Short Reads

De Europese Commissie publiceert een leidraad over het begrip staatssteun

De Europese Commissie publiceert een leidraad over het begrip staatss

De Europese Commissie publiceert een leidraad over het begrip staatssteun

31.05.2016 BE law

Op 19 mei 2016 publiceerde de Europese Commissie (“EC“) de definitieve versie van de notitie over het begrip staatssteun in de zin van artikel 107 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (“Notitie“). Deze notitie is een leidraad om te bepalen wanneer overheidsuitgaven al dan niet binnen de reikwijdte van de Europese staatsteunregels vallen.

De Notitie vormt het sluitstuk van het initiatief van de EC om het staatssteunrecht te moderniseren. De EC beoogt daarmee de rechtszekerheid te vergroten en illegale overheidsinvesteringen te voorkomen. Al in 2014 bracht de EC een concept van de Notitie uit. Deze Notitie helpt Lidstaten en ondernemingen te identificeren welke overheidsinvesteringen staatssteun vormen.  Zij verduidelijkt de verschillende bestanddelen van het begrip staatssteun: gaat het om (i) aan de overheid toerekenbare, (ii) met overheidsmiddelen gefinancierde steun, die een (iii) onderneming begunstigt op (iv) een niet-marktconforme wijze, (v) selectief is (namelijk alleen verstrekt aan één onderneming of een bepaalde groep ondernemingen) en tevens (vi) invloed heeft op de mededinging en het Europese handelsverkeer? Daarnaast wordt ingezoomd op steun in bepaalde sectoren (bijvoorbeeld steun aan infrastructurele voorzieningen als vliegvelden) met meer gedetailleerde richtlijnen.

Als de publieke investering staatssteun vormt, dan moet deze eerst worden aangemeld bij en goedgekeurd door de EC, tenzij het binnen de werkingssfeer van een vrijstellingsregeling valt. Een voorbeeld van dat laatste is de Algemene groepsvrijstellingsverordening, waarover wij eerder schreven. De EC kan de aangemelde staatsteun verenigbaar met de interne markt achten. Indien de EC de staatsteun verenigbaar acht met de interne markt, kunnen Lidstaten de bewuste investering doen. De staatssteun kan echter ook onverenigbaar met de interne markt worden verklaard. In dat geval is de overheidsinvestering niet toegestaan. De Notitie gaat overigens niet in op de vraag onder welke voorwaarden staatsteun verenigbaar is met de interne markt.

In de Notitie worden, zoals gezegd, bepaalde sectoren en categorieën steun in meer detail besproken. In vergelijking met de conceptnotitie van 2014, heeft de EC bijvoorbeeld toegevoegd:

  • Hoofdstuk 7 bevat specifieke verduidelijkingen over de infrastructuur. Zo valt de financiering van infrastructuur, aldus de EC, niet onder de reikwijdte van staatsteun wanneer de infrastructuur niet direct concurreert met andere infrastructuur van hetzelfde soort. Dit is bijvoorbeeld het geval voor algemene infrastructuur, zoals wegen, spoorwegen, binnenwateren en afvalwaternetwerken. Daarentegen is specifieke infrastructuur, bijvoorbeeld luchthavens of havens, vaak wel in concurrentie met vergelijkbare infrastructuur en vormt financiering ervan in beginsel staatssteun.
  • Paragraaf 2.6. bespreekt steun ten behoeve van cultuur en instandhouding van het erfgoed, met inbegrip van steun aan natuurbehoud. Overheidsinvesteringen op dit gebied zijn geen staatsteun indien de culturele instelling of activiteit toegankelijk is voor het grote publiek en een geldelijke bijdrage van de bezoekers slechts een fractie van de werkelijke kosten dekt. Vereist is echter wel dat indien de betrokken organisatie economische activiteiten verricht dat deze activiteiten niet van de staatssteun profiteren.
  • Paragraaf 5.4.3. verduidelijkt wanneer belastingafspraken een selectief voordeel geven aan (een groep) bedrijven. De EC doet sinds 2013 onderzoek naar de conformiteit van dergelijke afspraken met het staatssteunrecht. Eerder schreven wij over het besluit van de EC in de Starbucks-zaak.

De Notitie is een gedetailleerde en nuttige leidraad voor zowel Lidstaten als bedrijven.

Team

Related news

29.06.2020 NL law
ABC-constructie bij vastgoedtransactie: verkoopbedrijf heeft afgeleid belang en is niet ontvankelijk bij bestuursrechter

Short Reads - Het zijn van ‘belanghebbende’ is een noodzakelijke voorwaarde om een ontvankelijk beroep te kunnen instellen bij de bestuursrechter (artikel 1:2 lid 1 Awb). Een persoon moet een zelfstandig en eigen belang hebben dat niet is afgeleid van een ander om als belanghebbende te kunnen worden aangemerkt. Dit is het leerstuk van afgeleid belang.

Read more

02.07.2020 NL law
De NOW 2: de overeenkomsten en verschillen ten opzichte van de eerste tranche

Short Reads - De Tweede tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor behoud van werkgelegenheid (“NOW 2”) is op 25 juni 2020 in de Staatscourant gepubliceerd. Vanaf 6 juli 2020 kunnen werkgevers een aanvraag indienen voor een NOW 2-subsidie. In ons eerdere blog over de NOW zijn we uitgebreid ingegaan op de subsidierechtelijke aspecten van deze regeling. De NOW 2 sluit vanuit subsidierechtelijk perspectief in hoofdlijnen aan bij de eerste NOW (“NOW 1”). In de NOW 2 zijn er echter een aantal subsidieverplichtingen toegevoegd.

Read more

23.06.2020 NL law
Overzichtsuitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak over artikel 8:29 Awb: verzoek tot geheimhouding van stukken bij de bestuursrechter

Short Reads - De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft in een overzichtsuitspraak van 10 juni 2020 de jurisprudentie over artikel 8:29 Awb op een rij gezet. Deze belangrijke uitspraak geeft duidelijke handvatten voor de rechtspraktijk met betrekking tot de vraag wanneer een procespartij onder geheimhouding stukken aan de bestuursrechter mag toezenden, zodat andere partij(en) er geen kennis van kunnen nemen.

Read more