Short Reads

FAQ: Kan handelen op grond van een vergunning leiden tot een aanspraak uit onrechtmatige daad?

Handelen vergunning leiden tot aanspraak onrechtmatige daad

FAQ: Kan handelen op grond van een vergunning leiden tot een aanspraak uit onrechtmatige daad?

27.09.2017 NL law

Wanneer na het opstellen van onderzoeken, indienen van een aanvraag en met succes doorlopen van de beroepsprocedure een vergunning voor bijvoorbeeld het aanleggen van een dakterras definitief is, mag de vergunninghouder ervan uitgaan dat hij hiervan gebruik mag maken. Echter, omdat bij het verlenen van de vergunning niet per se alle belangen zijn betrokken, kan een omwonende vanwege bijvoorbeeld het beperken van zijn uitzicht de vergunninghouder aanspreken uit onrechtmatige daad. Dit blogbericht gaat in op dit leerstuk.

Criterium voor aansprakelijkheid uit Vermeulen/Lekkerkerker

Een belangrijk, richtinggevend arrest van de Hoge Raad is het arrest Vermeulen/Lekkerkerker, ook wel het Kraaien en Roeken arrest genoemd (HR 10 maart 1972, NJ 1972/278). In dit arrest ging het om het volgende;

Vermeulen heeft op grond van de Hinderwet een vergunning verkregen voor het dempen van een waterplas met stadsvuil. Dit stadsvuil trok ‘schadelijk gevogelte’, waaronder kraaien en roeken, aan die neerstreken op de boomgaard van Lekkerkerker en daar schade aan de boomgaard toebrachten. Pogingen om een einde aan de vogelplaag te maken zijn niet geslaagd en hierdoor is de exploitatie van de boomgaard geheel onmogelijk gemaakt. Hierop heeft Lekkerkerker Vermeulen aangesproken tot vergoeding van de schade die hij heeft geleden vanwege de inbreuk op zijn eigendomsrecht. De Hoge Raad overwoog hierover dat het antwoord op de vraag of en in hoeverre het hebben van een vergunning invloed heeft op de beoordeling van de aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad van degene die op grond van deze vergunning handelt, maar daarbij schade of hinder toebrengt aan derden, afhangt van de aard van de vergunning en het belang dat wordt nagestreefd met de regeling waarop de vergunning berust, gelezen in verband met de omstandigheden van het geval.

Het enkele beschikken over een vergunning en het handelen binnen hetgeen is vergund, was volgens de Hoge Raad niet bepalend voor het antwoord op de vraag of een succesvolle actie uit onrechtmatige daad mogelijk was of niet. Na het doel van de Hinderwet te hebben bekeken en te hebben vastgesteld dat deze wet niet meebrengt dat omwonenden hinder zouden moeten dulden, oordeelde de Hoge Raad dat het hebben van een vergunning niet vrijwaart tegen aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad.

Herhaald en aangescherpt in Ludlage/Van Paradijs

Deze jurisprudentie is in latere jaren grotendeels gevolgd en in 2005 overwoog de Hoge Raad in het arrest Ludlage/Van Paradijs (HR 21 oktober 2005, NJ 2006/418) als volgt. Ludlage heeft een uitbouw achter zijn huis geplaatst nadat hij hiervoor een bouwvergunning heeft verkregen. Van Paradijs, de buurman van Ludlage, spreekt Ludlage aan vanwege de hinder die hij ondervindt door de uitbouw. De Hoge Raad bespreekt de rechtsontwikkeling sinds Vermeulen/Lekkerkerker en constateert dat de bestuursrechtelijke normering concreter en indringender is geworden. De Hoge Raad herhaalt zijn overwegingen uit Vermeulen/Lekkerkerker en voegt hieraan toe dat de vergunninghouder er in het algemeen op mag vertrouwen dat de vergunning overeenkomstig de wet is verleend en de volgens de wet in aanmerking te nemen belangen door de vergunningverlenende instantie volledig en op juiste wijze zijn afgewogen, en dat hij gerechtigd is van die vergunning gebruik te maken.

Vervolgens onderzoekt de Hoge Raad de Woningwet, het Bouwbesluit en de Wet Ruimtelijke Ordening en concludeert dat het belang van het voorkomen van onrechtmatige hinder door het gebruik maken van door een bestemmingsplan toegestane bouwmogelijkheden niet een belang is dat door de wettelijke regeling van het bestemmingsplan wordt nagestreefd. Omdat bij deze belangenafweging om over te gaan tot vergunningverlening niet het belang van Van Paradijs is betrokken, is Ludlage als houder van de bouwvergunning niet gevrijwaard voor aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad. Ludlage heeft jegens Van Paradijs onrechtmatig gehandeld door de uitbouw achter zijn huis te plaatsen.

Ook recent wordt deze jurisprudentie gevolgd, bijvoorbeeld door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (ECLI:NL:RVS:2016:1422), de Hoge Raad (ECLI:NL:HR:2017:1106) en de Rechtbank Noord-Nederland (ECLI:NL:RBNNE:2017:2985).

Afronding

Als vergunninghouder kan men dus aangesproken uit onrechtmatige daad, maar hoe meer belangen zijn betrokken bij de besluitvorming, des te kleiner de kans van slagen van de vordering is. Wanneer bijvoorbeeld in het bestemmingsplan of in de vergunningverlening al aandacht is besteed aan de beperking van uitzicht, is dit een aanknopingspunt om deze beperking niet als onrechtmatige hinder te beschouwen.

Team

Related news

27.07.2020 NL law
De Whatsapp-conversatie tussen Grapperhaus en Halsema: ook openbaar via de Wob?

Short Reads - Deze heb je vastgelegd voor de Wob Zo luidde een van de berichten van de Whatsapp-correspondentie tussen burgemeester Halsema van Amsterdam en minister Grapperhaus van Justitie en Veiligheid over de demonstratie op de Dam, die plaatsvond op 1 juni 2020. Een angst van menig bestuurder werd waarheid: de gehele conversatie stond dezelfde dag nog afgedrukt op alle nieuwswebsites. Deze correspondentie werd openbaar gemaakt op grond van artikel 68 van de Grondwet, dat kort gezegd de informatieplicht van bewindslieden aan het parlement regelt.

Read more

21.07.2020 NL law
Vestigingsbeleid datacenters gemeente Amsterdam 2020 – 2030 vrijgegeven voor inspraak

Short Reads - Van 1 juli tot 31 augustus 2020 legt de gemeente Amsterdam het Vestigingsbeleid Datacenters gemeente Amsterdam 2020 - 2030 ter inzage voor inspraak. Na de inspraakperiode wordt het vestigingsbeleid ter vaststelling voorgelegd aan de gemeenteraad. In dit blog bespreken wij de hoofdlijnen van het vestigingsbeleid: nieuwe datacenters zijn onder strenge voorwaarden en op beperkte schaal welkom in gemeente Amsterdam. Met dit beleid wordt vervolg gegeven aan het voorbereidingsbesluit datacenters, dat ook in dit bericht wordt besproken.

Read more

27.07.2020 NL law
Maatwerk bij ontvankelijkheidsbeslissingen

Short Reads - Kent u een termijn die de ontvankelijkheid van een bezwaar of beroep bepaalt en niet in de wet is te vinden? Je zou hopen dat zo’n termijn niet bestaat. Ontvankelijkheid bepaalt immers de toegang tot de rechter en die toegang moet niet belemmerd worden door onbekende of slecht kenbare fatale termijnen. Toch kent ons recht zo’n termijn en die termijn is bovendien zeer kort. Ik doel op de twee weken die een belanghebbende wordt gegund om alsnog bezwaar te maken, nadat hij op de hoogte is geraakt van het bestaan van een besluit waarvan de bezwaartermijn al is verstreken.

Read more

17.07.2020 BE law
Gedogen van een bouwovertreding in een dading. Hof van Cassatie zegt: nietig

Articles - Een dadingsovereenkomst waarin een partij zich ertoe verbindt om de bouwovertredingen van de contractspartij te gedogen, heeft een ongeoorloofde oorzaak. Met een dergelijke overeenkomst beogen de contractspartijen immers om een met de openbare orde strijdige toestand - de bouwovertredingen - in stand te houden. De overeenkomst is in haar geheel behept met een ongeoorloofde oorzaak en aldus nietig. Als één van de partijen zijn leveringsverbintenis niet nakomt, kan de andere partij dan ook geen schadevergoeding vorderen.

Read more