Short Reads

PAS de problème? Waarvoor bood het Programma Aanpak Stikstof ook al weer een oplossing?

PAS de problème? Waarvoor bood het Programma Aanpak Stikstof ook al weer een oplossing?

PAS de problème? Waarvoor bood het Programma Aanpak Stikstof ook al weer een oplossing?

06.04.2017 NL law

Het Programma Aanpak Stikstof ("PAS") staat de laatste tijd flink in de schijnwerpers. Aanleiding daarvoor is het voornemen van de Afdeling  bestuursrechtspraak van de Raad van State ("Afdeling") om in de pilotzaken met betrekking tot het PAS prejudiciële vragen te stellen.  In dit blog geven wij een korte introductie in het hoe en waarom van het PAS.

De toekomst van het PAS en de (voorgenomen) prejudiciële vragen komen uitgebreid aan de orde tijdens de expertmeeting die op 11 april 2017 door Stibbe wordt georganiseerd. U kunt zich hiervoor opgeven via StibbeEvents@stibbe.com .

Voor welk probleem was het PAS een oplossing?

Natura 2000

In Nederland zijn ruim 160 Natura 2000-gebieden aangewezen. Voor elk van die gebieden zijn in de betrokken beheerplannen instandhoudingsdoelstellingen geformuleerd voor alle beschermde soorten en habitats.

Stikstof is een belangrijke voedingsstof voor planten, maar een te hoge concentratie leidt tot negatieve effecten. In een groot aantal Natura 2000-gebieden in Nederland bevinden zich voor stikstof gevoelige soorten dieren, planten en leefgebieden die op grond van de Europese Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn bijzondere bescherming genieten.

Stikstof gevoelige habitattypen en leefgebieden van soorten

In 118 van die Natura 2000-gebieden is sprake van een stikstofprobleem. Dat wil zeggen dat zich in die gebieden voor stikstof gevoelige habitattypen en leefgebieden van soorten bevinden, waarvoor instandhoudingsdoelstellingen zijn geformuleerd en waarvoor de zogenoemde kritische depositiewaarde ("KDW") wordt overschreden. De KDW voor stikstof is de grens waarboven niet kan worden uitgesloten dat de kwaliteit van een habitat wordt aangetast door stikstofdepositie en op de lange termijn tot negatieve effecten leidt.

 Problemen met vergunningverlening

In die gebieden is sprake van overbelasting van de stikstofgevoelige natuur. Dat leidt tot problemen met de vergunningverlening op grond van de Wet natuurbescherming voor activiteiten die significante gevolgen kunnen hebben voor een Natura 2000-gebied (artikel 2.7 Wet natuurbescherming). Voorbeelden van zulke activiteiten zijn de aanleg van infrastructuur of nieuwbouwwijken.

Voordat een vergunning wordt verleend dient de activiteit passend beoordeeld te worden (artikel 2.8 Wet natuurbescherming). In die passende beoordeling moet zekerheid worden verkregen dat het project de natuurlijke kenmerken van het gebied niet aantast. Indien de vergunningaanvrager daarin niet slaagt, kan op grond van de passende beoordeling geen vergunning op grond van de Wet natuurbescherming worden verleend.

Omdat voor individuele activiteiten vaak niet afdoende onderbouwd kan worden dat de voor stikstof gevoelige habitattypen en leefgebieden van soorten in een Natura 2000-gebied niet worden aangetast, is de vergunningverlening in die gebieden gestagneerd. Omdat ruimtelijke plannen, zoals bijvoorbeeld een bestemmingsplan, ook passend beoordeeld moet worden voordat het plan kan worden vastgesteld, leidt stikstof ook tot problemen bij de vaststelling van (bestemmings-)plannen.

NB: dit laat de mogelijkheid tot het verkrijgen van een vergunning of het vaststellen van een plan op basis van een ADC-toets onverlet. De ADC-toets houdt in dat een vergunning wordt verleend of een plan wordt vastgesteld ondanks dat er sprake is van mogelijk significant negatieve effecten, omdat er (A) geen alternatieven voor de activiteit zijn, (D) er dwingende redenen van groot openbaar belang mee gediend zijn  en (C) de negatieve gevolgen gecompenseerd worden. Uit deze voorwaarden blijkt dat deze toets een lastig te nemen barrière is.

Hoe lost het PAS dat probleem op?

Om de stikstofproblematiek aan te pakken hebben overheden op rijks- en provinciaal niveau de handen ineengeslagen. Zij hebben een samenhangende programmatische aanpak ontwikkeld, waarmee wordt geprobeerd met brongerichte maatregelen en gebiedsspecifieke effectgerichte herstelmaatregelen de stikstofdepositie te verminderen.

Brongerichte maatregelen

De brongerichte maatregelen dragen eraan bij dat de stikstofdepositie versneld vermindert. In het kader van het PAS zijn slechts bronmaatregelen in de sector landbouw voorzien. Het doel is het probleem van de overbelasting van stikstofdepositie bij de bron aan te pakken door de emissie van ammoniak door de landbouwsector te reduceren.

Herstelmaatregelen

De herstelmaatregelen richten zich op bescherming van de voor stikstof gevoelige habitattypen en leefgebieden van soorten en waar mogelijk (en nodig) op ontwikkeling daarvan. De herstelmaatregelen zijn gericht op het bestendiger maken van de natuur tegen een overbelasting van stikstof. Voorbeelden van herstelmaatregelen genoemd in het PAS zijn het herstel van de waterhuishouding of de verhoging van het grondwaterpeil.

Ruimte voor economische ontwikkelingen

Door de trendmatige daling van de stikstofdepositie en daarnaast de genomen brongerichte maatregelen en herstelmaatregelen daalt de stikstofdepositie en wordt de draagkracht van de natuur verbeterd. Daardoor ontstaat er ook ruimte voor economische ontwikkelingen.

Het PAS maakt onderscheid in depositieruimte en ontwikkelingsruimte voor activiteiten die stikstofdepositie veroorzaken.

Depositieruimte

Depositieruimte is de totale hoeveelheid stikstofdepositie die voor de groei van bestaande activiteiten en nieuwe economische ontwikkelingen beschikbaar is.

Hoe deze depositieruimte verdeeld wordt over activiteiten die stikstofdepositie veroorzaken, is inzichtelijk gemaakt met onderstaand schema:

depositieruimte

Doordat er in het PAS ontwikkelingsruimte beschikbaar is, hoeft de afzonderlijke activiteit niet meer afzonderlijk passend beoordeeld te worden (tenzij er andere factoren zijn die een negatief effect op de natuur kunnen hebben). De passende beoordeling die ten grondslag ligt aan het PAS verzekert dat de activiteiten die binnen de ontwikkelingsruimte van het PAS liggen geen significant negatieve effecten op het milieu veroorzaken waardoor de natuurdoelstellingen (op termijn) worden gehaald.

Het PAS onder vuur

Ondanks de overduidelijke voordelen die het PAS met zich brengt, ligt het PAS onder vuur. In de door de Afdeling aangewezen pilotzaken is naar voren gekomen dat sommige partijen menen dat het PAS niet verenigbaar is met Europese natuurregelgeving.

In de argumenten van die partijen heeft de Afdeling aanleiding gezien om de betrokkenen een concept van de prejudiciële vragen toe te  zenden, die zij voornemens is aan het Hof van Justitie te stellen. Deze vragen zien onder andere op de mogelijkheid om geen individuele passende beoordeling op te stellen voor individuele projecten en de mogelijkheid tot het betrekken van (de positieve effecten van) instandhoudingsmaatregelen en de autonome daling van stikstofdepositie in de passende beoordeling.

De prejudiciële vragen over het PAS en de antwoorden van het Hof van Justitie daarop kunnen gevolgen hebben voor de praktijk. is immers geen duidelijkheid over de houdbaarheid van het PAS.

Totdat daarover meer zekerheid komt, is het niet duidelijk of activiteiten daadwerkelijk vergund kunnen worden door het toedelen van ontwikkelingsruimte uit het PAS. Het is immers niet duidelijk of de passende beoordeling van het PAS voldoende is om aan vergunningverlening ten grondslag te leggen.

Daarnaast is het niet duidelijk of de activiteiten die onder de drempel- of grenswaarde blijven daadwerkelijk verricht mochten worden zonder dat daarvoor een vergunning nodig was. De onderbouwing daarvan volgt immers uit het PAS.

Ook is het afwachten hoe de rechter zal omgaan met schorsingsverzoeken van toestemmingen die zijn verleend op grond van het PAS.

De (voorgenomen) prejudiciële vragen, de toekomst van het PAS en de eventuele gevolgen daarvan voor de praktijk zullen uiteraard uitgebreid aan de orde komen in de expertmeeting over de PAS van 11 april 2017. U kunt zich hiervoor opgeven via StibbeEvents@stibbe.com.

Voor meer informatie over het PAS verwijzen wij graag naar de eerdere blogs over dit onderwerp.

Team

Related news

17.03.2020 NL law
Begunstigingstermijn en dwangsommen bij overmacht door crises

Short Reads - Als de begunstigingstermijn die aan een last onder dwangsom is verbonden voor een overtreder niet haalbaar is, kan het bestuursorgaan de last opheffen, opschorten of verminderen. De huidige crisissituatie in Nederland biedt bestuursorganen ruimte om de looptijd van handhavingsbesluiten op te schorten. In dit bericht zetten wij de mogelijkheden daartoe uiteen en schetsen wij de randvoorwaarden waaraan zo’n opschorting moet voldoen.

Read more

03.03.2020 NL law
Right to challenge symbolisch verankerd

Short Reads - De regering beoogt het right to challenge (ook wel uitdaagrecht genoemd) symbolisch te verankeren in de Gemeentewet. Het right to challenge betreft een vorm van burgerparticipatie waarbij inwoners van een gemeente of maatschappelijke (private) partijen de gemeente verzoeken om de feitelijke uitvoering van een gemeentelijke taak over te nemen. 

Read more

27.03.2020 BE law
Bijzondere volmachten in tijden van crisis: wat kan en wat niet?

Short Reads - In haar advies van 25 maart 2020 analyseert de afdeling Wetgeving van de Raad van State het wetsvoorstel van 21 maart 2020 tot bijzondere machtiging aan de Koning om maatregelen te nemen in de strijd tegen de verspreiding van het coronavirus COVID-19. Het advies brengt de algemene beginselen inzake bijzondere machten in herinnering en plaatst daarnaast enkele kritische kanttekeningen bij het wetsvoorstel zelf. Voor liefhebbers van het grondwettelijk recht vormt het advies van de afdeling Wetgeving daarom een welgekomen afleiding in tijden van lockdown. 

Read more

02.03.2020 NL law
Wijziging Algemene wet bestuursrecht op komst: sanctionering medewerkingsplicht door middel van last onder bestuursdwang en dwangsom

Short Reads - In de Tweede Kamer wordt op dit moment het wetsvoorstel behandeld tot wijziging van de Awb en enkele andere wetten in verband met het nieuwe omgevingsrecht en nadeelcompensatierecht. Dit wetsvoorstel voorziet onder meer in een algemene regeling voor de niet-naleving van de medewerkingsplicht in artikel 5:20 lid 3 Awb.

Read more

This website uses cookies. Some of these cookies are essential for the technical functioning of our website and you cannot disable these cookies if you want to read our website. We also use functional cookies to ensure the website functions properly and analytical cookies to personalise content and to analyse our traffic. You can either accept or refuse these functional and analytical cookies.

Privacy – en cookieverklaring