaties;
  3. verbetering van informatie-uitwisseling en de samenwerking tussen bevoegd gezag, politie en OM; en
  4. versterking van de horizontale bewaking van de uitvoeringskwaliteit. Onder meer door het stellen van landelijke kwaliteitseisen.

De kritische geluiden van de VNG en het Interprovinciaal Overleg (IPO) op het oorspronkelijke wetsvoorstel hebben Staatssecretaris Mansveld laten inzien dat voor het gewenste bottom up proces meer tijd moet worden genomen. Het daaropvolgende overleg tussen het Rijk, het IPO en de VNG heeft daarom tot de volgende aanpassingen van het wetsvoorstel VTH geleid:

  • De gehele zwaardere industrie (Brzo-inrichtingen en inrichtingen met RIE-4-installaties) wordt onder het provinciale bevoegd gezag gebracht in plaats van zoals nu versnipperd tussen gemeenten en provincies. Dit gaat gebeuren via een wijziging van het Besluit omgevingsrecht.
  • Er wordt een scherper onderscheid gemaakt tussen de stelselverantwoordelijkheid van de Minister van Infrastructuur en Milieu en de uitvoeringsverantwoordelijkheden van gemeenten en provincies. Een gevolg hiervan is dat geen landelijke kwaliteitseisen worden opgelegd. De gemeenten en provincies mogen zelf hun kwaliteitseisen opstellen.
  • Een aantal voorgenomen wettelijke overleg- en verslagverplichtingen wordt geschrapt.

Duidelijkheid over de bevoegd- en verantwoordelijkheden is uiteraard toe te juichen. Het is zowel voor het bedrijfsleven als de betrokken overheidsinstanties namelijk goed om te weten wie waar overgaat. Dit voorkomt dat verschillende overheidsinstanties elkaar voor de voeten lopen, of tegenstrijdige signalen afgeven aan het bedrijfsleven. Dat duidelijk wordt dat de bevoegdheid voor de zwaardere industrie bij de provincies ligt, is dan ook goed.

Ook het beperken van wettelijke overleg- en verslagverplichtingen lijkt ons verstandig. Het bereiken van doelmatig overleg is naar onze overtuiging namelijk meer gebaat bij de innerlijke motivatie dat een bepaald overleg nuttig is, dan het verplicht opleggen van overleg (al kan een wettelijke verplichting soms een noodzakelijke prikkel zijn). Verplichte overlegrondes waarvan bij voorbaat al duidelijk is dat zij weinig zullen opleveren, leggen namelijk wel een belasting op de beschikbare tijd. Deze tijd kan dus niet worden besteed aan toezicht en handhaving, waardoor wellicht te laat wordt ingegrepen bij een dreigende ramp. Bovendien is overleg ook mogelijk als dit niet in een wet verplicht is gesteld!

Dat de kwaliteitseisen niet landelijk worden opgelegd, lijkt ons in verband met de kritiek van de VNG en het IPO hierop verstandig voor de acceptatie van de wijzigingen die het wetsvoorstel VTH mogelijk maakt. Uiteindelijk zijn het namelijk de gemeenten, provincies en regionale uitvoeringsdiensten die de gewijzigde regelgeving moeten uitvoeren. Acceptatie van de regelgeving is dan ook van belang voor het bereiken van de doelstellingen van het wetsvoorstel VTH. Inmiddels hebben de VNG en het IPO aangegeven een modelverordening te gaan ontwikkelen voor het vastleggen van kwaliteitscriteria.

Team

Related news

14.02.2020 EU law
Does your everyday cleaning product qualify as a 'biocidal product' under European legislation?

Articles - On 19 December 2019, the Court of Justice of the European Union (CJEU) ruled on the concept of 'biocidal product', as defined in article 3 of Regulation 528/2012 on the making available on the market and use of biocidal products, in a case on a cleaning product primarily used "to ensure the absence of mould". According to the CJEU, the concept of ‘biocidal product’ is to be interpreted broadly, hereby also broadening the scope of application of Regulation 528/2012.

Read more

12.02.2020 NL law
Van inspraakverordening naar participatieverordening op decentraal niveau

Short Reads - De regering stelt voor om de reikwijdte van de decentrale inspraakverordeningen te vergroten naar de uitvoering en evaluatie van decentraal beleid. Dat staat in een conceptwetsvoorstel dat op 9 december 2019 ter internetconsultatie is voorgelegd. Het conceptwetsvoorstel beoogt een wijziging van onder meer de Gemeentewet, de Provinciewet en de Waterschapswet.

Read more

12.02.2020 NL law
Het oproepen en horen van getuigen in het bestuursrecht: hoe zit het ook al weer?

Short Reads - Het oproepen van getuigen en het horen daarvan ter zitting door de bestuursrechter heeft de Hoge Raad in zijn arrest van 15 november 2019 overzichtelijk in kaart gebracht. Dat arrest, dat door de belastingkamer in een bestuurlijke boetezaak is gewezen, is ook voor andere terreinen van het bestuursrecht van belang. Mede ook omdat het horen van getuigen buiten het fiscale bestuursrecht nog in de kinderschoenen staat. In dit bericht bespreken we daarom de mogelijkheden die er bestaan om getuigen te (laten) oproepen en hoe de bestuursrechter daarmee moet omgaan.

Read more

12.02.2020 NL law
Omgevingsrecht en mobiliteit: hoe werkt het afwijken van parkeernormen in bestemmingsplannen?

Short Reads - Op grond van artikel 3.1.2, tweede lid, Bro kan een bestemmingsplan ten behoeve van een goede ruimtelijke ordening regels bevatten waarvan de uitleg bij de uitoefening van een daarbij aangegeven bevoegdheid afhankelijk wordt gesteld van beleidsregels. Van deze mogelijkheid maken gemeenteraden in hun bestemmingsplannen vaak gebruik als het gaat om parkeernormen

Read more

This website uses cookies. Some of these cookies are essential for the technical functioning of our website and you cannot disable these cookies if you want to read our website. We also use functional cookies to ensure the website functions properly and analytical cookies to personalise content and to analyse our traffic. You can either accept or refuse these functional and analytical cookies.

Privacy – en cookieverklaring