Short Reads

EHRM spoort aan tot zorgvuldigere omgang met getuigenbewijs in het bestuursrecht

EHRM spoort aan tot zorgvuldigere omgang met getuigenbewijs in het bestuursrecht

EHRM spoort aan tot zorgvuldigere omgang met getuigenbewijs in het bestuursrecht

20.04.2016 NL law

Uit de recente uitspraak van 15 maart 2016 in de zaak Gillissen tegen Nederland volgen belangrijke lessen voor de omgang met getuigenbewijs in het bestuursrecht (ECLI:CE:ECHR:2016:0315JUD003996609, AB 2016/132, m.nt. Barkhuysen & Van Emmerik).  In de eerste plaats illustreert deze uitspraak dat de bestuursrechter goed moet motiveren waarom hij niet ingaat op een verzoek om getuigen te horen.

Een goede reden hiervoor kan zijn dat ook als het betwiste relevante feit (waarover de getuigenis wordt verzocht) zou kunnen worden vastgesteld dit uiteindelijk geen verschil zou hebben uitgemaakt voor de uitkomst van het geschil in kwestie. Het komt er dus op aan dat de bestuursrechter afdoende motiveert waarom er geen aanleiding bestaat getuigen te horen.

De uitspraak laat tegelijkertijd ook zien dat bestuursrechters zich actief moeten opstellen als het gaat om het oproepen van getuigen die mogelijk licht kunnen doen schijnen op voor de beslechting van het geschil in kwestie cruciale feiten. De bestuursrechter kan zich dan niet alleen verschuilen achter de vraag of partijen zelf getuigen hebben opgeroepen of hebben meegebracht naar de zitting (op grond van art. 8:63 lid 2 Awb). Waar nodig zal de bestuursrechter derhalve ook zelf in actie moeten komen en cruciale getuigen ambtshalve moeten oproepen.

Een enkele motivering dat partijen zelf getuigen hadden kunnen oproepen lijkt daartoe onvoldoende. Daarbij zou het aanbeveling verdienen dat bestuursrechters vroegtijdig kennis kan nemen van het dossier (een van de oorspronkelijke bedoelingen van de nieuwe zaaksbehandeling) en waar nodig dan al nadere bewijsbeslissingen kunnen nemen, zoals over het oproepen van eventuele getuigen. Daarvoor moet dan wel afscheid genomen worden van de zittingsgerichte behandeling van zaken die een hardnekkig fenomeen blijkt te zijn.

Het EHRM spoort aan tot zorgvuldigere omgang met getuigenbewijs in het bestuursrecht is een bericht van www.stibbeblog.nl

 

Related news

29.06.2020 NL law
ABC-constructie bij vastgoedtransactie: verkoopbedrijf heeft afgeleid belang en is niet ontvankelijk bij bestuursrechter

Short Reads - Het zijn van ‘belanghebbende’ is een noodzakelijke voorwaarde om een ontvankelijk beroep te kunnen instellen bij de bestuursrechter (artikel 1:2 lid 1 Awb). Een persoon moet een zelfstandig en eigen belang hebben dat niet is afgeleid van een ander om als belanghebbende te kunnen worden aangemerkt. Dit is het leerstuk van afgeleid belang.

Read more

02.07.2020 NL law
De NOW 2: de overeenkomsten en verschillen ten opzichte van de eerste tranche

Short Reads - De Tweede tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor behoud van werkgelegenheid (“NOW 2”) is op 25 juni 2020 in de Staatscourant gepubliceerd. Vanaf 6 juli 2020 kunnen werkgevers een aanvraag indienen voor een NOW 2-subsidie. In ons eerdere blog over de NOW zijn we uitgebreid ingegaan op de subsidierechtelijke aspecten van deze regeling. De NOW 2 sluit vanuit subsidierechtelijk perspectief in hoofdlijnen aan bij de eerste NOW (“NOW 1”). In de NOW 2 zijn er echter een aantal subsidieverplichtingen toegevoegd.

Read more

23.06.2020 NL law
Overzichtsuitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak over artikel 8:29 Awb: verzoek tot geheimhouding van stukken bij de bestuursrechter

Short Reads - De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft in een overzichtsuitspraak van 10 juni 2020 de jurisprudentie over artikel 8:29 Awb op een rij gezet. Deze belangrijke uitspraak geeft duidelijke handvatten voor de rechtspraktijk met betrekking tot de vraag wanneer een procespartij onder geheimhouding stukken aan de bestuursrechter mag toezenden, zodat andere partij(en) er geen kennis van kunnen nemen.

Read more