Articles

De verplichte deelneming in bedrijfstakpensioenfondsen: wel of geen voorrangsregel in de betekenis van artikel 9 Rome I?

De verplichte deelneming in bedrijfstakpensioenfondsen: wel of geen v

De verplichte deelneming in bedrijfstakpensioenfondsen: wel of geen voorrangsregel in de betekenis van artikel 9 Rome I?

15.01.2019 NL law

In deze bijdrage staat een actueel en belangrijk pensioenvraagstuk centraal. Dit vraagstuk ligt op het snijvlak tussen pensioen en internationaal privaatrecht. Het gaat om een nadere verkenning van de vraag of de verplichtstelling van de Wet Bpf kwalificeert als een regel van bijzonder dwingend recht als bedoeld in artikel 9 van Rome I.

Indien deze vraag bevestigend moet worden beantwoord is de verplichtstelling op – ook tijdelijk – in Nederland werkzame werknemers ongeacht het (overigens) toepasselijke recht. Tot nu toe is er in Nederland nog weinig rechtspraak die expliciet ingaat op deze vraag; de gedachtevorming in de literatuur is nog relatief pril en verdeeld. Het is te verwachten dat in de komende jaren in de rechtspraak nog vaak over dit vraagstuk zal worden gestreden.

Astrid Helstone concludeert dat er voldoende argumenten zijn die de conclusie rechtvaardigen dat de Wet Bpf en verplichtstellingsbesluiten in beginsel niet kwalificeren als bijzonder dwingend recht. Aanknopingspunten die in beginsel wel in die richting wijzen zijn hoofdzakelijk gebaseerd op de sociale doelstellingen waarop de verplichte deelneming is gebaseerd. Het is nog te prematuur om definitieve conclusies op basis van de verkennende analyse in deze bijdrage te trekken. Vaststaat immers dat er, afgezien van de AFMB-uitspraak, nog geen nadere rechtspraak is die expliciet ingaat op de vraagstelling en dat het inhoudelijk debat in de literatuur zich verder moet uitkristalliseren. Duidelijk is dat we in de komende jaren nog veel interessante ontwikkelingen over dit onderwerp tegemoet kunnen zien.

  • A.M. Helstone, ‘De verplichte deelneming in bedrijfstakpensioenfondsen: wel of geen voorrangsregel in de betekenis van artikel 9 Rome I?’, TPV 2018/48

Related news

12.11.2021 NL law
Termijn indienen vaststellingaanvraag NOW-1 verlengd tot en met 9 januari 2022

Short Reads - De termijn voor het indienen van de aanvraag om vaststelling van de NOW-1 subsidie is verlengd tot en met 9 januari 2022. Dit heeft de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid bekendgemaakt nadat na 31 oktober 2021 (de laatste dag van de oorspronkelijke termijn) werd vastgesteld dat 9.438 werkgevers nog geen aanvraag om vaststelling hebben ingediend. Deze groep werkgevers – die wel een subsidieverlening en voorschot heeft ontvangen – vertegenwoordigt ongeveer 320 miljoen euro aan verstrekte voorschotten (4% van het totaal aan verstrekte voorschotten).

Read more

09.11.2021 NL law
Staatssecretaris doet appèl op werkgevers: ga prudent om met inhalen van min-uren

Short Reads - Op 26 oktober 2021 ging de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in een brief aan de Tweede Kamer in op de problematiek rond het inhalen van min-uren. Al eerder dit jaar nam de Tweede Kamer met algemene stemmen een motie hierover aan. In deze motie wordt het onwenselijk geacht dat werkgevers die NOW-steun ontvangen voor de lonen van werknemers, tegelijkertijd werknemers verplichten om tijdens corona opgebouwde min-uren later in te halen.

Read more

11.11.2021 NL law
Van de WTV naar de NOW en weer terug

Short Reads - Aan het begin van de coronacrisis zijn de Beleidsregels ontheffing verbod op werktijdverkorting 2004 (WTV) ingetrokken en vervangen door de Tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor behoud van werkgelegenheid (NOW). Op 1 oktober 2021 is de WTV weer ongewijzigd geïntroduceerd. 

Read more