umraniye escort pendik escort
maderba.com
implant
olabahis
canli poker siteleri meritslot oleybet giris adresi betgaranti
escort antalya
istanbul escort
sirinevler escort
antalya eskort bayan
brazzers
sikis
Short Reads

Skatebaan vormt geen inrichting in de zin van de Wm, omdat deze door een ieder kosteloos kan worden gebruikt?

Skatebaan vormt geen inrichting in de zin van de Wm, omdat deze door een ieder kosteloos kan worden gebruikt?

Skatebaan vormt geen inrichting in de zin van de Wm, omdat deze door een ieder kosteloos kan worden gebruikt?

13.05.2014 NL law

Is er voor het in werking hebben van een skatebaan een omgevingsvergunning voor milieu  nodig?

Die vraag is aan de orde in een uitspraak van 22 januari 2014. Volgens de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (‘Afdeling’) is er sprake van kosteloos gebruik door een ieder van de skatebaan waardoor er geen sprake is van een inrichting in de zin van artikel 1.1 lid 1 Wm. Daardoor geldt er ook geen vergunningplicht. Voor zover mij bekend gebeurt het niet vaak dat de Afdeling vanwege kosteloos gebruik stelt dat geen sprake is van een inrichting in de zin van artikel 1.1 lid 1 Wm. Hoewel de uitspraak in de lijn van jurisprudentie past over het begrip inrichting, sta ik kort stil bij de uitspraak.

Het bevoegd gezag had geweigerd om handhavend op te treden ten aanzien van de skatebaan. Eén van de redenen daarvoor is dat de skatebaan volgens het bevoegd gezag – anders dan appellante stelt – niet kwalificeert als een inrichting in de zin van de Wm. De omstandigheid dat de skatebaan volgens de Afdeling niet kwalificeert als inrichting als bedoeld in artikel 1.1 lid 1 Wm, is gelegen in het enkele feit dat de skatebaan ‘door iedereen kosteloos kan worden gebruikt’. Hoewel de Afdeling dat niet zegt, is het al dan niet ‘kosteloos kunnen gebruiken’ een feit dat van belang is voor het antwoord op de vraag of sprake is van activiteiten die ‘bedrijfsmatig’ worden verricht als bedoeld in artikel 1.1 lid 1 Wm. Voor dat criterium wordt vrijwel altijd van belang geacht of is gebleken van een op winst gerichte bedrijfsmatige exploitatie of van bedrijfsmatige commerciële activiteiten. Hoewel de uitspraak in zoverre past in de lijn van jurisprudentie over het begrip inrichting had een nadere motivering ter zake niet misstaan. Zo had de Afdeling expliciet kunnen ingaan op de vraag waarom geen sprake is van activiteiten die in een ‘bedrijfsmatige omvang’ worden verricht (zie artikel 1.1 lid 1 Wm). Of is de Afdeling van mening dat door het enkele kosteloos gebruik er geen sprake kan zijn van een inrichting? Dat wordt nu niet duidelijk uit de uitspraak.

Ik schreef bij deze uitspraak een noot in Milieu & Recht 2014/59.

 

Related news

29.01.2021 NL law
Podcast: Nederlands bestuursprocesrecht in strijd met Verdrag van Aarhus

Short Reads - Nederlanders is jarenlang ten onrechte de toegang tot de rechter ontzegd. Zo bepaalde het Hof van Justitie van de Europese Unie eerder deze maand. Als je het in Nederland oneens bent met een omgevingsbesluit, maar in een voortijdig stadium geen zienswijze had ingediend mocht je volgens de wet (6:13 Awb) niet naar de rechter stappen. Dit wetsartikel blijkt nu in strijd met het Europese Verdrag van Aarhus.

Read more

27.01.2021 NL law
20ste tranche Besluit uitvoering Crisis en herstelwet (BuChw) in werking getreden: uitzondering plan-m.e.r.-plicht voor kleine projecten voer voor procedures?

Short Reads - Op 18 december 2020 is de 20ste tranche van het Besluit uitvoering Crisis- en herstelwet (BuChw) in werking getreden. Deze tranche voorziet er onder meer in dat voor bestemmingsplannen die zien op kleine projecten waarvoor een passende beoordeling moet worden gemaakt, niet automatisch ook een milieueffectrapportage voor plannen (“plan-m.e.r.“) hoeft te worden verricht. In dit blogbericht bespreken wij deze wijziging.

Read more

28.01.2021 BE law
Update on Climate Change Litigation

Articles - One year after the Dutch Supreme Court upheld the Urgenda decision, climate change litigation is still trending. In this blog, we will inform you on four developments in the climate change litigation landscape that build on the principles laid down in the Urgenda case law, while also giving rise to new questions.

Read more

27.01.2021 NL law
De meerjarenafspraken energie-efficiëntie (MJA3/MEE) zijn afgelopen: wat betekent dat voor de energiebesparingsverplichtingen van bedrijven?

Short Reads - In het kader van de Meerjarenafspraken energie-efficiëntie – ook wel de MJA3/MEE-convenanten – werkten ruim 1.000 bedrijven uit 40 sectoren de afgelopen jaren aan energiebesparing en CO2-reductie. De convenanten liepen af op 31 december 2020, maar dat betekent niet dat ook de verplichtingen voor bedrijven om zich in te zetten voor energiebesparing ophouden te bestaan. In dit blogbericht zetten wij de belangrijkste gevolgen van het aflopen van de convenanten en de op dit moment geldende verplichtingen op een rij.   

Read more

26.01.2021 NL law
Beoordelingskader voor intrekking natuurvergunningen en geen vergunningplicht bij intern salderen: een duidelijke uitspraak

Short Reads - Op 20 januari 2021 deed de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (“Afdeling”) uitspraak over een verzoek tot intrekking van de natuurvergunning van een veehouderij. Deze uitspraak is een blogbericht waard, omdat hierin (i) het kader voor het intrekken van natuurtoestemmingen uiteen wordt gezet en (ii) de Afdeling duidelijk maakt dat als een project wel enige, maar geen significante gevolgen voor Natura 2000-gebieden heeft, er geen vergunningplicht geldt. Dit laatste geldt ook in het geval van intern salderen. Hierna schetsen wij kort het oordeel van de Afdeling.

Read more