Short Reads

Het recht om fouten te maken

Het recht om fouten te maken

Het recht om fouten te maken

25.04.2018

Nederland moet nagaan of het zinvol is een wet in te voeren ‘die er kort gezegd op neerkomt dat de burger fouten kan maken zonder dat dit onmiddellijk als overtreding of fraude wordt gezien’. Dit adviseert de Raad van State in zijn recente jaarverslag over 2017.

In Frankrijk werd een dergelijke wet op voorspraak van president Macron onlangs door het parlement aanvaard. Achtergrond van het voorstel van de Raad van State is ‘de groeiende complexiteit en toenemende onderlinge verstrengeling van regels en een aantal factoren dat deze ontwikkeling in de huidige tijd stimuleert’. Burgers kunnen volgens de Raad steeds vaker de weg niet meer vinden in de ‘verstrengelde regelingen’. Daarbij wordt juist door de toenemende gedigitaliseerde communicatie tussen burger en overheid ‘ieder formulier al snel zijn eigen regel.’ Voor burgers is het vaak een lastige puzzel om te achterhalen welke regelingen nu wel of niet van toepassing zijn, ‘terwijl zij bij zelfs geringe overtredingen wel geconfronteerd worden met forse sancties of maatregelen’, aldus de Raad. Daarnaast vraagt de Raad ter nadere onderbouwing van het voorstel aandacht voor het beeld van de burger waarvan de overheid uitgaat. Dat is vaak te negatief. ‘Burgers zijn niet de berekenende personen waar de regelgeving van uitgaat. Het zijn mensen die fouten kunnen maken zonder dat dit meteen van kwaadwilligheid getuigt.’ Vergelijkbare kritiek had de Nationale ombudsman in zijn jaarverslag over 2015.

De Franse inspiratiebron voor de Raad van State is het Projet de loi pour un État au service d’une société de confiance. Sleutelwoorden zijn dienstbaarheid en vertrouwen. Blijkens de toelichting bij het voorstel is ook in La Douce France de verhouding tussen burgers en de overheid verhard. Het wetsvoorstel, dat met toelichting bijna 250 bladzijden en 40 uitgebreide wetsartikelen omvat, beoogt dat te keren. Kernbepaling is het recht op het maken van een fout. Dit wordt gedefinieerd als de mogelijkheid voor een burger en rechtspersoon om zich te vergissen als het gaat om informatieverschaffing en standpunten richting de overheid zonder al meteen bij de eerste fout een (zware) sanctie te riskeren.

Concreet houdt de Franse regeling in dat een ieder de mogelijkheid moet hebben fouten te herstellen. Dit kan spontaan of naar aanleiding van een controle (al dan niet op verzoek van burgers verricht). Dit alles mits er sprake is van goede trouw, waarbij het aan de overheid is om kwade trouw aannemelijk te maken. Bij recidive gaat een beroep op de regeling niet op. Ook fouten die bestaan uit termijnoverschrijdingen zijn uitgezonderd. Verder zijn van de regeling uitgesloten situaties waarin sprake is van inbreuken op de volksgezondheid, de openbare veiligheid alsmede het milieu. Heel concreet betekent het voorstel voor, bijvoorbeeld, het fiscale recht dat een rentesanctie bij een fout te goeder trouw met 30% wordt verminderd en zelfs met 50% indien de betrokkene de fout op eigen initiatief herstelt. Daarnaast voorziet het wetsvoorstel in een recht specifiek voor ondernemingen om de overheid te vragen hun boekhouding en aangiften te controleren en op basis daarvan aan te geven of deze rechtmatig zijn. Als er dan fouten blijken, zou de eerste keer alleen met een waarschuwing moeten worden volstaan. Ten slotte bevat het voorstel een hele serie nadere maatregelen gericht op het versimpelen van de verhouding tussen burger en overheid, waarbij opvalt dat het vaak gaat om experimenteerbepalingen.

Het recht om fouten te maken moet in Nederland eveneens worden omarmd, al was het maar vanwege de diep menselijke achtergrond daarvan. Een voorbeeld biedt de huidige strengere aanpak van uitkeringsfraude, waarbij burgers die niet te kwader trouw handelen toch vaak hoge sancties krijgen opgelegd. Voor de verankering van het recht om fouten te maken zijn er in extremis twee opties. We kunnen net als Frankrijk voor een expliciete en gedetailleerde wettelijke regeling kiezen. Dat heeft als voordeel dat de positie van betrokkenen ten opzichte van de overheid duidelijk vastligt zodat daarover niet al te veel discussie hoeft te worden verwacht. Nadeel kan echter wel zijn dat dit kan leiden tot een complexe en weinig flexibele regeling waarmee juist het paard achter de wagen zou worden gespannen. Een alternatief zou kunnen zijn om te kiezen voor een beginselbenadering. Het recht om fouten te maken wordt in algemene zin erkend en zo nodig (mede) opgehangen aan al erkende rechtsbeginselen als zorgvuldigheid, vertrouwen en evenredigheid. Eventueel kan daarbij ook een rol spelen het dienstbaarheidsbeginsel dat in het Unierecht expliciet is erkend en in Nederland steeds meer aandacht krijgt (vgl. de noot van Ortlep in AB 2018/90). Op basis daarvan geldt dat ‘het bestuur moet proberen de burger te begeleiden, te helpen en van dienst te zijn’. Vervolgens moet de overheid – daarbij zo nodig gecorrigeerd door de rechter – haar bevoegdheden toepassen met dit recht op het maken van fouten in het achterhoofd. Dat zou, bijvoorbeeld, kunnen leiden tot minder streng boetebeleid met een waarschuwing als verplichte tussenstap en het daarvoor zo nodig relativeren van de beginselplicht tot handhaving. In het kader van de rechtspraak zouden de burger verder meer mogelijkheden kunnen worden geboden om fouten zoals het te laat aanleveren van bewijsstukken te herstellen, bijvoorbeeld door invoering van een informele burgerlijke lus.

Gelet op de urgentie van de problematiek is het wijs eerst de beginselbenadering te beproeven en dan gaandeweg te bezien of er nog behoefte bestaat aan een wettelijke regeling. Dan kunnen we ook profiteren van de Franse ervaringen met hun wet. En Marche!

Dit Vooraf is ook gepubliceerd in NJB 2018/819, afl. 17.

Related news

13.09.2018 NL law
Centrale Raad van Beroep verduidelijkt publieke-taakjurisprudentie ten behoeve van het bestuursorgaanbegrip

Short Reads - De Centrale Raad van Beroep (CRvB) verduidelijkt in een uitspraak van 15 augustus 2018 zijn publieke-taakjurisprudentie over de vraag wanneer een privaatrechtelijke rechtspersoon, zoals een besloten vennootschap, een bestuursorgaan is als bedoeld in artikel 1:1 lid 1 aanhef en onder b Algemene wet bestuursrecht (Awb).

Read more

12.09.2018
Nadere uitleg van de Hoge Raad over 'op de zaak betrekking hebbende stukken'

Short Reads - De Hoge Raad heeft in drie belangwekkende arresten van 17 augustus 2018 een nadere uitleg gegeven over het verstrekken van op de zaak betrekking hebbende stukken. De drie arresten gaan over belastingzaken maar zij zijn relevant voor het hele bestuursrecht. In dit blogbericht gaan wij in op deze arresten en de betekenis daarvan voor de praktijk. Wij zullen in het bijzonder stilstaan bij de wijze waarop de Hoge Raad oordeelt over het verstrekken van gegevens bij geautomatiseerde besluitvorming.

Read more

13.09.2018 NL law
FlixBus-uitspraak over de strijd van nieuwe spelers op de openbaar vervoermarkt tegen het bestaande concessiemodel met exclusieve rechten.

Short Reads - Het verrichten van openbaar vervoer geschiedt op basis van een concessie. Een concessie is het recht om met uitsluiting van anderen openbaar vervoer te verrichten in een bepaald gebied gedurende een bepaald tijdvak, aldus artikel 1 van de Wet personenvervoer 2000 (hierna: de 'Wp 2000'). 

Read more

12.09.2018 NL law
Wetsvoorstel wijziging Crisis- en herstelwet (Transitiewet Omgevingswet) ingediend bij de Tweede Kamer

Short Reads - Op 5 september 2018 heeft de regering het wetsvoorstel tot wijziging van de Crisis- en herstelwet (Chw) (Kamerstukken II 2017/18, 35 013, nrs 1-3) ingediend bij de Tweede Kamer. Het wetsvoorstel beoogt onder meer te voorzien in snellere en gemakkelijker procedures om woningbouw te versnellen. Ook overbrugt het wetsvoorstel de periode tot inwerkingtreding van de Omgevingswet (vooralsnog 1 januari 2021) en kan daarom ook worden beschouwd als een transitiewet naar de Omgevingswet.

Read more

07.09.2018
Actuele trends in het luchtkwaliteitsbeleid

Articles - Zowel op Europees als op Vlaams niveau zijn er de laatste maanden een aantal evoluties merkbaar met het oog op de verbetering van de luchtkwaliteit. Beleidsmatig verbindt het bestuur er zich reeds lang toe om werk te maken van een betere luchtkwaliteit. Nieuwe maatregelen dienen om de luchtkwaliteit daadwerkelijk te verbeteren.  Ook individuele burgers eisen hun rol op in het debat.

Read more

Our website uses cookies: third party analytics cookies to best adapt our website to your needs & cookies to enable social media functionalities. For more information on the use of cookies, please check our Privacy and Cookie Policy. Please note that you can change your cookie opt-ins at any time via your browser settings.

Privacy – en cookieverklaring