Short Reads

Commissie van Aanbestedingsexperts schakelt expert in voor waardebepaling opdrachten

Commissie van Aanbestedingsexperts schakelt expert in voor waardebepal

Commissie van Aanbestedingsexperts schakelt expert in voor waardebepaling opdrachten

13.09.2017 NL law

Onlangs is Advies 319 van de Commissie van Aanbestedingsexperts gepubliceerd. De beklaagden waren niet bereid om de waarde van de opdrachten in kwestie te onderbouwen. De Commissie voelde zich daarom genoodzaakt een expert in te schakelen om de waarde van de opdrachten te onderzoeken.

In de betreffende zaak hebben drie aanbestedende diensten gezamenlijk een Europese niet-openbare aanbestedingsprocedure gehouden voor de levering van ongevallenverzekeringsdiensten. Vóór die procedure hebben diezelfde aanbestedende diensten gezamenlijk een meervoudige onderhandse procedure gehouden voor de organisatie van die Europese ongevallenverzekeringsaanbesteding (opdracht 1). Opdracht 1 is door elke aanbestedende dienst afzonderlijk aan X gegund. Daarnaast hebben de aanbestedende diensten afzonderlijk een opdracht voor het contractmanagement van de uit de Europese ongevallenverzekerings- aanbesteding voortvloeiende verzekeringsovereenkomst enkelvoudig onderhands gegund aan X (opdracht 2).

De eerste klacht richt zich tegen het verstrekken van opdracht 1 en 2 aan X. Klager meent dat de beklaagden in strijd met de Aanbestedingswet 2012 en de Gids Proportionaliteit deze opdrachten onderhands aan X hebben verleend. Onder meer zou de opdracht voor de organisatie van de Europese ongevallenverzekeringsaanbesteding en het contractmanagement van de verzekeringsovereenkomst kunstmatig zijn gesplitst met het doel onder de toepasselijke drempelwaarde voor Europese aanbestedingen te blijven (in 2015 € 207.000). Ondanks verzoeken daartoe door klager hebben de beklaagden geweigerd de totale opdrachtwaarde, alsmede de waarde per beklaagde, bekend te maken omdat deze informatie commercieel gevoelig zou zijn. Klager vermoedt dat de waarde van de aan X gegunde opdrachten de drempelwaarde overschrijdt en dat beklaagden daarom gehouden waren deze opdrachten Europees aan te besteden.

Volgens beklaagden is de klacht ongegrond. Er zou volgens beklaagden sprake zijn van twee afzonderlijke opdrachten en niet van een ontoelaatbare splitsing van één opdracht in twee opdrachten. De waarde van opdracht 1 en de waarde van opdracht 2 hoeven volgens beklaagden niet bij elkaar te worden opgeteld. Ook indien de waarden wel bij elkaar zouden worden opgeteld, ligt volgens beklaagden de totale waarde ver beneden de drempelwaarde. De vergoeding voor opdracht 1 en 2 gezamenlijk is gemaximeerd en per beklaagde respectievelijk € 25.000, € 50.000 en € 25.000.

Het klachtonderdeel wordt door de Commissie kortweg samengevat tot de vraag of beklaagden opdracht 1 en 2 Europees hadden moeten aanbesteden met inachtneming van de Aanbestedingswet 2012. De Commissie overweegt eerst dat beklaagden een overheidsopdracht niet mogen splitsen met het oogmerk zich aan de toepassing van deel 2 van de Aanbestedingswet 2012 te onttrekken. Ook mag de berekeningsmethode van de geraamde waarde er niet toe leiden dat een opdracht aan de werkingssfeer van deel 2 van de Aanbestedingswet 2012 wordt onttrokken. Voorts mag de afbakening van de opdracht niet zijn ingegeven door de behoefte de opdracht niet Europees te hoeven aanbesteden. Nadat de Commissie vaststelt dat de totale waarde van opdracht 1 en 2 volgens beklaagden € 100.000 bedraagt, overweegt zij als volgt:

"De Commissie betreurt het dat beklaagde zich niet bereid heeft getoond de waarde van de opdrachten nader te onderbouwen naar aanleiding van de bedenkingen van klager. Als gevolg hiervan heeft de Commissie zich genoodzaakt gevoeld op dit punt na de zitting alsnog een expert in te schakelen. Het komt de Commissie voor dat wanneer ervan mag worden uitgegaan – zoals zij voorshands doet – dat bestuursorganen met de statuur van beklaagden zich aan de vigerende aanbestedingsrechtelijke wet- en regelgeving houden en ter zake dus niets te verbergen hebben, zichzelf een slechte dienst bewijzen door zo weinig transparant te zijn over hun – met overheidsmiddelen gefinancierde – activiteiten."

Vervolgens acht de Commissie het op basis van de beperkt beschikbare informatie en de analyse daarvan door de ingeschakelde expert voorshands aannemelijk dat de gezamenlijke waarde van opdracht 1 en 2 de Europese drempelwaarde niet overschrijdt. De klacht is daarmee ongegrond.

Wat dit advies opmerkelijk maakt is dat de Commissie, nu beklaagden niet bereid waren de waarde van de opdrachten te onderbouwen, op eigen initiatief een expert heeft ingeschakeld om deze waarde te berekenen.

Team

Related news

03.02.2022 NL law
Podcast: Het Didam-arrest en de gevolgen voor verkoop van onroerende zaken door overheden

Short Reads - In het Didam-arrest oordeelde de Hoge Raad dat de contractsvrijheid van de overheid beperkt wordt door het gelijkheidsbeginsel. Dat heeft directe gevolgen voor de wijze waarop overheden omgaan met de verkoop van onroerende zaken, zoals grond. Ali al Khatib en Erik Verweij bespreken in deze podcast de totstandkoming van deze uitspraak en de praktische gevolgen voor overheden en private partijen.

Read more

21.04.2022 EU law
Uitsluiting van Rusland van overheidsopdrachten en concessies

Articles - Op 8 april 2022 heeft de Raad van de EU een vijfde pakket van economische en individuele sancties tegen Rusland ingesteld met onder meer de bedoeling om de druk op de Russische regering op te voeren. Als onderdeel van het vijfde pakket is in de hele EU een verbod ingevoerd voor Russische ondernemingen om deel te nemen aan overheidsopdrachten en concessies die in de EU-lidstaten worden gegund.

Read more

07.01.2022 NL law
FAQ: Consequences of the Didam judgment for the sale of land by governments

Short Reads - In the Didam judgment of 26 November 2021 (ECLI:NL:HR:2021:1778) the Supreme Court ruled that public authorities must sell land in a transparent manner that gives all interested parties the opportunity to bid. This means that public authorities are not outright free to sell land to a party of their choice. Public authorities must provide equal opportunities when transferring land.

Read more

16.03.2022 NL law
De ‘terugkijktermijn’ knoopt aan bij de datum waarop de ernstige beroepsfout heeft plaatsgevonden

Short Reads - Het gerechtshof Den Haag heeft op 21 december 2021 een belangrijke uitspraak gedaan over de 'terugkijktermijn' van art. 2.87 lid 2 sub b Aw 2012 (ECLI:NL:GHDHA:2021:2487). Met deze uitspraak is nog eens bevestigd dat de terugkijktermijn aanknoopt bij het moment waarop de ernstige beroepsfout heeft plaatsgevonden: de datum van de betrokken gebeurtenis.

Read more

07.01.2022 NL law
FAQ: Gevolgen van het Didam-arrest voor de verkoop van onroerende zaken door overheden

Short Reads - In het 'Didam'-arrest van 26 november 2021 (ECLI:NL:HR:2021:1778) heeft de Hoge Raad geoordeeld dat overheden bij de verkoop van grond gelegenheid moeten bieden aan (potentiële) gegadigden om mee te dingen. Dat betekent dat overheden niet zonder meer vrij zijn om grond te verkopen aan een partij naar keuze. Overheden moeten gelijke kansen bieden bij uitgifte van grond. In dit blogbericht bespreken wij in FAQ-vorm het arrest en gaan wij in op de praktische betekenis van dit arrest voor de praktijk.

Read more