Articles

Administrative Law & Real Estate

Administrative Law & Real Estate

01.09.2012 NL law

A.  Nieuwe wet- en regelgeving per 1 oktober 2012 
 
1.  Interbestuurlijk toezicht:
Wet revitalisering generiek toezicht 
 
Op 1 oktober 2012 is de Wet revitalisering generiek toezicht in werking getreden. Het doel van deze wet is het interbestuurlijk toezicht op provincies en gemeenten te vereenvoudigen.

De wet bepaalt dat het interbestuurlijk toezicht in beginsel wordt belegd bij de bestuurslaag die één niveau hoger ligt. Het toezicht op gemeenten ligt dus primair bij de provincie en het toezicht op provincies primair bij het rijk.

Van dit nabijheidprincipe wordt slechts afgeweken voor die terreinen waarop de provincies geen taak hebben en daarom inhoudelijke expertise missen. In dat geval blijft het rijk toezicht houden op de gemeente. Dit is met name het geval bij de naar gemeenten gedecentraliseerde taken in het sociale domein. Een overzicht van de wetten waarvan het toezicht bij het rijk blijft, staat in bijlage I van de Gemeentewet.

Het specifieke toezicht zoals dat was opgenomen in diverse bijzondere wetten, zoals goedkeuringsvereisten, is waar mogelijk komen te vervallen en is vervangen door één algemene regeling in de Gemeentewet en Provinciewet. In het kader van interbestuurlijk toezicht wordt nagegaan of een gemeente of provincie in strijd handelt met het recht of het algemeen belang, of dat er medebewindstaken niet of niet goed worden uitgevoerd. In dat geval kunnen twee generieke instrumenten worden gebruikt: de "indeplaatsstelling bij taakverwaarlozing" of de "schorsing en vernietiging". Bij indeplaatsstelling neemt een hogere overheid de taak over. Bij schorsing en vernietiging wordt het besluit ongedaan gemaakt.
Doordat het generieke toezicht in beginsel in de plaats komt van het specifieke toezicht dat in bijzondere wetten was opgenomen, wordt in de literatuur wel gevreesd voor een te grote inmenging van hogere overheden in het lokale bestuur.

Meer informatie over deze wet is te vinden in het Handboek Wet revitalisering generiek toezicht van VNG, IPO en BZK. Vragen over de wet kunnen worden gesteld bij het informatiepunt van het ministerie van Binnenlandse Zaken. Het adres is: postbus.ibt@minbzk.nl.

2.  Wijziging Barro en Bro:
meer rijksregels voor nationale ruimtelijke belangen 
 
Op 1 oktober 2012 zijn het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) en het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) gewijzigd.

Het Barro heeft als doel de nationale ruimtelijke belangen die zijn neergelegd in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) te borgen. Met deze wijziging (Stb. 2012, 388) worden enkele nationale ruimtelijke belangen aan het Barro toegevoegd. Het betreft onder meer onderwerpen op het gebied van de hoofdinfrastructuur, de elektriciteitsvoorziening, het regime van de herijkte ecologische hoofdstructuur en waterveiligheid.

Met deze wijziging hangt samen een wijziging van de (op het Barro gebaseerde) Regeling algemene regels ruimtelijke ordening (Rarro). Ook deze wijziging (Stcrt. 2012, 18324) is op 1 oktober jl. in werking getreden.

De wijziging van het Bro verplicht gemeenten en provincies om in de toelichting van een ruimtelijk besluit een "ladder voor duurzame verstedelijking" op te nemen als zo'n besluit een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt. 
 
3.  Nieuwe digitale eisen aan ruimtelijke plannen:
RO Standaarden 2012 
 
Op 1 oktober 2012 is de Regeling standaarden ruimtelijke ordening 2012 (RSRO2012) in werking getreden.

Sinds 1 januari 2010 zijn ruimtelijke plannen, zoals bestemmingsplannen, digitaal te raadplegen op de website http://ruimtelijkeplannen.nl. De regels voor de elektronische vaststelling, beschikbaarstelling en bekendmaking van deze plannen zijn neergelegd in het Bro en het Bor. De feitelijke digitale werkwijze is neergelegd in de RSRO2012 met daarbij behorende ruimtelijke ordeningsstandaarden. De RO standaarden bevatten normen voor de digitale vormgeving, inrichting en beschikbaarstelling van de ruimtelijke instrumenten.

Tegelijk met de inwerkingtreding van de RSRO2012 is ook het Bor gewijzigd (Stb. 2012, 332). Door deze wijziging worden gemeenten verplicht om niet alleen het vastgestelde bestemmingsplan, maar ook het ontwerpbesluit te publiceren. Daarnaast zal voortaan op ruimtelijkeplannen.nl kenbaar worden gemaakt of en in hoeverre een bestemmingsplan daadwerkelijk in werking is getreden en of een plan onherroepelijk is. Ook moeten gemeenten voortaan op ruimtelijkeplannen.nl de verlening van een omgevingsvergunning waarbij van het bestemmingsplan wordt afgeweken mededelen.

De RSRO2012 vervangt de RSRO 2008. Vanaf 1 juli 2013 zijn overheden verplicht de RO Standaarden 2012 toe te passen.

De RSRO2012 is gepubliceerd in Stcrt. 2012, 14821. De RO Standaarden en meer informatie over de RO Standaarden zijn te vinden op de website van Geonovum

4.  Wettelijke grondslag voor provinciaal medebewind en ontheffingsbevoegdheid in de WroTitel 
 
Op 1 oktober 2012 is de Wet ruimtelijke ordening (Wro) gewijzigd (Stb. 2012, 306).

Deze wijziging regelt dat in een algemene maatregel van bestuur (amvb) kan worden bepaald dat bij provinciale verordening rijksregels kunnen worden uitgewerkt. Dit wordt "provinciaal medebewind" genoemd. Daarnaast bevat de Wro nu uitdrukkelijk de mogelijkheid om in een amvb en in provinciale verordeningen met algemene regels ten aanzien van de ruimtelijke ordening een ontheffingsbevoegdheid op te nemen. Het eerder in deze nieuwsbrief genoemde Barro is een amvb die gebruik maakt van deze wettelijke bevoegdheden. 
 
5.  Vierde tranche Crisis- en herstelwetitel 
 
Op 24 oktober 2012 is het Besluit uitvoering Crisis- en herstelwet, vierde tranche in het Staatsblad gepubliceerd. Het besluit is op 25 oktober 2012 in werking getreden. Een van de wijzigingen is dat de definitie van "miniwindturbine" is gewijzigd. Voortaan wordt de tiphoogte gemeten vanaf de nokhoogte van het gebouw waaraan die miniwindturbine elektriciteit levert. Daarnaast zijn er diverse projecten toegevoegd aan het besluit, onder meer projecten in de gemeenten Almere, Leeuwarden, Deventer en Zoetermeer. 

B.  Interessante uitspraken en nieuwe wetsvoorstellen 
 
6.  Aanbestedingswet aangenomen door de Eerste Kamer 
 
Op 30 oktober 2012 heeft de Eerste Kamer de Aanbestedingswet aangenomen. Het rijk streeft er naar de wet op 1 januari 2013 in werking te laten treden.

Ter uitvoering van onderdelen van de Aanbestedingswet zal tevens een algemene maatregel van bestuur in werking treden, genoemd het Aanbestedingsbesluit. De Aanbestedingswet en het Aanbestedingsbesluit zullen het nieuwe, uniforme wettelijk aanbestedingskader vormen. Daardoor komen de Raamwet EEG-voorschriften aanbestedingen, het Besluit Aanbestedingsregels voor Overheidsopdrachten (Bao), het Besluit Aanbestedingen Speciale Sectoren (Bass) en de Wet Implementatie Rechtsbeschermingsrichtlijnen Aanbesteden (WIRA) te vervallen.

Een van de doelen van de nieuwe wetgeving is het verbeteren van de toegang tot aanbestedingen voor marktpartijen. Zo bepaalt de Aanbestedingswet dat opdrachten gesplitst in percelen moeten worden aanbesteed en wordt het stellen van omzeteisen beperkt. Daarnaast wordt in het Aanbestedingsbesluit de toepassing van de Gids Proportionaliteit voorgeschreven. Deze gids geeft richtsnoeren voor het formuleren van redelijke en proportionele eisen bij aanbestedingen. Voor veel van deze nieuwe voorschriften geldt overigens dat aanbesteders daarvan mogen afwijken, mits die afwijking deugdelijk gemotiveerd kan worden.

Verder is een belangrijke wijziging dat opdrachten voortaan gegund moeten worden op basis van het criterium "economisch meest voordelige inschrijving". Gunning op basis van enkel prijs is slechts nog toegestaan indien daar een motivering voor gegeven kan worden. Nieuw is ook de introductie van bepalingen voor aanbestedingen van opdrachten beneden de drempelwaarden. Zo bepaalt het Aanbestedingsbesluit dat bij aanbestedingen van werken beneden de drempel het Aanbestedingsreglement Werken (ARW) moet worden toegepast. Ook hier geldt dat afwijking mogelijk is, mits gemotiveerd. Om aan te sluiten bij de Aanbestedingswet is het ARW 2005 overigens volledig herzien en vervangen door het ARW 2012. Naar verwachting zal het Aanbestedingsbesluit bij inwerkingtreding verwijzen naar de meest recente versie, die dan ARW 2013 genoemd zal worden.

Tot slot bevat het wetsvoorstel een aantal wijzigingen van minder ingrijpende aard. Zo wordt de "Alcatel"-termijn, waarbinnen bezwaar gemaakt moet worden tegen gunningbeslissingen, verlengd van 15 naar 20 kalenderdagen.

Meer informatie over de nieuwe aanbestedingsregels is te vinden op de websites van de rijksoverheid en PIANOo. Alle kamerstukken van de Aanbestedingswet zijn hier te vinden. Ten slotte wordt gewezen op het persbericht over het aannemen van de wet door de Eerste Kamer. 
 
7.  Wet verhuurderheffing 
 
Het wetsvoorstel Verhuurderheffing introduceert een nieuwe heffing aan het adres van verhuurders die meer dan tien woningen verhuren binnen de gereguleerde sector. De heffing wordt berekend over de som van de WOZ-waarde van deze huurwoningen. De verhuurderheffing moet ingaan op 1 januari 2013. Voor 2013 wordt een tarief voorgesteld van 0,0014% en voor 2014 een tarief van 0,231%. De gemiddelde heffing per woning zal in 2013 neerkomen op ca. €2,- en vanaf 2014 op ongeveer €356,- per woning per jaar.

De verhuurderheffing is alleen van toepassing op woningen waarvan de huurprijs lager is dan de huurtoeslaggrens. Met name woningbouwcorporaties zullen aldus getroffen worden door de heffing. Nu alleen de hoogte van het huurbedrag als criterium geldt, kunnen evenwel ook andere verhuurders door de heffing worden getroffen. Zo kan ook de verhuur van zelfstandige woningen door AWBZ-instellingen of de verhuur in het kader van studentenhuisvesting tot een heffing leiden.

Het wetsvoorstel en alle overige kamerstukken zijn hier te lezen. 
 
8.  Verplichte herstelmogelijkheid bij elektronisch ingediend bezwaarschrift of zienswijze 
 
Het gebeurt regelmatig dat per e-mail bezwaar of een zienswijze wordt ingediend zonder dat de elektronische weg formeel door het bestuursorgaan is opengesteld. Leidt dit altijd tot niet-ontvankelijkheid? De Afdeling heeft geoordeeld dat dit niet het geval is. Een bestuursorgaan moet eerst een herstelmogelijkheid geven. Dat betekent dat het bestuursorgaan de verzender van de e-mail erop moet wijzen dat zijn bezwaarschrift of zienswijze gebrekkig is (omdat het niet per post maar per e-mail is verzonden) en de verzender de kans moet geven om binnen een bepaalde termijn dit gebrek te herstellen.

De Afdeling oordeelt dat de herstelmogelijkheid moet worden geboden als uit het e-mailbericht valt af te leiden dat daarmee beoogd wordt bezwaar te maken en het is verzonden naar het officiële e-mailadres van het desbetreffende overheidslichaam of van de ambtelijke dienst die het aangaat, dan wel naar het zakelijke e-mailadres van een ambtenaar, met wie de indiener zodanig contact over de zaak heeft gehad, dat hij ervan mocht uitgaan dat het e-mailbericht met het bezwaar of administratief beroep ook naar die ambtenaar mocht worden gestuurd.

Dat dit uitgangspunt geldt voor het indienen van een bezwaarschrift per e-mail blijkt uit de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 29 augustus 2012 (LJN: BX5972). De Afdeling heeft een vergelijkbaar oordeel over een per e-mail ingediende zienswijze gegeven op 26 september 2012 (LJN: BX8302). 
 
9.  Taak van de nationale rechter bij staatssteun 
 
Het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) heeft zich op 13 september 2012 (LJN: BX6991) uitgelaten over de taak van de nationale rechter bij de toepassing van de toezichtregeling voor staatssteun. Op grond van het VWEU moeten staatssteunmaatregelen worden gemeld bij de Europese Commissie. Als dat ten onrechte niet gebeurt, is deze onwettig. Een onwettige maatregel moet ongedaan worden gemaakt door middel van de terugvordering daarvan, teneinde de vroegere toestand te herstellen. Het hoofddoel hiervan is de opheffing van de verstoring van de mededinging die voortkomt uit het concurrentievoordeel dat door de onrechtmatige steun wordt verschaft. Slechts in geval van uitzonderlijke omstandigheden kan het aangewezen zijn om hier niet toe over te gaan.

De taak van de nationale rechter bij de toepassing van de toezichtregeling voor staatssteun bestaat er uit om toe te zien op de vrijwaring van de rechten van de justitiabelen in geval van schending van de verplichting tot voorafgaande aanmelding van steunmaatregelen bij de Commissie. Een uitspraak die ertoe zou strekken dat de verlener van ten onrechte niet aangemelde staatssteun het in zijn macht krijgt om het oordeel van de Europese Commissie over de verenigbaarheid daarvan met de interne markt af te wachten en dat de steun tot dat moment ongewijzigd in stand blijft, is in strijd met de taak die de nationale rechter en de nationale overheid heeft. Die taak strekt er immers toe om effectieve maatregelen te treffen om in afwachting van een eindbeslissing van de Commissie de door de steunverlening veroorzaakte verstoring van de mededinging op te heffen. 
 
10.  Nieuwe rijksvisies: structuurvisie windenergie op land, structuurvisie buisleidingen en een luchtvaartvisie 
 
Op 14 september 2012 is een kennisgeving van het voornemen om een rijksstructuurvisie Windenergie op Land (“SWOL”) op te stellen in de Staatscourant gepubliceerd. De SWOL dient een ruimtelijk kader te geven voor de plaatsing van grote windparken op land (vermogen >100 MW). Vanwege de grote impact van dergelijke windparken heeft de rijksoverheid het noodzakelijk geacht om een integrale visie hiervoor op te stellen, mede in lijn met de motie Dikkers van de Tweede Kamer. In deze motie riep de Tweede Kamer de regering op om, kort gezegd, lopende rijkscoördinatieprojecten voor een periode van zes maanden stil te leggen en met de provincies afspraken te maken over de locaties voor grootschalige windparken op land. Voor de structuurvisie wordt een milieueffectrapport opgesteld, waarin de mogelijke locaties worden onderzocht en de effecten onderling worden afgewogen. De uitkomst van dit milieuonderzoek zal grotendeels bepalend zijn voor de inhoud van het SWOL. Vooralsnog is onduidelijk of nog te maken prestatieafspraken tussen rijk en provincies over de doorgroei naar 6.000 MW op land (en de hiervoor benodigde gebieden) ook in het milieuonderzoek zullen worden betrokken. Meer informatie is te vinden op de website van het Centrum Publieksparticipatie.

Op 29 oktober jl. is de Structuurvisie Buisleidingen bij de Tweede Kamer ingediend. De Structuurvisie Buisleidingen is een visie van het rijk waarmee het rijk voor de komende 20 tot 30 jaar ruimte wil reserveren in Nederland voor toekomstige buisleidingen voor gevaarlijke stoffen. Het gaat daarbij om ondergrondse buisleidingen voor het transport van aardgas, olieproducten en chemicaliën, die provinciegrens- en vaak ook landgrensoverschrijdend zijn. In de structuurvisie wordt een hoofdstructuur van verbindingen aangegeven waarlangs ruimte moet worden vrijgehouden, om ook in de toekomst een ongehinderde doorgang van buisleidingtransport van nationaal belang mogelijk te maken. De Structuurvisie Buisleidingen is het vervolg op het Structuurschema buisleidingen uit 1985. Voor meer informatie wordt verwezen naar de Structuurvisie Buisleidingen 2012-2035 met de begeleidende brief en bijlagen alsmede naar het persbericht.

Ten slotte is op 10 september 2012 de luchtruimvisie aan de Tweede Kamer aangeboden. In de luchtruimvisie wordt ingegaan op de toekomstige ontwikkelingen en de strategie ten aanzien van de inrichting, het beheer en het gebruik van het Nederlandse luchtruim. De brief met als bijlage de luchtruimvisie zijn geplaatst in het kamerstukkendossier 31936.  
 
11.  Nieuw ROZ model huurcontract winkelruimte 2012 
 
Op 2 oktober 2012 heeft de Raad voor de Onroerende Zaken (ROZ) een nieuw model huurovereenkomst voor bedrijfsruimte in de zin van artikel 7:290 BW geïntroduceerd. Het betreft een update van het vorige model dat uit 2008 dateert. Ook de bij het model horende algemene bepalingen zijn vernieuwd.

Het ROZ-model staat van oudsher bekend als een verhuurders-vriendelijk contract. Bij de versie van 2008 was al geprobeerd om meer evenwicht aan te brengen in de posities van huurder en verhuurder. In het nieuwe model is nu opnieuw een aantal huurdersvriendelijke veranderingen doorgevoerd.

Zo heeft de verhuurder nu een mededelingsplicht bij de aanvang van de huurovereenkomst, omtrent gebreken die gebruik overeenkomstig de bestemming verhinderen. Daarnaast wordt de aansprakelijkheid van de verhuurder enigszins uitgebreid: hij kan zich niet langer op uitsluiting hiervan beroepen indien het gehuurde op de huuringangsdatum niet geschikt blijkt te zijn voor het overeengekomen gebruik, of indien hij een sommatie tot herstel van een gebrek negeert. Ten slotte is expliciet voorzien in de mogelijkheid van het overeenkomen van optieperiodes.
Toch is het model nog altijd overwegend verhuurdersvriendelijk. Zo wordt het begrip 'gebrek' nog steeds ten nadele van de huurder beperkt, gelden diverse boetes alleen voor de huurder en wordt de aansprakelijkheid van de verhuurder voor schade in grote mate beperkt.

Het nieuwe model en de bijbehorende algemene bepalingen zijn hier te vinden.
  
12.  Informele consultatie Omgevingswet 
 
In de vorige nieuwsbrief is al gemeld dat het wetsvoorstel voor de Omgevingswet de informele consultatie met departementale, bestuurlijke en maatschappelijke partners is ingegaan. In het kader van deze consultatie worden er diverse bijeenkomsten gehouden. Zo heeft de TU Delft (praktijkleerstoel gebiedsontwikkeling) in september een congres georganiseerd waarvan het verslag hier te lezen is. Ook is Fleur Onrust uitgenodigd om op het ministerie haar visie op het systeem van de Omgevingswet te geven.

De planning is dat het wetsontwerp in het voorjaar van 2013 ter advisering naar de Raad van State kan worden gestuurd. 
 
13.  Wijzigen of aanvullen van inschrijvingen bij aanbestedingen 
In procedures wordt geregeld gediscussieerd over de vraag in hoeverre een inschrijving na indiening nog gewijzigd en/of aangevuld mag worden. Het komt immers niet zelden voor dat een inschrijving (kleine) onvolledigheden of onjuistheden bevat. De rechtspraak van de afgelopen jaren leert dat wijziging en/of aanvulling van een inschrijving slechts in uitzonderingsgevallen toelaatbaar is. Een duidelijk, uniform toetsingskader viel daarbij echter niet altijd te ontdekken.

Recente rechtspraak vertoont echter wél meer eenduidigheid (Vzr. Rb. Den haag 13 september 2012, LJN: BX7357; Hof Arnhem 7 augustus 2012,  LJN: BX4609 en Vzr. CBB 25 juli 2012, LJN: BX3086). In deze uitspraken wordt aangehaakt bij het in het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 29 maart 2012 (C-599/10) geformuleerde toetsingskader. In dit arrest werd geoordeeld dat in uitzonderlijke gevallen inschrijvingen mogen worden verbeterd of aangevuld, met name omdat deze klaarblijkelijk een eenvoudige precisering behoeven of om kennelijke materiële fouten recht te zetten. De wijziging mag er evenwel niet toe leiden dat in feite een nieuwe inschrijving wordt gedaan. Voor het geval de aanbesteder verzoekt om aanpassing van de inschrijving, formuleert het Hof voorts enkele voorwaarden waaraan zo'n verzoek moet voldoen. Zo mag het verzoek pas worden gedaan nádat de aanbesteder kennis heeft genomen van alle inschrijvingen.

Interessant is overigens dat het Hof voor de (uitzonderings)mogelijkheid niet vereist dat het gebrek in de inschrijving gevolg is van omstandigheden die in de risicosfeer van de aanbesteder liggen. In de Nederlandse rechtspraak werd dat nog wel eens van belang geacht (bijv. Vzr. Rb. Den Haag 25 augustus 2011,LJN: BU6426). 
 
14.  Aanbestedingswet op defensie- en veiligheidsgebied 
 
De Tweede Kamer heeft dinsdag 2 oktober 2012 ingestemd met de Aanbestedingswet op defensie- en veiligheidsgebied (ter implementatie van een Europese richtlijn). Met de implementatie van de richtlijn wordt beoogd dat binnen de Europese Unie een geharmoniseerd wettelijk kader ontstaat, dat is toegesneden op het aanbesteden van opdrachten op het gebied van defensie en veiligheid. Daarnaast heeft de richtlijn als doel meer concurrentie in de toeleveringsketen van de Europese defensie- en veiligheidsmarkt te bewerkstelligen. Het voorstel voor de 'defensie-aanbestedingswet' werd op 26 september 2012 door de Tweede Kamer behandeld. Deze benadrukte – ondanks instemming met het voorstel – dat de regering het belang van de Nederlandse defensie- en veiligheidsindustrie niet uit het oog moet verliezen. Deze Nederlandse industrie zal geconfronteerd worden met een internationale defensiemarkt en dus potentieel meer concurrentie. Voorkomen moet worden, aldus de Kamer, dat de aanbestedingsregels strikter worden nageleefd in Nederland dan in andere landen, waardoor buitenlandse bedrijven hier meer kansen krijgen doch andersom Nederlandse bedrijven geen of weinig kans maken op de internationale defensie markt. Minister Verhagen (EL&I) heeft toegezegd zich in te blijven zetten voor de Nederlandse defensie industrie. Zo zal de regering er op toezien hoe andere Europese landen de aanbestedingswet toepassen en zich als "slimme volger" opstellen.

Uit een recent artikel in het FD volgt dat de Nederlands defensiemarkt de nodige bezwaren heeft tegen 'defensie-aanbestedingswet'.

Overigens is de implementatiedatum van de Europese richtlijn in augustus 2011 verstreken. Derhalve dreigt de Europese Commissie met het opleggen van een dwangsom aan de Nederlandse staat (het afdwing-mechanisme ter implementatie). Het voorstel tot de 'defensie-aanbestedingswet' wordt nu behandeld door de Eerste Kamer. Onduidelijk is nog wanneer erover gestemd wordt. Het gewijzigd voorstel van wet en de voortgang zijn op de website van de Eerste Kamer te raadplegen. 
 
15.  Modelovereenkomst DBFM(O) 
 
Sinds 4 oktober jl. zijn op de website van PPS bij het rijk Engelse vertalingen beschikbaar van zowel de rijksbrede Modelovereenkomst DBFM(O) [2012], versie Infrastructuur als de Modelovereenkomst DBFM(O) [2012], versie Huisvesting. Ook een Engelse vertaling van het model Aanbestedingsleidraad concurrentiegerichte dialoog is via deze website beschikbaar. De Engelse vertalingen zijn nuttig omdat de Nederlandse PPS-praktijk in toenemende mate in de belangstelling staat van internationale investeerders en banken.

DBFMO staat voor Design, Build, Finance, Maintain and Operate. Bij dit type contract verbindt een opdrachtnemer zich, naast het ontwerpen, bouwen en onderhouden van een project, tevens tot het financieren en in voorkomende gevallen exploiteren van een project. Recente DBFM(O)-projecten zijn de A15 Maasvlakte – Vaanplein, de A12 Utrecht Lunetten Veenen, de Tweede Coentunnel en Westrandweg en het Nationaal Militair Museum Soesterberg (defensiemuseum). 
 
C.  Stand van zaken wetgeving 
 
Hieronder volgt een kort overzicht van de stand van zaken van diverse wetsvoorstellen.

Omgevingswet. Het wetsvoorstel voor de Omgevingswet is de informele consultatie met departementale, bestuurlijke en maatschappelijke partners ingegaan. De planning is dat het wetsontwerp in het voorjaar van 2013 ter advisering naar de Raad van State kan worden gestuurd.

Wet aanpassing bestuursprocesrecht. Dit wetsvoorstel ligt bij de Eerste Kamer. Het nader voorlopig verslag van 16 oktober 2012 is hier te lezen. Naar verwachting treedt de wet in werking op 1 januari 2013.

Wet nadeelcompensatie en schadevergoeding bij onrechtmatige besluiten. Dit wetsvoorstel ligt bij de Eerste Kamer. Het voorlopig verslag van 11 september 2012 is hier te lezen. Naar verwachting treedt de wet in werking op 1 januari 2013

Het wetsvoorstel tot wijziging van de Crisis- en herstelwet en diverse andere wetten in verband met het permanent maken van de Crisis- en herstelwet en het aanbrengen van enkele verbeteringen op het terrein van het omgevingsrecht. Het gewijzigd voorstel van wet zoals dit op 5 juli 2012 aan de Eerste Kamer is aangeboden is hier te lezen. Op 23 oktober jl. is het voorlopig verslag vastgesteld.

Wet natuurbescherming: Het wetsvoorstel en de memorie van toelichting zijn op 20 augustus aan de Tweede Kamer aangeboden. Alle kamerstukken zijn hier te vinden.

Aanbestedingswet. Deze wet is op 30 oktober 2012 door de Eerste Kamer aangenomen. De wet zal naar verwachting op 1 januari 2013 in werking treden. Alle kamerstukken van deze wet zijn hier te vinden.

Wet houdbare overheidsfinanciën (HOF). Het wetsvoorstel en de memorie van toelichting zijn op 21 september 2012 aan de Tweede Kamer aangeboden. Uitgangspunt van deze wet is dat het rijk en de decentrale overheden een gelijkwaardige bijdrage moeten leveren aan het terugdringen van het begrotingstekort (EMU-tekort). Alle kamerstukken zijn hier te vinden. 
 
D.  Publicaties 
 
Hieronder volgt een selectie van recente publicaties van de Stibbe advocaten van Administrative Law & Real Estate. Door op de link te klikken kunt u de artikelen en annotaties downloaden.

Kroniek van het Europese aanbestedingsrecht
Babette Blaisse-Verkooyen en David Orobio de Castro
Afdekking van koelingen is splijtzwam
Tijn Kortmann en Valérie van 't Lam, Distrifood 25 augustus 2012, p. 14
Openbaarheid van bestuur
Tom Barkhuysen, NJB 2012, afl. 33, p. 2271
Onrechtmatige rechtspraak
Tom Barkhuysen, NJB 2012, afl. 26, p. 1777
Over royale pechdempers en allesreinigers. Verslag van het congres 'coulant compenseren
Machteld Claessens en Matthijs Timmer, O&A 2012/59
Het besluit bodemkwaliteit: bodemvreemde planten en andere jurisprudentie 2008-2012
Thomas Sanders, BR 2012/113
Uitdijing van de werking van het transparantiebeginsel: van concessies naar vergunningen?
Annemarie Drahmann, NTB 2012/25
Annotatie over de juridische positie van de Stichting Reclame Code (SRC) en de zelfregulering in de reclamesector
Jan Reinier van Angeren, Mediaforum 2012/22
Annotatie over toewijzing van emissierechten aan nieuwkomers
Jan Reinier van Angeren, AB 2012/296
Annotatie over de vergoeding van immateriële schade na discriminatie
Tom Barkhuysen en Simon Boersen, JG 12.0058
Annotatie over een bestuurlijke boete die is opgelegd aan het Commissariaat voor de Mediaor
Christien Saris, AB 2012/265
Annotatie over de Flora- en faunawetpilot Tijdelijke natuur
Fleur Onrust, BR 2012/140
Annotatie over het inbrengen nieuwe gronden drie weken nadat de Afdeling de StAB heeft verzocht een deskundigenbericht uit te brengen: Strijd met de goede procesorde
Valérie van 't Lam, M&R 2012/111
Annotatie bij de eerste uitspraak over de omgevingsvergunning beperkte milieutoets (OBM)
Valérie van 't Lam, StAB 2012-77
Annotatie over de verschoonbaarheid van termijnoverschrijdingen bij een onjuiste rechtsmiddelenverwijzing door het bestuursorgaanor
Thomas Sanders, JM 2012/123
Annotatie over het elektronisch publiceren van besluiten
Thomas Sanders, JM 2012/122
Annotatie over het publiceren van besluiten
Thomas Sanders, JM 2012/121
Annotatie over het invorderen van dwangsommen bij het overtreden van geurvoorschriften
Thomas Sanders, JM 2012/103 

Team

Related news

15.11.2017 BE law
Hof van Cassatie trekt streep door eerste schadevergoeding toegekend door Raad van State

Articles - Opdat aan de Raad van State een ontvankelijk verzoek tot schadevergoeding zou kunnen worden gericht, is onder meer vereist dat er een arrest voorligt waarin de Raad van State de onwettigheid van een handeling vaststelt. Het Hof van Cassatie verduidelijkt in een arrest van 15 september 2017 wat moet worden begrepen als een "arrest waarbij de onwettigheid wordt vastgesteld". Een arrest dat de intrekking vaststelt, valt er volgens het Hof niet onder.

Read more

07.11.2017 NL law
7 December 2017: Anna Collignon and Marleen Velthuis give a lecture about administrative and criminal enforcement action under environmental law

Speaking slot - On 7 December, lawyers Anna Collignon (administrative law) and Marleen Velthuis (criminal law) will give a lecture at the University of Amsterdam (UvA) about the possible enforcement action that companies could face under environmental law. They will  focus on the area where administrative supervision turns into a criminal investigation and provide insight into the different rules and obligations for each stage of the investigation.

Read more

10.11.2017 BE law
Brussel hertekent stedenbouwkundig landschap (DEEL 2: VERGUNNINGEN)

Articles - Met een grondige facelift van de bestaande regels in het Brussels Wetboek Ruimtelijke Ordening (BWRO), wil het Brussels Gewest projectontwikkeling flexibeler maken en sneller doen vooruitgaan. Het Brussels parlement heeft de hervorming van het BWRO op 13 oktober 2017 goedgekeurd.  Een aantal nieuwigheden lijken overgewaaid uit de Brusselse regels inzake milieuvergunningen en uit het Vlaamse Gewest. Hierna een overzicht van hetgeen u zeker niet mag missen.

Read more

07.11.2017 BE law
De Codextrein: hoe zit dat nu? Een stand van zaken

Articles - De Codextrein nadert het eindstation met (opnieuw) enkele extra wagonnetjes. Over de eerste reeks van extra amendementen werd het advies van de afdeling Wetgeving van de Raad van State ingewonnen. Dit alles had vandaag moeten worden besproken in de bevoegde Commissie van het Vlaams Parlement. Gelet op het laattijdig ontvangen van een tweede reeks van nieuwe amendementen (ter antwoord op de bezorgdheden van de afdeling Wetgeving van de Raad van State), werd de behandeling in de Commissie met één week uitgesteld.

Read more

Our website uses cookies: third party analytics cookies to best adapt our website to your needs & cookies to enable social media functionalities. For more information on the use of cookies, please check our Privacy and Cookie Policy. Please note that you can change your cookie opt-ins at any time via your browser settings.

Privacy and Cookie Policy