Short Reads

Verhuurderheffing kent in voorkomende gevallen een discriminerend effect

Verhuurderheffing kent in voorkomende gevallen een discriminerend eff

Verhuurderheffing kent in voorkomende gevallen een discriminerend effect

20.06.2018 NL law

Op 8 juni 2018 heeft de Hoge Raad een relevant arrest gewezen voor de verhuurderheffing. Daarin concludeert hij dat het in gevallen van mede-eigendom in strijd met het Europeesrechtelijke gelijkheidsbeginsel is om voor de belastingplicht aan te sluiten bij degene die de WOZ-beschikking ontvangt.

Degene die het genot krachtens eigendom, bezit of beperkt recht heeft van meer dan 50 (was 10) sociale huurwoningen is belastingplichtig voor de verhuurderheffing. Verhuurderheffing wordt geheven over de WOZ-waarde van sociale huurwoningen. De wetgever heeft bij de opzet van de verhuurderheffing ervoor gekozen om in gevallen van mede-eigendom, belastingplicht aan te nemen bij degene aan wie de WOZ-beschikking wordt bekendgemaakt. Deze keuze van de wetgever is  gebaseerd op overwegingen van eenvoud en doelmatigheid.

Belanghebbende is voor 100% belastingplichtig voor de verhuurderheffing hoewel hij slechts voor één derde gerechtigd is tot de sociale huurwoningen en rechtens geen regres heeft op zijn mede-eigenaren die voor de ratio en de grondslag van de verhuurderheffing in een volstrekt identieke positie als belanghebbende verkeren. Er bestaat een verschil in behandeling tussen rechtens en feitelijk vergelijkbare gevallen. Belanghebbende stelt dan ook dat de keuze van de wetgever om voor de belastingplicht aan te sluiten bij degene die de WOZ-beschikking ontvangt tot onredelijke en willekeurige resultaten leidt, althans tot een voor hem buitensporige last.

De Hoge Raad stelt voorop dat artikel 26 Internationaal verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten (IVBPR), artikel 14 Europees verdrag tot bescherming van de rechten van de mens (EVRM) in samenhang gelezen met artikel 1 Eerste Protocol bij het EVRM en artikel 1 Twaalfde Protocol bij het EVRM, niet iedere ongelijke behandeling van gelijke gevallen verbieden, maar alleen die welke als discriminatie moeten worden beschouwd omdat een redelijke en objectieve rechtvaardiging ervoor ontbreekt. Ten aanzien van de fiscale wetgeving heeft de wetgever in het algemeen een ruime beoordelingsvrijheid bij de beoordeling of gevallen voor de toepassing van eerdergenoemde verdragsbepalingen als gelijk moeten worden beschouwd en of, indien die vraag bevestigend moet worden beantwoord, een objectieve en redelijke rechtvaardiging bestaat om die gevallen niettemin in verschillende zin te regelen.

Om voor de belastingplicht aan te sluiten bij degene die de WOZ-beschikking ontvangt, heeft de wetgever, ter rechtvaardiging, erop gewezen dat dit tot lagere administratieve lasten en uitvoeringskosten leidt. Echter, redenen van praktische uitvoerbaarheid kunnen, aldus de Hoge Raad, de ongelijke behandeling van belanghebbende niet rechtvaardigen. De Hoge Raad laat de verhuurderheffing voor belanghebbende buiten toepassing.

Dit arrest is met name relevant voor partijen die hun sociale huurwoningenbezit in mede-eigendom hebben. In voorkomende gevallen kan het lonen om een bezwaar/beroepsprocedure te starten tegen eerdere afdrachten van verhuurderheffing. Aan de andere kant brengen woningcorporaties het grootste deel van de verhuurderheffing op, zodat mag worden verwacht dat de schatkist geen grote gevolgen zal ondervinden van dit arrest. Voorts is het afwachten hoe de wetgever zal reageren. Mogelijk zal in de toekomst de belastingplicht voor de verhuurderheffing voor alle gevallen op een andere wijze worden vastgesteld.

Team

Related news

27.05.2020 NL law
Accountants advising in real estate transactions: be aware of penalties in mortgage deeds

Short Reads - The Court of Appeal of Arnhem-Leeuwarden ruled on 3 March 2020 that an accountant did not properly advise her client with respect to a sale of real estate (ECLI:NL:GHARL:2020:1875). In her research concerning the consequences of the sale, the accountant had failed to properly review the contracts between the seller and the financier of the real estate. The accountant had therefore acted unlawfully.

Read more

20.05.2020 NL law
Perpetual securities not considered equity for Dutch corporate income tax purposes

Short Reads - In a decision of Friday 15 May 2020, the Dutch Supreme Court confirmed that fixed-to-floating rate perpetual equity securities (“perpetual securities”) should not be considered a “participation loan” (deelnemerschapslening) for Dutch tax purposes. Under Dutch tax law, characterization of a debt instrument as a “participation loan” implies that such instrument is deemed equity for Dutch corporate income tax purposes. Characterization of the perpetual securities as a participation loan would have meant that the interest would have been regarded non-deductible dividend.

Read more

20.05.2020 NL law
Stibbe in Amsterdam answers questions from consumers, small business foundations and NGOs about the coronavirus [updated]

Inside Stibbe - In a special Q&A (in Dutch), lawyers from our Amsterdam office share their legal expertise and strive to provide answers to questions put to us by consumers, self-employed persons, enterprises large and small, foundations and NGOs as a result of the corona crisis.

Read more

21.05.2020 NL law
Stibbe 'Netherlands Tax Firm of the Year'.

Inside Stibbe - The International Tax Review has chosen our Amsterdam Tax team as 'Netherlands Tax Firm of the Year'. This is Stibbe's fourth recognition in recent years, after receiving this distinguished title in 2015, 2017 and 2019.

Read more

This website uses cookies. Some of these cookies are essential for the technical functioning of our website and you cannot disable these cookies if you want to read our website. We also use functional cookies to ensure the website functions properly and analytical cookies to personalise content and to analyse our traffic. You can either accept or refuse these functional and analytical cookies.

Privacy – en cookieverklaring