Short Reads

Een actuele regionale behoefte kan niet worden aangetoond enkel op basis van beleidsambities

Een actuele regionale behoefte kan niet worden aangetoond enkel op basis van beleidsambities

Een actuele regionale behoefte kan niet worden aangetoond enkel op basis van beleidsambities

17.10.2014 NL law

De ladder voor duurzame verstelijking vereist dat de actuele regionale behoefte aan nieuwe stedelijke ontwikkelingen wordt aangetoond. 

Een recente uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State maakt duidelijk dat enkel beleidsambities niet voldoende zijn om de actuele regionale behoefte aan te nemen.

In de uitspraak gaat het om het bestemmingsplan  ”Smakkelaarsveld, Binnenstad” van de gemeenteraad van Utrecht. Het bestemmingsplan voorziet onder meer in 18.800 m² aan culturele voorzieningen. Ter onderbouwing van de actuele regionale behoefte aan dat onderdeel wijst de raad op de ambities van de gemeente en de regio, als vastgelegd in een aantal beleidsdocumenten, om te investeren in de ontwikkeling van de kwaliteit en de kwantiteit van het culturele aanbod. Daarnaast wijst de raad erop dat in de “Handreiking, Ladder voor duurzame verstedelijking” van de minister van Infrastructuur en Milieu van 2 november 2013 volgt “dat de behoefte aan culturele voorzieningen moeilijk onderbouwd kan worden aan de hand van cijfermatige gegevens over behoefte en aanbod en dat daarom vooral betekenis toekomt aan de gegevens over de demografische ontwikkeling“. Daarbij noemt de raad dat het aantal inwoners van Utrecht stijgt van 322.000 in 2013 naar 370.000 in 2022. De raad heeft echter geen cijfermatige onderbouwing gegeven van de regionale behoefte aan de toevoeging van 18.800 m² aan culturele voorzieningen.

De Afdeling overweegt over de actuele regionale behoefte aan de 18.800 m² aan culturele voorzieningen:

  • De behoefte aan een stedelijke ontwikkeling in een geval, waarin, zoals in het onderhavige, wordt voorzien in een niet geringe toevoeging van culturele voorzieningen, kan niet inzichtelijk worden gemaakt met een enkele uiteenzetting van de beleidsambities om het aanbod aan de desbetreffende voorzieningen uit te breiden. De raad dient de behoefte van het extra ruimtebeslag vanwege het plan te verantwoorden. “De conclusie dat de ruimtelijke reservering ten behoeve van de voorziene stedelijke ontwikkeling verantwoord is, kan alleen worden getrokken aan de hand van gegevens over de ontwikkeling van de behoefte aan de desbetreffende stedelijke ontwikkeling. De behoefte dient te worden afgewogen tegen het bestaande aanbod.
  • Dat het aantal inwoners van Utrecht toeneemt van 322.000 in 2013 naar 370.000 in 2022, is niet voldoende. Meer specifiek onderzoek naar de behoefte is volgens de Afdeling in beginsel mogelijk is, te meer nu het plan tevens commerciële voorzieningen mogelijk maakt, gelet op de omstandigheid dat het begrip “culturele voorzieningen” in artikel 1, lid 1.30, van de planregels gedefinieerd wordt als: “voorzieningen gericht op kunst, ontspanning, vrijetijdsbesteding en vermaak, zoals theaters, bioscopen, musea, ateliers en muziekcentra”.
  • De Afdeling laat in het midden welke betekenis moet worden toegekend aan de Handreiking van de minister van Infrastructuur en Milieu (“Daargelaten de vraag welke betekenis aan de Handreiking toegekend dient te worden bij de uitleg van artikel 3.1.6, tweede lid, van het Bro, volgt daaruit niet dat gericht onderzoek naar de behoefte aan culturele voorzieningen moeilijk of niet mogelijk is.“).

Conclusies

  • De actuele regionale behoefte aan een nieuwe stedelijke ontwikkeling kan niet worden onderbouwd met beleidsambities, maar vergt een concrete – bij voorkeur cijfermatige – onderbouwing van de behoefte aan de desbetreffende stedelijke ontwikkeling, afgewogen tegen het bestaande aanbod.
  • De Afdeling stelt hoge eisen aan het onderzoek dat de actuele regionale behoefte moet aantonen.
  • De Afdeling laat de betekenis van de Handreiking Ladder voor duurzame verstedelijking van de minister van Infrastructuur en Milieu in het midden, indien een cijfermatige onderbouwing ontbreekt.

 

Related news

17.03.2020 NL law
Begunstigingstermijn en dwangsommen bij overmacht door crises

Short Reads - Als de begunstigingstermijn die aan een last onder dwangsom is verbonden voor een overtreder niet haalbaar is, kan het bestuursorgaan de last opheffen, opschorten of verminderen. De huidige crisissituatie in Nederland biedt bestuursorganen ruimte om de looptijd van handhavingsbesluiten op te schorten. In dit bericht zetten wij de mogelijkheden daartoe uiteen en schetsen wij de randvoorwaarden waaraan zo’n opschorting moet voldoen.

Read more

03.03.2020 NL law
Right to challenge symbolisch verankerd

Short Reads - De regering beoogt het right to challenge (ook wel uitdaagrecht genoemd) symbolisch te verankeren in de Gemeentewet. Het right to challenge betreft een vorm van burgerparticipatie waarbij inwoners van een gemeente of maatschappelijke (private) partijen de gemeente verzoeken om de feitelijke uitvoering van een gemeentelijke taak over te nemen. 

Read more

27.03.2020 BE law
Bijzondere volmachten in tijden van crisis: wat kan en wat niet?

Short Reads - In haar advies van 25 maart 2020 analyseert de afdeling Wetgeving van de Raad van State het wetsvoorstel van 21 maart 2020 tot bijzondere machtiging aan de Koning om maatregelen te nemen in de strijd tegen de verspreiding van het coronavirus COVID-19. Het advies brengt de algemene beginselen inzake bijzondere machten in herinnering en plaatst daarnaast enkele kritische kanttekeningen bij het wetsvoorstel zelf. Voor liefhebbers van het grondwettelijk recht vormt het advies van de afdeling Wetgeving daarom een welgekomen afleiding in tijden van lockdown. 

Read more

02.03.2020 NL law
Wijziging Algemene wet bestuursrecht op komst: sanctionering medewerkingsplicht door middel van last onder bestuursdwang en dwangsom

Short Reads - In de Tweede Kamer wordt op dit moment het wetsvoorstel behandeld tot wijziging van de Awb en enkele andere wetten in verband met het nieuwe omgevingsrecht en nadeelcompensatierecht. Dit wetsvoorstel voorziet onder meer in een algemene regeling voor de niet-naleving van de medewerkingsplicht in artikel 5:20 lid 3 Awb.

Read more

This website uses cookies. Some of these cookies are essential for the technical functioning of our website and you cannot disable these cookies if you want to read our website. We also use functional cookies to ensure the website functions properly and analytical cookies to personalise content and to analyse our traffic. You can either accept or refuse these functional and analytical cookies.

Privacy – en cookieverklaring