Short Reads

Hof van Justitie: vervolging van de bestuurders van een vennootschap, nadat voor dezelfde feiten de vennootschappen zijn bestraft, is niet in strijd met het ne bis in idem-beginsel

Hof van Justitie: vervolging van de bestuurders van een vennootschap,

Hof van Justitie: vervolging van de bestuurders van een vennootschap, nadat voor dezelfde feiten de vennootschappen zijn bestraft, is niet in strijd met het ne bis in idem-beginsel

21.04.2017 NL law

Volgens het Hof van Justitie van de Europese Unie ("Hof") is geen sprake van dubbele bestraffing wanneer een bestuurder strafrechtelijk wordt vervolgd voor dezelfde feiten als waarvoor de rechtspersoon een fiscale bestraffende sanctie opgelegd heeft gekregen. Sprake is dan immers van verschillende (rechts)personen. Dit volgt uit het arrest van arrest van 5 april 2017 in een prejudiciële procedure.

Achtergrond prejudiciële vraag: strafrechtelijke vervolging na fiscale sanctie in strijd met Unierecht?

Twee bestuurders worden in Italië strafrechtelijk vervolgd, omdat zij zouden hebben nagelaten om binnen de wettelijke termijn btw te betalen. Voorafgaand aan de strafrechtelijke vervolging van de bestuurders door de belastingdienst is een aanslag en een boete opgelegd aan de vennootschappen.

Vervolgens is door de Italiaanse rechter aan het Hof de prejudiciële vraag gesteld of de nationale regeling in strijd is met het ne bis in idem-beginsel neergelegd in artikel 50 van het Handvest, voor zover die regeling strafrechtelijke vervolging toestaat, terwijl voor hetzelfde feit (dus het verzuim om btw te betalen) door de belastingdienst al een definitieve aanslag is opgelegd, vermeerderd met een bestuursrechtelijke sanctie. Artikel 50 Handvest bepaalt dat niemand opnieuw wordt berecht of gestraft in een strafrechtelijke procedure voor een strafbaar feit waarvoor hij in de Europese Unie reeds onherroepelijk is vrijgesproken of veroordeeld overeenkomstig de wet. Uit dit artikel vloeit voort dat dezelfde persoon niet meer dan één keer kan worden berecht of bestraft voor hetzelfde feit, zo overweegt het Hof.

Hof: slechts sprake van strijd met ne bis in idem-beginsel bij strafvervolging voor hetzelfde feit als het dezelfde persoon betreft

Het Hof overweegt eerst dat de in het geding zijnde nationaalrechtelijke bepalingen uitvoering geven aan Richtlijn 2006/112 en het Werkingsverdrag van de Europese Unie. Deze bepalingen vallen daarmee binnen de werkingssfeer van artikel 50 van het Handvest van de Grondrechten van de Europese Unie ("Handvest").

Omdat in de onderhavige zaken de fiscale sancties zijn opgelegd aan twee vennootschappen en de strafvervolging is ingesteld tegen de bestuurders van die vennootschappen, lijkt volgens het Hof niet te zijn voldaan aan de toepassingsvoorwaarde van het ne bis in idem-beginsel, namelijk dat dezelfde persoon moet worden vervolgd als waaraan de sancties zijn opgelegd. Hieraan doet niet af dat de bestuurders in kwestie worden vervolgd voor feiten die zij hebben begaan als wettelijke vertegenwoordigers van vennootschappen waaraan fiscale geldboetes zijn opgelegd, aldus het Hof.

Uniforme uitleg door de Europese rechters

Het Hof geeft met dit arrest dezelfde uitleg aan het ne bis in idem-beginsel als het Europees Hof voor de Rechten van de Mens ("EHRM"). Ook volgens rechtspraak van het EHRM moet het beginsel (dat tevens is neergelegd in artikel 4 van het Zevende Protocol bij het Verdrag tot Bescherming van de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden) zo worden uitgelegd dat geen sprake is van schending wanneer de sancties betrekking hebben op juridisch onderscheiden natuurlijke of rechtspersonen (EHRM 20 mei 2014, ECLI:CE:ECHR:2014:0520JUD003523211).

Voor bespreking van de uitleg van de andere voorwaarden voor het ne bis in idem-beginsel door de Hoge Raad, het EHRM en het Hof verwijzen wij naar ons eerdere blog en annotatie in het tijdschrift AB.

Team

Related news

10.10.2018 NL law
Ongevraagd advies Raad van State: normering van geautomatiseerde overheidsbesluitvorming

Short Reads - Op 31 augustus 2018 heeft de Afdeling advisering van de Raad van State (hierna: "Afdeling advisering") een 'Ongevraagd advies over de effecten van de digitalisering voor de rechtsstatelijke verhoudingen' betreffende de positie en de bescherming van de burger tegen een "iOverheid" uitgebracht. Het gebeurt niet vaak dat de Afdeling advisering zo een ongevraagd advies uitbrengt. Dit onderstreept het belang van de voortdurend in ontwikkeling zijnde technologie en digitalisering in relatie tot de verhouding tussen de overheid en de maatschappij.

Read more

18.10.2018 NL law
De rol van de accountant bij (de corporate governance verklaring in) het bestuursverslag van beursvennootschappen

Articles - Hoewel de corporate governance verklaring – ook al ten tijde van de omzetting van de Jaarrekeningrichtlijn – werd geacht onderdeel uit te maken van het bestuursverslag, werd de rol van de accountant bij de corporate governance verklaring met de omzetting van de Jaarrekeningrichtlijn niet aangepast aan de gewijzigde rol van de accountant bij (de overige onderdelen van) het bestuursverslag.

Read more

08.10.2018 NL law
Een nieuw VN-verdrag met al bestaande verplichtingen over mensenrechten en bedrijfsleven?

Short Reads - Na een langdurig onderhandelingsproces is op 19 juni 2018 een eerste conceptversie van een  VN-verdrag over mensenrechten en bedrijfsleven bekendgemaakt. Dit verdrag staat in het teken van een nieuwe benadering van de relatie tussen de plicht van Staten om mensenrechten te beschermen en de verantwoordelijkheid van bedrijven om specifiek ten aanzien van mensenrechten maatschappelijk verantwoord te ondernemen. Vraag is echter of er juridisch veel nieuws onder de zon is.

Read more

Our website uses cookies: third party analytics cookies to best adapt our website to your needs & cookies to enable social media functionalities. For more information on the use of cookies, please check our Privacy and Cookie Policy. Please note that you can change your cookie opt-ins at any time via your browser settings.

Privacy – en cookieverklaring