Short Reads

Klachten bij de JEP tegen reclames waarbij alcoholische dranken in verband zouden gebracht worden met positieve effecten brengen geen soelaas

Stibbe - Unfair competition and consumer protection - Update apr 2017

Klachten bij de JEP tegen reclames waarbij alcoholische dranken in verband zouden gebracht worden met positieve effecten brengen geen soelaas

17.04.2018 BE law

De Jury voor Ethische Praktijken inzake reclame (‘JEP’) is het zelfregulerend orgaan van de Belgische reclamesector. De JEP gaat na of reclameboodschappen de wetgeving en gedragscodes respecteren, hetzij nadat er een klacht werd ingediend hetzij op eigen initiatief.

Wanneer zij van oordeel is dat de reclameboodschap de relevante regels niet respecteert, formuleert zij een beslissing tot wijziging of stopzetting. Indien er geen positief gevolg aan wordt verleend richt de JEP een schorsingsaanbeveling aan haar leden die er zich toe hebben verbonden om de beslissingen na te leven. De JEP vervangt niet de hoven en rechtbanken, maar haar beslissingen kunnen niettemin belangrijke gevolgen hebben (i.e. verplichte stopzetting van de reclamecampagne door de aangesloten media).

Recent achtte de JEP twee verschillende reclamecampagnes voor alcoholische dranken (respectievelijk voor Champagne Mumm[1] en Jupiler[2]) toelaatbaar. De klagers argumenteerden dat de consumptie van het product in kwestie in verband werd gebracht met gunstige psychische en fysieke effecten, in weerwil van artikel 3.2 van het Convenant inzake reclame voor en marketing van alcoholhoudende dranken[3].

De eerste zaak (Mumm) betrof de reclamecampagne “Don’t win to celebrate. Celebrate to win”, bestaande uit verschillende filmpjes met ex-atleet Usain Bolt in de hoofdrol. De filmpjes tonen Usain Bolt al feestvierend, met de nodige salto’s en dansbewegingen. De champagne komt regelmatig in beeld, maar steeds als gesloten fles. Ook wordt er een scène getoond van de start van een atletiekwedstrijd waarin het startschot vervangen wordt door het ontkurken van een champagnefles. De filmpjes gaan gepaard met teksten zoals: “Maak je klaar om een nieuwe manier van vieren te ontdekken #NextVictory #DareWinCelebrate #Mumm” of “Doe net zoals Usain Bolt en hef het glas op je #NextVictory #DareWinCelebrate #Mumm”.

De JEP oordeelde desondanks dat de campagne veeleer de positieve levenshouding van Usain Bolt weergeeft die bijdraagt tot het verwezenlijken van bepaalde prestaties, en niet zozeer een verband legt tussen de consumptie van alcoholhoudende dranken en het sportieve succes van de ex-atleet of tussen het op voorhand consumeren van alcoholhoudende dranken en een te vieren overwinning.

De tweede zaak (Jupiler) betrof een spot die afwisselend beelden toont van een barman die in een café een geslaagde pint probeert te tappen en twee mannen die in een aula een wiskundig probleem proberen op te lossen. Aan het einde van de spot serveert de barman in het café het gepromote product aan de twee mannen die het probleem hebben opgelost. De slogan luidt: “Volharding in elke druppel”.

In tegenstelling tot de klager, was de JEP van mening dat de volharding betrekking heeft op het vakmanschap van de barman en niet op een psychische eigenschap die zou worden verkregen door de consumptie van Jupiler. Verder argumenteerde de klager ook dat de reclame zou gericht zijn op minderjarigen in strijd met artikel 2.1 en 4.2 van het Convenant[4]. De JEP besloot echter ook hier dat de spot niet op minderjarigen gericht is, noch door de inhoud (de universiteitssetting en de leeftijd van de acteurs verwijzen immers niet naar de leefwereld van minderjarigen), noch door het communicatiemiddel (er waren immers maatregelen getroffen opdat de doelgroep van 18-34 jaar zou geviseerd worden, bijvoorbeeld door de spot enkel in de sectie 18+ van de TV-zendtijd uit te zenden). De klager bleef ook ‘volharden’ en stelde nog hoger beroep in, echter opnieuw zonder succes.

Beide reclames werden bijgevolg toelaatbaar geacht.

 

Voetnoten:

  1. Beslissing van de JEP, 6 december 2017, beschikbaar op: https://www.jep.be/nl/beslissingen-van-de-jep/pernod-ricard-belgium-06122017 (laatst bezocht op 9 april 2018).
  2. Beslissing van de JEP, 11 oktober 2017, beschikbaar op: https://www.jep.be/nl/beslissingen-van-de-jep/ab-inbev-11102017 (laatst bezocht op 9 april 2018).
  3. Beschikbaar op: https://www.jep.be/sites/default/files/rule_reccommendation/alcoholconvenant_nl_2013.pdf (laatst bezocht op 9 april 2018).
  4. Convenant inzake reclame voor en marketing van alcoholhoudende dranken, beschikbaar op: https://www.jep.be/sites/default/files/rule_reccommendation/alcoholconvenant_nl_2013.pdf (laatst bezocht op 9 april 2018).

Team

Related news

26.04.2021 BE law
L’appropriation frauduleuse de listes de clients à des fins de détournement de clientèle constitue une pratique commerciale déloyale et une violation du secret d’affaires

Articles - La Cour d’appel de Gand a jugé que l’appropriation frauduleuse de listes de clients ainsi que l’utilisation de celle-ci constituent un détournement illicite de clients ainsi qu’une violation de l’article XI. 332/4 CDE (secret d’affaires).[1]

Read more

26.04.2021 BE law
L'utilisation illégale de secrets d'affaires obtenus de façon illicite conduit à une injonction temporaire de cesser une activité économique spécifique

Articles - Le président du tribunal d’entreprise de Gand a jugé que l'utilisation de secrets d’affaires obtenus de façon illicite, tels que des informations techniques sur les produits, lorsqu’une personne morale ou physique savait ou aurait dû savoir que ces derniers avaient été obtenus de façon illicite, viole l'article XI.332/4 du Code de droit économique (CDE) et est contraire à la concurrence loyale (article VI.104 CDE).

Read more

26.04.2021 BE law
Openbaarmaking en bedrijfsgeheimen, waar ligt de grens?

Articles - De Voorzitter van de Ondernemingsrechtbank te Brussel, zetelend zoals in kortgeding, heeft geoordeeld dat de openbaarmaking van een geheim productieproces door een ex-werknemer aan een concurrerende onderneming een oneerlijke handelspraktijk uitmaakt (schending van artikel XI.332 van het Wetboek Economisch Recht).[1] 

Read more

26.04.2021 BE law
Violation d’obligation contractuelle et tierce complicité – le juge des cessations peut établir l’existence d’une rupture de contrat

Articles - La Cour de Cassation a confirmé que même si les infractions liées aux pratiques de marché loyales relèvent de la responsabilité extracontractuelle, le juge des cessations, afin d’établir une éventuelle tierce complicité de la violation contractuelle, est compétent pour se prononcer sur l’existence d’une rupture de contrat à laquelle la société tierce a participé.

Read more