Short Reads

Alertheid vereist bij de verzending van een beroepschrift in geval van digitaal procederen

Alertheid vereist bij de verzending van een beroepschrift in geval va

Alertheid vereist bij de verzending van een beroepschrift in geval van digitaal procederen

26.07.2017 NL law

Met de gefaseerde inwerkingtreding van het programma KEI wordt de digitalisering van de rechtspraak steeds verder doorgevoerd. Hoewel digitaal procederen bij de bestuursrechter al langere tijd mogelijk is, maakt de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (de "Afdeling") van 19 juli 2017 duidelijk dat appellanten goed dienen op te letten of het beroep succesvol is verzonden.

Achtergrond

Appellant heeft met gebruikmaking van het digitale loket hoger beroep proberen in te stellen bij de Afdeling. Toen appellant op zijn beroep geen reactie kreeg, heeft hij contact opgenomen met een administratief medewerker van de Afdeling. Deze medewerker heeft hem medegedeeld dat zijn hoger beroep niet kon worden gevonden in het systeem. Appellant heeft zijn stukken daarom (nogmaals) digitaal ingediend. De indiening van deze stukken viel buiten de termijn van zes weken uit artikel 6:7, gelezen in verbinding met artikel 6:24 Awb.

Appellant stelt zich op het standpunt dat de te late instelling van het beroep verschoonbaar is. Hij voert daartoe aan dat hij wél binnen de vereiste termijn digitaal beroep heeft ingesteld. Volgens Appellant heeft hij namelijk een bevestigingsscherm gezien voorafgaand aan de indiening van zijn hoger beroep via het digitale loket. Een afdruk van dit scherm heeft hij echter niet gemaakt. Dit heeft hij wel gedaan van andere schermpagina's die hij heeft gezien tijdens het instellen van het hoger beroep. De prints van deze pagina's heeft hij overgelegd in de procedure.

Digitaal loket

Bij het digitale loket van de Afdeling kan met behulp van een DigiD-code hoger beroep worden ingesteld. Het loket is zo ingericht dat de verzending van een hoger beroepschrift uitdrukkelijk wordt bevestigd. Tijdens de sessie om het hoger beroep in te stellen, wordt op een gegeven moment een controleformulier getoond met daarop een overzicht van alle ingevoerde gegevens en bijlagen. Door het indrukken van de knop "formulier verzenden" komt de verzending tot stand. Vervolgens verschijnt een scherm met de mededeling dat het formulier succesvol naar de Afdeling is verzonden met daarbij de vermelding van de datum en het tijdstip van de verzending. Tevens wordt vermeld dat de pagina kan worden geprint voor de eigen administratie van de gebruiker. Met deze print kan de gebruiker een succesvolle verzending van het beroepschrift aannemelijk maken.

Oordeel Afdeling

De voornoemde mogelijkheid van bewijs van een succesvolle verzending maakt dat van Appellant had mogen worden verwacht dat hij het door hem ingestelde beroep met een print van het scherm met succesvolle verzending aannemelijk had gemaakt. Doordat Appellant daar in het voorliggende geval niet toe in staat was, is volgens de Afdeling niet aannemelijk gemaakt dat hij tijdig digitaal hoger beroep heeft ingesteld. De schermafdrukken die hij wel heeft overgelegd, tonen weliswaar dat hij tijdig een sessie in het digitale loket is gestart, maar niet dat die sessie met een succesvolle verzending is afgerond. De Afdeling neemt daarbij in aanmerking dat medewerkers bij de IT-afdeling van de Afdeling onderzoek hebben gedaan naar de digitale sessie. Uit dit onderzoek volgt onder meer dat Appellant een sessie is gestart in het digitale loket en deze sessie heeft doorlopen tot en met het tonen op het scherm van het controleformulier. Daarna is de sessie echter na zekere tijd automatisch afgebroken zonder dat een verzending van de door hem ingevulde gegevens heeft plaatsgevonden.

Appellant betwist niet dat de hij tijdens de sessie waarbij hij hoger beroep heeft proberen in te stellen, een periode inactief is geweest. Hij voert echter aan dat hij niet kon weten dat hij na zo'n periode automatisch door het digitale loket zou worden uitgelogd. De Afdeling volgt dit betoog niet. Een persoon die is ingelogd bij het digitale loket krijgt namelijk na 10 minuten van inactiviteit op het beeldscherm de volgende mededeling: "U bent langer dan 10 minuten inactief. Uw sessie verloopt over 5 minuten." Na 15 minuten van inactiviteit wordt de gebruiker automatisch uitgelogd. Hierbij verschijnt de volgende mededeling op het beeldscherm: "U bent langer dan 15 minuten inactief geweest. Hierdoor is uw sessie verlopen. Om terug te keren naar het startscherm kunt u onderstaande link gebruiken. U kunt zich daar eventueel opnieuw aanmelden." Voor Appellant had het volgens de Afdeling dan ook redelijkerwijs te begrijpen moeten zijn geweest, dat in geval van 15 minuten inactiviteit de door hem ingevulde gegevens niet met succes waren verzonden naar de Afdeling.

De ontbrekende alertheid van Appellant komt hem in dit geval dan ook duur te staan. De Afdeling verklaart het door hem ingestelde beroep niet-ontvankelijk.

Zie voor eerdere blogs over digitalisering in het recht o.a.: Tom Barkhuysen, "Naar een wettelijke regeling voor publicatie van rechterlijke uitspraken op rechtspraak.nl" en Tom Barkhuysen en Emma van Dam "Modernisering van het (bestuurs)procesrecht: wie draait erop voor 'bugs'?"

Gegevens uitspraak ABRvS 19 juli 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1955 Zaaknummer: 201605698/1/A1

Related news

20.06.2018 BE law
Boskaart en betonstop: wat brengt de zomer?

Articles - Op een zucht van het zomerreces heeft de Vlaamse Minister van Omgeving toch nog een aantal stevige dossiers op haar bureau. Behalve de felbesproken boskaart en het aan de betonstop gelinkte instrumentendecreet, is het ook uitkijken naar een reactie op een aantal uitspraken van het Hof van Justitie over de milieueffectenbeoordeling van plannen en programma's. Een stand van zaken.

Read more

20.06.2018 NL law
Op weg naar één Europese spoorwegruimte: de aanpassing van de Nederlandse wetgeving aan het Europese recht

Articles - Het zogenaamde 'Vierde Spoorwegpakket' zal belangrijke gevolgen hebben voor de Europese spoorwegruimte. De Nederlandse regering maakt goede vaart met de aanpassing van het nationale recht aan de eisen die uit het Vierde Spoorwegpakket voortvloeien. Inmiddels is een daartoe strekkend wetsvoorstel aanhangig bij de Tweede Kamer. De vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat heeft eind vorige maand het verslag van haar bevindingen ten aanzien van het wetsvoorstel uitgebracht.

Read more

20.06.2018 NL law
Naar een volwaardig recht op toegang tot de rechter en een eerlijk proces onder het EVRM?

Articles - Het recht op een toegang tot de rechter en een eerlijk proces van artikel 6 EVRM is één van de hoekstenen van dit verdrag. Naast strafzaken en zaken over bestuurlijke boetes vallen de meeste andere geschillen onder het toepassingsbereik van deze bepaling. Dit omdat er volgens de autonome Straatsburgse uitleg al snel sprake is van een geschil over de vaststelling van ‘civil rights and obligations’ als bedoeld in artikel 6 EVRM.

Read more

13.06.2018 NL law
B&W zijn niet bevoegd om een ontwerp verklaring van geen bedenkingen op te stellen in het kader van een projectomgevingsvergunning

Articles - De gemeenteraad is bevoegd tot het afgeven van een verklaring van geen bedenkingen (vvgb) in het kader van een omgevingsvergunning voor planologisch strijdig gebruik als bedoeld in artikel 2.12 lid 1 aanhef sub a en onder 3 Wabo (de projectomgevingsvergunning). Hoewel de bevoegdheid tot verlening van een dergelijke vergunning berust bij het college van burgemeester en wethouders, is het college niet bevoegd een ontwerpbesluit voor de vvgb voor te bereiden en ter inzage te leggen. Dit volgt uit een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 9 mei 2018.

Read more

Our website uses cookies: third party analytics cookies to best adapt our website to your needs & cookies to enable social media functionalities. For more information on the use of cookies, please check our Privacy and Cookie Policy. Please note that you can change your cookie opt-ins at any time via your browser settings.

Privacy – en cookieverklaring