Short Reads

Ook tegen weigering om een handeling in beheerplan op te nemen is beroep mogelijk

Ook tegen weigering om een handeling in beheerplan op te nemen is ber

Ook tegen weigering om een handeling in beheerplan op te nemen is beroep mogelijk

02.08.2016 NL law

In een beheerplan voor een Natura 2000-gebied kunnen handelingen worden opgenomen die vervolgens zijn vrijgesteld van de vergunningplicht onder de Natuurbeschermingswet 1998. Tegen het opnemen van een handeling als zodanig kan blijkens voornoemde wet beroep worden ingesteld. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State staat ook beroep toe tegen de weigering een handeling in een beheerplan op te nemen.

Actief faunabeheer niet opgenomen in beheerplan

Door het college van Gedeputeerde Staten van Friesland, de staatssecretaris van Economische Zaken en de minister van Infrastructuur en Milieu is het beheerplan Merengebied vastgesteld. Tegen dit beheerplan is de Vereniging Nederlandse Organisatie voor Jacht en Grondbeheer (“NOJG”) in beroep gegaan. De NOJG betoogt onder andere dat het beheerplan onvoldoende ruimte biedt aan actief faunabeheer. De Afdeling begrijpt dit betoog aldus dat actief faunabeheer, waaronder populatiebeheer, jacht en schadebestrijding, in en rondom de relevante Natura 2000-gebieden ten onrechte niet is uitgezonderd van de vergunningplicht in het beheerplan.

Verruiming beroepsmogelijkheid beheerplan

De Afdeling moet eerst vaststellen of zij bevoegd is kennis te nemen van het beroep. De Natuurbeschermingswet 1998 (“Nbw”) noemt namelijk expliciet de mogelijkheid van beroep tegen dat deel van een beheerplan dat betrekking heeft op de beschrijving van handelingen die het bereiken van de instandhoudingsdoelstelling niet in gevaar brengen, al dan niet onder daarbij gegeven voorwaarden en beperkingen. Oftewel, de wet zelf biedt in ieder geval ruimte voor beroep tegen handelingen die vanwege het opnemen in het beheerplan niet langer vergunningplichtig zijn. Het beroep van NOJG is echter gericht tegen het niet opnemen van handelingen in het beheerplan.

Om de voorliggende vraag omtrent bevoegdheid te beantwoorden kijkt de Afdeling naar de wetsgeschiedenis bij de Nbw. Uit de wetsgeschiedenis volgt dat de beschrijving van een handeling die daarmee niet langer vergunningplichtig is, is aan te merken als een appellabel besluit. Vervolgens stelt de Afdeling vast dat hier een weigering voorligt. Hiertegen kan beroep worden ingesteld en de Afdeling ziet geen aanleiding zich onbevoegd te verklaren.

Een nadere uiteenzetting voor het toestaan van beroep tegen de weigering geeft de Afdeling niet. Uit de Algemene wet bestuursrecht (“Awb”) volgt in ieder geval dat voor bezwaar en beroep met een besluit gelijk wordt gesteld de schriftelijke weigering een besluit te nemen. Nu in de wetsgeschiedenis het opnemen van een handeling in een beheerplan als besluit in de zin van de Awb wordt aangemerkt, kan het niet opnemen van een dergelijke handeling mogelijk worden aangemerkt als een weigerig een besluit te nemen. De Afdeling maakt echter geen opmerking over het voorgaande, waardoor het gissen blijft naar de onderbouwing van het aanvaarden van beroep tegen de weigering.

Onderscheid tussen vrijstellingen voor de Nbw-vergunningplicht

NOJG betoogt dat actief faunabeheer als bestaand gebruik zou moeten worden aangemerkt dat aantoonbaar geen enkel significant ongunstig effect met zich meebrengt. De Afdeling wijst echter op de onderbouwing van het beheerplan waarin staat dat actief faunabeheer mogelijk negatieve effecten heeft op de instandhoudingsdoelstellingen. Zo wordt in het beheerplan vermeld dat bij wildbeheer, schadebestrijding en jacht mogelijk sprake is van een mogelijk significantie verstoring van broed-, rust- en foerageergebieden voor aangewezen vogelsoorten. In zoverre mist het betoog feitelijke grondslag.

Vervolgens overweegt de Afdeling dat onderscheid moet worden gemaakt tussen enerzijds de vrijstelling van de vergunningplicht door het aanmerken van de handelingen in het beheerplan en anderzijds door het aanmerken van de handeling als bestaand gebruik. Beide uitzonderingen van de vergunningplicht onder de Nbw zijn gegrond op een aparte wettelijke regeling. Deze twee zelfstandige uitzonderingen op de vergunningplicht bestaan naast elkaar en dienen van elkaar te worden onderscheiden. Dit betekent dat actief faunabeheer voor zover aangemerkt als bestaand gebruik niet tot gevolg heeft dat dit in het beheerplan moet worden opgenomen als de handeling die het bereiken van de instandhoudingsdoelstelling niet in gevaar brengt. Dit is weliswaar mogelijk, maar de wet bevat hiertoe geen verplichting. Daarbij wijst de Afdeling erop dat de toepassing van de uitzondering op de vergunningplicht vanwege bestaand gebruik ook van toepassing kan zijn als handelingen niet in een beheerplan zijn opgenomen. Een dergelijke beoordeling gaat echter deze procedure te buiten. De Afdeling concludeert uiteindelijk dat mocht worden afgezien van het opnemen van actief faunabeer in het beheerplan.

Afronding

Door het opnemen van een handeling in een beheerplan en daarmee het vervallen van een vergunningplicht kan een partij er zeker wel belang bij hebben op te komen tegen een beheerplan waarin diens activiteit niet is opgenomen. Met deze uitspraak heeft de Afdeling hiertoe ook de ruimte geboden, doordat ook tegen de weigering een handeling op te nemen in beroep kan worden gegaan. Voor een slagingskans van een beroep tegen de weigering is vervolgens van belang dat wordt aangetoond dat geen negatieve effecten op de instandhoudingsdoelstellingen van het relevante Natura 2000-gebied optreden, aangezien dit de eis is voor het opnemen in een beheerplan. Daarbij dient onderscheid te worden gemaakt tussen de vrijstelling van de vergunningplicht vanwege bestaand gebruik en de vrijstelling van de vergunningplicht door het opnemen van de handeling in het beheerplan. Ook als een handeling niet als bestaand gebruik in een beheerplan is opgenomen, is het nog mogelijk dat deze vrijstelling van de vergunningplicht van toepassing is.

Related news

09.08.2019 NL law
Implementatiewet gewijzigde Kaderrichtlijn afvalstoffen in consultatie tot 3 september 2019 – op naar een circulaire economie?

Short Reads - Op 24 juli 2019 is een concept AMvB in consultatie gegaan, die strekt tot wijziging van enkele besluiten ten behoeve van de implementatie van de gewijzigde Kaderrichtlijn afvalstoffen (Richtlijn 2008/98/EG, "Kra", zoals gewijzigd door Richtlijn 2018/851/EU). Deze concept AMvB betreft onder andere de gescheiden inzameling van afvalstoffen en de registratie- en meldplichten met betrekking tot stoffen, mengsels, producten en afvalstoffen In dit blogbericht bespreken wij de wijzigingen die de concept AMvB beoogt, de praktische gevolgen ervan en het doel van de concept AMvB.

Read more

14.08.2019 BE law
Verklaring van openbaar nut is geen "project" in de zin van de MER-regelgeving

Articles - In een recent arrest bevestigt de Raad van State dat "verklaringen van openbaar nut", bedoeld in artikel 10 van de wet van 12 april 1965 betreffende het vervoer van gasachtige produkten en andere door middel van leidingen niet onder het begrip "project" uit de project-MER-regelgeving valt. Of hetzelfde geldt voor elk type gelijkaardige administratieve toelating, is daarmee evenwel nog niet gezegd. Niettemin geeft de Raad met zijn arrest een belangrijk signaal dat niet elke mogelijke toelating onder de project-MER-regelgeving valt.

Read more

08.08.2019 NL law
De fipronil-crisis: volgens de rechtbank handelde de NVWA als toezichthouder niet onrechtmatig

Short Reads - Op 10 juli 2019 heeft de Rechtbank Den Haag geoordeeld dat de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit ("NVWA") niet onrechtmatig heeft gehandeld tegenover pluimveehouders naar aanleiding van de fipronil-crisis (ECLI:NL:RBDHA:2019:6810). Er is, aldus de rechtbank, geen sprake van falend toezicht of van een schending van een waarschuwingsplicht.

Read more

13.08.2019 NL law
Exit willekeursluis: een nieuwe rechterlijke toetsing van algemeen verbindende voorschriften

Short Reads - Met ingang van 1 juli 2019 geldt er een nieuwe maatstaf voor de rechterlijke toetsing van algemeen verbindende voorschriften ("avv's"). De (bestuurs)rechter laat met de '1 juli-uitspraken' van de Centrale Raad van Beroep (die zijn afgestemd met de andere hoogste rechterlijke colleges) definitief de terughoudende zogenaamde 'willekeursluis' uit het klassieke Landbouwvliegers-arrest los. Als de rechtmatigheid van een avv aan de orde is, zal de rechter dit avv voortaan intensiever en kritischer toetsen aan algemene rechtsbeginselen.

Read more

07.08.2019 NL law
Bezwaar gemeente niet-ontvankelijk als bezwaarschrift niet is ingediend door de burgemeester

Short Reads - De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde in een meervoudige-kameruitspraak van 12 juni 2019 (ECLI:NL:RVS:2019:1894) dat het bezwaar van een gemeente niet ontvankelijk is als het bezwaarschrift niet namens de gemeente is ingediend door de burgemeester, maar door het college van burgemeester en wethouders (b&w).

Read more

Our website uses functional cookies for the functioning of the website and analytic cookies that enable us to generate aggregated visitor data. We also use other cookies, such as third party tracking cookies - please indicate whether you agree to the use of these other cookies:

Privacy – en cookieverklaring