AActualiteiten Internationaal Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (IMVO)

Article
NL Law

De aandacht voor (Internationaal) Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (“(I)MVO”) en Environmental, Social and Governance factoren (“ESG”) en verantwoording daarover blijft onverminderd groot. Wij zien op nationaal en Europees niveau tal van ontwikkelingen, zoals de publicatie van het voorstel voor een Europese Corporate Sustainability Due Diligence richtlijn. Wij stippen enkele Europese en nationale initiatieven aan. 

Europese ontwikkelingen

Op 23 februari 2022 publiceerde de Europese Commissie het lang verwachte voorstel voor een richtlijn inzake passende zorgvuldigheid in het bedrijfsleven op het gebied van duurzaamheid (het "CSDD-voorstel"). Het CSDD-voorstel beoogt om duurzaam en verantwoordelijk gedrag van ondernemingen te bevorderen en mensenrechten- en milieuoverwegingen te verankeren in hun activiteiten, waardeketens en corporate governance.

Op grond van het CSDD-voorstel – indien ongewijzigd aangenomen – moeten bepaalde (zeer) grote EU- en niet-EU-ondernemingen due diligence-beleid maken om de negatieve effecten van hun bedrijfsactiviteiten op de mensenrechten en het milieu te identificeren, te voorkomen of te beperken, en uiteindelijk te beëindigen. Het CSDD-voorstel zoekt hiervoor aansluiting bij reeds bestaande internationale raamwerken op het gebied van IMVO, zoals de UN Guiding Principles on Business and Human Rights ("UN Guiding Principles") en de OECD Guidelines for Multinational Enterprises ("OESO richtlijnen"). Daarnaast introduceert het CSDD-voorstel enkele verplichtingen voor ondernemingen ten aanzien van de bestrijding van klimaatverandering en wordt een zorgplicht voor bestuurders in verband met duurzaamheidsaangelegenheden nader gespecificeerd. Voor uitgebreide informatie over het CSDD-voorstel verwijzen wij naar ons nieuwsbericht van 11 mei 2022.

Het kabinet staat blijkens de BNC-fiche van 7 april 2022 positief tegenover het wettelijk verankeren van IMVO in Europese wetgeving ten behoeve van een gelijk speelveld. Bovendien is een Europese aanpak effectiever om misstanden in productielanden te voorkomen en aan te pakken. Het kabinet benoemt echter ook enkele aandachtspunten. Zo pleit het kabinet voor meer samenhang van het CSDD-voorstel met andere belangrijke Europese ESG-wetgeving, zoals het voorstel voor de Corporate Sustainability Reporting Directive ("CSRD-voorstel"), de Taxonomy verordening en de Sustainable Finance Disclosure Regulation. In het verlengde hiervan stelt het kabinet tevens voor om de reikwijdte van het CSDD-voorstel gelijk te trekken met die van het CSRD-voorstel, zodat alle ondernemingen met meer dan 250 werknemers daaronder zullen vallen.

De verwachting is dat het CSDD-voorstel nog tot veel discussie zal leiden voordat het wordt aangenomen en in werking zal treden. Het is dan ook lastig te voorspellen wanneer de grote ondernemingen zich aan deze regels zullen moeten gaan houden. Eurocommissaris Reynders verwacht dat de CSDD-richtlijn niet eerder dan op z'n vroegst over vijf jaar tot stand zal komen (waarna deze nog door de lidstaten moet worden geïmplementeerd).

Nationale ontwikkelingen

Nederland kent al een specifieke wet op het gebied van Human Rights Due Diligence ("HRDD"), maar deze wet is nog altijd niet in werking getreden. Al op 13 november 2019 is deze wet, de Wet Zorgplicht Kinderarbeid ("WZK"), in het Staatsblad verschenen. De WZK introduceert een harde due diligence verplichting ten aanzien van kinderarbeid voor elke onderneming die aan Nederlandse eindgebruikers goederen verkoopt of diensten levert.

Daarnaast wijzen wij op het op 11 maart 2021 bij de Tweede Kamer ingediende Initiatiefwetsvoorstel Verantwoord en duurzaam internationaal ondernemen. Dit initiatiefwetsvoorstel voorziet allereerst in een algemene zorgplicht die geldt voor iedere Nederlandse onderneming die weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat haar activiteit nadelige gevolgen kan hebben voor mensenrechten, arbeidsrechten of milieu in een land buiten Nederland. Ten tweede bevat het initiatiefwetsvoorstel voor bepaalde grote ondernemingen een verplichting tot gepaste zorgvuldigheid in hun productieketens, waaronder ook het gedrag van zakenrelaties, zoals leveranciers, van de onderneming. Ten aanzien van dit voorstel heeft de Raad van State op 16 juni 2022 een advies uitgebracht met enkele verbetervoorstellen. De initiatiefnemers werken op dit moment aan een aangepaste versie van het wetsvoorstel en verwachten dit na de zomer van 2022 bij de Tweede Kamer te kunnen indienen.

De huidige minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking heeft in een brief van 27 mei 2022 bevestigd dat er naast de voorgaande (voorgenomen) wetgeving een nationale IMVO-wet wordt voorbereid (zie ook het verslag van het debat tussen de vaste commissie voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking en de vaste commissie voor Europese Zaken en de minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking van 31 mei 2022). Vermeld wordt dat de nationale IMVO-wet rond de zomer van 2023 bij de Tweede Kamer zal worden ingediend (consultatie na de zomer van 2022). De minister houdt bij de inrichting van de IMVO-wet rekening met IMVO-wetgeving in omliggende landen en het CSDD-voorstel en betrekt daarbij ook het initiatiefvoorstel Wet verantwoord en duurzaam internationaal ondernemen. De WZK wordt opgenomen in de nationale IMVO-wet.

Voor meer informatie over HRDD verwijzen wij naar het artikel van Jan-Maarten Schepel en Olivier Schotel in MvO 2022/3.6 en het artikel van Sandra Rietveld, Lisanne Baks en Barbara Bier in Ondernemingsrecht 2021/25.