Short Reads

FAQ: wanneer is het Activiteitenbesluit van toepassing?

FAQ: wanneer is het Activiteitenbesluit van toepassing?

FAQ: wanneer is het Activiteitenbesluit van toepassing?

01.03.2016 NL law

Dit is een bericht in de FAQ-serie. In deze serie worden berichten gepost die antwoord geven op veel voorkomende vragen.

Het Activiteitenbesluit zonder omgevingsvergunning voor milieu

Of een activiteit valt onder het Activiteitenbesluit kan worden vastgesteld aan de hand van onderstaande stappen.

  1. Er is sprake van een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer (hierna: Wm).

Dit is het geval indien:

  • De betreffende activiteit kwalificeert als een inrichting in de zin van artikel 1.1, lid 1 van de Wet milieubeheer (hierna: Wm). Kort samengevat is dit het geval als de activiteit i) gedurende een zekere periode, ongeveer zes maanden, of met enige regelmaat ii) op steeds dezelfde locatie iii) bedrijfsmatig, of in een omvang als ware deze bedrijfsmatig, wordt verricht. En:
  • De betreffende activiteit valt onder een categorieomschrijving van onderdeel B of onderdeel C van bijlage I bij het Besluit omgevingsrecht (hierna: Bor (artikel 1.1 lid 3 Wabo jo artikel 1.1 lid 3 Wm jo artikel 1.1 lid 4 Wm artikel 1.1 lid 1 Wm jo artikel 2.1 lid 1 Bor).

Zie voor een meer uitgebreide toelichting op de kwalificatie van een activiteit als inrichting onseerdere blogbericht.

  1. De inrichting is niet aangewezen als vergunningplichtig in bijlage I onderdeel B en C van het Bormaar binnen de inrichting worden activiteiten verricht die in het Activiteitenbesluit zijn opgenomen

Zie voor een meer uitgebreide toelichting op de vergunningplicht voor een inrichting ons eerdere blogbericht.

Uiteraard is alleen dat deel van het Activiteitenbesluit op een inrichting van toepassing dat ziet op de activiteiten die binnen de inrichting plaatsvinden. Een voorbeeld: voorschriften voor koeltorens zijn niet van toepassing op inrichtingen zonder koeltoren.

Intermezzo: Type A-inrichting (geen melding nodig) en type B-inrichting (melden)

Het Activiteitenbesluit is ex. artikel 1.2 van toepassing op inrichtingen typen A, B en C. Duidelijk is dus dat alleen inrichtingen onder de werkingssfeer van het Activiteitenbesluit vallen. Vervolgens is het van belang om te bepalen wat voor type inrichting het bedrijf betreft:

A. Een type A-inrichtingen is er één:

  • Waarvoor geen omgevingsvergunning voor het oprichten, veranderen of in werking hebben van een inrichting vereist is, en;
  • Die voldoet aan de criteria opgenomen in artikel 1.2 Activiteitenbesluit. Dit zijn inrichtingen met een geringe milieubelasting zoals kantoren of kleine winkel
  • Voor type A-inrichtingen geldt geen meldingsplicht

B. Een type B-inrichting is er één:

  • Waarvoor geen omgevingsvergunning voor het oprichten, veranderen of in werking hebben van een inrichting vereist is, en;
  • Die geen type A-inrichting is

Voor type B-inrichtingen geldt een meldingsplicht op grond van artikel 1.9b, onder a van het Activiteitenbesluit.

Het Activiteitenbesluit én een omgevingsvergunning voor milieu

  1. De eerste stap is hetzelfde als hiervoor
  2. De inrichting is als vergunningplichtig aangewezen (artikel 2.1 lid 2 Bor) en binnen de inrichting worden activiteiten verricht die in het Activiteitenbesluit zijn opgenomen.

Zie voor een meer uitgebreide toelichting op de vergunningplicht van inrichting ons eerdere blogbericht.

Ook hier geldt dat alleen dat deel van het Activiteitenbesluit op een inrichting van toepassing dat ziet op de activiteiten die binnen de inrichting plaatsvinden.

Intermezzo: type C-inrichting

Een type C-inrichting is er één:

a. Waarvoor een omgevingsvergunning voor het oprichten, veranderen of in werking hebben van een inrichting vereist is

b. Voor type C-inrichtingen geldt op grond van artikel 1.9b, onder b van het Activiteitenbesluit een meldingsplicht voor zover het  activiteiten betreft waarop hoofdstuk 3 van het Activiteitenbesluit van toepassing is

Type C-inrichtingen zijn, zoals hiervoor uiteengezet, vergunningplichtige inrichtingen. De voorschriften voor deze inrichtingen staan dan ook in de omgevingsvergunning. Naast deze voorschriften gelden evenwel tevens de regels uit het Activiteitenbesluit.

NB: Indien een type C-inrichting wordt gewijzigd moet na worden gegaan of er een meldplicht geldt. Zoals hiervoor uiteengezet is dit het geval indien de activiteit door hoofdstuk 3 van het Activiteitenbesluit wordt geregeld. Daarnaast is het ook van belang om te bepalen of de desbetreffende wijziging in overeenstemming is met de vergunning. Is dit niet het geval, dan is deze verandering vergunningplichtig. In die gevallen moet de verandering dus zowel vergund, als gemeld worden!

Het bericht FAQ: wanneer is het Activiteitenbesluit van toepassing? is een bericht van www.stibbeblog.nl

Team

Related news

26.02.2020 NL law
De Wet maatschappelijke ondersteuning als proeftuin voor integrale geschilbeslechting in het bestuursrecht

Short Reads - De eerste vraag die bestuursrechtjuristen vaak stellen bij het behandelen van een nieuwe zaak is of de bestuursrechter dan wel de civiele rechter daarnaar moet kijken. Die vraagt leidt in een niet onaanzienlijk aantal gevallen tot lange deliberaties met soms ook nog eens als conclusie dat het antwoord niet duidelijk is. Daarnaast blijkt in sommige zaken dat een geschil deels bij de bestuursrechter en deels bij de civiele rechter thuishoort.

Read more

14.02.2020 EU law
Does your everyday cleaning product qualify as a 'biocidal product' under European legislation?

Articles - On 19 December 2019, the Court of Justice of the European Union (CJEU) ruled on the concept of 'biocidal product', as defined in article 3 of Regulation 528/2012 on the making available on the market and use of biocidal products, in a case on a cleaning product primarily used "to ensure the absence of mould". According to the CJEU, the concept of ‘biocidal product’ is to be interpreted broadly, hereby also broadening the scope of application of Regulation 528/2012.

Read more

12.02.2020 NL law
Het oproepen en horen van getuigen in het bestuursrecht: hoe zit het ook al weer?

Short Reads - Het oproepen van getuigen en het horen daarvan ter zitting door de bestuursrechter heeft de Hoge Raad in zijn arrest van 15 november 2019 overzichtelijk in kaart gebracht. Dat arrest, dat door de belastingkamer in een bestuurlijke boetezaak is gewezen, is ook voor andere terreinen van het bestuursrecht van belang. Mede ook omdat het horen van getuigen buiten het fiscale bestuursrecht nog in de kinderschoenen staat. In dit bericht bespreken we daarom de mogelijkheden die er bestaan om getuigen te (laten) oproepen en hoe de bestuursrechter daarmee moet omgaan.

Read more

24.02.2020 EU law
MER-screening: Raad van State zet de puntjes op de ‘i’

Articles - De opmaak van een ruimtelijk uitvoeringsplan is een tijdrovend en kostelijk proces. De noodzaak tot de opmaak van een MER-rapport maakt dit proces er niet eenvoudiger op. Plan-MER-screenings kunnen het planproces op lokaal niveau sterk vereenvoudigen. Dit mag evenwel niet licht opgevat worden. Een juiste toepassing van de regelgeving is cruciaal. Een onzorgvuldige screening kan immers een heel plan hypothekeren.

Read more

12.02.2020 NL law
Omgevingsrecht en mobiliteit: hoe werkt het afwijken van parkeernormen in bestemmingsplannen?

Short Reads - Op grond van artikel 3.1.2, tweede lid, Bro kan een bestemmingsplan ten behoeve van een goede ruimtelijke ordening regels bevatten waarvan de uitleg bij de uitoefening van een daarbij aangegeven bevoegdheid afhankelijk wordt gesteld van beleidsregels. Van deze mogelijkheid maken gemeenteraden in hun bestemmingsplannen vaak gebruik als het gaat om parkeernormen

Read more

This website uses cookies. Some of these cookies are essential for the technical functioning of our website and you cannot disable these cookies if you want to read our website. We also use functional cookies to ensure the website functions properly and analytical cookies to personalise content and to analyse our traffic. You can either accept or refuse these functional and analytical cookies.

Privacy – en cookieverklaring