Articles

Concessies, vergunningen en transparantie

Concessies, vergunningen en transparantie

Concessies, vergunningen en transparantie

17.03.2014 NL law

Op 14 november 2013 heeft het Hof van Justitie van de Europese Unie een interessant arrest gewezen over de vraag wanneer de transparantieverplichting in acht moet worden genomen. Het arrest, met zaaknummer C-221/12, geeft een duidelijk overzicht van de criteria die het Hof van Justitie hanteert. Uit het arrest volgt dat overeenkomsten en vergunningen onder omstandigheden kunnen worden aangemerkt als een concessieovereenkomst. Het arrest is daarmee ook van belang voor de Nederlandse praktijk.

Uit het arrest blijkt dat het Hof van Justitie zelf beoordeelt wanneer sprake is van een concessie. De kwalificatie van de overeenkomst door partijen is dus niet van belang. Het Hof stelt dat in dit geval sprake was van een concessieovereenkomst, omdat één partij een exclusief exploitatierecht verkreeg.

Vervolgens brengt het Hof van Justitie in herinnering dat overheidsinstanties bij zowel concessieverlening als vergunningverlening wel de fundamentele regels van het VWEU en het verbod van discriminatie op grond van nationaliteit, het beginsel van gelijke behandeling en de hieruit voortvloeiende transparantieverplichting in acht moeten nemen wanneer sprake is van een duidelijk grensoverschrijdend belang. Daarbij is van belang dat de transparantieverplichting geldt ten aanzien van elke potentiële inschrijver en dus ook voor een inschrijver die is gevestigd in dezelfde lidstaat als overheidsinstantie.

Als gekeken wordt naar de Nederlandse praktijk dan lijkt aldus soms te eenvoudig gesteld te worden dat als sprake is van een geding dat slechts speelt tussen Nederlandse dienstverleners het grensoverschrijdend element ontbreekt. Uit het arrest van het Hof van Justitie volgt namelijk dat het grensoverschrijdend belang kan voortvloeien uit met name (i) het economische belang van de geplande overeenkomst, (ii) de plaats van uitvoering ervan of (iii) uit de technische kenmerken ervan. Het is niet nodig dat een buitenlandse onderneming daadwerkelijk belangstelling heeft geuit.

Verder komt in het arrest naar voren wat Unierechtelijk het verschil is tussen een concessie en een schaarse vergunning. Dit verschil is namelijk gelegen in de uitvoeringsplicht die is opgenomen in de concessieovereenkomst. In Nederland komt het soms voor dat er een uitvoeringsverplichting aan een vergunning wordt verbonden. Naar mijn mening is verdedigbaar dat in dergelijke gevallen sprake is van een dienstenconcessie. Op dit moment is de relevantie hiervan voor de praktijk nog klein, omdat op beide de transparantieverplichting van toepassing is. Dit zal echter anders worden als de concessierichtlijn in werking treedt. Op 15 januari 2014 heeft het Europees Parlement nieuwe aanbestedingsrichtlijnen en een concessierichtlijn vastgesteld. Deze richtlijnen zullen moeten worden geïmplementeerd in de Nederlandse wetgeving. Het zou goed zijn als de wetgever bij de implementatie aandacht besteedt aan de wijze van vestiging van exclusieve rechten bij (bestuursrechtelijk) besluit. Mede op basis van dit arrest kunnen marktpartijen in ieder geval betogen dat bij de vestiging van een exclusief recht bij vergunningverlening of ander besluit de transparantieverplichting in acht moet worden genomen.

Ten slotte komt in het arrest de vraag aan de orde of bij een concessieovereenkomst met grensoverschrijdend belang altijd de transparantieverplichting in acht moet worden genomen. Dit is niet het geval als sprake is van een dwingende reden van algemeen belang. Daarvan is in dit geval geen sprake. Bovendien kan het rechtszekerheidsbeginsel niet worden aangevoerd om een bestaande overeenkomst uit te breiden op een wijze die in strijd is met de transparantieverplichting.

Meer over dit arrest is te lezen:

> Attachment

Source: HvJEU, C-221/12, TA 2014/6 en JAAN 2014/3

Related news

08.08.2018 NL law
Het beginsel van gelijke kansen geldt ook bij de verdeling van schaarse subsidiemiddelen

Short Reads - Bij de verdeling van schaarse subsidiemiddelen door het bestuur moet op enigerlei wijze aan (potentiële) gegadigden ruimte moet worden geboden om naar de beschikbare middelen mee te dingen. Deze toepassing van het gelijkheidsbeginsel gaat zo ver dat onder omstandigheden het rechtszekerheidsbeginsel ervoor moet wijken. Dit blijkt uit een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 11 juli 2018 (ECLI:NL:RVS:2018:2310).

Read more

27.07.2018 NL law
Conclusie AG programma aanpak stikstof: het PAS als instrument is veelbelovend, maar twijfel of het voldoet aan de Habitatrichtlijn. De ADC-toets als creatieve oplossing om het PAS in stand te kunnen houden?

Articles - Advocaat-Generaal ("AG") Kokott heeft op 25 juli 2018 een conclusie genomen over de vragen van de Afdeling bestuursrechtspraak over het programma aanpak stikstof. Een dergelijk programma kan op zichzelf voldoen aan de Habitatrichtlijn. Knelpunt ziet de AG in het vooruitlopen op de positieve effecten van te treffen reductiemaatregelen. Verder geeft de AG als handreiking mee gebruik te maken van de zogeheten ADC-toets.

Read more

08.08.2018 BE law
Modification du contenu de la notice d'évaluation et de l’étude d’incidences en Région wallonne

Articles - Un décret du 24 mai 2018 modifie sur plusieurs points le régime de l'évaluation des incidences des projets sur l'environnement en droit wallon. Ce décret allège, d’une part, le contenu de la notice d'évaluation des incidences sur l'environnement et renforce, d’autre part, le contenu de l'étude d'incidences. Il est applicable aux demandes de permis introduites depuis le 16 juin 2018.

Read more

19.07.2018 BE law
Ontsporing van één van de wagons van de Codextrein dreigt: Grondwettelijk Hof schorst nieuwe afwijkingsmogelijkheid voor ontginningsgebieden

Articles - De Codextrein voorziet o.a. in een reeks aan nieuwe afwijkingsmogelijkheden in het kader van de vergunningverlening. Eén van de meest ophefmakende was de nieuwe afwijkingsmogelijkheid voor ontginningsgebieden. Tijdens het debat in de parlementaire commissie werd geopperd dat deze nieuwe afwijking op maat was geschreven van één private onderneming. Het Grondwettelijk Hof schorst nu in zijn arrest van 19 juli 2018 deze afwijkingsmogelijkheid op basis van de schending van het gelijkheidsbeginsel.

Read more

Our website uses cookies: third party analytics cookies to best adapt our website to your needs & cookies to enable social media functionalities. For more information on the use of cookies, please check our Privacy and Cookie Policy. Please note that you can change your cookie opt-ins at any time via your browser settings.

Privacy – en cookieverklaring