Short Reads

Wetsvoorstel aanvullende maatregelen accountantsorganisaties

Wetsvoorstel aanvullende maatregelen accountantsorganisaties

Wetsvoorstel aanvullende maatregelen accountantsorganisaties

20.07.2017 NL law

Het wetsvoorstel aanvullende maatregelen accountantsorganisaties (“Wetsvoorstel”) geeft uitvoering aan het voornemen van de Minister van Financiën om, mede gelet op de ernst van de bevindingen van de AFM in het onderzoek naar de kwaliteit van wettelijke controles door de Big 4-accountantsorganisaties in 2014, aanvullende wettelijke maatregelen te nemen. De AFM is van mening dat accountantsorganisaties, ook onafhankelijk van het Wetsvoorstel, nog meer stappen moeten zetten naar verbetering.

Mede op aandringen van de AFM is de accountancysector eind 2014 met een veranderprogramma gestart op het gebied van onder andere gedrag en cultuur en governance. In de afgelopen jaren hebben de accountantsorganisaties uiteenlopende maatregelen genomen gericht op het verbeteren van de kwaliteit van wettelijke controles. Op 10 februari 2017 is het Wetsvoorstel ingediend, dat met name ziet op (het versterken van) de governance van accountantsorganisaties en (uitbreiding van) de bevoegdheden van de AFM. Het Wetsvoorstel beoogt eveneens de kwaliteit van de accountantscontroles te verbeteren.

Invoering van een stelsel van onafhankelijk intern toezicht bij OOB-vergunninghouders

De Wet toezicht accountantsorganisaties (“Wta”) wordt uitgebreid met een verplichting voor  accountantsorganisaties met een vergunning die strekt tot het verrichten van wettelijke controles bij OOB's (“OOB-vergunninghouders”) om te beschikken over een stelsel van onafhankelijk intern toezicht. Het stelsel dient zich te richten op het beleid en de algemene gang van zaken van de OOB-vergunninghouder. Het stelsel omvat een orgaan dat belast is met het interne toezicht (“toezichtsorgaan”) dat bestaat uit ten minste drie natuurlijke personen die onafhankelijk zijn ten opzichte van de dagelijks beleidsbepalers of de houders van stemrecht in de OOB-vergunninghouder. Nadere regels met betrekking tot het stelsel van intern toezicht zullen worden uitgewerkt in het Besluit toezicht accountantsorganisaties. Eerder dit jaar heeft een consultatie plaatsgevonden. Er zijn hierover nog geen resultaten gepubliceerd.

Invoering van een geschiktheidstoets voor dagelijks beleidsbepalers en leden van het toezichtsorgaan bij OOB-vergunninghouders

Een belangrijk onderdeel van het Wetsvoorstel is de introductie van een geschiktheidstoets voor natuurlijke personen die het dagelijks beleid bepalen van OOB-vergunninghouders (“dagelijks beleidsbepalers”) en leden van het toezichtsorgaan van OOB-vergunninghouders. Dagelijks beleidsbepalers dienen op basis hiervan geschikt te zijn in verband met de uitoefening van het bedrijf van de accountantsorganisatie en leden van het toezichtorgaan moeten geschikt zijn in verband met de uitoefening van het toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken van de accountantsorganisatie. Voor dagelijks beleidsbepalers van accountantsorganisaties die niet kwalificeren als OOB-vergunninghouder blijft de deskundigheidseis bestaan zoals deze nu al op grond van de Wta geldt. De geschiktheid wordt getoetst door de AFM. Voor zittende dagelijks beleidsbepalers en zittende leden van het toezichtsorgaan bevat het Wetsvoorstel een overgangsregeling van zes maanden respectievelijk een jaar vanaf de datum van inwerkingtreding. Gedurende deze periode worden de zittende personen geacht geschikt te zijn. De geschiktheidstoets is als een open norm geformuleerd. De AFM werkt deze uit in een beleidsregel. Een ontwerp daarvan is eerder dit jaar door de AFM geconsulteerd. Stibbe heeft een reactie ingediend.

Aanpassing van de (interne) bevoegdheidsverdeling van de verlening van de controleopdracht aan de accountant(sorganisatie)

Het Wetsvoorstel voorziet ook in een beperking van de mogelijkheid tot het benoemen van de accountant(sorganisatie) door het bestuur van de controlecliënt. Hiermee wordt (beter dan voorheen) beoogd dat een onafhankelijke benoeming plaatsvindt. Onder de huidige regeling van artikel 2:393 lid 2 BW is de algemene vergadering bevoegd de opdracht te verlenen. Als de algemene vergadering daar niet toe overgaat, is de RvC bevoegd. Indien de RvC ontbreekt of in gebreke blijft, is het bestuur tot het verlenen van de opdracht bevoegd. In het Wetsvoorstel wordt deze 'drietrapsraket' aangepast door het bestuur slechts de bevoegdheid tot verlening van de controleopdracht toe te kennen wanneer de RvC ontbreekt (en een eventueel aanwezige algemene vergadering niet tot verlening van de opdracht overgaat), maar niet wanneer de RvC in gebreke blijft. Volgens de minister kan de RvC na de voorgestelde wetswijziging niet meer in gebreke blijven. Zij zal degene zijn die de accountant moet benoemen. Bij een one tier board nemen de uitvoerende bestuurders niet deel aan de beraadslaging en besluitvorming over de verlening van de controleopdracht.

Enkele overige wijzigingen

Naast de bovengenoemde wijzigingen voorziet het Wetsvoorstel in de verplichting voor OOB-vergunninghouders om de voornaamste bevindingen en conclusies van de beoordeling van het controledossier door de AFM mede te delen aan de auditcommissie – het Wetsvoorstel spreekt overigens over het 'auditcomité' – van de betrokken controlecliënt, indien deze controlecliënt een OOB betreft. Ook dienen accountants(organisaties) te zorgen voor gepaste maatregelen indien er tekortkomingen zijn geconstateerd met betrekking tot het verrichten van wettelijke controles om eventuele onregelmatigheden te herstellen en herhaling in de toekomst te voorkomen. Daarnaast krijgt de AFM de bevoegdheid om vertrouwelijke informatie die zij heeft verkregen bij de uitoefening van het toezicht op grond van de Wta uit te wisselen met onder meer de Belastingdienst, de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdiensten het Openbaar Ministerie. De AFM kan deze informatie slechts verstrekken voor zover dit dienstig is voor het versterken van de integriteit van de financiële markten en de accountantsorganisaties. Ten slotte wordt voorgesteld om de subjectieve verjaringstermijn van het accountantstuchtrecht van drie jaar te schrappen. De objectieve verjaringstermijn van zes jaar nadat het handelen of nalaten van de accountant zich heeft voorgedaan blijft bestaan.

AFM rapport

De AFM heeft in de afgelopen periode onderzoeken uitgevoerd om te meten hoe ver de OOB-vergunninghouders zijn met het implementeren van de maatregelen die zijn opgenomen in het veranderprogramma. Tevens heeft de AFM bij de “Big 4” individuele controledossiers onderzocht. Op 28 juni 2017 heeft de AFM het rapport "Uitkomsten van onderzoeken naar de implementatie en borging van verandertrajecten bij de OOB-vergunninghouders en de kwaliteit van wettelijke controles bij de Big 4- accountantsorganisaties" gepubliceerd. De AFM concludeert op basis van de uitkomsten dat het verandertraject bij de onderzochte OOB-vergunninghouders te langzaam gaat en dat de kwaliteit van de onderzochte wettelijke controles bij de Big 4-accountantsorganisaties niet op orde is.

Team

Related news

25.06.2019 LU law
The dawn of a new era of cross-border mobility within the EU?

Seminar - François Bernard, Senior Associate at Stibbe Luxembourg, will conduct a seminar in Luxembourg on 25 June in collaboration with Legitech on Directive proposal COM2018 (241 final) amending the cross-border merger regime currently enshrined in Directive (EU) 2017/1132 and introducing a new regime applicable to cross-border conversions and divisions.

Read more

26.05.2019 NL law
Duurzaamheidsverplichtingen voor de financiële sector: een overzicht

Articles - De komende jaren zal de financiële sector zich actiever dan voorheen moeten bezighouden met het klimaat en de verantwoordelijkheid die de sector draagt voor het milieu en de maatschappij. In rap tempo wordt er wet- en regelgeving ontwikkeld die financiële ondernemingen en aandeelhouders verplichten om aandacht te geven aan deze nieuwe rol die zij vervullen in de verduurzaming van de financiële sector en de maatschappij als geheel. 

Read more

18.06.2019 NL law
Countdown. Een cursus aftellen voor juristen

Articles - Hoe lang duurt een verzetstermijn nu precies? Voor juridische fusie schrijft art. 2:316 lid 2 BW voor dat tot een maand nadat alle te fuseren rechtspersonen de fusie hebben aangekondigd iedere schuldeiser bij de rechtbank tegen het voorstel tot fusie in verzet kan komen. Art. 2:317 lid 2 BW bepaalt vervolgens dat een besluit tot fusie een maand na de dag waarop alle fuserende rechtspersonen de fusie hebben aangekondigd kan worden genomen. De vraag is wanneer nu precies die verzetstermijn eindigt.

Read more

03.06.2019 NL law
Toerekening van kennis van groepsvennootschappen

Articles - In de praktijk doet zich vaak de vraag voor of kennis die aanwezig is binnen de ene vennootschap kan worden toegerekend aan een andere vennootschap binnen hetzelfde concern. In dit artikel verkent Branda Katan zowel de dogmatische grondslag als de praktische toepassing van een dergelijke toerekening. Zij concludeert dat het ‘Babbel-criterium’ (heeft in de gegeven omstandigheden de kennis X in het maatschappelijk verkeer te gelden als kennis van Y?) geschikt is voor het toerekenen van kennis in concernverband.

Read more

Our website uses functional cookies for the functioning of the website and analytic cookies that enable us to generate aggregated visitor data. We also use other cookies, such as third party tracking cookies - please indicate whether you agree to the use of these other cookies:

Privacy – en cookieverklaring