Short Reads

Schuld en boete in handhavingszaken

Schuld en boete in handhavingszaken

Schuld en boete in handhavingszaken

04.03.2015 NL law

Dostojevski wijdde er zijn beroemde roman aan, over de straatarme student die een pandjesbazin vermoordt, maar ook in ons alledaagse omgevingsrecht zijn schuld en boete niet weg te denken. In deze blog de vraag hoe om te gaan met de schuldvraag in handhavingszaken.

Aanleiding is een aantal recente Afdelingsuitspraken over handhaving bij grensoverschrijdend bouwen. In ABRvS 24 juli 2013 (ECLI:NL:RVS:2013:455) zag het college van Leudal af van handhavend optreden, hoewel het gerealiseerde bedrijfsgebouw iets langer, en de afstand van de woning tot de weg iets kleiner was dan vergund. In ABRvS 8 oktober 2014 (ECLI:NL:RVS:2014:3635) ging het om een iets te diepe uitbouw in Rotterdam. Zonder bouwvergunning gerealiseerd maar net niet vergunningvrij. Hoewel er geen klachten waren van buren en er een ruime tuin overbleef, legde het college een last onder dwangsom op tot afbraak van het te diep gebouwde. In ABRvS 29 oktober 2014 (ECLI:NL:RVS:2014:3885) ten slotte, was in Bergen op Zoom een woning op een iets kleinere afstand tot de woning van de buren gerealiseerd dan vergund. De buurman klaagde over hinder en overlast. Het college wees zijn handhavingsverzoek echter af.

Kunt u raden welke besluiten bij de Afdeling stand hielden?

Los van de uitkomst van de beroepen, de feitencomplexen in deze zaken vertonen aanzienlijke gelijkenissen:
 

  • het gaat om bouwen
  • in afwijking van een bouwvergunning
  • de afwijkingen zijn beperkt, maar niet verwaarloosbaar klein
  • de belangen van derden bij handhavend optreden zijn gering
  • het terugbrengen van het gebouwde in de vergunde toestand is (zeer) kostbaar

In al deze zaken onderkent de Afdeling dit ook. Zij vindt dat er weliswaar geen sprake is van overtredingen ‘van geringe aard of ernst’ maar legt uit dat ook in andere omstandigheden handhavend optreden in verhouding tot de daarmee te dienen belangen zodanig onevenredig kan zijn dat daarvan in die concrete situatie behoort te worden afgezien (onder verwijzing naar ABRvS 20 februari 2008, nr. 200703164/1).

Hoe pakt deze evenredigheidstoets nu uit? Op het eerste gezicht zou je kunnen denken dat de belangenafweging in alle zaken in het voordeel van de bouweruitvalt. Wie zeer hecht aan de beginselplicht tot handhaving zal daarentegen menen dat in al deze gevallen gewoon gehandhaafd moet worden. Zelfs is te beargumenteren dat alle besluiten bij de rechter onderuit moeten gaan. Immers, daar waar er een concrete aanleiding was om handhavend op te treden (een handhavingsverzoek) bleef het college op de handen zitten, terwijl in de Rotterdamse zaak, waar niemand klaagde over de iets te diepe uitbouw, het college kennelijk het adagium ‘geen woorden maar daden’ huldigde. Het is echter precies andersom: alle besluiten hielden (soms na een vernietiging in eerste aanleg) in hoger beroep stand.

Uit deze gedachtenoefening kun je allerlei conclusies trekken. Ik wil mij concentreren op de Rotterdamse zaak. Waarom moest deze uitbouwer boeten voor zijn wat ruime meetlat, terwijl de bouwers in Roggel (Leudal) en Bergen op Zoom met de schrik vrijkwamen? Wie de uitspraak van de Afdeling leest, zal zien dat het de Rotterdamse bouwer met name zwaar wordt aangerekend dat hij het risico heeft genomen om zonder bouwvergunning te gaan bouwen. Dit risico komt volgens de Afdeling voor zijn rekening, ook als de financiële gevolgen ervan zeer groot zijn. De Afdeling verdisconteert dus een schuldelement in de belangenafweging: wie zo brutaal is zonder vergunning te gaan bouwen, moet ook maar op de blaren zitten als het mis gaat, zo lijkt het.

Is dit een zuivere redenering, die rechtvaardige resultaten oplevert? Een last onder dwangsom (een reparatoire sanctie) is niet bedoeld om burgers te straffen voor hun fouten of slordigheden. Daarvoor hebben wij het strafrecht en in veel gevallen ook de bestuurlijke boete (een punitieve sanctie). Natuurlijk kan het college van Rotterdam nagegeven worden dat een stringent handhavingsbeleid zin heeft, ook in gevallen waarin belangen van derden niet in het geding zijn. Precedentwerking wordt zo voorkomen en bovendien gaat van handhavend optreden een preventief effect uit. Het probleem is echter dat een last tot afbraak van het illegaal gebouwde een ongenuanceerde uitkomst geeft. De hoogte van de financiële schade voor de bouwer staat volledig los van de mate van zijn schuld bij de overtreding. Mijns inziens zou het beter zijn als bestuur en rechter bij de belangenafweging omtrent het al dan niet vorderen van afbraak de eventuele schuld van de bouwer buiten beschouwing laten. Een passende reactie op opportunistisch bouwen moet tot uitdrukking komen in een bestraffende sanctie. Bij schuld een boete.

Het bericht ‘Schuld en boete in handhavingszaken‘ is een bericht van Stibbeblog.nl.

Related news

20.10.2021 NL law
FAQ: What will change with the entry into force of the Woo compared to the Wob? An update

Short Reads - The Open Government Act (“Woo”) is to replace the Government Information (Public Access) Act (“Wob”). The Woo initiative proposal was passed in the Dutch House of Representatives in 2016; see our earlier Stibbeblog. However, the impact analysis that followed showed that the Woo as proposed was potentially impracticable for local governments. This led to amendments to the bill, which was passed by the House of Representatives on 26 January 2021. 

Read more

13.10.2021 NL law
FAQ: Hoe een begrip uit te leggen als een definitie of andere uitleg ervan in de wettelijke regeling ontbreekt?

Short Reads - Hoe een begrip uit te leggen als een definitie of andere uitleg ervan in de wettelijke regeling ontbreekt? Deze vraag komt meer dan eens aan de orde in geschillen en procedures. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State beantwoordt deze vraag onder meer in een uitspraak over pleziervaartuigen en woonschepen in de jachthaven te Kaag (25 augustus 2021, ECLI:NL:RVS:2021:1897).

Read more

20.10.2021 NL law
FAQ: Wat verandert er met de inwerkingtreding van de Woo ten opzichte van de Wob? Een update

Short Reads - De wet open overheid (“Woo”) moet de Wet openbaarheid van bestuur (“Wob”) vervangen. Al in 2016 is het initiatiefvoorstel van de Woo aangenomen in de Tweede Kamer. Hierover kon u eerder een Stibbeblog lezen. De impactanalyse die volgde toonde echter aan dat de Woo zoals voorgesteld mogelijk onuitvoerbaar was voor decentrale overheden. Dit heeft geleid tot wijzigingen in het wetsvoorstel dat op 26 januari 2021 door de Tweede Kamer is aangenomen. 

Read more

13.10.2021 NL law
De hardheidsclausule en ander maatwerk in het licht van de NOW

Short Reads - Uitzonderingen op de NOW zijn volgens de bestuursrechter niet mogelijk door het bewust ontbreken van een hardheidsclausule, maar worden door de minister in bepaalde gevallen wel toegestaan. In dit artikel bespreekt Sandra Putting welke mogelijkheden bestuursorganen en de bestuursrechter hebben om maatwerk te bieden en wordt aan de hand van drie geschilpunten over de NOW beoordeeld hoe die mogelijkheden zijn ingezet of beter hadden kunnen worden ingezet.

Read more

14.10.2021 NL law
Termijn voor het indienen vaststellingsaanvraag NOW-1 loopt af op 31 oktober 2021: strategische handreikingen en juridische aanbevelingen

Short Reads - Op 31 oktober 2021 is het de laatste dag waarop de vaststellingsaanvragen van de NOW-1 subsidie kunnen worden ingediend. Veel werkgevers hebben deze aanvraag al ingediend (en al een vaststellingsbesluit ontvangen) maar ook een aanzienlijk deel van de vaststellingsaanvragen moet nog door het UWV worden ontvangen (zie de Kamerbrief van 20 september 2021). 

Read more

07.10.2021 NL law
Intrekking van natuurvergunningen en de praktijk: de stand van zaken en de rol van significantie van eventuele effecten

Short Reads - Onherroepelijke natuurvergunningen lijken anno 2021 geen rustig bezit meer te zijn. Bij provincies liggen op dit moment verzoeken voor om tot intrekking van (onherroepelijke) natuurvergunningen over te gaan. Intrekking zou een noodzakelijke passende maatregel zijn ter uitvoering van artikel 6, lid 2 Habitatrichtlijn. Jurisprudentie geeft inmiddels enige duidelijkheid. Maar de praktijk blijkt weerbarstig en laat zien dat de nodige vragen onbeantwoord blijven. In dit blog bespreken wij de stand van zaken.

Read more