Articles

Eerlijke marktpraktijken, slechtmaking en de vrijheid van meningsuiting

Stibbe - Unfair competition and consumer protection - Update sept 2018

Eerlijke marktpraktijken, slechtmaking en de vrijheid van meningsuiting

26.09.2018 BE law

Op 1 maart 2018, oordeelde het hof van beroep te Brussel[1] dat een aan derden verzonden e-mailbericht waarin werd meegedeeld dat alle samenwerking met de betrokken partij was beëindigd op grond van het feit dat de door deze laatste geleverde diensten waren bekritiseerd wegens hun slechte kwaliteit, en dit terwijl er hieromtrent een procedure hangende is, een daad van slechtmaking is, verboden door artikel VI.104 WER. Hetzelfde geldt voor een e-mailbericht aan derden, waarin een bepaalde persoon wordt afgedaan als een “individu zonder scrupules”.

De appellante die de brief had geschreven, beriep zich tevergeefs op het principe van vrijheid van meningsuiting. Volgens het Hof "wordt deze vrijheid, zoals verankerd in artikel 10 van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens (EVRM) en artikel 19 van de Grondwet, ruim geïnterpreteerd en vormt zij een van de essentiële grondslagen van een democratische samenleving, en een van de essentiële voorwaarden voor haar vooruitgang en voor de ontwikkeling van elk individu. Zoals bepaald in artikel 10, lid 2, van het EVRM is de uitoefening ervan echter niet absoluut. Het brengt plichten en verantwoordelijkheden met zich mee en kan onderworpen zijn aan bepaalde formaliteiten, voorwaarden, beperkingen of sancties, voorzien door de wet, die noodzakelijk zijn in een democratische samenleving, in het bijzonder de bescherming van de reputatie of de rechten van anderen.

Beperkingen op de vrijheid van meningsuiting kunnen alleen worden toegestaan indien ze aan drie voorwaarden voldoen. De beperking moet vooreerst een rechtsgrondslag hebben, hetgeen in casu het geval was. De beperking dient verder legitiem te zijn, en noodzakelijk in een democratische samenleving.

Het hof besloot dat de beperking van de vrijheid van meningsuiting van de onderneming-verzender in casu inderdaad een legitiem doel had. Het ging immers om de bescherming van de reputatie van de onderneming en de geïdentificeerde persoon in kwestie. Het was bovendien een noodzakelijke maatregel in een democratische samenleving, in die zin dat zij beantwoordde aan een dwingende sociale noodzaak en evenredig was aan het nagestreefde doel (i.e. bescherming van de reputatie van anderen).

Het feit dat de geviseerde onderneming op haar beurt een e-mail aan alle franchisenemers had geschreven, stellende dat het een contractuele aansprakelijkheidsprocedure heeft ingeleid tegen de onderneming die haar aan het zwartmaken is, kan dan weer niet worden beschouwd als een ernstige aantasting van de reputatie (en dus als daad van slechtmaking). De beweringen in kwestie moeten immers gekaderd worden als deel van een afgewogen antwoord op de initiële slechtmakende e-mail.

Voetnoten:
  1. Bruxelles, 1 mars 2018, 2017/AR/1607.

Team

Related news

09.07.2020 NL law
ACM geeft bedrijven meer ruimte om samen te werken voor klimaat- en milieudoelen

Short Reads - De Autoriteit Consument & Markt (ACM) wil dat Nederlandse bedrijven meer ruimte krijgen om samen te werken op het gebied van duurzaamheid. Vooral voor het bereiken van klimaatdoelen, zoals de vermindering van CO2-uitstoot, krijgen bedrijven meer mogelijkheden om onderling afspraken te maken zonder de concurrentieregels te overtreden. Dat staat in de (concept) leidraad ‘duurzaamheidsafspraken’ van de ACM.

Read more

02.07.2020 NL law
Aansprakelijkheid van de Staat bij vliegtuigcrash in Faro

Articles - In haar uitspraak van 8 januari 2020 oordeelde Rechtbank Den Haag dat de Nederlandse Staat onrechtmatig heeft gehandeld jegens de slachtoffers en nabestaanden van de vliegramp in Faro (Portugal) in 1992, waarbij een Nederlands toestel was betrokken. De onrechtmatigheid is gelegen in onjuiste dan wel onvolledige informatieverstrekking over de oorzaken van deze vliegramp door de toenmalige Raad voor de Luchtvaart, inmiddels opgegaan in de Onderzoeksraad voor Veiligheid (‘Raad’). 

Read more

08.07.2020 NL law
Dutch State breached duty of care in providing information to victims and surviving relatives of plane crash

Short Reads - Earlier this year, the District Court in The Hague ruled that the Dutch State is liable vis-à-vis the victims and surviving relatives of a 1992 plane crash in Faro, Portugal. The State was found liable because it is responsible for the information provided by the Dutch Aviation Safety Board (a government agency) to the victims and surviving relatives. This information, on the causes of the crash was deemed by the court to be incorrect and incomplete.

Read more

27.05.2020 NL law
Accountants advising in real estate transactions: be aware of penalties in mortgage deeds

Short Reads - The Court of Appeal of Arnhem-Leeuwarden ruled on 3 March 2020 that an accountant did not properly advise her client with respect to a sale of real estate (ECLI:NL:GHARL:2020:1875). In her research concerning the consequences of the sale, the accountant had failed to properly review the contracts between the seller and the financier of the real estate. The accountant had therefore acted unlawfully.

Read more

07.07.2020 NL law
Actualiteiten bescherming Nederlandse ondernemingen

Short Reads - Het afgelopen half jaar zijn er verschillende ontwikkelingen geweest op het gebied van bescherming van Nederlandse ondernemingen. COVID-19 zorgde daarbij voor een stroomversnelling. De verslechterde economische situatie als gevolg van COVID-19 maakt dat ondernemingen sneller bloot kunnen komen te staan aan ongewenste overnames of investeringen. Het Kabinet biedt ondernemingen handvatten ter bescherming tegen ongewenste overnames en investeringen als de nationale veiligheid in het geding komt.

Read more