Articles

Prijsaanduiding in reclame en de totale verkoopprijs[1]

Prijsaanduiding in reclame en de totale verkoopprijs[1]

Prijsaanduiding in reclame en de totale verkoopprijs[1]

15.09.2016 BE law

Het Hof van Justitie heeft uitspraak gedaan over een prejudiciële vraag in verband met een advertentie van Citroën voor een auto met als prijsaanduiding: ‘21 800 EUR1’. Naast de ‘1’ stond er in de voetnoot: ‘prijs plus 790 EUR transportkosten’. Een belangenvereniging vorderde de staking van de advertentie van Citroën.

De vraag was of de kosten van het transport van een auto van de fabrikant naar de verkoper, die ten laste van de consument zijn, inbegrepen moeten zijn in de verkoopprijs zoals aangeduid in een advertentie van de verkoper. In de prejudiciële vraag werd er ook verwezen naar richtlijn 98/6[2].

Het Hof wees er eerst op dat richtlijn 98/6 tot doel heeft de voorlichting aan de consument te verbeteren en een prijsvergelijking te vergemakkelijken, door de aanduiding van de prijs van de producten die een verkoper aan een consument aanbiedt te verplichten. Volgens artikel 3, lid 4 van richtlijn 98/6 is dit ook toepasselijk in bepaalde gevallen van reclame. In geval van reclame, is prijsaanduiding weliswaar niet algemeen verplicht. Maar een advertentie die zowel de specifieke kenmerken van het aangeboden product vermeldt, als een prijs die in de ogen van een normaal geïnformeerde en redelijk omzichtige en oplettende consument lijkt op de verkoopprijs, als een datum tot wanneer het aanbod geldig blijft, kan door de consument gezien worden als een aanbod van de verkoper. In dat geval moet de prijs voldoen aan de voorwaarden van richtlijn 98/6, en moet dus de uiteindelijke prijs vermeld worden. De Belgische rechtspraak rond de totale prijs (artikel VI.2.- VI.7 WER) is hiermee in overeenstemming.

De uiteindelijke prijs moet alle onvermijdbare en voorzienbare elementen van de prijs bevatten. Kosten, zoals de kosten van het transport van een auto van de fabrikant naar de verkoper, die verplicht ten laste van de consument, vormen een bijkomend element van de verkoopprijs. Citroën had dus reclame moeten maken met de volledige verkoopprijs, inclusief de bijkomende transportkosten.

Dit is anders wanneer deze kosten niet verplicht ten laste van de consument vallen. Bijvoorbeeld wanneer het product geleverd wordt op een door de consument gekozen plaats, met andere woorden wanneer de consument ook de keuze heeft om het product af te halen bij de fabrikant. In dit geval moeten deze kosten, die geen onvermijdbaar en voorzienbaar element vormen van de prijs, niet verplicht vermeld worden in de verkoopprijs. In België zijn er sinds het Lagrange-arrest[3] hiervan verschillende toepassingen. Zo moet bijvoorbeeld de verhuurprijs van een vakantieverblijf niet de opkuiskost vermelden als dit optioneel is en de klant dit ook zelf kan doen.

[1] HvJ, C-476/14, Citroën Commerce GmbH t. Zentralvereinigung des Kraftfahrzeuggewerbes zur Aufrechterhaltung lauteren Wettbewerbs eV (ZLW), 7 juli 2016.
[2] Richtlijn 98/6/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 1998 betreffende de bescherming van de consument inzake de prijsaanduiding van aan de consument aangeboden producten, PB L 80 van 18/03/1998.
[3] Brussel 18 mei 1995, DCCR 1994-95, 448; Jaarboek Handelspraktijken & Mededinging 1995, 51; TBH 1996, 623, noot DE BAUW, H..

Team

Related news

20.05.2020 NL law
Stibbe in Amsterdam answers questions from consumers, small business foundations and NGOs about the coronavirus [updated]

Inside Stibbe - In a special Q&A (in Dutch), lawyers from our Amsterdam office share their legal expertise and strive to provide answers to questions put to us by consumers, self-employed persons, enterprises large and small, foundations and NGOs as a result of the corona crisis.

Read more

12.05.2020 NL law
Kroniek van het mededingingsrecht

Articles - Wat de gevolgen van de coronacrisis zullen zijn voor de samenleving, de economie en – laat staan – het mededingingsbeleid laat zich op het moment van de totstandkoming van deze kroniek niet voorspellen. Wel stond al vast dat het mededingingsrecht zal worden herijkt op basis van de fundamentele uitdagingen die voortvloeien uit zich ontwikkelende ideeën over het belang van industriepolitiek, klimaatverandering en de positie van tech-ondernemingen en de platforms die zij exploiteren.

Read more

18.03.2020 EU law
Stibbe: COVID-19

Short Reads - In view of the developments concerning the coronavirus, we hereby inform you of our business operations and the measures we take to ensure the continuity of our services to you.

Read more

09.12.2019 BE law
Stibbe renforce sa pratique de droit européen et de la concurrence par la venue de Sophie Van Besien en qualité d’associée

Inside Stibbe - Bruxelles, le 9 décembre 2019 –  Stibbe a le plaisir d’accueillir Sophie Van Besien, avocate spécialisée en droit européen, droit de la concurrence et des marchés réglementés, en qualité de nouvelle associée au sein de son cabinet bruxellois. Son expertise permettra d’enrichir les prestations actuelles du cabinet au Benelux et de contribuer au développement de son activité en droit européen et en droit de la concurrence ainsi que des marchés réglementés. Sophie Van Besien rejoint Stibbe ce 9 décembre 2019.

Read more