Articles

Administrative Law & Real Estate

Administrative Law & Real Estate

Administrative Law & Real Estate

06.02.2014 NL law

Deze nieuwsbrief bevat een overzicht van de berichten die in januari op Stibbeblog zijn gepubliceerd. De nieuwsbrief bevat samenvattingen en analyses van recente uitspraken en wetswijzigingen over zowel omgevingsrecht als algemeen bestuursrecht.

A.  Wijzigingen in wet- en regelgeving 
 
1.  Tussen boorplatform en schip: het vinden van ruimte voor wind op zee 
 
Onlangs is de ontwerpstructuurvisie Windenergie op Zee (SWOZ) bekendgemaakt, waarin het kabinet nieuwe gebieden op de Noordzee aanwijst voor de plaatsing van windparken. In aanvulling op de al aangewezen gebieden ‘Borssele’ en ‘IJmuiden Ver’ zijn dit de gebieden ‘Hollandse Kust’ en ‘Ten Noorden van de Waddeneilanden’.
Een ieder kan tot en met 20 februari a.s. een zienswijze op het ontwerp indienen. LEES MEER 
 
2.  Heeft de wijziging van de m.e.r.-richtlijn gevolgen voor Nederland? 
 
De milieueffectrapportage voor projecten (“project-m.e.r.”) wacht twee belangrijke ontwikkelingen. Op nationaal niveau brengt de toekomstige Omgevingswet verandering. Parallel wordt er gewerkt aan een wijziging van de Europese richtlijn voor de project-m.e.r. Deze bijdrage focust op enkele opvallende bepalingen uit het beschikbare ontwerp van deze wijziging en mogelijke consequenties voor de Nederlandse praktijk. LEES MEER 

3.  Europees parlement stemt in met nieuwe aanbestedingsrichtlijnen 
 
Het Europees Parlement heeft zoals verwacht op 15 januari 2014 ingestemd met de nieuwe aanbestedingsrichtlijnen. In het persbericht worden de belangrijkste speerpunten van de nieuwe richtlijnen genoemd. Het betreft bijvoorbeeld: meer oog voor kwalitatieve aspecten bij gunning, stimuleren van innovatie, minder administratieve rompslomp en duidelijkere regels voor concessies. Ook is interessant de FAQ van de Europese Commissie waarin een aantal wijzigingen wordt toegelicht. LEES MEER 
 
4.  Onnodige wijziging ladder duurzame verstedelijking, omdat de Dienstenrichtlijn niet van toepassing is op detailhandel 
 
Bij brief van 9 januari 2014 kondigde de minister van Infrastructuur en Milieu aan dat aan de ladder van duurzame verstedelijking (artikel 3.1.6 lid 2 Bro) een vierde lid wordt toegevoegd, om inzichtelijk te maken dat indien een bestemmingsplan in de vestiging van een dienstenactiviteit voorziet, het onderzoek naar de actuele regionale behoefte geen betrekking mag hebben op de marktvraag.
Hier wordt toegelicht dat deze wijziging onnodig is en wordt de tot nu toe verschenen Afdelingsjurisprudentie over de Ladder behandeld. LEES MEER 
 
5.  Versnelling in het bestuursrecht; onbekend maakt onbemind, maar de dwangsom maakt een Wob-verzoek wellicht te zeer bemind 
 
De dwangsom bij niet tijdig beslissen, de positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen (lex silencio positivo) en het beroep bij niet tijdig beslissen zijn drie verschillende instrumenten uit de Algemene wet bestuursrecht om de overheid te bewegen om bij vertraging in strijd met de wet alsnog met een besluit te komen.
Op 15 januari 2014 heeft de minister van Veiligheid en Justitie mede namens de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties het rapport “B.J. Schueler e.a., Evaluatie van een drietal versnellingsinstrumenten uit de Awb” aangeboden aan de Tweede Kamer.
Dit WODC evaluatierapport is opgesteld door een onderzoeksteam van de Universiteit Utrecht en Twynstra Gudde Adviseurs en Managers.  FLEUR ONRUST heeft deelgenomen aan het expertteam dat de eerste bevindingen van de onderzoekers voorgelegd heeft gekregen, om aan de hand van de eerste onderzoeksresultaten en eigen ervaringen te kunnen meedenken over de huidige versnellingsinstrumenten en andere mogelijkheden om te zorgen dat besluitvorming van de overheid niet onnodig lang op zich laat wachten. LEES MEER 
 
6.  Het gelijkwaardigheidsbeginsel als haarlemmerolie 
 
Het lijkt erop dat het economisch herstel is ingezet. Het tij voor de bouwsector is echter nog niet gekeerd. Nog steeds overtreft het (bestaande) aanbod de vraag en zijn de financieringsmogelijkheden beperkt. Ook verandert de vraag van de markt sneller dan voorheen. Innovatie en kostenefficiëntie moeten de bouwsector weer vlot trekken. Een belemmerende factor daarbij lijkt het Bouwbesluit te zijn en met name het rigide karakter van dat Bouwbesluit; niet of nauwelijks wordt gebruik gemaakt van de mogelijkheid om flexibel met het Bouwbesluit om te gaan. Bovendien heeft het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB) berekend dat het Bouwbesluit van 2012 ten opzichte van het Bouwbesluit 2003 heeft geleid tot € 500 miljoen aan maatschappelijke kosten.
In het recente rapport van het Actieteam praktijktoepassing Bouwbesluit ‘Flexibel omgaan met bouwregelgeving’ wordt opgeroepen om vaker gebruik te maken van het zogeheten ‘gelijkwaardigheidsbeginsel’ dat is opgenomen in het Bouwbesluit.
Is dit gelijkwaardigheidsbeginsel de haarlemmerolie die noodzakelijk is om te komen tot innovatie en kostenefficiëntie? LEES MEER 
 
7.  Nieuwe modelovereenkomsten DBFM(O) 
 
Op 3 december 2013 werden de nieuwe Rijksbrede Modelovereenkomsten DBFMO (Huisvesting) en DBFM (Infrastructuur) gepubliceerd. Deze kwamen tot stand in samenwerking tussen de Rijksgebouwendienst, Rijkswaterstaat en het ministerie van Financiën.
DBFM(O) staat voor Design, Build, Finance, Maintain (en Operate). Bij dit type contract verbindt een opdrachtnemer zich, naast het ontwerpen, bouwen en onderhouden van een project, tevens tot het financieren en in voorkomende gevallen exploiteren van een project. De looptijd van dergelijke contracten kan oplopen tot ca 30 jaar. Recente DBFM(O)-projecten zijn SAA A1/A6 Amsterdam-Almere, het Nationaal Militair Museum Soesterberg (defensiemuseum) en de Penitentiaire Instelling Zaanstad.
De nieuwe modellen, die de oude uit 2012 vervangen, worden reeds als basis gebruikt voor nieuwe projecten en bevatten ten opzichte van de oude modellen een aantal belangrijke veranderingen en verbeteringen. Een greep uit de belangrijkste aanpassingen: LEES MEER 
 
8.  Uitbreiding bestuursrechtelijke ketenaansprakelijkheid: nog meer lasten voor werkgevers? 
 
Bestuursrechtelijke ketenaansprakelijkheid ziet de wetgever als een effectief middel om naleving van wetten en regels te bewerkstelligen. Minister Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft in november 2013 in het kader van de ‘voortgangsrapportage aanpak schijnconstructies‘ aangekondigd om zo snel mogelijk met maatregelen ter verbetering van de arbeidsvoorwaarden te komen. Eén van deze maatregelen houdt een zogeheten bestuursrechtelijke ketenaansprakelijkheid in voor de betaling van het wettelijk minimumloon.
Dat betekent dat anders dan thans het geval is niet alleen de directe werkgever wordt aangesproken tot betaling van het minimumloon, maar daarnaast alle werkgevers in de keten kunnen worden aangesproken. Betaalt de directe werkgever het minimumloon niet (volledig), omdat hij bijvoorbeeld onvindbaar of failliet is, dan kunnen alle werkgevers in de keten een boete opgelegd krijgen en/of een last onder dwangsom.
Dat betekent dat wanneer een aannemer een onderaannemer inhuurt die vervolgens een derde bedrijf vraagt om op een bouwlocatie werkzaamheden te verrichten, alle drie de partijen te maken kunnen krijgen met handhavingsacties van de Minister.
De vraag die werkgevers zich zullen stellen, is hoe zij ervoor moeten zorgen dat zij niet met handhavend optreden geconfronteerd zullen worden? LEES MEER 
 
9.  Actuele bestuursrechtelijke wetgeving met overzicht wijzigingen nu beschikbaar 
 
In 2013 zijn er weer veel wetten gewijzigd. Dit heeft tot gevolg dat veel wettenbundels gedateerde wetteksten bevatten. Dit is niet alleen onhandig, maar vormt ook een juridisch risico.
Om deze reden hebben wij een pdf gemaakt van een aantal wetten die onmisbaar zijn voor mensen die werkzaam zijn in het bestuurs- en omgevingsrecht.
Van deze wetten hebben we twee versies gemaakt:
(i) Een doorlopende versie van de wettekst zoals deze luidt sinds 1 januari 2014; en
(ii) Een versie waarin de wettekst van 1 januari 2013 is vergeleken met de wettekst van 1 januari 2014 (de “compare”).
Dit betekent bijvoorbeeld concreet dat u in één oogopslag kunt zien welke artikelen van de Awb in 2013 zijn gewijzigd door de Wet aanpassing bestuursprocesrecht en de Wet nadeelcompensatie en schadevergoeding bij onrechtmatige besluiten.
U kunt deze twee versies van de volgende wet- en regelgeving hier downloaden: Awb, Wro, Wabo, Wm, Chw, Bro, Bor, Mor, Activiteitenbesluit en -regeling, Besluit m.e.r. en het Besluit uitvoering Crisis- en herstelwet. LEES MEER 
 
B.  Samenvattingen en analyses van recente uitspraken 
 
10.  Redelijke termijn is vier jaar 
 
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft op 29 januari 2014 in een lang verwachte uitspraak bepaald dat de redelijke termijn die als uitgangspunt geldt voor de afdoening van bestuursrechtelijke geschillen in totaal vier jaar bedraagt; voor de bezwaar- en beroepsfase tezamen 2 jaar en voor het hoger beroep ook twee jaar. Gezamenlijk dus 4 jaar.
Wordt deze termijn overschreden dan moet de overheid €500 aan immateriële schadevergoeding betalen voor ieder half jaar overschrijding.
Met deze uitspraak is er nu één uniforme redelijke termijn in het bestuursrecht gekomen. Deze rechtseenheid is een goede ontwikkeling.
De uitspraak bevat een overgangsregeling die bepaalt dat deze redelijke termijn van vier jaar geldt voor besluiten die na 1 februari 2014 bekend worden gemaakt.
Vermeldenswaardig is ten slotte nog dat deze uitspraak van de Afdeling, de eerste uitspraak van de zogenaamde 'grote kamer' is. LEES MEER 
 
11.  Gemeente mag bij uitoefening inzagerecht leges ter hoogte van kostprijs heffen 
 
Onlangs heeft het Hof van Justitie EU een interessante uitspraak gedaan over de hoogte van de leges die door een gemeente geheven mag worden wanneer wordt voldaan aan een verzoek tot inzage in de basisadministratie door een betrokkene. Aan het Hof waren prejudiciële vragen gesteld door het Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch. LEES MEER 
 
12.  Wijziging Richtlijn Industriële Emissies (RIE) ten opzichte van IPPC: uitbreiding van IPPC-installaties in de afvalbranche 
 
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft zich op 22 januari 2014 (ECLI:NL:RVS:2014:139) uitgelaten over de reikwijdte van de Richtlijn Industriële Emissies (“RIE”, ook wel aangehaald onder de Engelse afkorting “IED”) bij inrichtingen die met afvalstoffen werken. De uitspraak illustreert dat de RIE een grotere reikwijdte heeft dan de voorgaande IPPC-richtlijn.
Met de RIE zijn er vier belangrijke wijzigingen doorgevoerd. Het gaat in deze uitspraak om de uitbreiding van de IPPC-installaties. Met de RIE zijn er ca. 200 extra installaties onder de reikwijdte van de RIE gebracht, waarvan driekwart afvalverwerkende bedrijven betreft. Uit deze uitspraak blijkt die vergrote reikwijdte in de afvalbranche. LEES MEER 
 
C.  Overzicht van publicaties van advocaten van Stibbe 
 
13.  Herijking van waarborgen bij bestuurlijke sancties 
 
De opmars van zonder tussenkomst van de rechter opgelegde bestuurlijke sancties lijkt niet te stuiten. Daarbij gaat het enerzijds om bestraffende – leedtoevoegende – sancties waarbij vooral moet worden gedacht aan de bestuurlijke boete. Anderzijds gaat het om reparatoire – niet bestraffende – sancties die zijn gericht op het herstel van een rechtmatige toestand. Dit betreft onder meer de last onder dwangsom, de last onder bestuursdwang en de intrekking van een begunstigende beschikking als een subsidie.
Niet alleen is het toepassingsbereik van dergelijke sancties enorm vergroot: op een groot aantal terreinen van ons recht zijn dergelijke sancties inmiddels ingevoerd, al dan niet ter ontlasting van de strafrechtelijke keten. Ook de zwaarte van deze sancties is de afgelopen periode fors toegenomen en overtreft in sommige gevallen zelfs de strafrechtelijke maxima. Boetes en dwangsommen van vele tienduizenden euro’s zijn geen uitzondering.
Hoe deze ontwikkeling te beoordelen staat hier niet centraal, maar wel de vraag naar de waarborgen die gelden bij de toepassing van bestuurlijke sancties en met name of daarbij een goede balans is gevonden. Is er ten aanzien van de toepassing van bestuurlijke sancties sprake van een gebalanceerd systeem van rechtsbescherming? LEES MEER 
 
14.  Korhoen en otter, twee bedreigde diersoorten in Nederland 
 
De Rechtbank Den Haag heeft zich in mei en juni 2013 uitgelaten over de bescherming van de otter en het korhoen door Nederland. Van beide diersoorten is de staat van instandhouding in Nederland namelijk slecht en volgens de Stichting Das & Boom doet Nederland onvoldoende om dit te veranderen.
In beide vonnissen is de vraag aan de orde in hoeverre aan de Staat een verplichting (gebod) kan worden opgelegd wegens schending van met name de Habitatrichtlijn.
Uit de vonnissen blijkt – kort samengevat – dat een procedure waarin gevorderd wordt dat de Staat verplicht is om maatregelen te treffen om de gunstige staat van instandhouding van een diersoort te verbeteren wegens schending van de Habitatrichtlijn succesvol kan zijn. Bij de beoordeling van de vordering kijkt de rechtbank naar factoren als: de slechte staat van instandhouding van de soort (wat de urgentie van het treffen van maatregelen vergroot) en de proportionaliteit en de effectiviteit van de mogelijke maatregelen. LEES MEER 
 
15.  Twee aanvragen voor één terrasvergunning: welke moet de burgemeester kiezen? 
 
Om tijdens de Vierdaagsefeesten in Nijmegen een terras te mogen exploiteren moeten vergunningen worden verleend. Voor een bepaalde locatie kon slechts één vergunning worden verleend, maar werden door de exploitanten van twee cafés aanvragen ingediend. Op grond van de wet- en regelgeving van de gemeente kon slechts aan één van de twee cafés de benodigde vergunning worden verleend. De exploitant van wie de aanvraag afgewezen wordt, dient rechtsmiddelen in tegen dit besluit. Op 25 september 2013 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State uitspraak gedaan. LEES MEER

Team

Related news

08.08.2018 BE law
Modification du contenu de la notice d'évaluation et de l’étude d’incidences en Région wallonne

Articles - Un décret du 24 mai 2018 modifie sur plusieurs points le régime de l'évaluation des incidences des projets sur l'environnement en droit wallon. Ce décret allège, d’une part, le contenu de la notice d'évaluation des incidences sur l'environnement et renforce, d’autre part, le contenu de l'étude d'incidences. Il est applicable aux demandes de permis introduites depuis le 16 juin 2018.

Read more

23.07.2018 NL law
De gewijzigde Klimaatwet; wat staat er in?

Short Reads - Op 27 juni 2018 is een gewijzigd voorstel voor de Klimaatwet gepresenteerd aan de Tweede Kamer (zie hier). In eerdere blogberichten bespraken wij de verhouding tussen de Klimaatwet en het Klimaatakkoord (zie hier) en het oorspronkelijke initiatiefwetsvoorstel van Klaver en Samsom in 2016 (zie hier).

Read more

27.07.2018 NL law
Conclusie AG programma aanpak stikstof: het PAS als instrument is veelbelovend, maar twijfel of het voldoet aan de Habitatrichtlijn. De ADC-toets als creatieve oplossing om het PAS in stand te kunnen houden?

Articles - Advocaat-Generaal ("AG") Kokott heeft op 25 juli 2018 een conclusie genomen over de vragen van de Afdeling bestuursrechtspraak over het programma aanpak stikstof. Een dergelijk programma kan op zichzelf voldoen aan de Habitatrichtlijn. Knelpunt ziet de AG in het vooruitlopen op de positieve effecten van te treffen reductiemaatregelen. Verder geeft de AG als handreiking mee gebruik te maken van de zogeheten ADC-toets.

Read more

19.07.2018 BE law
Ontsporing van één van de wagons van de Codextrein dreigt: Grondwettelijk Hof schorst nieuwe afwijkingsmogelijkheid voor ontginningsgebieden

Articles - De Codextrein voorziet o.a. in een reeks aan nieuwe afwijkingsmogelijkheden in het kader van de vergunningverlening. Eén van de meest ophefmakende was de nieuwe afwijkingsmogelijkheid voor ontginningsgebieden. Tijdens het debat in de parlementaire commissie werd geopperd dat deze nieuwe afwijking op maat was geschreven van één private onderneming. Het Grondwettelijk Hof schorst nu in zijn arrest van 19 juli 2018 deze afwijkingsmogelijkheid op basis van de schending van het gelijkheidsbeginsel.

Read more

17.07.2018 NL law
Doelstelling windenergie van 6.000 MW op land zal niet in 2020 worden gehaald, maar de minister is optimistisch

Articles - Uit de Monitor Wind op Land 2017 en het Plan van Aanpak Windenergie op land 2018 blijkt de voortgang van de doelstelling om in 2020 6.000 MW aan opgesteld vermogen windenergie op land te hebben. Er wordt weliswaar meer windenergie opgewekt, maar de doelstelling in 2020 wordt waarschijnlijk niet gehaald. Wij bespreken de knelpunten en hoe nu verder.

Read more

Our website uses cookies: third party analytics cookies to best adapt our website to your needs & cookies to enable social media functionalities. For more information on the use of cookies, please check our Privacy and Cookie Policy. Please note that you can change your cookie opt-ins at any time via your browser settings.

Privacy – en cookieverklaring