Articles

Langs (Vlaamse!) autosnelwegen

Vrije stroken langs Vlaamse (!) autosnelwegen

Langs (Vlaamse!) autosnelwegen

29.01.2019 BE law

Sedert 1958 gelden langs autosnelwegen bouwvrije stroken. De Vlaamse regering moderniseerde op 25 januari 2019 de regelgeving rond bouwvrije stroken voor wat het Vlaamse Gewest betreft. Een uitgelezen moment voor een overzicht van alle aandachtspunten aan en rond autosnelwegen.

De bouwregels en -beperkingen in de onmiddellijke buurt van autosnelwegen, zijn intussen meer dan 60 jaar oud. Initieel federaal, is de bevoegdheid tegenwoordig gewestelijk.

Op 25 januari 2019 keurde de Vlaamse Regering een gloednieuw besluit betreffende de vrije stroken langs autosnelwegen goed. Het besluit beoogt, samengevat, de modernisering van de oude federale regels.

Autosnelwegen: terugblik

In België zijn de gewesten en wegbeheerders bevoegd voor de autosnelwegen.

Al in 1956 werd daarvoor het wettelijk kader voor het eerst vastgelegd.  De wet van 12 juli 1956 regelt de erfdienstbaarheid van openbaar nut langs de snelwegen.

In de Wet is een systematiek voorzien:

  1. de Wet reserveert de gronden die voor de autosnelwegen zullen worden ingenomen. Het was destijds de bevoegdheid van de Koning om op perceelsniveau stroken van hoogstens 150 m breed vast te leggen. De Koning diende de stroken waarbinnen de autosnelwegen zouden worden aangelegd, door middel van plannen goed te keuren;
  2. met het oog op "de instandhouding, de fraaiheid en de berijdbaarheid" van de weg en de mogelijkheid om hem te verbreden, kan de Koning voor de vrije stroken die hij vaststelt, verordeningen vaststellen voor onder meer bouwwerken, beplantingen of elke wijziging in het reliëf van de bodem door afgravings- of aanvullingswerken.

Intussen is "de Koning" wegens de bevoegdheidsoverdracht overal te lezen als "de Gewestregering".

Vrije stroken

Met "vrije stroken" zijn de zones non aedificandi langs de autosnelwegen bedoeld.

Over die vrije stroken bepaalt het Koninklijk Besluit van 4 juni 1958 dat zij een breedte van 30m aan weerszijden van de "grens van het domein van de autosnelweg" beslaan.

  • "domein van de autosnelweg"?
    Dit omvat naast de rijbanen, de stationeerstroken en de zo gerangschikte toegangswegen, "gans het Rijksdomein aan weerszijden van de weg, dat met het oog op de behoeften en voor de dienst van de autosnelweg is ingericht". Met andere woorden: het domein van de snelweg kan omvangrijker uitvallen dan gedacht. De Raad van State bevestigde dat op- en afrittencomplexen vanuit hun aard tot het autosnelwegdomein behoren en dat de vrije strook er op van toepassing is;
  • "grens van de autosnelweg"?
    Die grens komt overeen met de "grens van het domein van de autosnelweg" in artikel 1 van het KB. Het betreft de grens van het openbaar domein.

Het KB voorzag een bouw-, herbouw- én verbouwverbod voor bestaande bouwwerken. Het verbod gold niet voor instandhoudingswerken en onderhoudswerken.

Tussen de eerste 10m en 30m, gemeten vanaf de grens van de autosnelweg, kon de wegbeheerder een afwijking toestaan. Een gunstig advies van de wegbeheerder in het kader van een vergunning gold ook als afwijking.

Ook sedert de bevoegdheidsoverdracht naar de gewesten diende het KB nog altijd als basis voor de regels over de vrije stroken. De Vlaamse Regering heeft het KB nu opgeheven en, voor het Vlaamse gewestdomein, door een eigen besluit vervangen. Wanneer dit besluit in werking treedt, hangt samen met de publicatiedatum in het Belgisch Staatsblad.

Voortaan volledig Vlaamse regels

Verbod: behouden (grosso modo)

De Vlaamse Regering bevestigt dat in de vrije stroken heel wat verboden is (en blijft). De verbodslijst leest nu als volgt:

  1. te bouwen, te herbouwen of bestaande constructies overeenkomstig artikel 4.1.1, 3°, VCRO te verbouwen;
  2. afsluitingen van materialen, die een gesloten wand vormen, aan te brengen;
  3. een groene haag op minder dan 50cm achter de grens van de autosnelweg te plaatsen of een groene haag te houden die meer dan 1m breed is;
  4. afval, uitschot, schroot, materialen en materieel te storten, op te slaan of tentoon te stellen;
  5. gier- of beerputten te maken;
  6. een ophoging van meer dan 1m hoogte of een uitgraving van meer dan 1m diepte te maken.

Ook de handhaving van onwettige situaties in die stroken blijft verboden. Al is er wel een specifieke regeling voorzien om regularisaties te bekomen. Daarvoor heeft de eigenaar één jaar na de inwerkingtreding van de Vlaamse regels.

In de eerste 10 m-strook langs op- en afrittencomplexen blijft het bovendien verboden om hoogstammige bomen of gewassen van meer dan 1m hoog aan te planten. Nieuw is dat dit verbod zich nu uitbreidt tot de volledige eerste 10m-strook langs de grens van de autosnelweg. Bestaande hoogstammige bomen langs de autosnelwegen kunnen behouden blijven, behalve indien gelegen aan op- en afritcomplexen.

Vrijstellingen: behouden

De vrijstelling voor instandhoudings- en onderhoudswerken blijft onverkort gelden, met de volgende verduidelijking:

  • instandhoudingswerken:
    omvat ook alle stabiliteitswerken die noodzakelijk zijn om de constructie veilig te stellen;
  • onderhoudswerken:
    alle werken die het gebruik van een constructie voor de toekomst ongewijzigd veilig stellen door het bijwerken, herstellen of vervangen van eërodeerde of versleten materialen of onderdelen.

Afwijkingen: zowel minister als wegbeheerder

  • Voorbij de eerste 10m:
    de wegbeheerder kan nog steeds een afwijking verlenen (in Vlaanderen: het Agentschap Wegen en Verkeer). Een gunstig advies tijdens een omgevingsvergunningsaanvraag wordt nog steeds als een toegestane afwijking beschouwd;
  • In de eerste 10m:
    de Vlaamse minister voor mobiliteit is bevoegd om voor drie specifieke materies afwijkingen toe te staan. Het gaat om werken die een doelstelling van algemeen belang dienen en het huidige beheer van autosnelwegen of toekomstige ontwikkeling niet hinderen (o.a. nutsleidingen en gsm-masten).

Oude wijn in nieuwe zakken?

Erg revolutionair ogen de aanpassingen op het eerste gezicht niet. Het was naar eigen zeggen de bedoeling om het KB te moderniseren en aan te passen. Tegelijk kreeg de minister van mobiliteit een geheel nieuwe bevoegdheid voor afwijkingen in de eerste 10m van de bouwvrije stroken. Maar die bevoegdheid geldt als ultieme oplossing en is beperkt tot welbepaalde gevallen. Relatief beperkt dus. 

Toch blijken er nog twee opvallende verschillen tussen de federale regels (die in de andere gewesten blijven gelden):

  1. Geen nieuwe hoogstammige bomen meer in eerste 10m langs autosnelweg

Het verbod op hoogstammige bomen gold over een diepte van 10m vanaf de grens van de autosnelweg in het KB enkel langs de op- en afrittencomplexen van de autosnelweg.

De Vlaamse regering opteert daarentegen voor een uitbreiding van het verbod op hoogstammige bomen. Niet enkel aan op- en afrittencomplexen, maar in de volledige vrije strook van 10m naast de autosnelwegen, zonder verder onderscheid, geldt een verbod.

Als verantwoording hiervoor is de verkeersveiligheid opgegeven. De afdeling Wetgeving van de Raad van State verzocht evenwel nadere duiding, in het licht van het evenredigheidsbeginsel vervat in artikel 16 van de Grondwet en artikel 1 van het Eerste Aanvullend Protocol bij het EVRM. De gemachtige van de Vlaamse regering heeft nader uitgelegd dat het verbod niet verder gaat dan nodig is, omdat, onder meer, (i) bestaande hoogstammige bomen behouden kunnen blijven; (ii) het verbod enkel veralgemeend geldt in de eerste 10m; (iii) het gevaar voor bijv. tankstations bij hoogstammige bomen groter is dan bij laagstammige bomen; en (iv) er nog een mogelijkheid voor private eigenaars blijft om laagstammige bomen aan te planten. 

  1. Regularisatie

De (in Vlaanderen niet onbekende) regularisatiemogelijkheid doet ook hier zijn intrede. Eigenaars beschikken met name over 1 jaar vanaf de inwerkingtreding van de nieuwe Vlaamse regels om bij het Agentschap Wegen en Verkeer onder voorwaarden een regularisatie in te dienen. 

 

---

UPDATE: op 8 februari 2019 is het besluit in het Belgisch Staatsblad verschenen. Klik hier om het te consulteren.

Dit artikel is mede geschreven door Pieter Vandenheede in zijn hoedanigheid van counsel bij Stibbe.

Related news

24.02.2020 EU law
MER-screening: Raad van State zet de puntjes op de ‘i’

Articles - De opmaak van een ruimtelijk uitvoeringsplan is een tijdrovend en kostelijk proces. De noodzaak tot de opmaak van een MER-rapport maakt dit proces er niet eenvoudiger op. Plan-MER-screenings kunnen het planproces op lokaal niveau sterk vereenvoudigen. Dit mag evenwel niet licht opgevat worden. Een juiste toepassing van de regelgeving is cruciaal. Een onzorgvuldige screening kan immers een heel plan hypothekeren.

Read more

12.02.2020 NL law
Omgevingsrecht en mobiliteit: hoe werkt het afwijken van parkeernormen in bestemmingsplannen?

Short Reads - Op grond van artikel 3.1.2, tweede lid, Bro kan een bestemmingsplan ten behoeve van een goede ruimtelijke ordening regels bevatten waarvan de uitleg bij de uitoefening van een daarbij aangegeven bevoegdheid afhankelijk wordt gesteld van beleidsregels. Van deze mogelijkheid maken gemeenteraden in hun bestemmingsplannen vaak gebruik als het gaat om parkeernormen

Read more

14.02.2020 EU law
Does your everyday cleaning product qualify as a 'biocidal product' under European legislation?

Articles - On 19 December 2019, the Court of Justice of the European Union (CJEU) ruled on the concept of 'biocidal product', as defined in article 3 of Regulation 528/2012 on the making available on the market and use of biocidal products, in a case on a cleaning product primarily used "to ensure the absence of mould". According to the CJEU, the concept of ‘biocidal product’ is to be interpreted broadly, hereby also broadening the scope of application of Regulation 528/2012.

Read more

12.02.2020 NL law
Van inspraakverordening naar participatieverordening op decentraal niveau

Short Reads - De regering stelt voor om de reikwijdte van de decentrale inspraakverordeningen te vergroten naar de uitvoering en evaluatie van decentraal beleid. Dat staat in een conceptwetsvoorstel dat op 9 december 2019 ter internetconsultatie is voorgelegd. Het conceptwetsvoorstel beoogt een wijziging van onder meer de Gemeentewet, de Provinciewet en de Waterschapswet.

Read more

12.02.2020 NL law
Het oproepen en horen van getuigen in het bestuursrecht: hoe zit het ook al weer?

Short Reads - Het oproepen van getuigen en het horen daarvan ter zitting door de bestuursrechter heeft de Hoge Raad in zijn arrest van 15 november 2019 overzichtelijk in kaart gebracht. Dat arrest, dat door de belastingkamer in een bestuurlijke boetezaak is gewezen, is ook voor andere terreinen van het bestuursrecht van belang. Mede ook omdat het horen van getuigen buiten het fiscale bestuursrecht nog in de kinderschoenen staat. In dit bericht bespreken we daarom de mogelijkheden die er bestaan om getuigen te (laten) oproepen en hoe de bestuursrechter daarmee moet omgaan.

Read more

This website uses cookies. Some of these cookies are essential for the technical functioning of our website and you cannot disable these cookies if you want to read our website. We also use functional cookies to ensure the website functions properly and analytical cookies to personalise content and to analyse our traffic. You can either accept or refuse these functional and analytical cookies.

Privacy – en cookieverklaring