Short Reads

Creatief staatssteunargument ketst af op het relativiteitsbeginsel bij de Centrale Raad van Beroep

Creatief staatssteunargument ketst af op het relativiteitsbeginsel bij de Centrale Raad van Beroep

Creatief staatssteunargument ketst af op het relativiteitsbeginsel bij de Centrale Raad van Beroep

08.03.2017 NL law

Appellant krijgt bijstand op grond van de Wet werk en bijstand. De gemeente Arnhem biedt hem een zogeheten ‘opstapbaan’ aan bij de organisatie 2Switch, maar hij weigert deze baan. Voor de Centrale Raad van Beroep (“CRvB“) betoogt hij dat het aannemen van deze baan staatssteun faciliteert waardoor hij deze baan terecht geweigerd heeft. De CRvB wijst dit argument op grond van het relativiteitsbeginsel van artikel 8:69a Awb af.

Kern van het geschil

De gemeente Arnhem neemt, naar aanleiding van de weigering van appellant van de baan bij 2Switch, het besluit om de bijstand aan appellant met 50% te verlagen. Voor een dergelijke verlaging bestaat, op grond van de Maatregelverordening gemeente Arnhem, onder meer een reden wanneer de bijstandontvanger een voorziening gericht op arbeidsinschakeling weigert. Tegen dit besluit gaat appellant in beroep bij de rechtbank Gelderland en in hoger beroep bij de CRvB. Voor de CRvB betoogt appellant dat de voorziening bij 2Switch in strijd is met het staatssteunrecht. Hij voegt daaraan toe dat van hem niet verwacht kan worden dat hij aan onrechtmatige staatssteun meewerkt.

Interessant is dat de uitspraak van de CRvB niet duidelijk maakt waarom appellant meent dat de voorziening bij 2Switch staatssteun behelst. De CRvB geeft alleen aan dat appellant “om diverse redenen” aanvoert dat van staatssteun sprake is.

Beoordeling door CRvB

De CRvB gaat niet inhoudelijk in op het naar voren gebrachte staatssteunargument. Hij stelt voorop dat op grond van artikel 8:69a Awb een besluit niet vernietigd kan worden wegens schending van een rechtsregel die kennelijk niet strekt tot bescherming van het belang van de belanghebbende.

Volgens de CRvB strekken de staatssteunregels tot bescherming van de eerlijke mededinging. Vervolgens verwijst de CRvB naar de uitspraak Streekgewest Westelijk Noord-Brabant t. Staatssecretaris van Financiën van het Hof van Justitie op basis waarvan (i) concurrenten van de gesteunde entiteit en (ii) justitiabelen die zijn onderworpen aan een heffing die integraal deel uitmaakt van de steunmaatregel zich voor de nationale rechter mogen beroepen op het staatssteunrecht. Appellant valt, zo constateert de CRvB, niet onder de eerste of de tweede categorie. De CRvB leidt hieruit af dat de staatssteunregels niet strekken tot het beschermen van het belang van appellant. Appellant kan daarom, op grond van het relativiteitsbeginsel, geen beroep doen op een eventuele schending van het staatssteunrecht.

Deze redenering is in lijn met hoe de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van state een beroep op het staatsteunrecht in het licht van het relativiteitsbeginsel toetst in bestemmingsplanprocedures. De Afdeling beperkt namelijk de kring van partijen die beroep mogen doen op het staatssteunrecht eveneens tot in beginsel concurrenten en justitiabelen die onderworpen zijn aan een heffing die integraal deel uitmaakt van de (aangevochten) staatssteunmaatregel. Wij verwijzen in dit kader naar onze blog van 30 december 2016.

Tot slot

Geconcludeerd kan worden dat de CRvB het relativiteitsbeginsel gebruikt om de kring van partijen, die een beroep kunnen doen op het staatssteunrecht, te beperken. Dat is zeker gewenst in gevallen waarin partijen het staatssteunrecht met de haren erbij slepen. Tegelijkertijd is het van belang dat de rechter overheden wijst op eventuele schendingen van het staatssteunrecht. Voor een deel omdat de Nederlandse overheid het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie, waarin de staatssteunregels vervat zijn, dient na te leven en de rechter daarbij een belangrijke taak heeft. Voor een deel omdat schending van die regels tot grote negatieve gevolgen kan leiden als bijvoorbeeld de Europese Commissie oordeelt dat alle verleende staatssteun terug moet worden gevorderd. Hoe eerder onrechtmatige staatssteun stopt, hoe beter dat dus is.

Daarom was het gunstiger geweest als de CRvB het staatssteunargument van appellant eerst inhoudelijk had behandeld. Een eventuele geconstateerde schending zou niet ertoe geleid hebben dat de CRvB het bestreden besluit dient te vernietigen, maar had de gemeente wel op de hoogte gebracht van de noodzaak om de voorziening met 2Switch te veranderen. Als de CRvB daarentegen oordeelt dat die voorziening geen staatssteun vormt, dan biedt dit extra zekerheid voor de gemeente dat zij conform de staatssteunregels handelt.

Team

Related news

23.06.2022 NL law
De balans van het nieuwe normaal

Articles - In het Tijdschrift voor Jaarrekeningenrecht staat Manon Cremers stil bij de veranderingen in jaarvergaderingen sinds Covid-19 en hoe de toekomst er van deze vergaderingen uitziet.

Read more

09.06.2022 NL law
Termijnoverschrijding verschoonbaar? Iets meer souplesse bij buiten de termijn ingediende bezwaar- en beroepschriften.

Short Reads - In een Stibbeblog uit 2020 brak ik de staf over de ‘tweewekenregel’ die de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State hanteert bij verschoonbare termijnoverschrijdingen. Blijkens een uitspraak van 20 april 2022 (Renkumse villa) lijkt de Afdeling deze regel inderdaad (iets) minder streng te gaan toepassen. Maar de principiële vraag: waarom een vaste termijn van twee weken, en niet een beoordeling op basis van de concrete omstandigheden van het geval, blijft (nog) onbeantwoord.

Read more

03.06.2022 NL law
Podcast: circulair ondernemen en de juridische mogelijkheden en beperkingen

Short Reads - In deze Stibbe Legal Insights gaan Bram Schmidt, Ida Mae de Waal en Christian van Maaren in op het juridisch kader bij circulariteit. Zij bespreken de transitie naar een circulaire economie en hoe bedrijven, ondanks de beperkingen van huidige wet- en regelgeving, meer circulair kunnen opereren. Ook bespreken zij hoe bedrijven zich kunnen voorbereiden op nieuwe Europese wet- en regelgeving op het gebied van hergebruik, recyclen en circulair productontwerp.

Read more