Short Reads

Zevende tranche Besluit uitvoering Chw: anticiperen op het omgevingsplan met bestemmingsplan met verruimde reikwijdte

Zevende tranche Besluit uitvoering Chw: anticiperen op het omgevingsp

Zevende tranche Besluit uitvoering Chw: anticiperen op het omgevingsplan met bestemmingsplan met verruimde reikwijdte

27.09.2013 NL law

Op 14 juni 2013 heeft minister Schulz het ontwerpbesluit van de zevende tranche van het Besluit uitvoering Crisis- en herstelwet aangeboden aan de Tweede Kamer (hierna: “het Besluit”).

In het Besluit is onder meer vastgesteld dat een aantal gemeenten kunnen experimenteren met het bestemmingsplan met bredere reikwijdte (“BmBR”). Daarmee krijgen deze bestemmingsplannen het karakter van het omgevingsplan onder de nieuwe Omgevingswet. De gemeenten die met het BbBR gaan experimenteren zijn Almere, Assen, Culemborg, Den Haag, Enschede, Weesp en Zaanstad.De reikwijdte in het BmBR is niet “beperkt” tot de goede ruimtelijke ordening (artikel 3.1 Wro), maar wordt verbreed tot (i) het bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit en (ii) het doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving ter vervulling van maatschappelijke functies. Door de eerste verbreding kunnen bijvoorbeeld regels op het gebied van milieu in het BmBR worden opgenomen. Deze verbreding komt overeen met artikel 4.1 lid 1 conceptvoorstel Omgevingswet (“Omgevingswet”). Door de tweede verbreding kunnen regels die betrekking hebben op bijvoorbeeld openbare orde en veiligheid en die in een APV zijn opgenomen, in een BmBR worden opgenomen. Alleen regels die in het geheel geen betrekking hebben op de fysieke leefomgeving (bijvoorbeeld concurrentiebepalingen) mogen niet worden opgenomen. Deze verbreding komt overeen met artikel 4.2 lid 2 Omgevingswet.

Daarnaast kent een BmBR een planperiode van twintig jaar in plaats van tien jaar en wordt de termijn voor een voorlopige bestemming opgetrokken van vijf jaar naar tien jaar. Dit vergemakkelijkt het bestemmen van langer lopende projecten. Dat is nog meer het geval, omdat de uitvoerbaarheid van een BmBR niet hoeft te worden aangetoond: het Besluit voorziet erin dat de raad bij het vaststellen van een BmBR kan afwijken van artikel 3.1.6 lid 1 onder f Bro. Ook praktisch is dat – indien van toepassing – de raad kan besluiten dat een exploitatieplan pas wordt vastgesteld bij de verlening van een omgevingsvergunning voor bouwen en niet al tijdens de vaststelling van het BmBR. Verder kan de raad in het BmBR bepalen dat geen recht op tegemoetkoming in de planschade bestaat ingeval van het verval van planologische bouw- en gebruiksmogelijkheden die gedurende ten minste drie jaar ongebruikt zijn gebleven. Ook kan via het BmBR de maximale geluidsbelasting van woningen en andere geluidsgevoelige bestemmingen eenvoudiger worden verhoogd ten opzichte van de Wgh en het Bgh. Verder wordt in het Besluit aangehaakt bij artikel 8.42b Wm, waardoor gebiedsgerichte milieuvoorschriften kunnen worden opgenomen in het BmBR. Vooruitlopend op de inwerkingtreding van artikel 2.19 Barim en na de totstandkoming van de modelverordening van de VNG voor deze bepaling kan in het BmBR worden afgeweken van de grenswaarden opgenomen in artikel 2.17 Barim.

Tot slot krijgt de gemeenteraad de bevoegdheid om het aanpassen van planonderdelen te delegeren aan het college van burgemeester en wethouders met de mogelijkheid deze bevoegdheid in te kaderen. Dit houdt een ruimere bevoegdheid voor het college in dan thans het geval is onder vigeur van de Wro. Het college kan nu immers gebruik maken van bijvoorbeeld uitwerkings- en wijzigingsplannen en binnenplanse vrijstellingen, welke in de wet vrij strikt zijn geregeld.

Het ontwerpbesluit is nu naar de Tweede Kamer gestuurd voor reactie (‘voorhangprocedure’). Daarnaast zal de Raad van State over het besluit adviseren. Zodra de zevende tranche definitief is vastgesteld en in werking is getreden, zullen wij u hierover in deze nieuwsbrief nader berichten.

Related news

29.06.2020 NL law
ABC-constructie bij vastgoedtransactie: verkoopbedrijf heeft afgeleid belang en is niet ontvankelijk bij bestuursrechter

Short Reads - Het zijn van ‘belanghebbende’ is een noodzakelijke voorwaarde om een ontvankelijk beroep te kunnen instellen bij de bestuursrechter (artikel 1:2 lid 1 Awb). Een persoon moet een zelfstandig en eigen belang hebben dat niet is afgeleid van een ander om als belanghebbende te kunnen worden aangemerkt. Dit is het leerstuk van afgeleid belang.

Read more

02.07.2020 NL law
De NOW 2: de overeenkomsten en verschillen ten opzichte van de eerste tranche

Short Reads - De Tweede tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor behoud van werkgelegenheid (“NOW 2”) is op 25 juni 2020 in de Staatscourant gepubliceerd. Vanaf 6 juli 2020 kunnen werkgevers een aanvraag indienen voor een NOW 2-subsidie. In ons eerdere blog over de NOW zijn we uitgebreid ingegaan op de subsidierechtelijke aspecten van deze regeling. De NOW 2 sluit vanuit subsidierechtelijk perspectief in hoofdlijnen aan bij de eerste NOW (“NOW 1”). In de NOW 2 zijn er echter een aantal subsidieverplichtingen toegevoegd.

Read more

23.06.2020 NL law
Overzichtsuitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak over artikel 8:29 Awb: verzoek tot geheimhouding van stukken bij de bestuursrechter

Short Reads - De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft in een overzichtsuitspraak van 10 juni 2020 de jurisprudentie over artikel 8:29 Awb op een rij gezet. Deze belangrijke uitspraak geeft duidelijke handvatten voor de rechtspraktijk met betrekking tot de vraag wanneer een procespartij onder geheimhouding stukken aan de bestuursrechter mag toezenden, zodat andere partij(en) er geen kennis van kunnen nemen.

Read more

23.06.2020 NL law
Wetsvoorstel stikstofreductie en natuurverbetering: structurele aanpak voor de stikstofproblematiek?

Short Reads - Van 27 mei 2020 tot en met 10 juni 2020 heeft het conceptvoorstel voor de Wet stikstofreductie en natuurverbetering in internetconsultatie voorgelegen. In dit conceptwetsvoorstel heeft het kabinet zijn nieuwe structurele aanpak van de stikstofproblematiek verankerd. Anders dan het Programma Aanpak Stikstof (PAS) voorziet het conceptwetsvoorstel niet in een systeem voor de toekenning van ontwikkelingsruimte voor vergunningverlening, maar in een systeem waarbij condities en herstel van de natuur in Natura 2000-gebieden voorop staan.

Read more