Articles

Wetsvoorstel Huis voor Klokkenluiders

Wetsvoorstel Huis voor Klokkenluiders

Wetsvoorstel Huis voor Klokkenluiders

03.07.2015 NL law

In het wetsvoorstel Huis voor klokkenluiders wordt de rechtsbescherming van klokkenluiders geregeld door oprichting van een Huis voor klokkenluiders (het ‘Huis’).

Het wetsvoorstel kent een roerige parlementaire geschiedenis. In mei 2012 hebben de leden Van Raak, Heijnen, Schouw, Van Gent, Ortega-Martijn en Ouwehand een initiatiefwetsvoorstel bij de Tweede Kamer ingediend tot oprichting van het Huis. Omdat echter voornamelijk in de Eerste Kamer verdeeldheid heerste over de uitwerking van het Huis, hebben de initiatiefnemers nader onderzoek gedaan en is eind 2014 een voorstel tot wijziging van het wetsvoorstel ingediend. Naar aanleiding van een advies van de Raad van State van begin dit jaar, werden in april 2015 een aangepast wetsvoorstel en Memorie van toelichting gepubliceerd. Op 12 juni 2015 is de Nota n.a.v. het verslag verschenen waarin de initiatiefnemers van het voorstel diverse vragen van de Vaste Commissie voor Binnenlandse Zaken hebben beantwoord.

Het wetsvoorstel beoogt een wettelijk raamwerk te bieden voor de melding van ernstige maatschappelijke misstanden. Daarbij is het doel om in het algemeen belang melding van dergelijke misstanden te stimuleren maar ook om klokkenluiders te beschermen. Daartoe regelt het wetsvoorstel de oprichting van het Huis. Bij het Huis kunnen individuen, zoals werknemers, uitzendkrachten of zzp'ers, melding maken van misstanden binnen de organisatie waarvoor zij werkzaamheden verricht(t)en, indien bij deze misstand het maatschappelijk belang in het geding is.

Daarbij geldt als uitgangspunt dat de melding eerst intern moet worden gedaan, zo volgt uit het recente voorstel tot wijziging van het wetsvoorstel en de toelichting daarbij. Bedrijven en organisaties waar doorgaans tenminste 50 mensen werkzaam zijn worden verplicht een interne regeling voor de melding van misstanden op te stellen. Pas nadat een melding niet naar behoren is behandeld (bijvoorbeeld niet binnen een redelijke termijn) of van een werknemer in redelijkheid niet kan worden gevraagd om eerst een melding te doen bij de eigen organisatie (naar het oordeel van het Huis), kan een klokkenluider een melding doen bij de afdeling onderzoek van het Huis. Een klokkenluider kan te allen tijden bij de afdeling advies van het Huis terecht voor vragen over de wijze waarop een misstand kan worden gemeld.

Zodra een melding is gedaan mag een werkgever de klokkenluider niet ontslaan of op andere wijze benadelen tijdens het onderzoek en na de uitkomst daarvan. De klokkenluider moet dan wel te goeder trouw zijn en zorgvuldig hebben gehandeld. De duur van dit benadelingsverbod wordt blijkens de toelichting ruim opgevat.

Voor meer informatie over het wetsvoorstel Huis voor klokkenluiders verwijzen wij naar een artikel van onze kantoorgenoten Maria Benbrahim en Friederike van der Jagt in editie 5 van het Tijdschrift voor Ondernemingsrechtpraktijk van 2015.

Team

Related news

17.10.2019 NL law
Objective indicator high-risk third countries repealed as of 18 October 2019

Short Reads - The Implementation Decree for the Wwft 2018 has been amended. As a result, as of 18 October 2019 institutions subject to the Dutch Anti-Money Laundering and Anti-Terrorism Financing Act will no longer have to report transactions solely on the basis that this transaction relates to an individual residing, or a legal entity having its registered office in, a high-risk third country.

Read more

Our website uses functional cookies for the functioning of the website and analytic cookies that enable us to generate aggregated visitor data. We also use other cookies, such as third party tracking cookies - please indicate whether you agree to the use of these other cookies:

Privacy – en cookieverklaring