Signaleringsblog week 2: actuele jurisprudentie bestuursrecht en omgevingsrecht

Article
NL Law
Expertise

In deze blog signaleren wij kort enkele belangwekkende bestuursrechtelijke en omgevingsrechtelijke uitspraken van de afgelopen periode.

Intrekkingsbevoegdheid deelvergunning milieu

Rechtbank Gelderland oordeelt in haar uitspraak van 9 december 2022 (ECLI:NL:RBGEL:2022:7329) dat de bevoegdheid tot intrekking van een deelvergunning voor de activiteit milieu pas ontstaat nadat (ook) de met deze vergunning samenhangende omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen onherroepelijk is geworden. Daartoe overweegt de rechtbank dat vergunninghouder niet eerder dan op basis van deze samenhangende omgevingsvergunning handelingen zal kunnen verrichten met gebruikmaking van zijn milieuvergunning. De rechtbank acht het bovendien ongewenst dat tegelijk met een beroepsprocedure tegen de deelvergunning voor de bouwactiviteit ook al kan worden geprocedeerd over intrekking van de daaraan voorafgaande milieuvergunning.

Ontstaan ‘gevolgen van enige betekenis’ onzeker? Appellanten voordeel van twijfel bij toets belanghebbendheid

De Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (“Afdeling”) acht  in haar uitspraak van 28 december 2022 (ECLI:NL:RVS:2022:3988) aannemelijk dat bij de woningen van appellanten elektromagnetische velden kunnen optreden als feitelijk gevolg van het gebruik van een antennemast én dat twijfel kan bestaan over de vraag of zich daarbij gezondheidsrisico’s kunnen voordoen. Nu onder die omstandigheden twijfel mogelijk is over de vraag of de gevolgen voor appellanten van enige betekenis zijn, oordeelt de Afdeling dat beide appellanten het voordeel van de twijfel moeten krijgen en als belanghebbenden moeten worden aangemerkt.

Last onder dwangsom niet evenredig: minder verstrekkende voorlopige voorziening gepast

De voorzieningenrechter van de rechtbank Oost-Brabant schorst met zijn uitspraak van 19 december 2022 (ECLI:NL:RBOBR:2022:5754) een opgelegde last onder dwangsom. In de last is onvoldoende onderbouwd dat volledige verwijdering van de mobiele puinbreekinstallatie en het op het terrein aanwezige materiaal op dit moment noodzakelijk en evenwichtig is en waarom niet kan worden volstaan met een minder verstrekkende last. In dit geval wordt door het ‘bevriezen’ van de feitelijke situatie het gestelde doel van het college reeds bereikt, terwijl er een kans is dat verzoekster voor de puinbreker en het materiaal een toereikende omgevingsvergunning krijgt.

Indruisregel: ontoelaatbaar bewijs bij herzien en terugvorderen van bijstand

De Centrale Raad van Beroep (“CRvB”) oordeelt in zijn uitspraak van 20 december 2022 (ECLI:NL:CRVB:2022:2792) dat de uit bankafschriften verkregen gegevens niet ten grondslag hadden mogen worden gelegd aan het besluit tot herzien en terugvorderen van bijstand. Het buiten medeweten van betrokkene rechtstreeks en over een lange periode opvragen van de bankafschriften bij de bank in de gegeven omstandigheden is in strijd is met het proportionaliteits- en subsidiariteitsbeginsel. Ook vormt het een niet-gerechtvaardigde inbreuk op het recht op respect voor het privéleven als bedoeld in artikel 8, eerste lid, EVRM. Nu de bewijsmiddelen in dit geval zijn verkregen op een wijze die zozeer indruist tegen wat van een behoorlijk handelende overheid mag worden verwacht, moet het gebruik van dit onrechtmatig verkregen bewijs onder alle omstandigheden ontoelaatbaar worden geacht.

Koerswijziging CRvB over belang verstrekken gegevens of bescheiden na het nemen van een besluit tot buitenbehandelingstelling van een bijstandsaanvraag

Met de uitspraak van 13 december 2022 (ECLI:NL:CRVB:2022:2793) komt de CRvB terug op zijn vaste rechtspraak dat geen betekenis toekomt aan gegevens of bescheiden die zijn verstrekt na het oorspronkelijke besluit tot buitenbehandelingstelling van een bijstandsaanvraag. De CRvB oordeelt dat, indien op basis van nadien overgelegde gegevens komt vast te staan dat de aanvrager ook al recht op bijstand had met ingang van de datum van de aanvraag die buiten behandeling is gesteld, de aanvrager een zwaarwegend belang heeft bij het alsnog in behandeling nemen van die aanvraag. Volgens de CRvB is daarbij mede van betekenis dat de bijstand het karakter heeft van een laatste vangnet en dat bij een besluit tot buitenbehandelingstelling van een bijstandsaanvraag geen belangen van derden zijn betrokken.

Op de hoogte blijven van nieuwe ontwikkelingen?

Met onze Stibbeblogs blijft u op de hoogte van ontwikkelingen op het terrein van het bestuursrecht en omgevingsrecht. Wilt u graag automatisch via e-mail op de hoogte worden gehouden over een blogupdate? Meld u zich dan op onze website aan voor het ontvangen van een e-mail attendering bij het verschijnen van nieuwe bestuursrechtelijke en omgevingsrechtelijke Stibbeblogs.