Short Reads

B&W zijn niet bevoegd om een ontwerp verklaring van geen bedenkingen op te stellen in het kader van een projectomgevingsvergunning

B&W zijn niet bevoegd om een ontwerp verklaring van geen bedenkingen

B&W zijn niet bevoegd om een ontwerp verklaring van geen bedenkingen op te stellen in het kader van een projectomgevingsvergunning

13.06.2018

De gemeenteraad is bevoegd tot het afgeven van een verklaring van geen bedenkingen (vvgb) in het kader van een omgevingsvergunning voor planologisch strijdig gebruik als bedoeld in artikel 2.12 lid 1 aanhef sub a en onder 3 Wabo (de projectomgevingsvergunning). Hoewel de bevoegdheid tot verlening van een dergelijke vergunning berust bij het college van burgemeester en wethouders, is het college niet bevoegd een ontwerpbesluit voor de vvgb voor te bereiden en ter inzage te leggen. Dit volgt uit een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 9 mei 2018.

Juridisch kader

Indien een omgevingsvergunning voor bouwen in strijd met het bestemmingsplan wordt aangevraagd, wordt de aanvraag op grond van artikel 2.10 lid 2 Wabo automatisch aangemerkt als een aanvraag om omgevingsvergunning voor planologisch strijdig gebruik als bedoeld in artikel 2.1 lid 1 aanhef en onder c Wabo. De aanvraag voor bouwen wordt slechts geweigerd indien vergunningverlening met toepassing van artikel 2.12 Wabo niet mogelijk is. Artikel 2.12 lid 1 aanhef en onder a Wabo kent drie categorieën voor het mogelijk maken van planologisch strijdig gebruik, te weten categorie A1: de binnenplanse afwijking; categorie A2: de zogenoemde kruimelgevallen-regeling (artikel 2.7 Bor jo artikel 4 bijlage II Bor); en categorie A3: een omgevingsvergunning waarvoor een goede ruimtelijke onderbouwing vereist is. De verlening van vergunning op grond van categorie A3 – de projectomgevingsvergunning – vereist een vvgb van de gemeenteraad. Dit is enkel anders indien de raad op grond van artikel 6.5 lid 3 Bor bepaalde categorieën van gevallen heeft aangewezen waarin een vvgb niet vereist is en het betrokken project binnen een van die categorieën past. Is een vvgb vereist, dan kunnen op grond van artikel 3.11 lid 3 Wabo ook zienswijzen tegen het ontwerp van de vvgb worden ingediend.

Uitspraak Afdeling

De Afdelingsuitspraak van 9 mei 2018 ging om de afwijzing van een aanvraag om omgevingsvergunning voor de bouw van 34 woonstudio's. De gemeenteraad had geweigerd een vvgb voor dit project te verlenen, met het gevolg dat het college de aanvraag om omgevingsvergunning had afgewezen. De rechtbank heeft het besluit tot afwijzing vernietigd, onder meer omdat er geen ontwerpbesluit van de raad over het geven van de vvgb ter inzage was gelegd.

In hoger beroep betoogt het college dat de rechtbank ten onrechte heeft geconcludeerd dat de door het college gevolgde werkwijze onrechtmatig is. Het college heeft een raadsvoorstel en een ontwerpbesluit voor een vvgb, strekkende tot verlening van de gevraagde omgevingsvergunning, voorbereid. Deze zijn samen met het ontwerp van de omgevingsvergunning ter inzage gelegd. Volgens het college doet deze werkwijze geen afbreuk aan de zelfstandige beslissingsbevoegdheid van de raad, nu de raad het definitieve besluit over het geven van een verklaring van geen bedenkingen neemt.

De Afdeling overweegt onder verwijzing naar de memorie van toelichting bij het wetsvoorstel voor de Wabo (Kamerstukken II, 2006/07, 30 844, nr. 3, p. 113-114, 126-127) dat het bevoegd gezag, wanneer een aanvraag om omgevingsvergunning is ontvangen, beoordeelt of er aspecten zijn waaromtrent een ander bestuursorgaan een vvgb moet afgeven. Indien dat het geval is, zendt het de aanvraag zo spoedig mogelijk aan het orgaan dat bevoegd is de verklaring te geven. Het ontwerp van de beslissing omtrent de vvgb doorloopt dezelfde procedure als het ontwerpbesluit. Dit houdt in dat ten aanzien van beide onderdelen zienswijzen kunnen worden ingediend. De beoordeling en eventuele verwerking daarvan in de definitieve beslissing over de vvgb geschieden door het orgaan dat bevoegd is de verklaring te geven. Een vvgb is in dit kader niet zozeer een goedkeuringsinstrument, maar dient een ander bestuursorgaan te laten beslissen omtrent een aspect van de vergunning dat aan de beoordeling van het bevoegd gezag is onttrokken. Aangezien het college in deze zaak het ontwerpbesluit over de vvgb had opgesteld, terwijl de raad het bevoegde bestuursorgaan is in het kader van de vvgb, heeft appellant niet de mogelijkheid gehad zienswijzen in te dienen naar aanleiding van het standpunt van de raad. Dit is in strijd met artikel 3.11 Wabo.

Observaties

Uit deze uitspraak van de Afdeling volgt kortom dat het college niet bevoegd is een ontwerp-vvgb voor te bereiden en ter inzage te leggen. Dat oordeel past binnen haar eerdere jurisprudentie over de bevoegdheid van de raad met betrekking tot het verlenen van de vvgb. Deze bevoegdheid mag niet doorkruist worden door inmenging van het college (zie in dit kader ook een eerder blog over vvgb's en de bevoegdheid van de raad). Ondanks dat inmenging van het college tot kortere procedures zou kunnen leiden, blijkt de gemeenteraad te allen tijden het bevoegde orgaan ten aanzien van de vvgb.

Gegevens uitspraak

ABRvS 9 mei 2018

ECLI:NL:RVS:2018:1511

201703616/1/A1

Related news

20.10.2021 NL law
FAQ: What will change with the entry into force of the Woo compared to the Wob? An update

Short Reads - The Open Government Act (“Woo”) is to replace the Government Information (Public Access) Act (“Wob”). The Woo initiative proposal was passed in the Dutch House of Representatives in 2016; see our earlier Stibbeblog. However, the impact analysis that followed showed that the Woo as proposed was potentially impracticable for local governments. This led to amendments to the bill, which was passed by the House of Representatives on 26 January 2021. 

Read more

13.10.2021 NL law
FAQ: Hoe een begrip uit te leggen als een definitie of andere uitleg ervan in de wettelijke regeling ontbreekt?

Short Reads - Hoe een begrip uit te leggen als een definitie of andere uitleg ervan in de wettelijke regeling ontbreekt? Deze vraag komt meer dan eens aan de orde in geschillen en procedures. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State beantwoordt deze vraag onder meer in een uitspraak over pleziervaartuigen en woonschepen in de jachthaven te Kaag (25 augustus 2021, ECLI:NL:RVS:2021:1897).

Read more

20.10.2021 NL law
FAQ: Wat verandert er met de inwerkingtreding van de Woo ten opzichte van de Wob? Een update

Short Reads - De wet open overheid (“Woo”) moet de Wet openbaarheid van bestuur (“Wob”) vervangen. Al in 2016 is het initiatiefvoorstel van de Woo aangenomen in de Tweede Kamer. Hierover kon u eerder een Stibbeblog lezen. De impactanalyse die volgde toonde echter aan dat de Woo zoals voorgesteld mogelijk onuitvoerbaar was voor decentrale overheden. Dit heeft geleid tot wijzigingen in het wetsvoorstel dat op 26 januari 2021 door de Tweede Kamer is aangenomen. 

Read more

13.10.2021 NL law
De hardheidsclausule en ander maatwerk in het licht van de NOW

Short Reads - Uitzonderingen op de NOW zijn volgens de bestuursrechter niet mogelijk door het bewust ontbreken van een hardheidsclausule, maar worden door de minister in bepaalde gevallen wel toegestaan. In dit artikel bespreekt Sandra Putting welke mogelijkheden bestuursorganen en de bestuursrechter hebben om maatwerk te bieden en wordt aan de hand van drie geschilpunten over de NOW beoordeeld hoe die mogelijkheden zijn ingezet of beter hadden kunnen worden ingezet.

Read more

14.10.2021 NL law
Termijn voor het indienen vaststellingsaanvraag NOW-1 loopt af op 31 oktober 2021: strategische handreikingen en juridische aanbevelingen

Short Reads - Op 31 oktober 2021 is het de laatste dag waarop de vaststellingsaanvragen van de NOW-1 subsidie kunnen worden ingediend. Veel werkgevers hebben deze aanvraag al ingediend (en al een vaststellingsbesluit ontvangen) maar ook een aanzienlijk deel van de vaststellingsaanvragen moet nog door het UWV worden ontvangen (zie de Kamerbrief van 20 september 2021). 

Read more

07.10.2021 NL law
Intrekking van natuurvergunningen en de praktijk: de stand van zaken en de rol van significantie van eventuele effecten

Short Reads - Onherroepelijke natuurvergunningen lijken anno 2021 geen rustig bezit meer te zijn. Bij provincies liggen op dit moment verzoeken voor om tot intrekking van (onherroepelijke) natuurvergunningen over te gaan. Intrekking zou een noodzakelijke passende maatregel zijn ter uitvoering van artikel 6, lid 2 Habitatrichtlijn. Jurisprudentie geeft inmiddels enige duidelijkheid. Maar de praktijk blijkt weerbarstig en laat zien dat de nodige vragen onbeantwoord blijven. In dit blog bespreken wij de stand van zaken.

Read more