Short Reads

De invoering van een overlijdensdekking voor de aanvullende pensioenen vanaf 1 januari 2016

De invoering van een overlijdensdekking voor de aanvullende pensioenen vanaf 1 januari 2016

De invoering van een overlijdensdekking voor de aanvullende pensioenen vanaf 1 januari 2016

05.02.2016 BE law

De nieuwe wet biedt tevens de mogelijkheid aan werknemers die vanaf 1 januari 2016 uittreden uit het aanvullend pensioen (de zgn. slapers) om hun verworven reserves te laten bij de pensioeninstelling van de ex-werkgever en een overlijdensdekking aan te gaan die overeenstemt met het bedrag van de verworven reserves.

Also available in French

Deze overlijdensdekking wordt gefinancierd via de opgebouwde reserves. Hiervoor is geen medisch onderzoek nodig.

De wetgever gaat ervan uit dat de opgebouwde reserves in eerste instantie dienen om een zo hoog mogelijk aanvullend pensioen op te bouwen. Daarom moet de slaper – indien hij/zij dit wenst gelet op de financiële impact op het aanvullend pensioen – zelf uitdrukkelijk opteren voor de overlijdensdekking op basis van de achtergelaten verworven reserves. De slaper heeft hiervoor in totaal één jaar de tijd, waarna deze mogelijkheid vervalt.

In geval van uittreding moeten de slapers worden geïnformeerd over de (mogelijk) reeds bestaande overlijdensdekking, alsook over het bedrag en het type van de prestatie in het kader van deze dekking. Daarnaast moeten zij worden geïnformeerd over de nieuwe mogelijkheid om te kiezen voor een overlijdensdekking op basis van het bedrag van de verworven reserves. Indien dit berekend kan worden, moet ook het bedrag van de verworven prestaties worden meegedeeld indien de aangeslotene zou opteren voor een overlijdensdekking op basis van de verworven reserves. Het doel hiervan is om de financiële impact van de keuze voor een overlijdensdekking op de verworven reserves bij het bereiken van de pensioenleeftijd duidelijk te maken aan de slaper.

(Artikelen 4, 5 en 6 van de Wet van 18 december tot waarborging van de duurzaamheid en het sociale karakter van de aanvullende pensioenen en tot versterking van het aanvullende karakter ten opzichte van de rustpensioenen, B.S. 24 december 2015.

 

Team

Related news

17.06.2021 NL law
SER advies 2021-2025: de belangrijkste aanbevelingen op het terrein van de arbeidsmarkt besproken

Short Reads - Inleiding Op 2 juni 2021 presenteerde de Sociaal Economische Raad (SER) het ontwerpadvies ‘Sociaal-Economisch beleid 2021-2025. Zekerheid voor mensen, een wendbare economie en herstel van de samenleving’. Dit advies behelst een breed pakket aan voorstellen dat voor brede welvaart in Nederland moet zorgen. De SER adviseert het kabinet fors te investeren in de arbeidsmarkt en de publieke sector.

Read more

02.06.2021 NL law
Kabinet kondigt NOW-4 en een wijziging van de omzetberekening aan

Short Reads - Er komt een nieuwe NOW-subsidieregeling, de NOW-4. Dit heeft het kabinet aangekondigd in de Kamerbrief van 27 mei 2021. De subsidievoorwaarden onder de NOW-4 zullen grotendeels gelijk zijn aan de voorwaarden voor een subsidie onder de vijfde tranche van de NOW-3. Ook informeert het kabinet de Tweede Kamer over een wijziging inzake de bepaling van de omzet, die zal worden ingevoerd in de NOW-3 en de NOW-4.

Read more

14.06.2021 NL law
Verplichte deelneming in bedrijfstakpensioenfonds voor Duitse chauffeurs in dienst van in Nederland gevestigde onderneming (annotatie)

Short Reads - In deze annotatie becommentarieert Astrid Helstone een uitspraak van het hof Arnhem-Leeuwarden. Deze uitspraak gaat over een werkgever met een in Nederland gevestigde onderneming in het beroepsvervoer over de weg. Deze werkgever heeft ongeveer 90 werknemers in dienst, van wie tien werknemers de Duitse nationaliteit hebben en in Duitsland wonen. Partijen verschillen van mening over de vraag of deze tien Duitse werknemers verplicht zijn tot deelneming in het Pensioenfonds Vervoer.

Read more

10.03.2021 NL law
Voorschotregeling NOW niet in strijd met evenredigheidsbeginsel (annotatie)

Short Reads - In deze annotatie bespreekt Astrid Helstone de eerste uitspraak van de Centrale Raad van Beroep (CRvB) over de toepassing van de NOW. Deze uitspraak bevestigt de rechterlijke lijn die reeds was ingezet in de lagere NOW-jurisprudentie. Hierin is uitgemaakt dat NOW-bepalingen die nadelig kunnen uitpakken voor een groep ondernemers niet in strijd zijn met het evenredigheidsbeginsel en daarom niet buiten toepassing moeten worden gelaten.

Read more