Articles

De rechtspositie van financiële instellingen ten aanzien van richtsnoeren en aanbevelingen van European Supervisory Authorities: Europese pseudowetgeving?

De rechtspositie van financiële instellingen ten aanzien van richtsnoe

De rechtspositie van financiële instellingen ten aanzien van richtsnoeren en aanbevelingen van European Supervisory Authorities: Europese pseudowetgeving?

24.01.2018 NL law

De ESA’s hebben in de praktijk een belangrijke functie binnen het Europese toezichtsmechanisme. Ze spelen een rol bij de totstandkoming van technische reguleringsnormen en uitvoeringsnormen en zij stellen richtsnoeren en aanbevelingen vast teneinde de gemeenschappelijke, uniforme en consistente toepassing van het Unierecht te verzekeren. Deze richtsnoeren en aanbevelingen worden wel geschaard onder de noemer ‘soft law’ en zijn niet juridisch bindend. Toch sorteren zij in de praktijk effecten die lijken op de effecten die ‘bindend recht’ sorteert.

Marktpartijen moeten zich ook tot het uiterste inspannen om aan deze soft law te voldoen. Nationale bevoegde autoriteiten voldoen slechts in uitzonderlijke gevallen niet aan ESA soft law. De ESA richtsnoeren en aanbevelingen kunnen handzaam zijn voor de praktijk, met name op die gebieden waar het Unierecht onduidelijke begrippen en open normen bevat. Het feit dat ESA soft law door de verschillende betrokken actoren in de praktijk ook in aanmerking wordt genomen, komt de beoogde gemeenschappelijke, uniforme en consistente toepassing van het Unierecht ten goede. Echter, juist vanwege het dwingende karakter van deze ESA soft law in de praktijk en het gebrek aan democratische legitimatie bij de totstandkoming ervan menen wij dat marktpartijen, de nationale wetgever, nationale bevoegde toezichthouders en nationale rechterlijke instanties de taak hebben om zich kritisch op te stellen. Dit kan zowel bij de totstandkoming van ESA soft law tijdens de consultatieperiode als daarna, indien discussie bestaat over de interpretatie van ESA soft law, bijvoorbeeld tussen een financiële instelling en een nationale bevoegde toezichthouder. ESA soft law is immers geen bindend Unierecht en de interpretatie die de ESA’s daaraan geven (en: de toepassing daarvan door een nationale bevoegde toezichthouder) hoeft niet de juiste te zijn. Het is uiteindelijk aan het Hof van Justitie van de Europese Unie om het (bindende) Unierecht te interpreteren.

Dit artikel is gepubliceerd in Ondernemingsrecht 2017/144. 

Lees de volledige publicatie. 

Team

Related news

15.01.2019 NL law
E-book: belangrijkste ontwikkelingen bestuursrecht en omgevingsrecht 2018 in blogs

Short Reads - De bestuursrechtadvocaten van Stibbe in Amsterdam bloggen regelmatig over actuele onderwerpen op het gebied van het bestuursrecht en het omgevingsrecht. In dit e-book zijn voor u de belangrijkste bestuursrechtelijke blogs over 2018 gebundeld. Deze blogs geven een goed beeld van de ontwikkelingen uit het afgelopen jaar.

Read more

17.01.2019 NL law
Waarborgen tegen ‘nepnieuws’

Articles - Het functioneren van onze democratie valt of staat bij de mogelijkheden van de kiezer om op basis van juiste informatie een mening te vormen over gewenst beleid. Dat geldt te meer in een tijd waarin er steeds meer vormen van directe democratie bestaan. Zo heeft onjuiste informatie over extra budget voor het Britse gezondheidszorgsysteem waarschijnlijk een belangrijke rol gespeeld bij de uitslag van het Brexit-referendum.

Read more

14.01.2019 NL law
E-book: Belangrijkste ontwikkelingen bestuursrecht en omgevingsrecht 2018 in blogs

Short Reads - De bestuursrechtadvocaten van Stibbe bloggen regelmatig over actuele onderwerpen op het gebied van het bestuursrecht en het omgevingsrecht. In dit e-book zijn voor u de belangrijkste bestuursrechtelijke blogs over 2018 gebundeld. Deze blogs geven een goed beeld van de ontwikkelingen uit het afgelopen jaar.

Read more

15.01.2019 NL law
Het schadefonds van Van Vollenhoven, een goed idee?

Short Reads - Onlangs heeft mr. Pieter van Vollenhoven in een interview voorgesteld om een nieuw schadefonds op te richten. Aanleiding was het verschrikkelijke ongeval met de Stint in Oss. Het ging mr. Van Vollenhoven niet om de directe slachtoffers (waarvan vier dodelijke), maar om de fabrikant van de Stints en de kinderdagverblijven. Moet er voor deze gedupeerden ook iets worden gedaan en is de oprichting van een schadefonds het goede antwoord op de goede vraag?

Read more

Our website uses cookies: third party analytics cookies to best adapt our website to your needs & cookies to enable social media functionalities. For more information on the use of cookies, please check our Privacy and Cookie Policy. Please note that you can change your cookie opt-ins at any time via your browser settings.

Privacy – en cookieverklaring