Short Reads

Actualiseringsplicht bestemmingsplannen vervalt, maar enkele vragen blijven

Actualiseringsplicht bestemmingsplannen vervalt, maar enkele vragen b

Actualiseringsplicht bestemmingsplannen vervalt, maar enkele vragen blijven

23.05.2018 NL law

Op 17 april 2018 heeft de Eerste Kamer de Wet afschaffing actualiseringsplicht bestemmingsplannen en beheersverordeningen aangenomen. De wet voorziet in de afschaffing van de verplichting om bestemmingsplannen en beheersverordeningen die elektronisch raadpleegbaar zijn binnen een periode van 10 jaar steeds opnieuw vast te stellen.

De wet beoogt te anticiperen op de Omgevingswet; voor het omgevingsplan zal namelijk ook geen actualiseringsplicht gelden. Daarnaast maakt het wetsvoorstel capaciteit vrij bij gemeenten om zich te richten op het opstellen van een omgevingsplan.

Parlementaire behandeling

Tijdens de parlementaire behandeling zijn door de Tweede Kamer en Eerste Kamer diverse vragen gesteld.

Zo is de vraag opgeworpen in hoeverre burgers of ondernemers nog kunnen opkomen tegen bestemmingsplannen of voorgenomen wijzigingen daarin. In de nota naar aanleiding van het verslag antwoordt de minister dat het vervallen van de generieke plicht om een bestemmingsplan te actualiseren, gemeenten niet de bevoegdheid ontneemt om een nieuw bestemmingsplan vast te stellen. Burgers of ondernemers kunnen daartoe ook altijd een verzoek blijven doen. Het wetsvoorstel verandert niets aan de daarbij behorende rechtsbeschermingsmogelijkheden voor burgers en ondernemers. Een aandachtspunt betreft voorts het gevolg van het wetsvoorstel voor instructieregels of aanwijzingen die pas bij een eerstvolgende herziening van een bestemmingsplan hoeven te worden doorgevoerd. Ook daarvoor geldt dat iemand die belang heeft bij een bepaalde aanpassing een verzoek kan indienen om een bestemmingsplan in overeenstemming met een instructieregel te brengen. Tegen een afwijzing van dat verzoek staat bestuursrechtelijke rechtsbescherming open.

Ook de verhouding tot de Omgevingswet is aan de orde gekomen. Onder andere is de vraag gesteld of het nu niet het moment is om bestemmingsplannen te actualiseren zodat ze zoveel mogelijk in lijn kunnen worden gebracht met de Omgevingswet en eenvoudig kunnen worden omgevormd tot een omgevingsplan. Volgens de minister maakt het wetsvoorstel ruimte vrij voor gemeenten om zich te richten op de Omgevingswet, maar kunnen huidige bestemmingsplannen daarmee nog niet worden gelijkgetrokken. Een bestemmingsplan wordt immers vastgesteld onder de werking van de Wet ruimtelijke ordening en kan daarom nog niet aan de eisen van de Omgevingswet voldoen, aldus de minister.

Verder zijn vragen gesteld over de transitieperiode voor het opstellen van het omgevingsplan. De lengte van de termijn – 10 jaar – vormt een punt van zorg. Volgens de minister is een lange termijn nodig gelet op de omvangrijke klus om de bestaande bestemmingsplannen om te vormen tot een omgevingsplan. Van onduidelijkheid over de toepasselijke regelgeving zal gedurende de transitieperiode overigens geen sprake zijn, aldus de minister. Het geldende omgevingsplan – dat aanvankelijk zal bestaan uit alle geldende bestemmingsplannen en beheersverordeningen gezamenlijk en nog niet zal zijn aangepast aan de nieuwe wettelijke vereisten – zal raadpleegbaar blijven via het Digitaal stelsel Omgevingswet.

In aansluiting hierop is in de memorie van antwoord ingegaan op de digitale ontsluiting van de bestemmingsplannen die op het moment van inwerkingtreding van de Omgevingswet van rechtswege opgaan in het omgevingsplan. De minister merkt hierover op dat zolang bestemmingsplannen die op www.ruimtelijkeplannen.nl beschikbaar zijn gesteld en in de overgangsfase nog deel uitmaken van een omgevingsplan, via een ‘overbruggingsfunctie’ naast het nieuwe deel van het omgevingsplan raadpleegbaar blijven.

De parlementaire behandeling heeft niet tot een wijziging van het wetsvoorstel geleid. Het wetsvoorstel is in beide kamers bij hamerstuk aangenomen.

Uitvoerbaarheidstoets en Wet voorkeursrecht gemeenten

Het springt in het oog dat aan twee belangrijke aspecten geen aandacht is besteed tijdens de parlementaire behandeling. Het gaat hier om de koppeling van de planperiode van 10 jaar met enerzijds de uitvoerbaarheidstoets (art. 3.1.6 lid 1 sub f Besluit ruimtelijke ordening) en anderzijds de Wet voorkeursrecht gemeenten. Zie hierover meer uitgebreid een eerder Stibbe blogbericht over het wetsvoorstel.

De inwerkingtreding van de wet wordt nog bij koninklijk besluit bepaald.
 

Team

Related news

07.11.2019 NL law
Symposium 'From Stint to Fipronil: a compensation fund for victims of energetic government intervention in crisis situations

Seminar - Stibbe is organising a symposium in Amsterdam on Thursday 7 November entitled 'From Stint to Fipronil: a compensation fund for victims of energetic government intervention in crisis situations'. During this symposium, Stibbe lawyer Tijn Kortmann and Prof. Pieter van Vollenhoven, alongside other experts,  will speak about the compensation fund which, according to van Vollenhoven, injured parties should be able to call upon if a decision by the government turns out to be too drastic.

Read more

08.10.2019 NL law
De Afdeling herhaalt haar jurisprudentie: bij een 'verdachte' rechtspersoon komt het zwijgrecht in beginsel alleen toe aan de bestuurders van die rechtspersoon

Articles - De uitspraak van 21 augustus 2019 (ECLI:NL:RVS:2019:2801) betreft werknemers van een asbestverwijderingsbedrijf die bezig zijn met werkzaamheden in een pand. Na een melding van het asbestverwijderingsbedrijf zelf, vindt een inspectie plaats. Na een gesprek met de werknemers constateert de inspecteur dat sloopwerkzaamheden worden verricht, terwijl er in het pand asbesthoudende materialen zijn die nog niet zijn verwijderd. Het bedrijf krijgt om die reden een boete op grond van artikel 4.48a lid 1 Arbobesluit.

Read more

14.10.2019 NL law
Kamerdebat over digitalisering van de overheid: aandacht voor bescherming burger vereist

Short Reads - Op 24 september 2019 zijn er vier moties in stemming gebracht én aangenomen door de Tweede Kamer. De moties hebben als gemeenschappelijke deler dat ze in het teken staan van de steeds groter wordende digitalisering bij de overheid. Het achterliggende doel van de moties is dat de burger voldoende beschermd moet worden tegen deze digitalisering.

Read more

08.10.2019 NL law
Omgevingsrecht en mobiliteit in ruimtelijke planvorming: meer samenhang is nodig

Short Reads - De bouw van zo'n 700.000 extra woningen, zoals aangekondigd in de Nationale woonagenda 2018-2021, zorgt voor grote gevolgen voor de mobiliteit. Mobiliteitsvraagstukken spelen bij ruimtelijke planvorming maar een beperkte rol en ook in de Omgevingswet ontbreekt een passende integrale mobiliteitsoplossing voor bepaalde ruimtelijke ordeningsprojecten.

Read more

08.10.2019 NL law
Annotatie bij ABRvS 26 juni 2019, waarin de Afdeling een vereniging als belanghebbende aanmerkt

Short Reads - Op 26 juni 2019 heeft de Afdeling twee uitspraken gedaan over de vraag of een vereniging die opkomt voor werknemers als belanghebbende als in artikel 1:2, derde lid, Awb kan worden aangemerkt. De Afdeling oordeelde dat medewerkers in beginsel niet als belanghebbende kunnen worden aangemerkt. Maar in tegenstelling tot de rechtbanken van Amsterdam en Limburg, oordeelde de Afdeling ook dat een uitzondering hierop kan worden gemaakt. 

Read more

Our website uses functional cookies for the functioning of the website and analytic cookies that enable us to generate aggregated visitor data. We also use other cookies, such as third party tracking cookies - please indicate whether you agree to the use of these other cookies:

Privacy – en cookieverklaring