Articles

Bedrijfsgeheimen en ex-werknemers

Bedrijfsgeheimen en ex-werknemers

Bedrijfsgeheimen en ex-werknemers

30.07.2019 BE law

Een vaak voorkomend probleem bij het vertrek van werknemers is de know-how die ze hebben opgebouwd in het bedrijf en meenemen naar een nieuw bedrijf. In welke mate mag hiervan gebruik gemaakt worden?

Het Hof van beroep te Gent oordeelde dat naar Belgisch recht voor bedrijfsgeheimen slechts “een beperkte bescherming” geldt.1 Het Hof herinnert aan het beginsel dat er sprake is van een vrijheid van mededinging en haar corollarium, de vrijheid van kopie.

Daaruit leidt het Hof van beroep af:

“een ex-werknemer heeft in principe het recht om zich als zelfstandige te vestigen en concurrentie te voeren met zijn gewezen werkgever. Het kan hem daarbij niet verboden worden gebruik te maken van de vorming, beroepskennis, ervaring die hij bij zijn gewezen werkgever verworven heeft”.

In het arrest onderzocht het Hof van beroep minutieus diverse aanwijzingen of de ex-werknemer beschermde zaken onwettig had gebruikt. Het Hof merkte daarbij op:

“tijdens en door zijn tewerkstelling en door zelfstudie en voortgezette opleiding heeft xxx een bijzondere/unieke mix aan inzichten en competenties verworven met betrekking tot de vervaardiging van o.a. verven. Dergelijke werkervaring kan niet beschermd worden.”

Verder stelde het Hof van beroep ook aan de hand van andere elementen vast dat er toch wel aanwijzingen waren dat bepaalde elementen in het nieuwe product of procedé van de ex-werknemer anders waren dan bij zijn vorige werkgever.

Interessant is nog dat bij de aanvang van het geschil, de voormalige werkgever op eenzijdig verzoekschrift een deskundige had aangesteld gekregen om diverse documenten te onderzoeken en vaststellingen te doen. Deze beschikking werd op derdenverzet bevestigd. In beroep echter werd geoordeeld dat er bij de aanwijzing van de gerechtsdeskundige sprake van “vissen met een groot net” en dat de gevorderde maatregel te vaag en totaal disproportioneel was en daarom de aanstellingsbeschikking werd vernietigd. In het eindarrest oordeelde het Hof van beroep dan ook dat niet kon gesteund worden op de vaststellingen die door de expert in het kader van deze vernietigde aanstellingsprocedure waren gebeurd.

Voetnoot
  1. Gent, 7 januari 2019, 2017/AR/1343.

Related news

09.12.2019 BE law
Stibbe versterkt EU/competition praktijk met nieuwe vennote Sophie Van Besien

Inside Stibbe - Brussel, 9 december 2019 – Stibbe verwelkomt Sophie Van Besien, gespecialiseerd in Europees recht, mededingingsrecht en gereguleerde markten, als nieuwe vennote in het Brusselse kantoor. Sophie’s expertise zal Stibbe’s dienstverlening in de Benelux versterken en bijdragen aan de verdere ontwikkeling van zijn EU/competition en regulated markets praktijk. Sophie vervoegt Stibbe op 9 december 2019.

Read more

09.12.2019 BE law
Stibbe renforce sa pratique de droit européen et de la concurrence par la venue de Sophie Van Besien en qualité d’associée

Inside Stibbe - Bruxelles, le 9 décembre 2019 –  Stibbe a le plaisir d’accueillir Sophie Van Besien, avocate spécialisée en droit européen, droit de la concurrence et des marchés réglementés, en qualité de nouvelle associée au sein de son cabinet bruxellois. Son expertise permettra d’enrichir les prestations actuelles du cabinet au Benelux et de contribuer au développement de son activité en droit européen et en droit de la concurrence ainsi que des marchés réglementés. Sophie Van Besien rejoint Stibbe ce 9 décembre 2019.

Read more

09.12.2019 BE law
Stibbe expands EU/competition practice with new partner Sophie Van Besien

Inside Stibbe - Brussels, 9 December 2019 – Stibbe welcomes EU law, competition, and regulated markets lawyer Sophie Van Besien as a new partner in its Brussels office. Her expertise will enhance Stibbe’s service offering in the Benelux and contribute to the further development of its EU/competition and regulated markets practice. Sophie joins Stibbe on 9 December 2019.

Read more

30.07.2019 BE law
Un matelas descellé et le droit de rétraction

Articles - Dans un arrêt du 27 mars 2019, la Cour de justice a conclu qu’un matelas, dont la protection a été retirée par le consommateur après la livraison de celui-ci et qui a potentiellement été en contact avec un corps humain, ne relève pas de l’exception au droit de rétraction[1] (pour des raisons de protection de la santé ou d’hygiène) prévue à l’article 16, sous e), de la directive 2011/83 relative aux droits des consommateurs[2] (i.e. l’article VI.53 CDE).

Read more

This website uses cookies. Some of these cookies are essential for the technical functioning of our website and you cannot disable these cookies if you want to read our website. We also use functional cookies to ensure the website functions properly and analytical cookies to personalise content and to analyse our traffic. You can either accept or refuse these functional and analytical cookies.

Privacy – en cookieverklaring