Articles

Administrative Law & Real Estate Alert

Administrative Law & Real Estate Alert

01.11.2012 NL law

1.  Wijziging Activiteitenbesluit 
 

Op 1 januari 2013 zijn drie wijzigingen van het Activiteitenbesluit in werking getreden. Het Activiteitenbesluit (ook wel Barim genoemd) bevat algemene milieuregels voor inrichtingen.

De eerste wijziging heeft betrekking op de implementatie van de Richtlijn Industriële Emissies (RIE). De RIE vervangt zeven Europese richtlijnen tot één richtlijn, waarvan de IPPC-richtlijn de belangrijkste is. In het verlengde van de integratie van de Europese richtlijnen, is ook de Nederlandse regelgeving geïntegreerd. Met de inwerkingtreding van deze wijziging zijn het Besluit emissie-eisen stookinstallaties milieubeheer A (Bees A), het Besluit verbranden afvalstoffen (Bva), het Oplosmiddelenbesluit en het Besluit emissie-eisen titaandioxide inrichtingen vervallen. In de nota van toelichting bij het besluit (Stb. 2012, 552) zijn onder andere transponeringstabellen opgenomen. Naast het Activiteitenbesluit, is ook de Activiteitenregeling gewijzigd (Stcrt. 2012, 21373). In essentie zijn de emissiegrenswaarden in het Activiteitenbesluit opgenomen en de technische maatregelen (met name monitoring) in de Activiteitenregeling. Van belang is dat IPPC-inrichtingen type C-inrichtingen zijn geworden. Op deze inrichtingen is onder meer hoofdstuk 5 van het Activiteitenbesluit (industriële emissies) van toepassing. In de AmvB is overgangsrecht opgenomen. Voor bestaande grote stookinstallaties is een generieke overgangstermijn tot 1 januari 2016 opgenomen (art. 5.14). Paragraaf 5.1 Activiteitenbesluit is tot 1 januari 2016 niet van toepassing op een grote stookinstallatie (i) waarvoor vergunning is verleend vóór 1 januari 2013, of (ii) waarvoor vóór 1 januari 2013 een ontvankelijke aanvraag om vergunning is ingediend en die uiterlijk op 1 januari 2014 in gebruik is genomen. Ook is bepaald dat voor grote stookinstallaties waarvoor al een omgevingsvergunning is verleend, de vergunningvoorschriften van toepassing blijven, tenzij deze voorschriften gelijke of minder strenge emissiegrenswaarden bevatten dan die gelden op grond het Activiteitenbesluit. Kortom: (alleen) strengere vergunningsvoorschriften blijven gelden.

De tweede wijziging betreft de derde tranche van het Activiteitenbesluit (Stb. 2012, 558) en –regeling (Stcrt. 2012, 21524). Met de wijzigingen van de derde tranche wordt voor een nieuwe groep bedrijven de vergunningplicht opgeheven en gaan de algemene regels van het Activiteitenbesluit en -regeling gelden. Het gaat om bedrijven binnen de volgende branches: rubber- en kunststofverwerkende industrie, voedingsmiddelenindustrie, schietinrichtingen (binnenschietbanen en paintballinrichtingen), betonindustrie, grafische industrie en inrichtingen voor het onderhouden, repareren en reinigen van spoorwegvoertuigen. Daarnaast wordt door dit wijzigingsbesluit hoofdstuk 3 van het Activiteitenbesluit van toepassing op zowel inrichting type A, inrichting type B als een inrichting type C.

De derde wijziging betreft de wijziging Activiteitenbesluit agrarische activiteiten (Stb. 2012, 441) en de bijbehorende regeling (Stcrt. 2012, 21101). Met dit besluit worden diverse agrarische besluiten onder het Activiteitenbesluit gebracht.

Drie verschillende wijzigingen die op één moment in werking treden, maken het Activiteitenbesluit en -regeling niet inzichtelijker. De actuele tekst van het Activiteitenbesluit is te vinden op wetten.nl: Activiteitenbesluit en Activiteitenregeling. Infomil heeft een integrale versie van het Activiteitenbesluit- en regeling waarin alle verschillende wijzigingen zichtbaar zijn. Ten slotte heeft Infomil ook een transponeringstabel gepubliceerd waarin snel te zien is welke activiteiten in het Activiteitenbesluit een andere paragraaf of artikelnummer hebben gekregen. 
 
2.  Wet aanpassing bestuursprocesrecht 
 
Op 1 januari 2013 is de Wet aanpassing bestuursprocesrecht in werking getreden. Deze wet betreft een aantal materiële en procedurele aspecten van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Eén van de wijzigingen is dat het relativiteitsvereiste (zoals dat al was opgenomen in de Crisis- en herstelwet) nu is opgenomen in de Awb. Ook zijn de mogelijkheden voor de bestuursrechter vergroot om een geconstateerd gebrek in een besluit te passeren: gebreken kunnen gepasseerd worden, mits aannemelijk is dat er geen belanghebbenden worden benadeeld. In een brief aan de Eerste Kamer van 17 december 2012 wordt nader ingegaan op de verruiming van art. 6:22 Awb (het passeren van gebreken) en het relativiteitsvereiste. Ook bevat de Awb nu de mogelijkheid voor de hoger beroepsrechters om in bepaalde zaken een conclusie te vragen aan een 'advocaat-generaal' en de mogelijkheid om een zaak te verwijzen naar een zogeheten grote kamer van vijf leden. De mogelijkheid om incidenteel hoger beroep en voorwaardelijk incidenteel hoger beroep in te stellen is nog niet in werking getreden. Deze mogelijkheid zal tegelijk met de Veegwet in werking treden. In verband met de inwerkingtreding van de Wet aanpassing bestuursprocesrecht hebben de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, de Centrale Raad van Beroep en het College van Beroep voor het bedrijfsleven de Procesregeling bestuursrechterlijke colleges 2006 aangepast. Voor het overgangsrecht van de Wet aanpassing bestuursprocesrecht is gekozen voor "eerbiedigende werking". Dit betekent in essentie dat het nieuwe recht niet van toepassing is op bezwaar- en (hoger) beroepsprocedures tegen besluiten (en uitspraken) die al op 1 januari 2013 bekend gemaakt waren. Meer over de Wet aanpassing bestuursprocesrecht is te lezen in het artikel "Naar een 'slagvaardiger' bestuursrecht met de Wet aanpassing bestuursprocesrecht?" van Tom Barkhuysen en Machteld Claessens.  
 
3.  Vorming Regionale Uitvoeringsdiensten (RUDs) 
 
Bij de totstandkoming van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) was het al de bedoeling dat er Regionale Uitvoeringsdiensten (RUDs) gevormd zouden worden. Met ingang van 1 januari 2013 zijn de meeste RUDs opgericht. De RUDs zijn samenwerkingsverbanden tussen provincies en gemeenten en hebben taken op het terrein van vergunningverlening, toezicht en handhaving van het omgevingsrecht. De meeste gemeenten hebben zich aangesloten bij een RUD. Voor de gemeenten die dat nog niet hebben gedaan, overweegt de minister om (een deel van) de bevoegdheden en de bijbehorende financiële middelen tijdelijk over te dragen aan de provincie. Het voornemen hiertoe is in de Staatscourant gepubliceerd. In de Kamerbrief van 10 december jl. is meer informatie te vinden over de RUD-vorming en de tijdelijke bevoegdhedenoverdracht. De "AmvB Witte vlekken" is nog niet in werking getreden. Meer informatie over de RUDs is te vinden op de website Uitvoering met Ambitie. 
 
4.  Wijziging Drank- en Horecawet: toezicht naar gemeenten
 
 
Op 1 januari 2013 is de Drank- en Horecawet (DHW) (Stb. 2012, 237) gewijzigd. Er is een groot aantal wijzigingen van de DHW. Voor ondernemingen met een drank- en horecavergunning (horecaondernemers en slijters) verandert bijvoorbeeld dat in plaats van een nieuwe vergunning een melding moet worden gedaan bij wijziging van de leidinggevende. Ook wordt het mogelijk om een ontheffing te krijgen voor een jaarlijks evenement. De belangrijkste wijziging is dat gemeenten het toezicht krijgen op de naleving van de wet (in plaats van de Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit). De VNG heeft een Handreiking Drank- en horecawet voor gemeenten gemaakt waarin de wetswijziging wordt beschreven en handvatten voor lokaal beleid worden gegeven. Daarnaast gaan ook de bedragen van de bestuurlijke boete uit de Drank- en Horecawet omhoog (Stb. 2012, 380). 
 
5.  Invoering verhuurderheffing: alleen voor 2013 
 
In de vorige nieuwsbrief is het wetsvoorstel verhuurderheffing beschreven. Naar aanleiding van de behandeling in de Eerste Kamer is besloten om het wetsvoorstel te wijzigen waardoor deze alleen voor 2013 geldt. Het gewijzigde wetsvoorstel moet nog in werking treden, maar zal terugwerken tot 1 januari 2013. De heffing voor de jaren 2014 en later zal in een afzonderlijk wetsvoorstel worden geregeld. Het nieuwe wetsvoorstel zou een woningwaarderingssysteem en verhuurderheffing moeten bevatten die corporaties de mogelijkheid biedt op termijn te blijven investeren in onderhoud en nieuwbouw. Het voorstel zou recht moeten doen aan de draagkracht van huurders en corporaties. Meer informatie is hier te vinden.  
  
6.  Milieuprestatieberekening bij aanvraag omgevingsvergunning grote gebouwen 
 
Op 1 januari 2013 treedt afdeling 5.2 van het Bouwbesluit 2012  in werking (Stb. 2012, 256). Hierin is bepaald dat bij elke aanvraag om een omgevingsvergunning voor het bouwen van woningen en van kantoren met een gebruiksoppervlak groter dan 100 m2 een milieuprestatieberekening moet worden bijgevoegd. Elke berekening moet worden uitgevoerd met de zogenoemde ‘Bepalingsmethode Milieuprestatie gebouwen en GWW-werken’. Meer Informatie is te vinden in het Infoblad milieuprestatie Bouwbesluit 2012. 
 
7.  Wijziging gerechtelijke kaart 
 
Met ingang van 1 januari 2013 is een aantal gerechtshoven en rechtbanken samengegaan. Het aantal rechtbanken is verminderd van 19 naar 10, maar de meeste rechtbanken hebben nog wel meerdere zittingsplaatsen. Als u zelf zonder advocaat procedeert dan kunt u de nieuwe locatiegegevens hier vinden.  
  
8.  Taken milieu en leefomgeving Agentschap NL over naar RWS en ILT 
 
Vanaf 1 januari 2013 is een groot deel van de kennis- en uitvoeringstaken van Agentschap NL op het gebied van milieu en leefomgeving ondergebracht bij Rijkswaterstaat (RWS) en de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT). Rijkswaterstaat neemt de uitvoeringstaken over van Bodem+, Kenniscentrum InfoMil, Gemeente Schoon en het Landelijk Meldpunt Afvalstoffen (LMA). Vergunningverleningstaken op het gebied van de Europese verordening overbrenging afvalstoffen (EVOA) en diverse besluiten (Besluit inzamelen Afvalstoffen (BIA) en Productbesluiten Afval (PBA)) komen samen bij de ILT. Agentschap NL blijft de ingang voor financiële regelingen. 

9.  Wijziging Wabo en Wet geluidhinder 
 
Op 1 januari 2013 treedt een wijziging van de Wabo in werking die beoogt de planologische status van gronden en opstallen bepalend te laten zijn voor de mate van milieubescherming en de positie van agrarische bedrijfswoningen aan te passen (de Wet plattelandswoningen, Stb. 2012, 493). In de wijzigingswet wordt ook de Wet geluidhinder gewijzigd. De begripsomschrijvingen van "ander geluidsgevoelig gebouw", "geluidsgevoelig terrein" en "woning" zijn gewijzigd. Daarnaast is in Wet milieubeheer de begripsomschrijving van "geluidsgevoelig object" gewijzigd. 
 
10.  Geen verplichte aanbesteding openbaar vervoer grote steden 
 
Lange tijd was onduidelijk of de gemeenten Amsterdam, Rotterdam, Utrecht en Den Haag verplicht zouden worden om het openbaar vervoer aan te besteden of niet. Op 1 januari 2013 is een wijziging van de Wet Personenvervoer 2000 (Wp2000) in werking getreden waaruit volgt dat dit niet het geval is (Stb. 2012, 556). In artikel 63a van de Wp2000 is een uitzondering voor inbesteden opgenomen voor de G4. Er geldt geen aanbestedingsplicht als de concessie wordt verleend aan een vervoerder waarop de desbetreffende plusregio net als over haar eigen diensten zeggenschap uitoefent. Dit wordt ook wel inbesteding genoemd. Voor alle andere gemeenten, provincies of plusregio's blijft wel een aanbestedingsplicht bestaan. 

11.  Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector 
 
Op1 januari 2013 is de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) in werking getreden (Stb.2012, 583). Door deze wet worden de salarisniveaus van topfunctionarissen in de publieke en semipublieke sector gemaximeerd (bezoldigingsmaximum) en openbaar gemaakt. De WNT biedt een overgangsregeling voor al op 1 januari 2013 bestaande dienstverbanden. De minister is bevoegd om bestuursrechtelijk handhavend op te treden door middel van het opleggen van een last onder dwangsom, indien de bezoldiging boven de wettelijk gestelde maximumnorm uitkomt.
Voor de woningcorporaties is een nadere regeling vastgesteld: de Regeling bezoldigingsmaxima topfunctionarissen toegelaten instellingen volkshuisvesting (Stcrt. 2012, 24918). Ook voor topfunctionarissen in de OCW-sector (Stcrt. 2012, 26223) en de zorgverzekeringssector (Stcrt. 2012, 26811) zijn nadere regelingen vastgesteld. 
 
12.  Aftrek hypotheekrente en overgangsrecht 
 
Het Belastingplan 2013 is door de Tweede Kamer aangenomen en bevat onder meer nieuwe regels voor de hypotheekrenteaftrek. Het Ministerie van Financiën heeft op 10 december 2012 een brochure met vragen en antwoorden over woningmarkt en hypotheek gepubliceerd. Vanaf 1 januari 2013 dienen nieuwe hypotheken in maximaal 30 jaar volledig en ten minste annuïtair worden afgelost om in aanmerking te komen voor hypotheekrenteaftrek. Of voldaan is aan de vereiste aflossing wordt jaarlijks op 31 december door de Belastingdienst getoetst aan de hand van de resterende hoogte van de hypotheek. Die toets vindt ook plaats bij verkoop van de eigen woning, bij wijziging van de rente en bij het oversluiten van het hypotheekdeel waarvoor de betaalde rente voor aftrek in aanmerking komt. Voor bestaande hypotheken verandert er in beginsel niets, alle schulden die op 31 december 2012 kwalificeerden als eigenwoningschuld vallen onder het overgangsrecht, maar uitsluitend gedurende de nog resterende looptijd van de 30-jaarstermijn. Huizenbezitters die er vrijwillig voor kiezen hun bestaande aflossingsvrije hypotheek om te zetten in een (bank)spaar- of beleggingshypotheek krijgen tot 1 april 2013 (in plaats van de eerder gestelde einddatum van 31 december 2012) de tijd om te profiteren van de fiscale voordelen die daarvoor gelden. Het betreft de mogelijkheid om een in box 1 vrijgestelde ‘aflossingsvoorziening’ tot stand te brengen waarvan contractueel wordt bepaald dat het kapitaal wordt aangewend voor de aflossing van een (op 31 december 2012) bestaande eigenwoningschuld. Minister Blok (Wonen en Rijksdienst) heeft dit aan de Eerste Kamer laten weten in antwoord op vragen die hem daarover eerder waren gesteld. 
 
13.  Aanbestedingswet 2012: uitgesteld 
 
De inwerkingtreding van de Aanbestedingswet 2012 is uitgesteld tot (naar verwachting) 1 april 2013. Dit blijkt uit een brief van de Minister van EZ aan de Tweede Kamer. De reden voor het uitstel is dat ook het Aanbestedingsbesluit, de Gids proportionaliteit en het Aanbestedingsreglement in werking moeten kunnen treden en de Raad van State hierover nog geen advies heeft uitgebracht. De Praktijkgroep Real Estate heeft een presentatie gegeven over de nieuwe Aanbestedingswet. Deze presentatie is hier te lezen. In de presentatie wordt onder meer ingegaan op de structuur van de Aanbestedingswet, de belangrijkste veranderingen als gevolg van de inwerkingtreding van de Aanbestedingswet, de Gids Proportionaliteit en de voorstellen van de Europese Commissie voor nieuwe
aanbestedingsrichtlijnen. 
 
14.  Overige wetswijzigingen 
 
Bovenstaande wetswijzigingen zijn nog maar een selectie van alle wetswijzigingen die op 1 januari 2013 in werking zijn getreden. Een overzicht van alle wijzigingen is te vinden op Antwoord voor bedrijven. Ook het ministerie van I en M heeft een overzicht  gepubliceerd. 

15.  Afdeling: onderzoek vereist of toename van leegstand leidt tot aantasting van de leefomgeving 
 
Op 5 december 2012 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State een uitspraak gedaan over een bestemmingsplan voor een nieuw stadshart in Emmeloord (LJN BY5093). De Afdeling oordeelt onder meer dat de gemeenteraad beter had moeten motiveren dat het nieuwe stadshart niet leidt tot aantasting van het woon- en leefklimaat en het ondernemersklimaat en als dat wel zo is, waarom dat aanvaardbaar is. In het FD van 18 december 2012 ("Rechter remt bouw van winkelcentra af") is een artikel verschenen waarin gesteld wordt dat deze uitspraak een koerswijziging van de Afdeling zou zijn. Dat is echter niet het geval.

De winkeliers in de Emmeloordse zaak voeren onder meer twee argumenten aan. Ten eerste zou sprake zijn van "duurzame ontwrichting van het voorzieningenniveau", omdat het nieuwe centrum zou leiden tot faillissement van andere winkels, waar de consument vervolgens de dupe van zou worden. De Afdeling heeft dit argument nooit gehonoreerd en doet dat ook nu niet. Vereist is dat gemotiveerd wordt dat er geen sprake is van duurzame ontwrichting. Aan die eis had de gemeenteraad met distributieplanologische onderzoeken voldaan. Wel honoreert de Afdeling het tweede argument dat niet is onderkend dat het nieuwe centrum kan leiden tot toename van leegstand en daarmee tot aantasting van het woon-, leef- en ondernemersklimaat. Volgens de Afdeling heeft de gemeente ten onrechte niet gekeken naar de gevolgen voor de leegstand van een toename van internetbestedingen en teruglopende consumentenbestedingen vanwege de huidige economische omstandigheden. Van een koerswijziging is op dit punt geen sprake, want de effecten van de uitvoering van een bestemmingsplan op kort gezegd de leefomgeving moeten altijd beoordeeld worden door de gemeente voorafgaand aan de vaststelling van een bestemmingsplan. Mochten die effecten negatief zijn, dan kan het goed zo zijn dat het bestemmingsplan toch kan worden vastgesteld vanwege andere positieve effecten die het bestemmingsplan heeft.

De les is dan ook dat een gemeente goed de gevolgen van een bestemmingsplan voor de leefomgeving in kaart moet brengen en als er negatieve gevolgen zijn, duidelijk moet maken waarom die op de koop toe moeten worden genomen. Dat is ook niet zo gek, want een bestemmingsplan kan ingrijpende gevolgen hebben voor de leefomgeving. Zie tevens de opiniebijdrage van Jan van Oosten in het FD.  
 
16.  Arrest over inhouse-opdrachtverlening 

 
Op 29 november 2012 heeft het Hof van Justitie van de Europese Unie (het "Hof") het arrest "Econord" (C-182/11 en C-183/11) gewezen inzake de zogenaamde "inhouse-opdrachtverlening". Uit vaste jurisprudentie van het Hof (o.a. Parking Brixen, Asemfo, Teckal, Coditel Brabant, Sea en Commissie/Italië) volgt dat een aanbestedende dienst van het houden van een aanbestedingsprocedure kan afzien – zelfs indien de opdrachtnemer formeel en rechtens te onderscheiden is van de aanbestedende dienst – indien (i) de aanbestedende dienst op de betrokken opdrachtnemer toezicht uitoefent "zoals op zijn eigen diensten" en (ii) de opdrachtnemer het merendeel van zijn werkzaamheden verricht ten behoeve van de aanbestedende dienst die hem controleert.
Van "toezicht zoals op de eigen diensten" is volgens de jurisprudentie van het Hof sprake wanneer de betrokken entiteit onder een zodanig toezicht staat dat de aanbestedende dienst haar beslissingen kan beïnvloeden. Het moet gaan om een mogelijkheid om een doorslaggevende invloed uit te oefenen op zowel de strategische doelstellingen als de belangrijke beslissingen van de entiteit. Met andere woorden: de aanbestedende dienst moet op die entiteit een structureel en functioneel toezicht kunnen uitoefenen. Het Hof vereist eveneens dat dit toezicht effectief is. Uit het arrest inzake Coditel Brabant volgt dat wanneer gebruik wordt gemaakt van een entiteit die in handen is van meerdere overheidsdiensten, het "toezicht zoals op de eigen diensten" door deze autoriteiten gezamenlijk kan worden uitgeoefend, zonder dat zij dit toezicht elk individueel hoeven uit te oefenen.

In het arrest "Econord" wordt aan het bovenstaande toegevoegd dat wanneer een entiteit in handen is van meerdere aanbestedende diensten, enkel sprake kan zijn van effectief toezicht indien al deze aanbestedende diensten (i) deelnemen in het kapitaal van die entiteit alsook (ii) deel uitmaken
van de bestuursorganen ervan. Het Hof oordeelt dat niet wordt voldaan aan het criterium "toezicht uitoefenen zoals op de eigen diensten" indien de deelnemende aanbestedende diensten, die beschikken over een minderheidsaandeel, op grond van de aandeelhoudersovereenkomst enkel het recht hebben (i) om te worden geraadpleegd, (ii) om een lid van de raad van toezicht te benoemen en (iii) om in overleg met de andere overheden die de aandeelhoudersovereenkomst hebben gesloten een lid van de raad van bestuur te benoemen. Dit is geen effectief toezicht. 
 
17.  Cbp geeft wetgevingsadvies inzake wijziging Wabo 
 
Op grond van artikel 51 lid 2 van de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) wordt het College bescherming persoonsgegevens (Cbp) om advies gevraagd over wetsvoorstellen en ontwerpen van algemene maatregelen van bestuur (AmvB) die geheel of voor een belangrijk deel betrekking hebben op de verwerking van persoonsgegevens. Onlangs heeft de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu advies gevraagd over het conceptvoorstel Vergunningverlening, toezicht en handhaving. Dit wetsvoorstel zal leiden tot een aanpassing van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). De wijzigingen hebben tot doel om een wettelijke basis te genereren voor de zogenaamde "Package deal". De Package deal ziet op afspraken die zijn gemaakt tussen het IPO, de VNG en het voormalig Ministerie van VROM (nu Ministerie van Infrastructuur en Milieu) om uitvoering en handhaving van het omgevingsrecht, in het bijzonder op regionaal niveau, te verbeteren. Een onderdeel hiervan vormt de uitwisseling van informatie tussen de diverse betrokken instanties, zoals het bestuur, het OM en de politie. De bij de Package deal betrokken partijen willen hiervoor een gezamenlijk systeem voor informatie-uitwisseling ontwikkelen. Nu er ook sprake is van uitwisseling met politie en justitie, dienen ook de Wet politiegegevens en de Wet strafvorderlijke en justitiële gegevens in acht te worden genomen. In het voorgelegde wetsvoorstel wordt op diverse plaatsen verwezen naar AmvB's waarin de nadere invulling van onder meer de verwerking van persoonsgegevens voor de vergunnings-, toezichts- en handhavingstaken op gemeentelijk en regionaal niveau zal worden vastgelegd. Het Cbp heeft daarom nu geen inhoudelijke opmerkingen op het wetsvoorstel maar gaat ervan uit dat de AmvB's waarin de nadere criteria voor de uitwisseling van informatie worden vastgesteld, aan het Cbp zullen worden voorgelegd. Het wetgevingsadvies is hier te lezen. 
 
18.  Wetsvoorstel executieveilingen 
 
In het wetsvoorstel executieveilingen (33 484) worden wijzigingen voorgesteld in Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek en het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. Het doel van het wetsvoorstel is het vergroten van de transparantie bij het executoriaal veilen van huizen. Daarnaast wil men met het wetsvoorstel de veiling voor een breder publiek toegankelijk maken zodat ook de opbrengst van een executieveiling omhoog gaat. Met de invoering van het wetsvoorstel wordt het bijvoorbeeld mogelijk om te bieden via internet. Een internetveiling kan gelijktijdig met een veiling in de zaal plaatsvinden, maar ook zelfstandig. De notaris zal zijn toezichthoudende rol anders moeten invullen doordat het mogelijk zal zijn via internet een onroerende zaak te veilen. De notaris bepaalt daarbij via welke website kopers kunnen bieden, hij controleert of het biedingsproces ordelijk verloopt en of alle biedingen gelijkelijk worden behandeld. Het wetsvoorstel is op 21 november 2012 aan de Tweede Kamer aangeboden. De Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie (KNB) is in beginsel voorstander van veilen via internet. Alle kamerstukken van het wetsvoorstel zijn hier te vinden. 
 
19.  Geen sanctie op ontbreken energieprestatiecertificaat 
 
Op 20 november 2012 heeft de Tweede Kamer het wetsvoorstel Wet kenbaarheid energieprestatie gebouwen verworpen. Dit betekent onder andere dat er voorlopig geen sanctionering komt op het ontbreken van een zogenoemd energieprestatiecertificaat. Dit energieprestatiecertificaat dient sinds 1 januari 2008 bij verkoop of (nieuwe) verhuur van een gebouw door de verkoper/verhuurder aan de nieuwe eigenaar of huurder te worden overhandigd. Het energieprestatiecertificaat geeft aan hoe energiezuinig het gebouw is en is bedoeld om energiebesparende maatregelen te nemen. Omdat geen sanctie is gesteld op het niet kunnen overleggen van een energieprestatiecertificaat voldoet Nederland niet aan de herziene Europese richtlijn voor Energiebesparing (EPBD). Nederland is al eerder door de Europese Commissie in gebreke gesteld omdat er niet voldaan wordt aan deze Europese richtlijn. Minister Blok zal op korte termijn in overleg treden met de Europese Commissie over de gevolgen van het verwerpen van dit wetsvoorstel door de Tweede Kamer.
Meer informatie over dit wetsvoorstel is te vinden in het verslag van de stemmingen, alle overige kamerstukken en op de website van de Eerste Kamer.  

20.  Eerste voorstellen staatssteunmodernisering gepresenteerd 
 
De Europese Commissie heeft op 5 december 2012 voorstellen gepresenteerd voor modernisering van de staatssteunregels. Het gaat om wijzigingen van de procedureverordening en de machtigingsverordening. De wijzigingen hebben tot doel om bij de handhaving van de staatssteunregels meer te focussen op significante verstoringen van de markt, om de besluitvorming te versnellen en om meer groepsvrijstellingen mogelijk te maken. 
 
21.  Verkeersvoorzieningen: ASVV 2012 verschenen 
 
De CROW (het nationale kennisplatform voor infrastructuur, verkeer, vervoer en openbare ruimte) heeft de ASVV 2012 gepresenteerd. Hiermee wordt de ASVV 2004 vervangen. De ASVV (‘Aanbevelingen voor verkeersvoorzieningen binnen de bebouwde kom’) wordt door bestuursorganen vaak gebruikt bij het maken en beoordelen van de verkeerskundige aspecten van een bestemmingsplan, bijvoorbeeld bij het bepalen van de parkeerbehoefte. Meer informatie is te vinden op de website van CROW
 
C.  Stand van zaken wetgeving 
 
Hieronder volgt een kort overzicht van de stand van zaken van diverse wetsvoorstellen.

Omgevingswet. Het wetsvoorstel voor de Omgevingswet is de informele consultatie met departementale, bestuurlijke en maatschappelijke partners ingegaan. Op 28 december 2012 is een Voortgangsbrief stelselherziening Omgevingsrecht aan de Tweede Kamer toegezonden. In de brief wordt onder meer ingegaan op de scope van de wet, de verlenging van de Chw en de consultaties, botsproeven en praktijkverkenningen. De resultaten van de onderzoeken, consultaties en botsproeven zullen zoveel mogelijk verwerkt worden in de formele consultatieversie van het wetsvoorstel. Deze versie zal voorgelegd worden aan VNG, IPO en UvW en aan toetsende instanties zoals Actal, Raad voor de Rechtspraak en het Planbureau voor de leefomgeving voor de milieu- en natuurtoets. Daarnaast zal worden gewerkt aan een hoofdlijnennotitie voor de onderliggende regels, toegespitst op het Omgevingsbesluit. Na verwerking van de formele consultatie zal het wetsvoorstel voor advies worden voorgelegd aan de Raad van State. In de brief wordt gesteld dat alle inspanningen er op zijn gericht om in 2013 het wetsvoorstel bij de Tweede Kamer in te dienen.

Wet nadeelcompensatie en schadevergoeding bij onrechtmatige besluiten. Dit wetsvoorstel ligt bij de Eerste Kamer. De plenaire behandeling van het wetsvoorstel staat gepland op 29 januari 2013.

Het wetsvoorstel tot wijziging van de Crisis- en herstelwet en diverse andere wetten in verband met het permanent maken van de Crisis- en herstelwet en het aanbrengen van enkele verbeteringen op het terrein van het omgevingsrecht. Het gewijzigd voorstel van wet zoals dit op 5 juli 2012 aan de Eerste Kamer is aangeboden is hier te lezen. Op 17 december 2012 is het nader voorlopig verslag vastgesteld.

Wet natuurbescherming. Het wetsvoorstel en de memorie van toelichting zijn op 20 augustus aan de Tweede Kamer aangeboden. Alle kamerstukken zijn hier te vinden. De Tweede Kamer heeft het wetsvoorstel controversieel verklaard. Op 21 december 2012 heeft de Minister van EZ in een brief aan de Tweede Kamer bericht dat in het Regeerakkoord is opgenomen dat het wetsvoorstel zal worden aangepast. Op dit moment beziet het kabinet welke aanpassingen nodig zijn in het licht van het regeerakkoord en op welke wijze de maatschappelijke stakeholders daarbij worden betrokken.

Aanbestedingswet. Deze wet is op 30 oktober 2012 door de Eerste Kamer aangenomen. Zoals hierboven is gesteld, blijkt uit een brief aan de Tweede Kamer dat de inwerkingtreding van de Aanbestedingswet 2012 is uitgesteld tot (naar verwachting) 1 april 2013. De reden hiervoor is dat ook het Aanbestedingsbesluit, de Gids proportionaliteit en het Aanbestedingsreglement in werking moeten kunnen treden en dat de Raad van State hierover nog geen advies heeft uitgebracht. Alle kamerstukken van deze wet zijn hier te vinden.

Wet houdbare overheidsfinanciën (HOF). Het wetsvoorstel en de memorie van toelichting zijn op 21 september 2012 aan de Tweede Kamer aangeboden. Uitgangspunt van deze wet is dat het rijk en de decentrale overheden een gelijkwaardige bijdrage moeten leveren aan het terugdringen van het begrotingstekort (EMU-tekort). Alle kamerstukken zijn hier te vinden. 
 
D.  Publicaties 
 
Hieronder volgt een selectie van recente publicaties van de Stibbe advocaten van Administrative Law & Real Estate. Door op de link te klikken kunt u de artikelen en annotaties downloaden.

  • Verhaal van kosten en bestuursdwang bij (chemische) branden (deel 1)
    Tijn Kortmann en Fleur Onrust, JM 2012/906
  • Verhaal van kosten en bestuursdwang bij (chemische) branden (deel II)
    Tijn Kortmann en Fleur Onrust, JM 2012/907
  • Annotatie over kostenverhaal bestuursdwang (Moerdijk)
    Tijn Kortmann en Fleur Onrust, Rb. Breda 21 juni 2012, JM 2012/37
  • Annotatie over spoedeisende bestuursdwang (Amsterdam)
    Tijn Kortmann en Fleur Onrust, ABRvS 29 augustus 2012, JM 2012/139
  • Recht en verzorgingsstaat
    Tom Barkhuysen, Vooraf NJB 2012, afl. 42, p. 2945
  • Redactioneel over kennisgeving en kennisneming van het omgevingsrecht en de problemen door de digitaliseringsslag
    Valérie van 't Lam, TO november 2012, nr. 3
  • Als je de sport beoefent, moet je de regels kennen: privacyrechtelijke aspecten van de ledenadministratie
    Friederike van der Jagt, Tijdschrift voor Sport & Recht, 2012/3, p. 77-81
  • Transparantie en mededinging in het Nederlandse bestuursrecht: van opdrachten, via concessies naar vergunningen?
    Annemarie Drahmann, NALL 2012, november, DOI: 10.5553/NALL/.000007
  • Annotatie waaruit blijkt dat een mandaatgebrek dat kleeft aan besluiten via een bestuurlijke lus mag worden geheeld door middel van bekrachtiging van
    de besluiten
    Tom Barkhuysen en Simon Boersen, ABRvS 3 oktober 2012, JG 12.0072 Annotatie over verkrijgende verjaring van grond; inbezitneming van een onroerende zaak naar verkeersopvatting
    Tijn Kortmann en Roderick Harte, Rb. Amsterdam 14 december 2011, BR 2012/160
  • Annotatie over het verbinden van naleefbare voorschriften aan een Wm-vergunning en het ontbreken van een grondslag om te toetsen aan de mogelijke schadelijke gevolgen van een inrichting voor niet in Nederland gelegen Natura 2000-gebieden
    Marieke Kaajan en Anna Collignon, ABRvS 29 augustus 2012, M en R
    2012/141
  • Annotatie bij een uitspraak waarin de rechtbank afkeurt dat het bevoegd gezag (GS Drenthe) met een beroep op eigen beleid toch handhavend optreden terwijl er - gelet op vaste jurisprudentie - concreet zicht op legalisatie was
    Valérie van 't Lam, Rb. Assen 9 februari 2012, M en R 2012/120
  • Annotatie waarin wordt geoordeeld dat een kennisgeving (bekendheid geven van de voorbereiding van een besluit) niet uitsluitend via internet mag worden gedaan, tenzij bij wettelijk voorschrift anders is bepaald
    Valérie van 't Lam, ABRvS 15 augustus 2012, M en R 2012/140
  • Annotatie bij een uitspraak waarin volgens de Afdeling terecht voorschriften aan de milieuvergunning zijn verbonden die zien op ongewone voorvallen buiten de inrichting
    Valérie van 't Lam, ABRvS 1 augustus 2012, StAB 4/2012, 12-104.
  • Annotatie bij een uitspraak over het begrip 'werk' in het Besluit Bodemkwaliteit
    Thomas Sanders, ABRvS 19 september 2012, JM 2012/144
  • Annotatie over de toepassing van de transparantieverplichting bij een vergunningstelsel
    Annemarie Drahmann, HvJ EU 19 juli 2012, AB 2012/324
  • Annotatie bij een uitspraak van de Rechtbank Middelburg waarbij de rechtbank, naar aanleiding van een verzoek op inzage in een minuut op grond van de Wet bescherming persoonsgegevens, prejudiciële vragen stelt over de uitleg van het begrip  'persoonsgegeven’ in de zin van de Privacyrichtlijn
    Friederike van der Jagt, Rb. Middelburg 15 maart 2012, Gst 2012/7377, nr. 103
  • 'De overheid aansprakelijk': over schadevergoeding en nadeelcompensatie
    Tijn Kortmann, presentatie bij deelsessie tijdens de VNG Juridische 2-daagse 

Team

Related news

15.11.2017 BE law
Hof van Cassatie trekt streep door eerste schadevergoeding toegekend door Raad van State

Articles - Opdat aan de Raad van State een ontvankelijk verzoek tot schadevergoeding zou kunnen worden gericht, is onder meer vereist dat er een arrest voorligt waarin de Raad van State de onwettigheid van een handeling vaststelt. Het Hof van Cassatie verduidelijkt in een arrest van 15 september 2017 wat moet worden begrepen als een "arrest waarbij de onwettigheid wordt vastgesteld". Een arrest dat de intrekking vaststelt, valt er volgens het Hof niet onder.

Read more

10.11.2017 BE law
Brussel hertekent stedenbouwkundig landschap (DEEL 2: VERGUNNINGEN)

Articles - Met een grondige facelift van de bestaande regels in het Brussels Wetboek Ruimtelijke Ordening (BWRO), wil het Brussels Gewest projectontwikkeling flexibeler maken en sneller doen vooruitgaan. Het Brussels parlement heeft de hervorming van het BWRO op 13 oktober 2017 goedgekeurd.  Een aantal nieuwigheden lijken overgewaaid uit de Brusselse regels inzake milieuvergunningen en uit het Vlaamse Gewest. Hierna een overzicht van hetgeen u zeker niet mag missen.

Read more

14.11.2017 NL law
7 December 2017: Anna Collignon and Marleen Velthuis give a lecture about administrative and criminal enforcement action under environmental law

Speaking slot - On 7 December, lawyers Anna Collignon (administrative law) and Marleen Velthuis (criminal law) will give a lecture at the University of Amsterdam (UvA) about the possible enforcement action that companies could face under environmental law. They will  focus on the area where administrative supervision turns into a criminal investigation and provide insight into the different rules and obligations for each stage of the investigation.

Read more

Our website uses cookies: third party analytics cookies to best adapt our website to your needs & cookies to enable social media functionalities. For more information on the use of cookies, please check our Privacy and Cookie Policy. Please note that you can change your cookie opt-ins at any time via your browser settings.

Privacy and Cookie Policy