Short Reads

Ontwikkelingen windenergie

Ontwikkelingen windenergie

Ontwikkelingen windenergie

27.09.2013 NL law

Er is tussen het kabinet, bonden, werkgevers en milieuorganisaties overeenstemming bereikt over eenEnergieakkoord voor duurzame groei op 6 september 2013.
Het Energieakkoord is de uitwerking van de overeenstemming op hoofdlijnen die op 10 juli 2013 was bereikt.

De Autoriteit Consument en Markt (ACM) heeft naar de mededingingsaspecten van dit akkoord gekeken. Op 26 september 2013 heeft de ACM zich op het standpunt gesteld dat de afspraak zoals die nu is gemaakt in het Energieakkoord om gezamenlijk vijf kolencentrales te sluiten, nadelig is voor de consument en weinig milieuvoordeel oplevert. Meer over het advies van de ACM is hier te lezen.

In het Energieakkoord zijn verder de volgende doelen opgenomen:
• Een besparing van het finale energieverbruik met gemiddeld 1,5 procent per jaar.
• 100 PJ (petajoule) aan besparing in het finale energieverbruik van Nederland per 2020.
• Een toename van het aandeel van hernieuwbare energieopwekking (nu 4 procent) naar 14 procent in 2020.
• Een verdere stijging van dit aandeel naar 16 procent in 2023.
• Ten minste 15.000 voltijdsbanen, voor een belangrijk deel in de eerstkomende jaren te creëren.
De samenvatting van het Energieakkoord, met een beschrijving van de tien pijlers van het akkoord, ishier te lezen.

Daarnaast zijn op 28 augustus 2013 de Beleidsregels intrekken watervergunningen windturbineparken in de exclusieve economische zone in de Staatscourant (Stcrt. 2013, 21981) gepubliceerd.
In 2009 zijn voor twaalf verschillende locaties op de Noordzee vergunningen verleend voor de bouw van windturbineparken. De vergunningverlening voor deze windturbineparken maakt deel uit van het kabinetsstreven om in 2020 een substantieel deel van de energiebehoefte in Nederland op duurzame wijze te voorzien. Op grond van de Waterwet (Wtw) kan een vergunning worden ingetrokken indien de vergunning gedurende drie achtereenvolgende jaren niet is gebruikt. Achterliggende gedachte bij deze intrekkingsbevoegdheid is te voorkomen dat tot in lengte van jaren verleende, niet-gebruikte vergunningen op de Noordzee rusten. In deze beleidsregels wordt neergelegd wanneer van deze intrekkingsbevoegdheid gebruik gemaakt zal worden. Er wordt niet van de bevoegdheid tot intrekking gebruikmaakt in de periode tot drie jaar na het onherroepelijk worden van de vergunning. De in 2009 verleende vergunningen waarop in 2012 uitspraak door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State is gedaan, kunnen dus niet voor 2015 worden ingetrokken. Het enkele niet-gebruiken van de vergunning kan vanaf 2020 wel leiden tot intrekking. In de periode tussen 2015 en 2020 kan enkel onder bepaalde voorwaarden tot intrekking van de ongebruikte vergunningen worden overgegaan.

Related news

21.03.2019 EU law
Our TMT team examines the interaction between GDPR and other key legal domains during a seminar 'GDPR 360°'

Seminar - Erik Valgaeren, Partner TMT, and his team organize a seminar which focuses on the interaction between GDPR and litigation, corporate law, administrative law and employment law.

Read more

11.02.2019 BE law
Raad van State versoepelt toegangsvereiste (actueel belang)

Articles - De algemene vergadering van de Raad van State heeft in zijn arrest van 15 januari 2019 de ontvankelijkheidsvoorwaarde van het actueel belang enigszins versoepeld. Dit is in navolging van de rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens die de Raad van State reeds op dat punt terugfloot. In deze blog wordt een korte round-up gegeven van het belangvereiste en de recente ommezwaai in de rechtspraak hierover. Iedereen die ooit een beroep bij de Raad van State instelt, dient hiermee rekening te houden.

Read more

30.01.2019 NL law
Conclusie staatsraad A-G over de gedoogbeslissing: een typologie met gevolgen voor de rechtsbescherming

Short Reads - Onlangs heeft staatsraad A-G Widdershoven een conclusie genomen over het besluitkarakter en de mogelijkheden van bestuursrechtelijke rechtsbescherming tegen gedoogbeslissingen. Het is de derde conclusie van Widdershoven over het besluitbegrip in de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Eerder concludeerde hij al over het besluitkarakter/ appellabiliteit van een reactie op een melding en de wettelijke en niet-wettelijke waarschuwing.  

Read more

Our website uses cookies: third party analytics cookies to best adapt our website to your needs & cookies to enable social media functionalities. For more information on the use of cookies, please check our Privacy and Cookie Policy. Please note that you can change your cookie opt-ins at any time via your browser settings.

Privacy – en cookieverklaring