Articles

Als activiteiten onlosmakelijk samenhangen dan moet een aanvraag voor een omgevingsvergunning op grond van de Wabo op dat geheel zien. Een mooi voorbeeld uit de praktijk

Als activiteiten onlosmakelijk samenhangen dan moet een aanvraag voor een omgevingsvergunning op grond van de Wabo op dat geheel zien. Een mooi voorbeeld uit de praktijk

Als activiteiten onlosmakelijk samenhangen dan moet een aanvraag voor een omgevingsvergunning op grond van de Wabo op dat geheel zien. Een mooi voorbeeld uit de praktijk

25.03.2015 NL law

Inleiding: hoe zat het ook al weer met de onlosmakelijke samenhang en deelvergunning?

Voor de Wabo kon het zo zijn dat er voor een project verschillende vergunningen nodig waren. Zo kon bijvoorbeeld voor de vestiging van een fabriek onder meer benodigd zijn: een milieuvergunning, een bouwvergunning en een uitwegvergunning. Een belangrijke doelstelling van de Wabo was dat er voor projecten voortaan één vergunning benodigd is. 

Om te voorkomen dat er voor bepaalde projecten slechts voor een deel van dat project een vergunning wordt aangevraagd (en verleend), dit wordt in de praktijk ook wel een ‘deelvergunning’ genoemd, volgt uit artikel 2.7 Wabo dat – kort samengevat – voor activiteiten die‘onlosmakelijk samenhangen’ één vergunning moet worden aangevraagd. Een aanvraag die ziet op een deel van een project, terwijl sprake is van onlosmakelijke samenhang, moet of worden aangevuld of bij het uitblijven van een aanvulling buiten behandeling worden gelaten (artikel 4:5 Awb). De regeling van de onlosmakelijke samenhang beperkt zodoende de mogelijkheid van een deelvergunning. Voor de praktijk was bij de inwerkingtreding van de Wabo op 1 oktober 2010 niet direct duidelijk wanneer activiteiten nu onlosmakelijk samenhangen. Inmiddels is duidelijk wat daaronder wordt verstaan: het betreft – kort samengevat – activiteiten die fysiek niet van elkaar kunnen worden onderscheiden en tegelijkertijd onder verschillende van de in artikel 2.1 Wabo en/of artikel 2.2 Wabo opgenomen verboden vallen. Een voorbeeld is het bouwen en oprichten van een stal. Die activiteiten kunnen fysiek niet van elkaar worden onderscheiden en zij vallen onder artikel 2.1 lid 1 onder a én e Wabo

Voorbeeld van een geval van onlosmakelijke samenhang: ABRvS 10 december 2014, ECLI:NL:RVS:2014:4442

Een mooi voorbeeld van een uitspraak waarin de onlosmakelijke samenhang aan de orde is, biedt een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de raad van State (Afdeling) van 10 december 2014. In die zaak is een omgevingsvergunning verleend voor de oprichten van een melkrundveehouderij voor het houden van melkkoeien, jongvee en een mestbassin. Volgens de Afdeling is er sprake van onlosmakelijke samenhang ten aanzien van het mestbassin:

  • Het bouwen van het mestbassin levert twee activiteiten op die fysiek en volgtijdelijk niet van elkaar kunnen worden onderscheiden, en
  • Die activiteiten vallen onder de verboden als opgenomen in artikel 2.1 lid 1 onder a én e Wabo.

Het bevoegd gezag had in deze zaak ten onrechte de aanvraag in behandeling genomen voor enkel het oprichten voor een inrichting (artikel 2.1 lid 1 onder e Wabo). Het bevoegd gezag had de aanvrager in de gelegenheid moeten stellen om de aanvraag aan te vullen voor de activiteit ‘bouwen van een mestbassin’ (artikel 2.1 lid 1 onder a Wabo). Door dit na te laten heeft het bevoegd gezag in strijd gehandeld met artikel 2.7 Wabo en artikel 4:5 Awb, aldus de Afdeling.

Ik vraag me af of er niet ook ten aanzien van het bouwen van stallen sprake is van onlosmakelijke samenhang. De uitspraak rept daar niet over. Nu de omgevingsvergunning ziet op het houden van melkkoeien en jongvee vermoed ik toch dat er ook een stal wordt ‘gebouwd’ en ‘opgericht’ om de melkkoeien en het jongvee in de houden.

Wijziging van de regeling van de onlosmakelijke samenhang

Sinds 25 april 2013 – nadat het bestreden besluit is genomen – is de regeling van de onlosmakelijke samenhang gewijzigd. Sindsdien is omschreven in de Wabo wat onder onlosmakelijke samenhang moet worden verstaan (zie artikel 1.1 lid 1 Wabo). Voorts geldt dat sindsdien de onlosmakelijk niet meer van toepassing is ten aanzien van een omgevingsvergunning in strijd met het planologisch regime (artikel 2.1 lid 1 onder c Wabo).

In de Omgevingswet zal de regeling van de onlosmakelijke samenhang niet meer worden opgenomen, onder meer omdat de wetgever het klaarblijkelijke een lastige regeling vindt. Ik vraag me af of dat een verstandige keus is. Het loslaten van de regeling van de onlosmakelijke samenhang kan onder meer tot complicaties leiden bij handhaving als voor een activiteit niet meer alle vergunningen zijn verleend. Bijvoorbeeld als blijkt dat een vergunning niet kan worden verleend.

Meer lezen?

> Attachment

Related news

10.10.2019 NL law
Valérie van 't Lam and Jan van Oosten speak during the Day of the Environmental and Planning Act

Speaking slot - Valérie van ’t Lam has been invited to speak at the “Companies, Environment and the Environment plan” session during the Day of the Environmental and Planning Act (Omgevingswet), which will be held on 10 October 2019. Besides Valérie, Jan van Oosten will speak at the session “Transitional law and the Environmental and Planning Act”.

Read more

19.09.2019 NL law
De kloof tussen stad en platteland: gekraai om niets?

Short Reads - In Frankrijk werd het nieuws deze zomer deels beheerst door de juridische strijd over het matineuze gekraai van haan Maurice. Die zomer begon zowat in mei van dit jaar toen het echtpaar Biron een zaak aanhangig maakte bij de rechtbank in Rochefort vanwege overlast van hun buurhaan.

Read more

19.09.2019 BE law
Stibbe renforce sa pratique de droit immobilier par la venue de Matthias Maselis en qualité d’associé

Inside Stibbe - Bruxelles, le 19 septembre 2019 – Stibbe accueille Matthias Maselis, spécialiste de l'immobilier transactionnel, en qualité de nouvel associé au sein de son cabinet bruxellois. Sa venue permet ainsi au cabinet de répondre aux nouveaux besoins du secteur immobilier. Matthias rejoint Stibbe le 19 septembre 2019.

Read more

18.09.2019 NL law
Geslaagd beroep op het vertrouwensbeginsel, wat nu?

Short Reads - Zoals bekend heeft de Afdeling op 29 mei 2019 (Amsterdamse dakopbouw,) de eisen voor een geslaagd beroep op het vertrouwensbeginsel versoepeld. Het perspectief van de burger staat sindsdien centraler. Dat plaatst overheden voor een nieuw probleem: hoe te handelen als een bindende toezegging is gedaan die niet (meer) nagekomen kan of mag worden? Daarover heeft de Afdeling nauwelijks iets gezegd.

Read more

Our website uses functional cookies for the functioning of the website and analytic cookies that enable us to generate aggregated visitor data. We also use other cookies, such as third party tracking cookies - please indicate whether you agree to the use of these other cookies:

Privacy – en cookieverklaring