Short Reads

Verlenging van kansspelvergunning in strijd met transparantiebeginsel: wat te doen in een overgangsperiode?

Verlenging van kansspelvergunning in strijd met transparantiebeginsel: wat te doen in een overgangsperiode?

Verlenging van kansspelvergunning in strijd met transparantiebeginsel: wat te doen in een overgangsperiode?

01.11.2016 NL law

De verlenging van de kansspelvergunning aan de Lotto is volgens de rechtbank Den Haag in strijd met het transparantiebeginsel gebeurd. Dit blijkt uit een uitspraak van de rechtbank van 20 oktober 2016.

Lees hier de volledige uitspraak. 

Al in 2010 heeft het Hof van Justitie van de Europese Unie geoordeeld dat de Nederlandse Wet op de kansspelen in strijd is met het Unierecht, omdat – kort samengevat – de kansspelvergunning telkens opnieuw werd verleend aan de Lotto zonder dat andere partijen in de gelegenheid werden gesteld om mee te kunnen dingen naar die vergunning. Een dergelijke beperking van het vrij verkeer van diensten is in beginsel niet toegestaan.

Naar aanleiding van deze uitspraak heeft de Staatssecretaris in 2014 een brief aan de Tweede Kamer gezonden over de herijking van het loterijstelsel. In de brief werd aangegeven dat het Kabinet tot 1 januari 2017 nodig had voor de voorbereiding van regelgeving waarmee op een verantwoorde wijze transparante vergunningverlening plaats zou kunnen vinden. Daarom zouden de huidige vergunningen – die afliepen in januari 2015 – worden verlengd tot 2017. Ter uitvoering van de Kabinetsbrief is een beleidsregel vastgesteld. De rechtbank Den Haag heeft nu geoordeeld dat deze verlenging voor de overgangsperiode in strijd met het Unierecht is.

De Kansspelautoriteit betoogde dat de verlenging van de vergunning aan de Lotto in overeenstemming met haar beleid was. In dit beleid was namelijk opgenomen dat de autoriteit in zijn belangenafweging een drietal belangen zwaar zou laten meewegen, namelijk het belang om het bestaande loterijstelsel in Nederland intact te houden tot de introductie van nieuwe wet- en regelgeving hieromtrent; het belang om een vergunning tot 1 januari 2017 aan dezelfde vergunninghouder te verlenen; en het belang om het huidige aantal verleende vergunningen tot 1 januari 2017 ongewijzigd te laten.

De rechtbank stelt voorop dat vaststaat dat de vergunningverlening zonder transparante verdeelprocedure heeft plaatsgevonden en dat daarmee de fundamentele vrijheid van dienstverlening is beperkt. De rechtbank kijkt vervolgens naar de beleidsregel en constateert dat hierin staat dat bepaalde belangen zwaar moeten wegen. Volgens de rechtbank biedt de beleidsregel echter geen grond voor de stelling dat de Kansspelautoriteit geen andere mogelijkheid had dan de totalisatorvergunning opnieuw aan De Lotto te verlenen en om die reden anderen niet had hoeven laten meedingen naar de vergunning. Ten slotte acht de rechtbank het niet aannemelijk dat De Lotto kan worden gekwalificeerd als een particuliere exploitant op wiens activiteiten de overheid een strenge controle kan uitoefenen waardoor geen uitzondering op de transparantieverplichting mogelijk is.

De kansspelautoriteit zal nu een nieuw besluit moeten nemen met inachtneming van de uitspraak van de rechtbank. De vraag is natuurlijk hoe de kansspelautoriteit hiermee om moet gaan, zeker nu de datum van 1 januari 2017 nadert.

Naast kansspelvergunningen zijn er ook andere schaarse vergunningen. Ook voor deze vergunningen is deze uitspraak interessant. Bestuursorganen kiezen er steeds vaker voor om vergunningen die in het verleden zijn verleend in te trekken en nieuwe vergunningen transparant te verdelen. Voor een dergelijke wijziging van een vergunningverleningssysteem wordt vaak een overgangstermijn gehanteerd. Uit deze uitspraak van de rechtbank Den Haag volgt dat aan een dergelijke termijn een goed gemotiveerde belangenafweging ten grondslag moet liggen. In dit geval ontbrak deze. Het kan ook anders. Zo heeft de rechtbank Amsterdam eerder geoordeeld dat een overgangstermijn van zes jaar voor de exploitanten van rondvaartboten in Amsterdam wel redelijk was. De overgangstermijn was bedoeld om de huidige vergunninghouders in staat te stellen maatregelen te treffen om de gevolgen van de herziening van het beleid te ondervangen. De termijn hoeft niet zo ver te strekken dat alle investeringen in de vaartuigen na afloop van de termijn kunnen zijn terugverdiend.

Kortom: als besloten wordt een gesloten markt te openen dan is een overgangsperiode mogelijk en vaak zelfs noodzakelijk. De lengte van deze periode zal goed onderbouwd moeten worden waarbij de belangen van de huidige vergunninghouders worden afgewogen tegen de belangen van de potentiële nieuwkomers. Volgens de rechtbank Den Haag voldeed het beleid van de Kansspelautoriteit hier niet aan.

Related news

10.04.2019 NL law
Gevolgen van de Wnra: schorsing voortaan met behoud van loon en de wettelijke verhoging van loonvorderingen

Short Reads - Vanaf het moment dat ambtenaren werkzaam zijn op basis van een arbeidsovereenkomst, worden ook de civielrechtelijke bepalingen ten aanzien van deze overeenkomst van toepassing. Het gevolg is dat de overheidswerkgever en zijn werknemers te maken krijgen met fenomenen die zich in het ambtenarenrecht niet voordoen. Dit geldt bijvoorbeeld voor de mogelijkheid van schorsing zonder behoud van loon, de termijn waarbinnen aanspraak kan worden gemaakt op (ten onrechte niet betaald) loon en de wettelijke verhoging van loonvorderingen.

Read more

12.04.2019 NL law
Hoogste Europese rechter bevestigt dat overheden onrechtmatige staatssteun proactief moeten terugvorderen

Short Reads - De maand maart 2019 zal vermoedelijk de juridisch handboeken ingaan als een historische maand voor het mededingings- en staatssteunrecht. Niet alleen deed het Hof van Justitie een baanbrekende uitspraak op het gebied van het verhaal van kartelschade. Het heeft in de uitspraak Eesti Pagar (C-349/17) van 5 maart 2019 belangrijke vragen opgehelderd over de handhaving van het staatssteunrecht op nationaal niveau.

Read more

10.04.2019 BE law
Acrylamide: zijn frieten ook juridisch schadelijk voor de gezondheid?

Articles - De risico’s door de aanwezigheid van acrylamide in levensmiddelen noopten de EU tot het nemen van risicobeperkende maatregelen. Exploitanten van levensmiddelenbedrijven van bepaalde levensmiddelen (o.a. frieten, chips, koekjes, …) kregen de verplichting om tal van maatregelen te nemen.  De juridische kwalificatie van acrylamide en het regime van deze maatregelen worden in deze blog toegelicht.

Read more

10.04.2019 NL law
Casus Lotto c.s.: Aanpassing naam vergunninghouder bij nieuwe rechtsvorm? Let op de eisen van het Unierecht!

Short Reads - De Kansspelautoriteit kan de tenaamstelling van vergunningen voor onder andere Lotto en de Staatsloterij niet zomaar wijzigen als de rechtsvorm van de vergunninghouders verandert. Dit gezien het door het Unierecht gewaarborgde vrije verkeer van diensten en het daaruit voortvloeiende transparantiebeginsel. Dat blijkt uit een viertal uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State ("ABRvS") van 13 maart 2019. Wat betekenen deze uitspraken voor de praktijk?

Read more

Our website uses functional cookies for the functioning of the website and analytic cookies that enable us to generate aggregated visitor data. We also use other cookies, such as third party tracking cookies - please indicate whether you agree to the use of these other cookies:

Privacy – en cookieverklaring