Short Reads

Ruimere toepassing van het opzetvereiste in de Wet natuurbescherming

Ruimere toepassing van het opzetvereiste in de Wet natuurbescherming

Ruimere toepassing van het opzetvereiste in de Wet natuurbescherming

16.12.2016 NL law

Eén van de wijzigingen in de aankomende Wet natuurbescherming ten opzichte van het huidige natuurbeschermingsrecht is de introductie van het opzetvereiste in de Wnb. Helemaal nieuw is dit opzetvereiste echter niet, want de Flora- en faunawet kent al het verbod beschermde inheemse dieren opzettelijk te verontrusten.

Door de verboden vaker te beperken tot opzettelijk begane overtredingen, wordt beter aangesloten bij de verbodsbepalingen uit de Vogel- en Habitatrichtlijn. De toevoeging van "opzettelijk" in de verboden zou ertoe moeten leiden dat minder handelingen onder een verbodsbepaling vallen, want handelingen die zonder opzet worden verricht vallen daardoor niet onder een verbodsbepaling. De wijziging heeft tot gevolg dat vaker dan nu het geval is discussie kan ontstaan of een overtreding "opzettelijk"  is begaan. Daarom bespreekt dit blog het opzetvereiste in de Wnb in meer detail.

Hoe wordt opzet uitgelegd?

Handelingen die niet opzettelijk worden verricht vallen dus niet onder een verbod dat een opzetvereiste kent, maar wanneer is sprake van opzet: waar ligt de grens tussen zonder opzet en met opzet? Het normaal spraakgebruik wijkt hier af van het juridische begrip "opzet". Onder opzet moet namelijk ook voorwaardelijke opzet worden begrepen. Bij voorwaardelijk opzet verricht iemand een handeling waarbij hij bewust de aanmerkelijke kans aanvaardt dat zijn gedraging leidt tot overtreding van het verbod op bijvoorbeeld het doden of verstoren van dieren, ook als een kwade intentie bij hem ontbreekt. Hoe dit kan worden bewezen hangt af van de omstandigheden van het geval.

Voor de uitleg van het opzetvereiste kunnen aanknopingspunten worden gevonden in het Guidance document on the strict protection of animal species van de Europese Commissie en in jurisprudentie van het Hof van Justitie van de Europese Unie. Het Hof heeft zich namelijk al in meerdere zaken uitgelaten over (voorwaardelijk) opzet. Een bekende uitspraak is de zaak Commissie tegen Griekenland (HvJEU 30 januari 2002, C-103/00). Het, ondanks een verbodsbord, met bromfietsen rijden op een Grieks strand waar schildpadnesten zijn en het varen met waterfietsen en kleine bootjes in een speciale beschermingszone zijn volgens het Hof handelingen die schildpadden opzettelijk verstoren tijdens de voortplantingstijd. In dit geval bestond kennis van de aanwezigheid van een beschermde diersoort en werd een mogelijk schadelijke handeling toch voortgezet. In zo'n geval is sprake van opzettelijk handelen.

In een ander arrest van de Commissie tegen Spanje (HvJEU 18 mei 2006, C0221/04) blijkt ook dat bekendheid van de aanwezigheid van de diersoort in het gebied bij opzet belangrijk is. Vergunning was verleend voor het jagen op vossen door het plaatsen van vallen, maar de Commissie was van mening dat hierbij de vangst van otters niet als toevallige bijkomstigheid kon worden beschouwd. Dit zou leiden tot het overtreden van het verbod om opzettelijk in het wild levende diersoorten (otters) te vangen of doden. De Commissie meende dat hierdoor ook opzet was bij het doden van otters, omdat ook zij in de val zouden kunnen sterven. Het Hof oordeelde echter dat bij het verlenen van de vergunning voor vossenjacht, niet de mogelijkheid van de vangst of dood van otters wordt aanvaard. Van belang hierbij was dat het Hof meende dat de aanwezigheid van otters in het gebied niet was vastgesteld.

Vaak is bij een handeling duidelijk dat sprake is van opzet. Bijvoorbeeld het opzettelijk verstoren (verjagen) van meeuwen in het kader van een onderzoek naar manieren om hinder van de meeuwen te voorkomen en beperken. Deze casus was aan de orde in een uitspraak van de Afdeling van 17 augustus 2016. Bij sommige handelingen is het echter minder duidelijk. Uit een uitspraak van de Rechtbank Midden-Nederland van 12 september 2016 blijkt dat het algemene kennisniveau van belang is om te bepalen of sprake is van opzet. In deze zaak was aan de verdachte een overtreding van het verbod op het opzettelijk verontrusten van beschermde diersoorten ten laste gelegd doordat edelherten op de vlucht sloegen vanwege het vliegen met een drone boven de Oostvaardersplassen. De politierechter stelt vast dat inderdaad sprake is geweest van verontrusting van de edelherten, maar acht geen sprake van opzet daartoe. Volgens de rechter is het geen feit van algemene bekendheid dat er een aanmerkelijke kans is dat de edelherten verontrust zouden worden door de drone. De rechtbank spreekt de verdachte daarom vrij.

Afronding

Met de introductie van het opzetvereiste zal minder snel een verbod worden overtreden. Toch zal de wetswijziging leiden tot nieuwe juridische vragen, met name over de vraag wanneer sprake is van "voorwaardelijk opzet". Voor de beantwoording van deze vraag zijn al enkele voorbeelden te vinden in Europese en Nederlandse jurisprudentie. Hoewel er altijd twijfelgevallen zullen zijn of sprake is van opzet of niet, verwachten wij dat dit voor de meeste gevallen voor de praktijk een verbetering zal zijn ten opzichte van de oude regeling in de Flora- en faunawet.

Team

Related news

19.07.2018 BE law
Ontsporing van één van de wagons van de Codextrein dreigt: Grondwettelijk Hof schorst nieuwe afwijkingsmogelijkheid voor ontginningsgebieden

Articles - De Codextrein voorziet o.a. in een reeks aan nieuwe afwijkingsmogelijkheden in het kader van de vergunningverlening. Eén van de meest ophefmakende was de nieuwe afwijkingsmogelijkheid voor ontginningsgebieden. Tijdens het debat in de parlementaire commissie werd geopperd dat deze nieuwe afwijking op maat was geschreven van één private onderneming. Het Grondwettelijk Hof schorst nu in zijn arrest van 19 juli 2018 deze afwijkingsmogelijkheid op basis van de schending van het gelijkheidsbeginsel.

Read more

16.07.2018 BE law
Le Plan Régional de Développement Durable, qui fixe les objectifs et priorités de développement de la Région de Bruxelles-Capitale à moyen et à long terme, est adopté

Articles - Le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale a adopté, le 12 juillet 2018, le Plan Régional de Développement Durable, qui remplace le Plan Régional de Développement du 12 septembre 2002 et définit la vision territoriale de la Région, aux horizons 2025 et 2040.

Read more

17.07.2018 NL law
Doelstelling windenergie van 6.000 MW op land zal niet in 2020 worden gehaald, maar de minister is optimistisch

Articles - Uit de Monitor Wind op Land 2017 en het Plan van Aanpak Windenergie op land 2018 blijkt de voortgang van de doelstelling om in 2020 6.000 MW aan opgesteld vermogen windenergie op land te hebben. Er wordt weliswaar meer windenergie opgewekt, maar de doelstelling in 2020 wordt waarschijnlijk niet gehaald. Wij bespreken de knelpunten en hoe nu verder.

Read more

10.07.2018 NL law
Wijziging van de ladder voor duurzame verstedelijking, hoeveel treden worden er werkelijk genomen?

Articles - De realisatie van een bedrijf zal vaak als nieuwe stedelijke ontwikkeling kwalificeren. In dat geval moet aan de ladder voor duurzame verstedelijking worden voldaan (de Ladder). Kort samengevat onderzoekt het bevoegd gezag (in de praktijk laat het bevoegd gezag dit onderzoeken) bij het aflopen van de Ladder of er wel behoefte is aan het nieuwe bedrijf. Dit past binnen het vaak gehoorde credo “niet bouwen voor leegstand”.

Read more

17.07.2018 EU law
Proposal for the main features of the Climate Agreement published

Articles - After four months of negotiations involving approximately 100 parties, the proposal for the main features of the Climate Agreement (voorstel voor hoofdlijnen van een Klimaatakkoord – the "Proposal") was published on 10 July 2018. This blog outlines the background of the current negotiations in respect of the Climate Agreement in the Netherlands and describes several measures included in the Proposal.

Read more

10.07.2018 NL law
Omgevingsvergunning zonnepark: ruimtelijk aanvaardbaar?

Articles - De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft een tussenuitspraak gedaan over een omgevingsvergunning voor een grootschalig zonnepark bij Sappemeer in de gemeente Midden-Groningen. Het college moet beter onderbouwen waarom de ruimtelijke gevolgen van het zonnepark voor omwonenden aanvaardbaar zijn. De huidige motivering, namelijk dat glastuinbouw was toegestaan en het zonnepark daarop geen grote inbreuk maakt, acht de Afdeling onvoldoende.

Read more

Our website uses cookies: third party analytics cookies to best adapt our website to your needs & cookies to enable social media functionalities. For more information on the use of cookies, please check our Privacy and Cookie Policy. Please note that you can change your cookie opt-ins at any time via your browser settings.

Privacy – en cookieverklaring