Short Reads

FAQ: Wanneer is een rechtspersoon belanghebbende bij een besluit op grond van artikel 1:2 lid 3 Awb?

FAQ: Wanneer is een rechtspersoon belanghebbende bij een besluit op gr

FAQ: Wanneer is een rechtspersoon belanghebbende bij een besluit op grond van artikel 1:2 lid 3 Awb?

10.08.2017 NL law

Het bestuursprocesrecht van de Algemene wet bestuursrecht beperkt de kring van personen die tegen een besluit kunnen opkomen in bezwaar en beroep. Alleen belanghebbenden kunnen tegen een bestuursrechtelijk appellabel besluit opkomen. Wie belanghebbende is, bepaalt artikel 1:2 van de Awb. Dit blogbericht richt zich tot de vraag wanneer een rechtspersoon op grond van lid 3 belanghebbende is bij een besluit.

Introductie: artikel 1:2 lid 3 Algemene wet bestuursrecht

Artikel 1:2 lid 1 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) bepaalt dat een belanghebbende is "degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken." Dit rechtstreekse belang wordt voor rechtspersonen die op grond van hun statuten als belanghebbende bij een besluit (willen) zijn (de 'statutair belanghebbende'), op grond van artikel 1:2 lid 3 Awb als volgt uitgelegd: "Ten aanzien van rechtspersonen worden als hun belangen mede beschouwd de algemene en collectieve belangen die zij krachtens hun doelstellingen en blijkens hun feitelijke werkzaamheden in het bijzonder behartigen." Dit blogbericht richt zich niet tot de situatie waarin een rechtspersoon belanghebbende is op grond van artikel 1:2 lid 1 Awb, bijvoorbeeld wanneer de rechtspersoon het besluit in kwestie heeft aangevraagd.

In de bestuursrechtelijke jurisprudentie zijn uit artikel 1:2 lid 3 Awb criteria afgeleid die in relatie staan tot (i) de statutaire doelstelling en (ii) de feitelijke werkzaamheden van de rechtspersoon. Deze cumulatieve criteria worden hierna toegelicht.

Statutaire doelstelling

De statutaire doelstelling van een rechtspersoon moet volgens de criteria uit de jurisprudentie 'voldoende onderscheidend' zijn om op grond daarvan te kunnen oordelen dat het belang van die rechtspersoon rechtstreeks is betrokken bij het door hem aangevochten besluit.

De doelstelling van Stichting Openbare Ruimte in de uitspraak d.d. 1 oktober 2008, ECLI:NL:RVS:2008:BF3911 was volgens de Afdeling "zo veelomvattend dat het onvoldoende onderscheidend is om op grond daarvan te kunnen oordelen dat het belang van de Stichting rechtstreeks is betrokken bij het bestreden besluit (…)." De doelomschrijving van de Stichting hield ten tijde van de uitspraak in dat zij streeft "naar een kwalitatief duurzame leefomgeving voor alle levende wezens (…)."

Tot een ander oordeel kwam de Afdeling in bijvoorbeeld de uitspraak van 20 april 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1075. Daarin wordt het statutaire belang van de Belangenvereniging Hooglanderveen voldoende onderscheidend geacht. Hoewel ook deze Stichting een ruime doelomschrijving kent, namelijk de behartiging en "het ontwikkelen en stimuleren van en deelnemen aan activiteiten die betrekking hebben op de ruimtelijke ordening, de leefbaarheid, het woonklimaat en het welzijn" is deze kwalitatieve omschrijving anders dan bij Stichting Openbare Ruimte geografisch begrensd tot het in de statuten beschreven gebied "in en rond Hooglanderveen".

Er kan discussie ontstaan over de strekking van de statutaire doelomschrijving en of die in die zin voldoende onderscheidend is met het oog op het bestreden besluit. Een dergelijke discussie deed zich voor in de uitspraak d.d. 22 juni 2017 van het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) (ECLI:NL:CBB:2017:203). Het ging in die uitspraak om de betekenis van de term 'emancipatie' in de doelomschrijving van het Proefprocessenfonds Clara Wichmann. Het CBb gaat de taalkundige betekenis van het woord 'emancipatie' na, plaatst het begrip in de betekenis van de overige onderdelen van de statutaire doelomschrijving en overweegt ten derde dat ook "de feitelijke werkzaamheden die appellante pleegt te verrichten mede kleuring geven aan de uitleg van de in haar statuten opgenomen term 'emancipatie'."

Feitelijke werkzaamheden

Naast het criterium dat de statutaire doelomschrijving voldoende onderscheidend dient te zijn, moet ten tweede uit de feitelijke werkzaamheden van de rechtspersoon blijken dat hij rechtstreeks bij het besluit is betrokken. Voor de toepassing van het criterium 'feitelijke werkzaamheden' is van belang dat een rechtspersoon op grond van zijn statuten een 'algemeen belang' en/of een 'collectief belang' kan nastreven. Het criterium van de 'feitelijke werkzaamheden' wordt onderscheidenlijk deze belangen verschillend toegepast.

Voor wat betreft de feitelijke werkzaamheden van een rechtspersoon met een statutair algemeen belang is relevant dat "het louter in rechte opkomen tegen besluiten als regel niet kan worden aangemerkt als feitelijke werkzaamheden in de zin van artikel 1:2, derde lid, van de Awb." (r.o. 2.3 – 1 oktober 2008). De bestuursrechter gaat op basis van aangeleverde documentatie en informatie op de website na of de rechtspersoon in kwestie de juiste feitelijke werkzaamheden verricht. Deze werkzaamheden moeten wel enige omvang hebben en zijn gerelateerd aan het doel dat de rechtspersoon nastreeft (vgl. ABRvS 29 juni 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1813 waarin niet aan deze vereisten werd voldaan).

Uit een uitspraak d.d. 19 december 2014, ECLI:NL:RVS:2014:4736 blijkt dat de rechtspersoon die in eerdere uitspraken al was aangemerkt als belanghebbende, die status kan verliezen wanneer er geruime tijd geen feitelijke werkzaamheden als bedoeld in artikel 1:2 lid 3 Awb zijn verricht. Die tijd is ruimer dan een jaar, zo blijkt ook uit die uitspraak (r.o. 8.1).

De eis van feitelijke werkzaamheden is minder aan de orde bij rechtspersoon die uit oogpunt van collectieve belangen procederen en niet zozeer een statutair bepaald algemeen belang. Deze situatie doet zich bijvoorbeeld voor bij bewonersorganisaties. De feitelijke werkzaamheden kunnen in dat geval besloten worden geacht in het feit dat sprake is van een bundeling van belangen waarmee effectieve rechtsbescherming wordt bevorderd. Een voorbeelduitspraak biedt ABRvS 15 juni 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1626.

Conclusie

Wanneer een rechtspersoon als belanghebbende op grond van artikel 1:2 lid 3 Awb wil worden aangemerkt, is het van belang dat zijn statutaire doelomschrijving voldoende onderscheidend is geformuleerd en dat de rechtspersoon in relatie tot die statutaire doelomschrijving feitelijke werkzaamheden verricht die verder reiken dan louter procederen.

Dit is een blog in de “FAQ”-serie. Een overzicht van alle blogs in deze serie kunt u hier vinden.

Related news

05.10.2018 NL law
Presentaties seminar Dienstenrichtlijn en Detailhandel

Articles - Met het arrest van het Europese Hof van Justitie en de vervolguitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in de zaak Visser Vastgoed in Appingedam is vast komen te staan dat de Dienstenrichtlijn van toepassing is op bestemmingsplannen die detailhandel reguleren.

Read more

10.10.2018 NL law
Ongevraagd advies Raad van State: normering van geautomatiseerde overheidsbesluitvorming

Short Reads - Op 31 augustus 2018 heeft de Afdeling advisering van de Raad van State (hierna: "Afdeling advisering") een 'Ongevraagd advies over de effecten van de digitalisering voor de rechtsstatelijke verhoudingen' betreffende de positie en de bescherming van de burger tegen een "iOverheid" uitgebracht. Het gebeurt niet vaak dat de Afdeling advisering zo een ongevraagd advies uitbrengt. Dit onderstreept het belang van de voortdurend in ontwikkeling zijnde technologie en digitalisering in relatie tot de verhouding tussen de overheid en de maatschappij.

Read more

04.10.2018 BE law
Nieuw tijdperk voor Vlaamse woonreserves aangebroken

Articles - De Vlaamse regering beoogt het wettelijk kader in de zogenaamde "woonresergebieden" (waaronder de woonuitbreidingsgebieden) grondig te wijzigen. Ofwel krijgen de gebieden de volwaardige status als woongebied, ofwel krijgen ze een andere bestemming dan wonen. De regeling laat toe om gemeenten voor een openruimtebestemming te laten kiezen. Hierna een overzicht van het voorstel van de Vlaamse regering en de reactie van de adviesraden op het voorstel.

Read more

08.10.2018 NL law
Een nieuw VN-verdrag met al bestaande verplichtingen over mensenrechten en bedrijfsleven?

Short Reads - Na een langdurig onderhandelingsproces is op 19 juni 2018 een eerste conceptversie van een  VN-verdrag over mensenrechten en bedrijfsleven bekendgemaakt. Dit verdrag staat in het teken van een nieuwe benadering van de relatie tussen de plicht van Staten om mensenrechten te beschermen en de verantwoordelijkheid van bedrijven om specifiek ten aanzien van mensenrechten maatschappelijk verantwoord te ondernemen. Vraag is echter of er juridisch veel nieuws onder de zon is.

Read more

03.10.2018 NL law
Zijn tijdelijke omgevingsvergunningen voor zonneparken verleden tijd door wijziging subsidieregeling?

Short Reads - Tijdelijke zonneparken zijn snel vergunbaar, zo oordeelde de rechtbank Zwolle in haar uitspraak waarbij een tijdelijke omgevingsvergunning voor een zonnepark in Staphorst werd aangevochten. De rechtbank volgt daarmee de lijn van de Afdeling bestuursrechtspraak. Onlangs is echter de SDE+-subsidieregeling gewijzigd, waardoor projecten met een tijdelijke omgevingsvergunning van subsidie worden uitgesloten. Komt er daarmee een einde aan de oprichting van tijdelijke zonneparken?

Read more

Our website uses cookies: third party analytics cookies to best adapt our website to your needs & cookies to enable social media functionalities. For more information on the use of cookies, please check our Privacy and Cookie Policy. Please note that you can change your cookie opt-ins at any time via your browser settings.

Privacy – en cookieverklaring