Short Reads

De uitgebreide bevoegdheid van de stakingsrechter

De uitgebreide bevoegdheid van de stakingsrechter

De uitgebreide bevoegdheid van de stakingsrechter

08.09.2017 BE law

In het kader van een geding tussen EDF Luminus NV tegen het Vlaams Energiebedrijf NV, werd de ruime bevoegdheid van de stakingsrechter opnieuw duidelijk gemaakt. Het geschil betrof onder meer een beweerdelijke inbreuk op de wet inzake overheidsopdrachten[1].

Het argument dat men via de stakingsvordering de talrijke beroepsmogelijkheden die men had verloren laten gaan onder de geëigende overheidsopdrachtenwetgeving, wenste te omzeilen werd niet aanvaard. De stakingsrechter oordeelde dat het feit dat de wet van 17 juni 2013[2] voorziet in rechtsmiddelen en procedurevoorschriften die specifiek betrekking hebben op de gunning van overheidsopdrachten, niet betekende dat elke betwisting die verband houdt met een overheidsopdracht enkel via deze procedures kan verlopen. Gezien EDF Luminus de staking van een beweerdelijk oneerlijke marktpraktijk verzocht, was de stakingsrechter dan ook bevoegd.

Ook het argument gegrond op misbruik van procesrecht, gelet op het feit dat men jaren had gewacht om de beweerdelijke inbreuk aan te vechten, kreeg geen gehoor. Hiervoor werden de termijnen voorzien in bovenvermelde wet van 17 juni 2013 opnieuw irrelevant geacht.

Ten gronde werd de vordering voor wat betreft de inbreuk op de wet overheidsopdrachten evenwel afgewezen.

 

Voetnoten: 

[1] De wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten.

[2] De wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten.

Related news

26.09.2018 BE law
Une publicité licite peut devenir illicite sous le nez d’un concurrent

Articles - Le 7 mai 2018, la Cour d’appel de Gand[1] a de nouveau précisé un certain nombre de circonstances pouvant amener à considérer l’exercice de la liberté du commerce et de la concurrence comme une pratique commerciale illicite. La liberté de concurrence implique en principe la liberté de faire de la publicité et de débaucher une clientèle. Ces pratiques commerciales sont seulement susceptibles de devenir illicites à partir du moment où elles s’accompagnent de circonstances spécifiques et aggravantes.    

Read more

26.09.2018 BE law
Rechtmatige reclame onder de neus van een concurrent kan onrechtmatig worden

Articles - Op 7 mei 2018 verduidelijkte het Hof van Beroep te Gent[1] opnieuw enkele omstandigheden die ertoe kunnen leiden dat een uitoefening van de principiële vrijheid van handel en concurrentie toch een onrechtmatige handelspraktijk kan uitmaken. De vrijheid van mededinging impliceert dat men in principe vrij is om o.m. reclame te maken en cliënteel af te werven. Alleen wanneer deze handelspraktijken gepaard gaan met specifieke begeleidende bezwarende omstandigheden, kunnen zij een onrechtmatig karakter krijgen.

Read more

Our website uses cookies: third party analytics cookies to best adapt our website to your needs & cookies to enable social media functionalities. For more information on the use of cookies, please check our Privacy and Cookie Policy. Please note that you can change your cookie opt-ins at any time via your browser settings.

Privacy – en cookieverklaring