Short Reads

Wijziging Besluit omgevingsrecht: wetgevingstraject VTH afgerond

Wijziging Besluit omgevingsrecht: wetgevingstraject VTH afgerond

Wijziging Besluit omgevingsrecht: wetgevingstraject VTH afgerond

06.09.2017 NL law

Het Besluit verbetering vergunningverlening, toezicht en handhaving ("Besluit VTH") dat op 1 juli 2017 in werking trad, vormt samen met de bijbehorende ministeriële regeling het sluitstuk van de wijzigingen die de wetgever met de Wet VTH heeft willen doorvoeren.

Met het Besluit VTH zijn hoofdstuk 7 van het Besluit omgevingsrecht (" Bor") en de daarbij behorende bijlagen IV en V gewijzigd en uitgebreid. De regering beoogt met deze wijziging meer eenheid te brengen in de, in haar ogen versnipperde, uitvoering en handhaving van bepaalde milieutaken door het bevoegd gezag en de omgevingsdiensten. Daarnaast creƫert deze wijziging een wettelijke grondslag voor Inspectieview Milieu en de VTH-taken, die voor de inwerkingtreding van het Besluit VTH reeds door de omgevingsdiensten werden uitgevoerd. In dit blogbericht worden de drie belangrijkste wijzigingen van het Bor op een rij gezet. In een eerder verschenen vlog heeft Anna Collignon op hoofdlijnen de wijzigingen van het Bor besproken op basis van het toen gepubliceerde ontwerpbesluit VTH. Daarnaast verwijzen wij voor een nadere duiding van de Wet VTH graag naar de eerdere blogs over de inwerkingtreding van de Wet VTH en het daaraan voorafgaande wetsvoorstel.

Taken die in ieder geval door omgevingsdiensten moeten worden uitgevoerd

Het Besluit VTH legt vast welke taken in ieder geval door een omgevingsdienst worden uitgevoerd. Dit houdt in dat per 1 juli 2017 het bevoegd gezag verplicht is om zijn taken ten aanzien van, in ieder geval, de hierna te noemen omgevingsvergunningen en activiteiten door een omgevingsdienst te laten uitvoeren. Er kunnen ook afspraken worden gemaakt over het uitbreiden van het takenpakket. Het basistakenpakket dat verplicht uitgevoerd dient te worden door de omgevingsdiensten vloeit voort uit de eerdere packagedeal tussen het Rijk, het IPO en de VNG uit juni 2009, en ziet kort gezegd op het namens gedeputeerde staten of het college van burgemeester en wethouders:  i) inhoudelijk voorbereiden van omgevingsvergunningen voor milieu en omgevingsvergunningen beperkte milieutoets, ii) houden van toezicht op de naleving van de milieuwetgeving inclusief het Activiteitenbesluit, en iii) de handhaving daarvan.

Voor een volledig overzicht van omgevingsvergunningen en activiteiten die door de omgevingsdiensten worden uitgevoerd, zie bijlage IV bij het Bor.

Ten aanzien van IPPC-categorie 4 (chemie)- en BRZO-inrichtingen geldt dat vanaf 1 juli 2017 de volgende zes omgevingsdiensten bevoegd zijn om de hiervoor genoemde taken uit te oefenen: Omgevingsdienst Groningen, Omgevingsdienst Regio Nijmegen, Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied, DCMR Milieudienst Rijnmond, Omgevingsdienst Midden- en West Brabant en RUD Zuid Limburg (zie bijlage V bij het Bor). Dit heeft er bijvoorbeeld toe geleid dat de hiervoor genoemde taken, die eerst door de Omgevingsdienst ZHZ werden uitgevoerd, sinds 1 juli 2017 zijn overgeheveld naar DCMR Milieudienst Rijnmond (zie het volgende bericht).

Vaststellen van uitvoerings- en handhavingsbeleid

Artikel 7.2 van het Bor schrijft dwingend voor dat de betrokken bestuursorganen voor de bestuursrechtelijke uitvoering en handhaving van onder andere de Wabo uitvoerings- en handhavingsbeleid dienen vast te stellen. Zij dienen in een of meer documenten gemotiveerd aan te geven welke doelen zij zichzelf stellen bij de uitvoering en handhaving en welke activiteiten zij daartoe zullen uitvoeren.

Bestuursorganen die deelnemen in een omgevingsdienst, dienen gezamenlijk een uniform uitvoerings- en handhavingsbeleid vast te stellen voor de taken die in ieder geval door omgevingsdiensten moeten worden uitgevoerd.

Uit het uitvoerings- en handhavingsbeleid moet ten minste blijken:

  • welke prioriteiten deze bestuursorganen stellen bij de uitvoering van de voorgenomen activiteiten;
  • de methodiek die zij zullen hanteren om de gestelde doelen te bereiken;
  • welke objectieve criteria ter beoordeling van aangevraagde omgevingsvergunningen zij zullen hanteren; en
  • wat hun werkwijze bij vergunningverlening en het afhandelen van meldingen zal zijn.

Wij merken daarbij op dat het vaste jurisprudentie is dat een bestuursorgaan weliswaar mag prioriteren bij het vaststellen van zijn handhavingsbeleid, maar dat het in beginsel verplicht is te handhaven, indien een derde daarom verzoekt (zie voor de beginselplicht tot handhaving het volgende blog).

Het handhavingsbeleid van de omgevingsdienst dient voorts te worden vastgesteld in overeenstemming met het Openbaar Ministerie. Zie over de invloed van het strafrecht als voorbeeld een eerder blog over het BRZO+ jaarplan 2015.

Inspectieview Milieu

Tot slot wordt met het Besluit VTH een wettelijke basis gecreëerd voor Inspectieview Milieu. Artikel 5.8, eerste lid, van de Wabo verplicht betrokken bestuursorganen de gegevens waar zij in verband met de uitvoering en handhaving van die taken over beschikken, aan elkaar te verstrekken. Met de toevoeging van paragraaf 7.3 aan het Bor worden de betrokken bestuursorganen geacht voortaan te werken met Inspectieview Milieu.

Inspectieview Milieu is een beveiligde website waarin vergunningverleners en toezichthouders informatie over inrichtingen en andere objecten uitwisselen. Omgevingsdiensten kunnen hun bevindingen daarin opslaan, die op hun beurt kunnen worden geraadpleegd door alle bij Inspectieview Milieu aangesloten organen, zoals bijvoorbeeld ook de Inspectie SZW. Ook het Openbaar Ministerie is aangesloten bij Inspectieview Milieu. Hiermee wordt ook voldaan aan de verplichting in de Wabo om ook gegevens te verstrekken aan de betrokken strafrechtelijke instanties. Het is dus ook hier van belang om te realiseren dat de officier van justitie alle informatie die op Inspectieview Milieu staat kan inzien en daar nieuwe informatie aan kan toevoegen.

Afrondend

De Wet VTH en het Besluit VTH verplichten bestuursorganen om bepaalde milieutaken door omgevingsdiensten te laten uitvoeren en handhaven. De omgevingsdiensten hebben hierdoor een nog belangrijkere rol gekregen dan voorheen.

Team

Related news

20.10.2021 NL law
FAQ: What will change with the entry into force of the Woo compared to the Wob? An update

Short Reads - The Open Government Act (“Woo”) is to replace the Government Information (Public Access) Act (“Wob”). The Woo initiative proposal was passed in the Dutch House of Representatives in 2016; see our earlier Stibbeblog. However, the impact analysis that followed showed that the Woo as proposed was potentially impracticable for local governments. This led to amendments to the bill, which was passed by the House of Representatives on 26 January 2021. 

Read more

13.10.2021 NL law
FAQ: Hoe een begrip uit te leggen als een definitie of andere uitleg ervan in de wettelijke regeling ontbreekt?

Short Reads - Hoe een begrip uit te leggen als een definitie of andere uitleg ervan in de wettelijke regeling ontbreekt? Deze vraag komt meer dan eens aan de orde in geschillen en procedures. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State beantwoordt deze vraag onder meer in een uitspraak over pleziervaartuigen en woonschepen in de jachthaven te Kaag (25 augustus 2021, ECLI:NL:RVS:2021:1897).

Read more

20.10.2021 NL law
FAQ: Wat verandert er met de inwerkingtreding van de Woo ten opzichte van de Wob? Een update

Short Reads - De wet open overheid (“Woo”) moet de Wet openbaarheid van bestuur (“Wob”) vervangen. Al in 2016 is het initiatiefvoorstel van de Woo aangenomen in de Tweede Kamer. Hierover kon u eerder een Stibbeblog lezen. De impactanalyse die volgde toonde echter aan dat de Woo zoals voorgesteld mogelijk onuitvoerbaar was voor decentrale overheden. Dit heeft geleid tot wijzigingen in het wetsvoorstel dat op 26 januari 2021 door de Tweede Kamer is aangenomen. 

Read more

13.10.2021 NL law
De hardheidsclausule en ander maatwerk in het licht van de NOW

Short Reads - Uitzonderingen op de NOW zijn volgens de bestuursrechter niet mogelijk door het bewust ontbreken van een hardheidsclausule, maar worden door de minister in bepaalde gevallen wel toegestaan. In dit artikel bespreekt Sandra Putting welke mogelijkheden bestuursorganen en de bestuursrechter hebben om maatwerk te bieden en wordt aan de hand van drie geschilpunten over de NOW beoordeeld hoe die mogelijkheden zijn ingezet of beter hadden kunnen worden ingezet.

Read more

14.10.2021 NL law
Termijn voor het indienen vaststellingsaanvraag NOW-1 loopt af op 31 oktober 2021: strategische handreikingen en juridische aanbevelingen

Short Reads - Op 31 oktober 2021 is het de laatste dag waarop de vaststellingsaanvragen van de NOW-1 subsidie kunnen worden ingediend. Veel werkgevers hebben deze aanvraag al ingediend (en al een vaststellingsbesluit ontvangen) maar ook een aanzienlijk deel van de vaststellingsaanvragen moet nog door het UWV worden ontvangen (zie de Kamerbrief van 20 september 2021). 

Read more

07.10.2021 NL law
Intrekking van natuurvergunningen en de praktijk: de stand van zaken en de rol van significantie van eventuele effecten

Short Reads - Onherroepelijke natuurvergunningen lijken anno 2021 geen rustig bezit meer te zijn. Bij provincies liggen op dit moment verzoeken voor om tot intrekking van (onherroepelijke) natuurvergunningen over te gaan. Intrekking zou een noodzakelijke passende maatregel zijn ter uitvoering van artikel 6, lid 2 Habitatrichtlijn. Jurisprudentie geeft inmiddels enige duidelijkheid. Maar de praktijk blijkt weerbarstig en laat zien dat de nodige vragen onbeantwoord blijven. In dit blog bespreken wij de stand van zaken.

Read more