Neodyum Miknatis
amateur porn
implant
olabahis
Casino Siteleri
Kayseri escort
canli poker siteleri kolaybet meritslot
escort antalya
istanbul escort
sirinevler escort
antalya eskort bayan
brazzers
Short Reads

Omzetten Aanbestedingsrichtlijn wordt een hele klus

Omzetten Aanbestedingsrichtlijn wordt een hele klus

Omzetten Aanbestedingsrichtlijn wordt een hele klus

20.03.2014 NL law

Vandaag is op SC Online het volgende interview met Babette Blaisse-Verkooyen gepubliceerd over de nieuwe Europese aanbestedingsrichtlijn.

De nieuwe Europese Aanbestedingsrichtlijn bevat een aantal opmerkelijke verschillen met de pas aangenomen Aanbestedingswet in Nederland. ‘De wetgever en aanbestedende diensten zullen er nog een hele klus aan hebben,’ zegt advocaat Babette Blaisse-Verkooyen.

Blaisse verdiepte zich voor de aanbestedingspraktijk bij kantoor Stibbe in Amsterdam in de nieuwe regels. Deze komen nog geen jaar nadat in Nederland de nieuwe Aanbestedingswet in werking trad. Die moet vooral de toegang tot overheidsopdrachten voor het midden- en kleinbedrijf verbeteren. Dat doel onderschrijft de aangepaste richtlijn ook. Maar concrete punten worden vaak net iets anders uitgewerkt.

Zo mogen aanbestedende diensten van de Nederlandse wet in principe géén omzeteisen stellen. Als hiervan wordt afgeweken, wat alleen kan met zwaarwegende argumenten, dan mag de hoogte van de omzeteis maximaal drie keer de omvang van de opdracht bedragen. De nieuwe Europese regels betekenen enerzijds een versoepeling hiervan, doordat omzeteisen niet taboe worden verklaard. Anderzijds introduceert de richtlijn een aangescherpt maximum, namelijk van tweemaal de omvang van de opdracht.

Wat betekent dit voor de Nederlandse praktijk van omzeteisen?

‘Het maximum moet ook in Nederland worden teruggebracht naar tweemaal de geraamde omzet van de overheidsopdracht. Het uitgangspunt dat je helemáál geen omzeteisen zou moeten stellen, kan naar mijn idee in de Nederlandse wet blijven staan, ook al ontbreekt dat in de richtlijn.’

Dat laatste zou een verantwoorde nationale kop op de Europese regels zijn?

‘Ja, zo zou je het kunnen noemen. Ik denk dat het voor Europa toelaatbaar is dat Nederland een stap verdergaat. Je moet daarvoor kijken naar het einddoel waar de Nederlandse wetgever aan moet voldoen. Dat is in dit geval proportionaliteit oftewel dat er geen onredelijke zaken worden gevraagd van bedrijven. Lidstaten mogen zelf regels opstellen om dat eindresultaat dichterbij te brengen, binnen de gegeven kaders, zolang het niet in strijd is met de Aanbestedingsrichtlijn.’

Een veelgehoorde klacht over Europese aanbestedingen is dat ze ingewikkeld, tijdrovend en daardoor duur zijn. Verandert deze richtlijn dat?

‘Dat denk ik niet. Het wordt zeker geen wereldschokkende omslag. Europese aanbestedingen blijven gepaard gaan met veel strenge regels, dat basisidee verandert niet. Gemeenten zullen ook straks juristen nodig hebben om te begrijpen wat er precies bedoeld wordt met veel regels. Wel wordt een aantal versoepelingen en vereenvoudigingen doorgevoerd.

‘Ook worden er zaken verduidelijkt, doordat vaste rechtspraak van het Europese Hof van Justitie over een aantal onderwerpen in de Aanbestedingsrichtlijn is opgenomen. Zoals het begrip “wezenlijke wijziging”. Als een overheidsopdracht tijdens de looptijd van de overeenkomst wezenlijk wijzigt, dan moet er een nieuwe aanbestedingsprocedure worden georganiseerd. Maar wat is nu een wezenlijke wijziging? Daarover is in de nieuwe richtlijn een uitgebreid artikel opgenomen.

‘Zo wordt een stijging van de opdrachtsom, in het geval van een overheidsopdracht voor werken, met minder dan 15 procent niet wezenlijk geacht. Dat is een heel concreet punt. Voor overheidsopdrachten voor leveringen en diensten ligt dit percentage op 10 procent.

‘Alles opgeteld zijn er heel wat aanpassingen. Ik verwacht dat Nederland nog een hele klus zal krijgen aan het doorvoeren hiervan in de Aanbestedingswet. Dat geldt ook voor de aanbestedende diensten, die de regels moeten toepassen in de praktijk.’

In Nederland geldt sinds de Aanbestedingswet het clusterverbod, waardoor opdrachten niet meer onnodig mogen worden samengevoegd. Wat stelt de nieuwe richtlijn op dat punt?

‘De considerans van de richtlijn bevat een passage hierover die mijn aandacht trok. Hierin wordt gesteld dat het clusteren van percelen, als daartoe wordt overgegaan, moet worden toegelicht door de aanbestedende dienst. Tot zover zie ik praktisch geen verschil met de Nederlandse wet. Maar volgens de considerans moet een aanbestedende dienst “autonoom iedere door hem relevant geachte reden kunnen laten gelden, zonder administratief of gerechtelijk toezicht”.’

Kortom, elke reden die een overheid bedenkt om opdrachten te clusteren houdt straks juridisch stand? Dat zou het clusterverbod buiten werking stellen.

‘Die zin lijkt inderdaad te suggereren dat er veel ruimte is. Wellicht wel meer ruimte dan op nationaal niveau thans wordt aangenomen. Het lijkt eenvoudiger te worden om een bepaalde argumentatie op te nemen in de aanbestedingsstukken. Maar, zeg ik erbij, misschien zit hier alleen een tekstueel voordeel voor aanbestedende diensten in. Marktpartijen hebben de mogelijkheid de beslissing van een aanbestedende dienst om niet tot het opdelen in percelen over te gaan juridisch aan te vechten. We zullen afwachten wat daaruit komt.’

Bij de behandeling van de Aanbestedingswet is kritiek geuit op de timing met het oog op de nieuwe Europese regels. Het zou geen zin hebben en zelfs verwarring in de hand werken om twee wetswijzigingen achter elkaar door te voeren. Wat vindt u?

‘Ik zit daar wat anders in. De Aanbestedingswet biedt duidelijke voordelen, zoals de verplichte eigen verklaring, die ondernemers veel administratieve lasten bespaart doordat ze niet allerlei bewijsstukken op voorhand hoeven te overleggen. Nederlandse bedrijven hebben nu al dat voordeel. Let wel, lidstaten hebben nog twee jaar om deze richtlijn te vertalen in nationale wetgeving.’

Related news

03.12.2020 NL law
The next 5 years: European Commission launches New Consumer Agenda

Short Reads - Despite the ongoing COVID-19 pandemic, the European Commission is already looking ahead to set its consumer protection priorities for the next five years. Key points in the New Consumer Agenda include equipping consumers with better information on product sustainability, digital transformation, effective enforcement, safety concerning products ‘made in China’ and protecting particularly vulnerable consumers such as children, older people or those with disabilities. The New Consumer Agenda is a follow-up to the 2018 New Deal for Consumers.

Read more

03.12.2020 NL law
On the right track? GC sends mixed messages with Lithuanian Railways

Short Reads - The essential facilities doctrine imposes on holders of indispensable facilities a duty to deal with their competitors. While a railway track may seem essential, a track’s removal does not fall under this doctrine if carried out by a monopolist manager of a state-developed facility bearing a statutory obligation to grant third parties access to its facilities. According to the General Court, the Commission was therefore correct to use the general framework for abuse of a dominant position to assess the Lithuanian railway operator’s removal of a railway track.

Read more

02.12.2020 EU law
Muriël Rosing on panel for GIR Interactive Regional Spotlight

Speaking slot - The Global Investigations Review (GIR) is organising the ‘GIR Interactive Regional Spotlight’ from 7 to 10 December 2020. During the conference on 8 December, Muriël Rosing will attend ‘Europe day’ and speak at the panel “The view from continental Europe – key trends impacting compliance and investigations”.

Read more