Short Reads

Afdeling sluit aan bij Centrale Raad voor Beroep: bestuursorgaan moet vermelden dat het bezwaarschrift niet-ontvankelijk kan worden verklaard bij het stellen van een hersteltermijn

Afdeling sluit aan bij Centrale Raad voor Beroep: bestuursorgaan moet

Afdeling sluit aan bij Centrale Raad voor Beroep: bestuursorgaan moet vermelden dat het bezwaarschrift niet-ontvankelijk kan worden verklaard bij het stellen van een hersteltermijn

27.05.2016 NL law

De indiener van het bezwaarschrift dient op grond van artikel 6:6 Awb in de gelegenheid te worden gesteld om een verzuim te herstellen, voordat het bestuursorgaan een bezwaarschrift niet-ontvankelijk kan verklaren. 

Uit een uitspraak van de Afdeling van 25 mei 2016 volgt dat indien de gestelde termijn voor het herstel bedoeld is als fatale termijn, het bestuursorgaan op grond van het zorgvuldigheidsvereiste dient te vermelden dat bij het overschrijden van die termijn de kans bestaat dat dit niet-ontvankelijkheid tot gevolg zal hebben.

Achtergrond

Het college van burgemeester en wethouders van Westerveld heeft een Wob-verzoek van appellant doorgezonden aan de Intergemeentelijke Sociale Dienst Steenwijkerland & Westerveld (IGSD). Appellant heeft bij e-mail bezwaar gemaakt tegen deze doorzending. Het college heeft op deze e-mail gereageerd met de stelling dat het bezwaarschrift niet voldoet aan de eisen van de Awb omdat het is ingediend via e-mail en niet is ondertekend. Appellant wordt daarom verzocht het bezwaarschrift schriftelijk en ondertekend in te dienen binnen twee weken na datum van verzending van de brief van het college. Als appellant aan dit verzoek niet voldoet, kan het bezwaar op grond van artikel 6:6 Awb niet-ontvankelijk worden verklaard.

In reactie op de brief van het college heeft appellant verzocht de door het college gestelde termijn te verlengen met vier weken. Bij e-mail verlengt het college de termijn met ruim twee weken, waarbinnen de appellant het bezwaarschrift niet aanvult. Het college verklaart het bezwaarschrift daarom niet-ontvankelijk. Appellant gaat tegen de niet-ontvankelijkheid in beroep.

Beroep in eerste aanleg

De rechtbank is van oordeel dat het college onzorgvuldig heeft gehandeld door in het e-mailbericht waarbij het de termijn voor herstel verlengt, niet te vermelden dat, indien appellant niet binnen de gestelde termijn reageert, het bezwaarschrift niet-ontvankelijk zal worden verklaard. De omstandigheden van het geval brengen echter mee, dat hoewel hierdoor niet aan het zorgvuldigheidsvereiste is voldaan, het besluit tot niet-ontvankelijkverklaring in rechte toch stand kan houden.

Hoger beroep

Appellant is het daar niet mee eens. Het college zou ten onrechte hebben nagelaten opnieuw een fatale termijn te stellen en heeft daarbij nagalaten te vermelden dat overschrijding van die termijn tot niet-ontvankelijkheid zal leiden. Dit geldt volgens appellant des te meer nu hij het bezwaarschrift zelf heeft ingediend en van een burger niet kan worden verwacht dat hij op de hoogte blijft van het steeds ingewikkelder wordende rechtssysteem.

Oordeel Afdeling

De Afdeling sluit met de rechtbank aan bij hetgeen de Centrale Raad van Beroep heeft overwogen in de uitspraak van 8 maart 2005, en herhaald in de uitspraak van 27 maart 2012. In deze uitspraken overwoog de Centrale Raad dat de zorgvuldigheid die in het kader van de bezwaarschriftprocedure in acht dient te worden genomen, meebrengt dat, indien een bestuursorgaan aan de indiener van het bezwaarschrift een als fataal bedoelde termijn stelt om een gepleegd verzuim te herstellen, daarbij dient te vermelden dat bij het overschrijden van die termijn de kans bestaat dat dit niet-ontvankelijkheidverklaring tot gevolg zal hebben. Aan dit zorgvuldigheidsvereiste wordt niet voldaan, indien bij een eerdere, voor het herstel van het verzuim gestelde termijn wel is gewezen op de mogelijkheid van niet-ontvankelijkheid bij overschrijding daarvan, maar bij de laatste daarvoor gestelde termijn niet. De omstandigheden van het geval kunnen echter meebrengen dat, indien niet is voldaan aan dit zorgvuldigheidsvereiste, daaraan toch niet de gevolgtrekking dient te worden verbonden dat het besluit tot niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar in rechte geen stand kan houden, aldus de Centrale Raad van Beroep. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan situaties waarin de mogelijkheid uitgesloten moet worden geacht dat wel zorg zou zijn gedragen voor het tijdig herstellen van het verzuim, indien het bestuursorgaan er wel (nogmaals) uitdrukkelijk op zou hebben gewezen dat geen (verder) uitstel zou worden verleend en tevens (opnieuw) zou hebben gewezen op de mogelijke consequenties van de niet-ontvankelijkverklaring.

De rechtbank heeft volgens de Afdeling dan ook terecht geoordeeld dat het college niet de vereiste zorgvuldigheid in acht heeft genomen. Met de rechtbank komt de Afdeling ook tot het oordeel dat de omstandigheden van het geval meebrengen dat de niet-ontvankelijkheidsverklaring van het bezwaar in rechte stand kan houden. Het college had al in zijn brief duidelijk gemaakt dat het bezwaar niet-ontvankelijk zou worden verklaard indien appellant niet binnen twee weken een schriftelijk, ondertekend bezwaarschrift zou toezenden. Pas na afloop van die twee weken had appellant bij e-mail verzocht om uitstel. Hij wordt dan ook geacht op de hoogte te zijn geweest van de in de brief weergegeven gevolgen van het niet tijdig herstellen van verzuimen. Bewijs van een hersteld bezwaarschrift heeft appellant ook niet geleverd.

Observaties

De uitspraak van de Afdeling is een mooi voorbeeld van rechtseenheid in het bestuursrecht. Door aan te sluiten bij rechtspraak van de Centrale Raad voor Beroep zorgt de Afdeling ervoor dat burgers wat betreft de mogelijkheid tot herstel van een bezwaarschrift bij verschillende instanties gelijk behandeld zullen worden.

Gegevens uitspraak

Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State 25 mei 2016
Zaaknummer: 201507066/1/A3
ECLI:NL:RVS:2016:1399

Team

Related news

19.09.2019 NL law
De kloof tussen stad en platteland: gekraai om niets?

Short Reads - In Frankrijk werd het nieuws deze zomer deels beheerst door de juridische strijd over het matineuze gekraai van haan Maurice. Die zomer begon zowat in mei van dit jaar toen het echtpaar Biron een zaak aanhangig maakte bij de rechtbank in Rochefort vanwege overlast van hun buurhaan.

Read more

06.09.2019 NL law
Afdeling onderstreept belang van onderzoek naar harde plancapaciteit bij toestaan van nieuwe stedelijke ontwikkeling en geeft daarvan definitie

Short Reads - De Ladder voor duurzame verstedelijking is verankerd in artikel 3.1.6 lid 2 van het Besluit ruimtelijke ordening en houdt de verplichting in om bij het toestaan van een nieuwe stedelijke ontwikkeling te motiveren dat daaraan behoefte bestaat. Hiermee wordt beoogd leegstand en onnodige bebouwing te voorkomen en zorgvuldig ruimtegebruik te stimuleren. Onlangs is over dit onderwerp een Kamerbrief van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties verschenen naar aanleiding van onderzoek naar de werking van de Ladder voor woningbouw.

Read more

18.09.2019 NL law
Geslaagd beroep op het vertrouwensbeginsel, wat nu?

Short Reads - Zoals bekend heeft de Afdeling op 29 mei 2019 (Amsterdamse dakopbouw,) de eisen voor een geslaagd beroep op het vertrouwensbeginsel versoepeld. Het perspectief van de burger staat sindsdien centraler. Dat plaatst overheden voor een nieuw probleem: hoe te handelen als een bindende toezegging is gedaan die niet (meer) nagekomen kan of mag worden? Daarover heeft de Afdeling nauwelijks iets gezegd.

Read more

06.09.2019 NL law
Het Klimaatakkoord: sectortafel elektriciteit

Short Reads - Op 28 juni 2019 is het Klimaatakkoord gepresenteerd. In het Klimaatakkoord is aan vijf sectortafels uitgewerkt op welke wijze Nederland uitvoering gaat geven aan de op internationaal niveau gemaakte klimaatafspraken. In dit blogbericht lichten wij toe wat de belangrijkste uitdagingen zijn voor de sectortafel elektriciteit en hoe de komende jaren aan die uitdagingen uitvoering wordt gegeven.   

Read more

18.09.2019 NL law
Consultatie herijking Grondwetsherzieningsprocedure: Tweede Kamer gekozen na eerste lezing moet tweede lezing afronden

Short Reads - Op 3 september 2019 is een internetconsultatie gestart over een wetsvoorstel dat onduidelijkheden moet wegnemen over de tweede lezing van Grondwetsherzieningsvoorstellen. Kort gezegd komt het wetsvoorstel er op neer dat de Tweede Kamer die aansluitend op de eerste lezing wordt gekozen, de tweede lezing moet afronden. Gebeurt dat niet dan vervalt het voorstel van rechtswege. Daarmee borduurt de regering voort op haar eerdere Kamerbrief van 21 februari 2019 waarin zij haar visie over de procedure tot herziening van de Grondwet uit de doeken doet (Kamerstukken II 2018/19, 31 570, 35).

Read more

04.09.2019 NL law
De nieuwe coördinatieregeling in de Awb: wetsvoorstel ingediend!

Short Reads - Ruim een jaar na het sluiten van de internetconsultatie heeft de minister van Rechtsbescherming op 10 juli jl. het wetsvoorstel dat onder meer een algemene coördinatieregeling mogelijk maakt ingediend. In een eerder blogbericht is al ingegaan op de consultatieversie van dit wetsvoorstel en zijn daarmee de hoofdlijnen van de voorgestelde coördinatieregeling besproken. Wij grijpen de indiening van het wetsvoorstel aan om de ingekomen reacties op de internetconsultatie te bespreken alsmede de wijzigingen waartoe deze reacties hebben geleid.

Read more

Our website uses functional cookies for the functioning of the website and analytic cookies that enable us to generate aggregated visitor data. We also use other cookies, such as third party tracking cookies - please indicate whether you agree to the use of these other cookies:

Privacy – en cookieverklaring