Articles

De erkenning van aannemers

De erkenning van aannemers

De erkenning van aannemers

30.06.2017 BE law

Een gebrekkige financieel-economische draagkracht kan geen grondslag uitmaken voor de intrekking van de erkenning aannemer klasse 1

De Minister van Mobiliteit en Openbare Werken van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering trok bij besluit van 16 februari 2016 de erkenning van de nv Playgrounds als aannemer klasse 1 in. Als enige reden daartoe haalde de minister aan dat de eigen middelen van de nv Playgrounds negatief waren. De nv Playgrounds stelde hierop een beroep tot nietigverklaring in bij de Raad van State tegen het besluit tot weigering van de erkenning als aannemer klasse 1.

In onderhavig geschil diende de Raad van State zich te buigen over de vraag of zulk negatief eigen vermogen een toetssteen kan zijn om te besluiten tot intrekking van een erkenning als aannemer klasse 1.

Artikel 8 §2 stelt dat de erkenning in de laagste klasse (1) door de Gewestregering wordt verleend na advies van de commissie na aanvraag en bewijs vanwege de aannemer dat hij voldoet aan de voorwaarden bedoeld in artikel 4 §1, 1°, 2°, 3°, 4° en 7° van de wet van 20 maart 1991. De aannemer klasse 1 dient dus enkel te voldoen aan een aantal basisvoorwaarden. De vereiste van de technische bekwaamheid en – zo oordeelde de Raad van State terecht – de financieel- economische draagkracht vallen niet onder deze basisvoorwaarden en kunnen dan ook geen grondslag uitmaken voor de intrekking van de erkenning aannemer klasse 1. De Raad van State besloot dan ook tot de vernietiging van de beslissing tot vervallenverklaring van de erkenning klasse 1 van de nv Playgrounds.

Het voorgaande houdt wel niet in dat een gebrekkige financiële draagkracht niet alsnog kan aangegrepen worden om een aannemer (van klasse 1) uit te sluiten van deelname aan een concrete overheidsopdracht. Zulks dient dan te gebeuren in het kader van een toetsing aan de uitsluitingscriteria bepaald voor de betrokken opdracht (en niet in het kader van de erkenningsregeling).

Link: R.v.St. nr. 238.740 van 30 juni 2017

Related news

04.05.2021 NL law
Aanbevelingen van het Pbl voor de circulaire economie: meer bestuursrechtelijke verplichtingen voor bedrijven?

Short Reads - Begin dit jaar publiceerde het Planbureau voor de leefomgeving (Pbl) zijn eerste Integrale Circulaire Economie Rapportage. Die rapportage bespreekt de huidige status van de circulaire economie in Nederland en geeft adviezen om de transitie te versnellen. Het Pbl roept nadrukkelijk de Nederlandse overheid op om de circulaire economie verder te bevorderen. Daarbij ziet het Pbl een belangrijke rol voor nieuwe circulaire verplichtingen voor bedrijven.

Read more

03.05.2021 NL law
De overheid behoeft de besten, maar krijgt zij die nog wel?

Short Reads - ‘De overheid behoeft de besten; zij moet aantrekken en opkweken de bekwaamsten onder de jongeren; haar mensen moeten het in kennis maar ook in levenshouding en beschaving kunnen opnemen tegen de leidende figuren uit de maatschappij; het zou noodlottig zijn voor de publieke zaak, zo de overheid zich tevreden zou stellen met degenen, die elders niet aan de slag konden komen of mislukten.’ (C.H.F. Polak 1957, geciteerd in NJB 2018/1044)

Read more

04.05.2021 NL law
Participatie en privacyregels: hoe te combineren onder de Omgevingswet?

Short Reads - In het stelsel van de Omgevingswet (Ow) is een belangrijke rol bedacht voor participatie bij de totstandkoming van besluiten. Het beoogde resultaat: tijdig belangen, meningen en creativiteit op tafel krijgen en daarmee een groter draagvlak en kwalitatief betere besluitvorming bereiken. Door een grotere betrokkenheid van meer personen gaan overheden en initiatiefnemers ook meer persoonsgegevens verwerken. Dit brengt privacyrisico’s met zich mee. Wat regelt de Ow op het gebied van privacy, de verwerking van persoonsgegevens en datagebruik?

Read more

28.04.2021 NL law
Gevolgen van enige betekenis? Bij twijfel is burger belanghebbende

Short Reads - In het bestuursprocesrecht is het uitgangspunt dat degene die rechtstreeks gevolgen ondervindt van een besluit belanghebbende is bij dat besluit. Sinds 2016 past de Afdeling in het omgevingsrecht hierop een correctie toe: er moet sprake zijn van gevolgen van enige betekenis om belanghebbende te zijn. Op 10 maart 2021 heeft de Afdeling bepaald dat bij twijfel over de vraag of hiervan sprake is, de rechtszoekende het voordeel van de twijfel krijgt.

Read more