Short Reads

Tweede Kamer neemt wetsvoorstel over de Programmatische Aanpak Stikstof aan

Tweede Kamer neemt wetsvoorstel over de Programmatische Aanpak Stikst

Tweede Kamer neemt wetsvoorstel over de Programmatische Aanpak Stikstof aan

25.04.2014 NL law

Donderdag 24 april 2014 heeft de Tweede Kamer het wetsvoorstel Programmatische Aanpak Stikstof (PAS) aangenomen.

Veel Natura 2000-gebieden in Nederland hebben een te hoge stikstofbelasting. Om de voor deze beschermde natuurgebieden gestelde doelstellingen te kunnen bereiken of behouden, zal de stikstofbelasting verlaagd moeten worden, terwijl er ook voldoende ontwikkelingsruimte moet komen en blijven voor nabijgelegen (bestaande en nieuwe) economische activiteiten, zoals landbouw, verkeer en industrie.

De PAS moet beide mogelijk maken. Daarom staat de PAS op twee pijlers. De ene pijler omvat maatregelen om de bedreigde habitattypes, die in het kader van Natura 2000 worden beschermd, weer te laten opbloeien. De andere pijler moet ervoor zorgen dat er, met behoud van die natuurdoelstellingen, ruimte komt voor nieuwe economische ontwikkelingen.

Het wetsvoorstel zal nu naar de Eerste Kamer worden gezonden. Het kabinet streeft er naar om dit wetsvoorstel al op 1 juli 2014 in werking te laten treden.

Meer over de PAS is hier te vinden.

Alle kamerstukken die bij het wetsvoorstel horen zijn hier te vinden.

De Tweede Kamer heeft op 24 april ook over een aantal amendementen en moties gestemd. De meeste zijn verworpen, maar de volgende amendementen en moties zijn aangenomen:

  1. Amendement nr. 17. Dit amendement stelt het bevoegd gezag in staat om vergunningen en de daarbij horende ontwikkelruimte na verloop van tijd weer in te trekken als de desbetreffende ruimte niet wordt benut.
  2. Amendement nr. 27. Dit amendement beoogt een evenwichtige toedeling en reservering van de ontwikkelingsruimte gedurende het tijdvak van het programma te borgen.
  3. Amendement nr. 28. Dit amendement regelt dat de gereserveerde ontwikkelingsruimte halverwege de programmaperiode van zes jaar tegen het licht wordt gehouden door de bevoegde gezagen voor het nemen van de besluiten waarvoor de ontwikkelingsruimte is gereserveerd.
  4. Amendement nr. 48. Dit amendement beoogt het inzicht in de beschikbare ontwikkelingsruimte te versterken door ervoor te zorgen dat er altijd een vooruitblik van minimaal 4 jaar en maximaal 6 jaar is, zodat bedrijven tijdig weten of zij investeringen kunnen doen.
  5. Amendement nr. 71. Dit amendement zorgt ervoor dat de mogelijkheid om te salderen wordt opengehouden als “terugvaloptie” voor het geval een Natura 2000-gebied niet opgenomen is in de PAS of voor het geval ontwikkelruimte onverhoopt niet onherroepelijk toegedeeld kan worden.
  6. Amendement nr. 74. Door dit amendement moeten grenswaarden voor ontheffing van de vergunningplicht bij algemene maatregel van bestuur worden vastgesteld in plaats van bij ministeriële regeling.
  7. Amendement nr. 85. Met dit amendement worden nadere criteria gesteld aan wat onder ‘prioritaire projecten en andere handelingen waarvoor ontwikkelingsruimte dient te worden gereserveerd’ moet worden verstaan. Het moet gaan om projecten / handelingen die aantoonbaar van nationaal of provinciaal maatschappelijk belang zijn. Het amendement beoogt voorts te borgen dat de ontwikkelingsruimte voor prioritaire projecten niet onnodig ten koste gaat van de ‘vrije ontwikkelingsruimte’ voor onder meer (agrarische) ondernemers, door bij het reserveren van ontwikkelingsruimte voor prioritaire projecten steeds te moeten verantwoorden dat deze reserveringen opwegen tegen het gebruik van deze depositieruimte voor vrije ontwikkelingsruimte.
  8. Amendement nr. 86. Dit amendement regelt dat voor trajecten die al in een procedure zitten (van bijvoorbeeld een passende beoordeling) een overgangsregime geldt. Een dergelijk traject kan worden voortgezet onder het oude regime.

Daarnaast zijn de volgende moties aangenomen:

  1. Motie 53. De Kamer verzoekt de regering, te onderzoeken of er in het beheerplan van het Natura 2000-gebied Bunder- en Elsloërbos alternatieven gevonden kunnen worden voor een bemestingsvrije zone van 300 meter.
  2. Motie 54. De Kamer verzoekt de regering, de PAS na de eerste periode van zes jaar te evalueren; en verzoekt de regering tevens, daar in ieder geval in mee te nemen of de directe en indirecte publieke kosten die gemaakt worden ten behoeve van de PAS, zoals die voor herstelmaatregelen die leiden tot economische ontwikkelruimte, evenredig zijn aan de toegevoegde economische waarde, en te beoordelen of dit dan moet worden aangemerkt als overheidssteun voor economische ontwikkeling.
  3. Motie 55. De Kamer verzoekt de regering, met de provincies in overleg te treden over het uitwisselen van best practices met het oog op zo efficiënt mogelijk gebruik van de stikstofruimte en over de criteria die worden gehanteerd voor uitgifte van ontwikkelingsruimte onder de PAS met het oog op het bevorderen van rechtsgelijkheid in Nederland; verzoekt de regering tevens, hierbij na te gaan of en hoe van de uitgifte tevens een prikkel uit kan gaan die bedrijven beloont die vergaande emissiereducties realiseren; en verzoekt de regering, de Kamer hiervan per brief op de hoogte te houden.
  4. Motie 62. De Kamer verzoekt de regering, het «programma» PAS en ministeriële regelingen met een substantiële beleidsinhoudelijke component van de voorliggende wijziging van de Natuurbeschermingswet 1998 (Programmatische Aanpak Stikstof) voor te leggen aan de Kamer in voorhang; verzoekt de regering voorts, geen substantiële beleidsinhoudelijke wijzigingen in de PAS aan te brengen (ministeriële regeling) zonder dat dit aan de Kamer wordt voorgelegd in voorhang.
  5. Motie 88. De Kamer verzoekt de regering ervoor te zorgen dat 5,6 kiloton van de ontwikkelingsruimte zoals neergelegd in bovengenoemde overeenkomst beschikbaar komt voor de ontwikkeling van agrarische bedrijven en dit op te nemen in de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS); en verzoekt de regering ervoor te zorgen dat ook bij gebieden waar een tekort aan ontwikkelingsruimte is de ontwikkelingsruimte die voortkomt uit de emissiereductie in de landbouw voor een wezenlijk deel terecht komt bij landbouwprojecten.
  6. Motie 64. De Kamer verzoekt de regering, de mogelijkheid van bezwaar en beroep tegen een beheerplan te verruimen met betrekking tot het meewegen van sociaal-economische factoren.
  7. Motie 66. De Kamer is van mening dat er een fundamentele discussie gevoerd zou moeten worden over hoe Natura 2000 in Nederland is geïmplementeerd en tot welke gevolgen dit heeft geleid; en roept de regering op om een eerste aanzet te geven voor deze fundamentele discussie.

Related news

21.02.2020 NL law
Podcast: Data en financiële instellingen

Short Reads - In deze podcast praten Roderik Vrolijk en Frederiek Fernhout van Stibbe in Amsterdam en Joran Iedema van Stibbe StartsUP-deelnemer Dyme over Fintech, PSD2 en het gebruik van data door financiële instellingen. Aan de ene kant biedt nieuwe regelgeving zoals PSD2 nieuwe mogelijkheden, aan de andere kant neemt de regeldruk en het toezicht op bescherming van persoonsgegevens toe.

Read more

21.02.2020 NL law
Bankgarantie, ongerechtvaardigde verrijking en faillissement

Articles - Gertjan Boekraad schreef een annotatie bij een uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland van 4 oktober 2019 over een schuldeiser die voor een failliet bedrijf een bankgarantie heeft doen stellen en voor de daaruit voortvloeiende vordering uit ongerechtvaardigde verrijking in verzet komt tegen de uitdelingslijst.  

Read more

21.02.2020 NL law
Mark up wetteksten Boek 2 BW

Short Reads - Sinds enkele jaren stelt Stibbe een uitgave beschikbaar waarin een mark up is opgenomen van Boek 2 BW, zoals dat luidt na (ongewijzigde) implementatie van recent in werking getreden wetten en lopende wetsvoorstellen. Stibbe verzorgt elk jaar een update van deze mark up.

Read more

14.02.2020 EU law
Does your everyday cleaning product qualify as a 'biocidal product' under European legislation?

Articles - On 19 December 2019, the Court of Justice of the European Union (CJEU) ruled on the concept of 'biocidal product', as defined in article 3 of Regulation 528/2012 on the making available on the market and use of biocidal products, in a case on a cleaning product primarily used "to ensure the absence of mould". According to the CJEU, the concept of ‘biocidal product’ is to be interpreted broadly, hereby also broadening the scope of application of Regulation 528/2012.

Read more

This website uses cookies. Some of these cookies are essential for the technical functioning of our website and you cannot disable these cookies if you want to read our website. We also use functional cookies to ensure the website functions properly and analytical cookies to personalise content and to analyse our traffic. You can either accept or refuse these functional and analytical cookies.

Privacy – en cookieverklaring